quote:
fjord schreef op 18 december 2005 om 16:03:[...]
Aangezien ik geen christen ben, maar het verhaal me wel aanspreekt kan ik me de vrijheid veroorloven om er mijn eigen interpretatie aan te geven. Voor wat het waard is dus.
God heeft niet gezegd dat het (moreel) slecht was om van die boom te eten. Dat zou inderdaad geen enkele zin gehad hebben, aangezien de eerste mensen geen weet van goed en kwaad hadden. Om ze er toch van te weerhouden die vrucht te eten nam God zijn toevlucht tot een 'leugen'. Hij vertelde ze dat zouden sterven als ze die vrucht zouden plukken.
Nog wat vrijer geinterpreteerd, vermoed ik dat het verhaal de doorbraak van het (zelf)bewustzijn uitbeeldt, de menswording. Op dat moment kreeg de mens ook de notie van morele keuzes. Dat moet bijzonder verwarrend geweest zijn.
Het is merkwaardig, dat juist Fjord (gezien zijn aanhef in dit bericht) hier tot de essentie van de tekst komt, hoewel nog niet ten volle. Geboren Christenen zouden beter moeten weten van welke middelen de profetischje auteur zich bedient en met welk doel. Mozes probeert duidelijk te maken wat onze perceptie van God moet zijn en in welke context de heilshistorie moet worden begrepen. Ik herhaal het nog maar eens (zie mijn bijdrage aan de topic over de Evolutietheorie van heden): de bijbel is geen wetenschappelijke handleiding en dus ook geen geschiedenisboek. Het gaat erom dat we door het bijbelwoord begrijpen en verstaan wat ons in het geloof van pas komt. Of hier een histiorisch betrouwbaare verhandeling gegeven wordt, moet ernstig betwijfeld worden, want dat kan de bedoeling van de bijbel niet zijn. Dan is de hele bijbel een farce, maar wat absoluut geen farce is, is de basis van onze verhouding tot God, zoals die in het geloof begrepen moet worden en dat is, dat wij als mensen onvolmaakt en schuldig zijn ten opzichte van de Schepper en dat wij met hem verzoend kunnen worden door het geloof. Alleen dáár is de bijbel voor geschreven en er worden prachtige beelden voor gebruikt om ons het één en ander duidelijk te maken. Het tweede scheppingsverhaal, beginnend bij Genesis 2:4 tot en met Genesis 3:24 is een alegorisch verhaal. Mozes, de auteur, klapt hier niet uit de school over een feitelijke toedracht, maar maakt ons duidelijk wat de verhouding tussen God en mens is, volgens het geloof, dat hij in de mensenharten planten wil met deze alegorieën. Dat doet niets af aan de waarde van het verhaal en iedere woord ervan moet op zijn diepzinnige betekenis onderzocht worden. Ten onrechte neemt men in onze tijd aan, dat een verhaal alleen waarde heeft, of alleen geloofwaardig is, als het een exacte weergave van gebeurtenissen of toestanden geeft, zoals de weerberichten of de filemeldingen op de radio. Zo kan de bijbel niet bedoeld zijn. Een dergelijke lezing van de bijbel werkt ongeloof in de hand. Laten we even nuchter zijn: als een ezel gaat praten (Bileam) dan ga je naar de veearts om het beestje uit zijn lijden te verlossen. Het is hartstikke onchristelijk om iets anders te doen.
Mozes geeft dus een alegorische weergave van de zondeval en in het geloof is dat geen sinecure. Het is de vraag of een exacte beschrijving van de feitelijke gebeurtenissen wel recht zou doen aan het immense drama. M.i. niet. Op geen enkele manier zou het met een grotere zeggingskracht onder woorden gebracht kunnen worden.
Ik was er niet bij en dat spijt me niks.
Wat zou voor ons geloof het nut kunnen zijn, om van minuut tot minuut de toedracht van dit drama beschreven te zien? Nee, zoals het eerste scheppingsverhaal van Genesis 1:1 tot 2:3 een literair kunstwerk van grote klasse en zeggenschap is, zo is dit allegorische verhaal (met een ander beproefd stijlmiddel) dat ook van Genesis 2:4 tot en met Genesis 3:24. Het is een gebonden eenheid.
Voor al degenen die aan de letterlijke tekst als feitelijke historie willen vasthouden wil ik ten overvloede opmerken dat Genesis 2:16 in strijd is met onze Grondwet en diverse verdragen die we op internationaal vlak gesloten hebben, aangaande de gelijkheid in rechten van de mens, ongeacht ras of sekse. Dat de man zal heersen over de vrouw is niet aan de orde en vindt nog slechts aanhang onder een heel klein gedeelte der gelovigen. Bovedien zijn er probate, natuurlijk middelen om de moeiten van zwangerschap aanzienlijk te verlichten. Dat kan ik uit eigen waarneming getuigen. Als je het goed doet, stelt het niks voor, maar het kost dan wel wat training (moeite?) als voorbereiding en dan moet je mijn moeder horen over mij: ik woog dertien pond bij mijn geboorte, maar dat was geen probleem. Dus niet zeuren, dames. Stoppen met roken is sowieso een goed idee.
Zou dit Genesis-verhaal een feitelijk dictaat van de gebeurtenissen geven, dan zijn wij allemaal zwaar in overtreding, maar naar mijn zeer onbescheiden mening (omdat ik daarin niet alleen sta) is het een krachtige alegorische verbeelding die ons veel leren kan. Dat moet ook, want dit is nog maar het begin. Als je verder leest, kom je pas wat meer te weten en hier wordt alvast duidelijk dat het geen lichte kost zal zijn, niet zoiets als een verslag van een voetbalwedsctrijd: in minuut 6 was er dit en in minuut 12 was er dat en tenslotte werd het na de rust echt spannend, toen in minuut 50 werd gescoord door de ene en 5 minuten later door de andere partij. Zo'n verslag is het dus niet.
Tja, nu kun je natuurlijk zeggen dat je er niks meer aanvindt, als je niet van minuut tot minuut op de hoogte gehouden wordt door de bijbel. Prima. Dan ben je dus een ongelovige en ik ken ongelovigen bij de vleet die daar heel gelukkig mee leven kunnen.
Het achterhalen van feitelijkheden is echter een taak van de wetenschap en niet van het geloof, dat ertoe dient in een goede relatie tot God te leven. Daarbij past geen wijsneuzerij.
De bijbel is openbaring ten behoeve van geloof, niet ten behoeve van wetenschap, want daar hebben we de natuur al voor en ook daardoor wil God gekend en erkend worden, zoals de Heidelberse Catechismis leert dat we God kennen uit de Schriftuur en uit de Natuur. Gescheiden doelen, gescheiden paden, maar geen schizofrene waarneming, doch aanvullend.
Als we precies willen weten wat er in de vroegste oudheid is gebeurd, dan zijn er andere bronnen, vaak in die tijd gemaakt met de bedoeling om ons dat te laten weten, door gebruik te maken van tekens, afbeeldingen, opschriften in materialen die de tijd hebben doorstaan; vooral grafkunst en architectuur.
Ik geef nog een voorbeeld: "En God zei, laat ons mensen maken, als onze gelijkenis,..." Genesis 1:26a.
Nu weten we door opgravingen en reconstructies bij benadering hoe de eerste mensen eruit gezien hebben en weten we dus zo ook hoe God, die onveranderlijk is, eruit ziet? Niet moeders mooiste, zou ik zeggen. Bedenkelijk kleiner en lelijker van gestalte dan wij, kromme benen, lange armen, nou ja, bekijk het maar in de boekjes die daarover gaan. Ik heb niet de indruk dat de bijbel ons iets vertelt over hoe de mens er vroeger uitzag en dat kan de bedoeling ook niet zijn. Gods gestalte blijft dus ook een raadsel. Ik wil niet in blasfemie vervallen door Genesis 1:26a volkomen letterlijk in wetenschappelijke zin op te vatten. God en de eerste mens lijken niet op elkaar, anders eet ik mijn hoed op.
In de rest van de bijbel is het al niet anders. Tot tweemaal toe zien we alle dieren der aarde aan de mens voorbij trekken, bij Noach ten tweede male, toen zij allemaal paarsgewijs zich kwamen melden bij de ark die Noach en zijn familie met al die dieren van de zondvloed redden zou.
Maar er zijn tal van dieren die zich helemaal niet paarsgewijs voortplanten zul je nu opmerken, mieren en bijen, bijvoorbeeld. Gekker nog, de flamingo's in de Londense dierentuin deden het niet meer, omdat er nog maar veertig dieren over waren. Dat zij er te weinig, want die elegante vogels doen het alleen bij groepsseks in het groot en pas toen er spiegels bij gezet werden wilden ze wel weer. Gefopt dus.
Eén van de meest duistere teksten vinden we net voor het verhaal van Noach en de zondvloed. We gaan hard hoor, want we zitten al bij Genesis 6:1-4.
Vier verzen, twee duistere verhalen. Ineens worden we geconfronteerd met "de zonen Gods" enerzijds en de "dochters der mensen" anderzijds. Het beviel wederzijds en ze gingen zelfs trouwen naar eigen voorkeur. Dan komt het:
En de HERE zeide: Mijn Geest zal niet altoos in de mens blijven, nu zij zich misgaan hebben; hij is vlees; zijn dagen zullen honderd twintig jaren zijn."
Maar laten we wel wezen: van misdragingen werd hier niets vermeld of het zou moeten zijn dat ieder huwelijk op grond van persoonlijke keuze verboden is. Dat vinden we vandaag juist de enig goede keuze, geen door anderen gearrageerd huwelijk, maar een relatie die op wederzijdse liefde is gebaseerd. Het idee dat B&W, de Gemeenteraad of Gedeputeerde Staten erover zouden moeten beslissen, wie met wie mag trouwen, staat heel ver van ons af. Dit is dan de boosheid der mensen die tot de zondvloed heeft geleid. Dat begrijpen we niet bij eerste lezing, maar het staat er wel.
Kijk, als ongelovige zeg je nu meteen dat het allemaal onzin is. Als dit de historische weergave van feiten moet verbeelden, dan kun je daar als zinnig mens ook alleen maar mee instemmen, maar als je bedenkt wat de plaats is van dit verhaal in het geheel van de heilshistorie, piep je wel anders. Het is absoluut geen onzin, want we zien hier de noodzaak opdoemen om een uitverkoren volk te doen ontstaan, dat ut het geheel der mensheid de hoop op verzoening met God moet vertegenwoordigen. Hier wordt een theologisch concept gegeven voor een trapsgewijze verlossing uit de mentale dood, via Mozes en het joodse volk, naar de Christus en de wereldwijde Christelijke geloofsgemeenschap van heden. Dat wil zeggen, dat in aanleg een heilshistorisch en Christocentrisch perspectief geboden wordt, want zo'n geintje als met de zonvloed kun je niet steeds weer herhalen.
Nu hebben we de poëzie gehad als stijlvorm in Genesis 1:1-2:3. Daarna kregen we de alegorie tot en met Genesis 3:24. Ik sla wat over en dan hebben we hier in Genesis 6 het uiterst humoristische, theatrale verhaal van Noach, de zondvloed; een hele klucht. Na een korte inleiding staat er: "Dit is de geschiedenis van Noach. Noach was onder zijn tijdenoten een rechtvaardig en onberispelijk man; Noach wandelde met God." (Genesis 6:9)
Dan volgt er het verhaal van de ark en de zondvloed met al die dieren en zo, een levendig schouwspel, uitsteked geschikt voor een film. Het lijkt goed af te lopen, want Noach en God sluiten een verbond en de regenboog wordt uitgevonden. Goed idee, toch? Endemol zou dit vast wel bedacht willen hebben. Maar owee, aiai. Het bijbelverhaal heeft nog wat in petto: "Noach werd een landman en plantte een wijngaard. Toen hij van de wijn gedronken had, werd hij dronken en hij ontblootte zich in zijn tent." (Genesis 9:20,21).
Lees de beide door mij aangehaalde teksten nu eens samen, dan zie je dat het einde van de klucht een relatie heeft met het begin. De onberispelijkheid van Noach en dat hij wandelde met God, afgezet tegen zijn dronkenschap na een avondje stappen. In die laatste onbevallige toestand wordt hij "toevallig" gezien door zijn zoon Cham.
Tja, ontluisterend, maar Cham doet wat hij moet doen. Zijn pa is stokoud en moet goed verzorgd worden. Dus roept hij zijn roers te hulp die een extra warme mantel over hebben die ze achteruitlopend over hun naakte vader leggen. Nou, dat is een stuk netter en zo kan de oude man zijn roes uitslapen, zonder kou te vatten. Deed Cham daar verkleerd aan? Dat staat er niet en ik kan het er ook niet in zien. Er wordt wel gezegd dat Cham zijn vader bespot heeft, maar er is niets wat daarop wijst. De volgende dag is Noach niet in een goede stemming, want asperine of paracetamol waren er nog niet.
Wat er dan volgt, is geen (ik herhaal: geen!) beschrijving van het allereerste rechtsgeding als een voorbeeld van aartsvaderlijke rechtvaardigheid. Kanaän, een zoontje van Cham, die met het hele gebeuren totaal niets te maken had gehad, werd op het matje geroepen en kreeg te horen van zijn opa: "Vervloekt zij Kanaän, een knecht der knechten zij hij voor zijn broeders." (Genesis 9:25). Er volgt nog meer van dat soort, voor het onschuldige jochie heel onaangename, kreten, die duidelijk aangeven wat een verschrikkelijke kater Noach had. Anders is de aperte onredelijkheid niet te verklaren. Goed een klucht dus, geen feitenrelaas en geen voorbeeld van rechtvaardige rechtsgang. Er wordt ook geen goddelijke legitimiteit aan toegewezen. Overdrachtelijk gezegd is dit een barenswee van het volk Israël dat een plaats op aarde moet hebben. De kraamkamer, het land waar we later de nakomelingen van Kanaän aantreffen, wordt alvast aangewezen.
Nu weten wij echter meer, achteraf en zo kunnen we het verhaal wel verklaren, wat Mozes ons hier geeft. Er moest ruimte gemaakt worden voor het Israëlische volk en dus moesten de Kanaänieten weg. Dus voer je zo'n klucht op en dan heb je een motief om het hele zootje daar weg te jagen, de Kanaänieten en nog een heleboel van die kleine volkjes daar, die er ten tijde van Mozes de vreedzame landarbeid onderhielden. Mozes noemt ze steeds weer op, soms enkele, in het geheel twaalf van de volkjes die uitgeroeid moeten worden, letterlijk met man en muis. Tja, je had nog geen VN in die tijd.
Nu is het heel vervelend voor de letterknechten die in een exacte weergave van feiten willen geloven in plaats van in de openbaring van God de Almachtige, de Schepper, dat we in vele gevallen de omstandigheden in het land Kanaän ten tijde van de Israëlische inval kunnen controleren en reconstrueren door opgravingen. Uit de tijd van Abraham is er niet veel over, maar Mozes leefde omstreeks 1200 voor Christus en dat is andere koek. Maar het gaat om de exacte bijbeltekst en die sluit impliciet al een exact feitenrelaas uit.
Hoe dan ook, al wordt de bijbel niet naar de feiten bevestigd, toch doet dat niets af aan het boek als openbaring der Mozaïsche religie en het geloof in heilshistorisch en Christocentrisch perspectief. Wij staan hier nog maar aan het begin van de heilshistorie en de zaak van Gods Koninkrijk moet zich nog ontwikkelen in ons begrip.
Mozes is niet zo'n stiekemerd dat hij de minder leuke dingen niet wil laten zien. Hij is uit Egypte gevlucht na het plegen van doodslag en ook niet vies van trucjes in de stijl van Skull & Bones zoals van Bonesmen Bush & zonen. Hoewel er een geloofsconcept wordt ontworpen klinkt er ook heel wat realisme door in de bijbel. Als het om een Nieuwe Wereldorde gaat, gaat het zoals in onze bijbel al beschreven is, maar de bijbel geeft daarover openheid en motivatie, terwijl de Antichrist in het verbogene dezelfde principes van ongelimiteerd geweld uitwerkt ten eigen bate en egoïstische machtsontplooiing. Mozes werd er niet rijk van en dat was ook niet zijn bedoeling.
Het bijbelse idee is een exclusief monotheïstische staat in een gebied waar het wemelde van de kleine landbouwvolkjes die vrijwel alemaal hun eigen primitieve godheid hadden. Dat kun je niet laten bestaan, want dan wordt het een zootje wat de godsdienst betreft. Zo gaat het dus ook, dat het een zootje wordt, want die joden pakken niet door als het de hun opgedragen genocide betreft. Het land wordt door de Israëlieten niet ontdaan van afgoden en afgodendienaars. Ze zijn te slap, te vriendelijk jegens de autochtone buren en ze passen zich liever aan, burgeren liever in, dan het generaties lang verschrikkelijk op een moorden te zetten tot alleen de nakomelingen van Jacob over gebleven zijn. Tóch werd hen dat uitdrukkelijk geboden in Deuteronomium 20. Alles wat adem had moest worden uitgeroeid. Dat lieten ze na en toen liep alles in het honderd, zoals Mozes al voorzien had.
Tja, het is toch geen grapje zo'n geloof. Dit roept heel wat vragen op en die moeten heel zorgvuldig behandeld worden, maar dan moet je wel lezen wat er werkelijk staat en niet zoveel zwammen over de vraag of bijbelverhalen een feitenrelaas zijn of dat het gaat over geloofsaangelegenheden. Als het niet om geloofsaangelegenheden maar om de weerberichten en filemeldingen ten tijde van Mozes en Jezus gaat, dan babbelen jullie maar weer verder zonder mij. Ik heb mijn punt wel gezet, dent ik.