quote:
op 14 Oct 2003 00:15:16 schreef Jakolien:
Maar daar zullen 'de bezwaarden' het vast allemaal mee eens zijn. Ik ken niemand die van de zondag een dag van regeltjes wil maken. Het is inderdaad farizeïstisch om elkaar op zondag aan regeltjes te binden (zoals dat in het verleden wellicht wel veel gebeurd is). Maar het gaat mij er om: het vierde gebod geldt voor ons vandaag nog steeds. Het heeft dezelfde waarde als de andere negen geboden. We moeten de zondag niet alleen gebruiken om naar de kerk te gaan, maar er is óók een opdracht van de Here om te rusten van ons dagelijks werk.
Ik zie een belangrijk verschil tussen wat Calvijn hier schrijft en wat bijvoorbeeld geschreven wordt door S. De Marie. Die schrijft nl. (in
Het blijvende van het vierde gebod):
quote:
... Daarmee werd het ceremoniële van de O.T. sabbat dat daarnaar verwees, afgedaan. Zo verschoof de rustdag toen van de zevende dag naar de eerste dag van de week. Maar het vierde gebod …blijft onderdeel van de grondwet van Gods Verbond der genade. Christus wil dat de tekst van deze grondwet zelfs letterlijk blijft gelden tot aan de wederkomst (Matt 5:17,18).[5] Ook het vierde gebod wordt door de Heilige Geest nu in ons hart geschreven.[6] De wet is wel vervuld en verdiept door Christus, maar niet afgeschaft. Daarmee werd het ceremoniële van de O.T. sabbat dat daarnaar verwees, afgedaan. Zo verschoof de rustdag toen van de zevende dag naar de eerste dag van de week. Maar het vierde gebod …blijft onderdeel van de grondwet van Gods Verbond der genade. Christus wil dat de tekst van deze grondwet zelfs letterlijk blijft gelden tot aan de wederkomst (Matt 5:17,18).[5] Ook het vierde gebod wordt door de Heilige Geest nu in ons hart geschreven.[6] De wet is wel vervuld en verdiept door Christus, maar niet afgeschaft. ...
en iets verderop
quote:
Deze teksten mogen niet gebruikt worden om nu ook het vierde gebod als afgeschaft te verklaren. Voor de N.T. kerk zijn het ook Gods werken van Schepping en Herschepping, die de basis vormen voor de onschatbare betekenis van de Rustdag. Op die dag heeft de HERE God gemeenschap met de bruid van Christus. Dan wordt Zijn levende Woord verkondigd, en Hem lof en eer toegezongen. In Hebr. 10:25 wordt daarom de N.T. gemeente aangespoord de eredienst niet te verzuimen. Deze dag blijft zo een teken van verbond, heen wijzend naar de volkomen eeuwige heerlijkheid, de eeuwige sabbat.[8] In de scheppingsorde van de tijd blijft God Zelf zorgen voor de structuren om Hem in alle rust te kunnen dienen. Het gebod van de rustdag omvat de regel om te rusten van het dagelijkse werk. Dit gebod wordt ons ook daarom wekelijks voorgehouden als onderdeel van de liefdeswet van de HERE. God doet aanspraak op héél ons leven – het vierde gebod omspant onze arbeid in zes dagen en ons rusten op één dag), wij zijn in heel ons leven het eigendom van Christus.
Wat me in de eerste plaats opvalt, is dat hij heel centraal stelt dat de sabbat onderdeel is van de scheppingsorde. Met andere woorden, het feit dat God rustte op de zevende dag, betekent dat Hij op dat moment voor de hele mensheid één dag per week als rustdag instelde. Daartegen valt veel in te brengen. Eenvoudigweg, dat je dit nergens in de bijbel vindt. De eerste keer dat de sabbat genoemd wordt, is in Ex 16, en dan gaat het om het volk Israël. De argumenten van ds. Visée zijn op dit punt ook terecht. Het zijn argumenten
e silentio, maar daarom nog niet zwak: God straft geen heidenvolken omdat ze de sabbat niet houden; de apostelen noemen in het rijtje van "werken van het vlees" niet het schenden van de sabbatsrust; de boeken Job en Spreuken zwijgen op dit punt.
De exegese van Gen 2/Ex 20, nl. de verwijzing "daarom zegende de Here de sabbatdag en heiligde die", is belangrijk. M.i. legt Mozes in
beide teksten uit, waarom het nu juist die zevende dag is die onderhouden moet worden: als een verwijzing naar het rusten van God op die dag. Uit wat ik bij Calvijn lees, concludeer ik dat ook hij dit ziet als een
verwijzing. Daarom lees ik Gen 2,3 ook niet zo, dat God op die dag van de schepping de sabbat instelde; maar: "God ruste op die dag, en dat is de reden dat Hij die dag voor jullie, Israël, heiligverklaard heeft."
De Maries opmerking, dat de sabbat niet is afgeschaft, staat haaks op wat Calvijn schreef naar aanleiding van "de eerste oorzaak". De sabbat is volgens hem wél afeschaft, want het is een schaduwachtig gebruik. De sabbat is ook vervangen. Namelijk, de verwijzing náár de geestelijke rust heeft plaats gemaakt door kennis ván die eeuwige rust in Christus.
Wat volgens Calvijn niet vervallen is, maar juist centraler staat, is "dat wij rusten van onze (slechte) werken" en dat wij ons beijveren voor de dienst aan God. Wat hem betreft, het liefst elke dag een kerkdienst.
Voor Calvijn is de zondag als rustdag blijkbaar geen dwingend gebod, maar een voor de hand liggende manier waarop de NT kerk de ordelijke, ceremoniële dienst aan God in de vorm van bijeenkomsten van de gemeente, organiseert. Het is zó voor de hand liggend, dat het vanaf het begin zo gedaan is.
Natuurlijk zou Calvijn de laatste zijn om te zeggen, dat de zondag maar moet worden afgeschaft; of dat de kerkdiensten en dergelijke niet meer ter zake doen; of dat wij geen rust hoeven nemen. De dienst aan God vraagt van ons "stille tijd", gemeente-brede godsdienstoefening, oefening in devotie, studie van Gods Woord. Al die dingen kosten minstens een dag, waarop eigen prioriteiten aan de kant gezet worden. Praktisch komt dit neer op zondagsrust. Het grote verschil is, dat hij de zondag als
dag van rust, als
patroon van eens in de zeven dagen, enzovoort, niet beschouwd als goddelijk gebod, maar als de manier waarop de kerk verantwoordelijk de dienst aan God ordent.
En dat is de officiële kwestie die bij Leusden en Zuidhorn op tafel lag. Ik denk dat het terecht is om je zorgen te maken over de vergaande relativering van de zondagsrust. De uitspraak van ds. Ophoff spelen wellicht teveel in op de tendens, om zondagsheiliging niet serieus te nemen. Er moet gezocht worden naar manieren om de motivatie voor daadwerkelijke rust en aandacht voor God wakker te roepen. Maar ik geloof niet, dat dit op vruchtbare manier kan door te stellen, dat Ophoffs uitspraak onjuist is. De zondagsrust is niet als duidelijk gebod terug te vinden; dat zegt niet alleen de synode, dat is ook de lijn waarop Calvijn lijkt te zitten.
Het grote verschil is dit. Calvijn geeft een groots, heilig doorleefd kader, waarin positief de idealen van de NT rust beschreven staan. Ik hoop morgen een concretere uitwerking van ons "huiswerk" voor de zondagen te posten, zoals dat door Ursinus wordt gegeven. Dat gaat heel wat verder en is veel stimulerender en leerzamer, dan de minutieuze pogingen van deputaten en synode om Ophoff te verdedigen. Met de kritiek op claims van bezwaarden zoals die in het deputatenrapport staan, ben ik het grotendeels eens -- formeel, inhoudelijk. Maar de insteek van synode en deputaten bevalt me niet. Waar blijft de positieve definitie van de zondagsrust? Die lijkt te verdwijnen onder de roep om tolerantie.
En dat is een kwestie waar serieus aan gewerkt moet worden. Dat is onafhankelijk van de vraag of er een duidelijk gebod tot zondag als rustdag in de bijbel staat. Het gaat om ons concrete besef van de verantwoordelijkheid om de heilige God te dienen. Ik zou willen dat zowel bezwaarden als "rekkelijken" daar constructief over na zouden denken.