quote:
op 29 Oct 2003 17:03:11 schreef KeesvE:
[...]
Maar Justin,
Wat is nu eigenlijk je moeite met Lied 335? Het feit dat de deputaten kerkmuziek Joh. 10 : 28, 29 eraan hebben 'gehangen' óf de tekst van het lied zelf?
Ik ben bang dat dit net zo'n discussie is als met die tekst uit 1 Tim: God wil dat alle mensen behouden worden. Wil God dat? Hij heeft toch een deel verkozen? En dus gaan we krampachtig proberen de tekst zo uit te leggen dat we er verder mee kunnen. Misschien is het beter in zo'n geval niet vanuit de verkiezing te redeneren maar simpel het appél dat er van uit gaat ter harte nemen.
Joh. 10 : 28 en 29 is een bemoediging voor hen die geloven, terecht dat de DL deze tekst aanhalen.
Zeker bij de doop, verzegeling van God's beloften immers, is het goed om in gedachten te brengen hoe rijk die beloften van de Here zijn. Daar hoort ook bij de belofte dat niets uit God's macht kan worden gerukt. Heel simpel gezegd: ál God's beloften zijn voorwaardelijk en worden pas dan vervuld als er sprake is van geloof dat die beloften aanvaardt. Consequent op jouw (Justins) wijze doorgeredeneerd zou je haast zeggen, laat die beloften maar achterwege, want als je niet bent uitverkoren zijn ze toch niet voor jou! Ik weet dat je niet die kant op gaat, maar je redeneertrant heeft wel die neiging.
Het lijkt me niet goed dat ik de hele discussie weer overnieuw gaat beginnen

" class="smiley" /> Zie daarom mijn vorige bijdragen.
'...en niemand rukt hen uit Uw macht' is een conclusie en geen belofte met de voorwaarde van geloof.
Je haalde eeerder al art.34 NGB aan. Daarbij moet je altijd in rekening brengen dat daar een gelovige aan het woord is over de/zijn doop. Net zoals in de HC. Wij geloven en belijden heet het dan.
Dat kan je niet zomaar gebruiken voor kleine baby's die gedoopt worden.
Voorbeeld: HC antwoord 54 zegt:"Dat de Zoon van God uit het hele menselijke geslacht Zich een gemeente, die tot het eeuwige leven uitverkoren is, van het begin van de wereld tot aan het einde vergadert, beschermd en onderhoudt. Hij doet dit door zijn Geest en Woord in eenheid van het ware geloof.
En ik geloof dat ik van deze gemeente een levend lid bent en eeuwig zal blijven".
Bij de laatste zin, het gedeelte 'en eeuwig zal blijven' staat als tekstverwijzing Joh. 10:28.
Hier zegt dus de gelovige dat hij van deze gemeente eeuwig lid blijft omdat hij gelooft de volharding van de heiligen.
Hij kan dat als gelovige zeggen maar je kan dit niet zomaar gebruiken voor een gedoopte baby. Gewoon omdat je niet weet of dit kindje ook als gelovige zal opgroeien, en dus ook eeuwig lid van deze gemeente van uitverkorenen blijft.
Ik ben blij dat je weet dat ik niet die vreemde kant op wil die jij schetst

.