In de eerste plaats hadden de NT-auteurs andere principes bij het citeren.
- ze citeren niet woord-voor-woord letterlijk; soms lijkt het of ze uit hun hoofd citeren en daarbij een fout maken
- bij hun interpretatie lijken ze soms volledig aan de context voorbij te gaan
- vaak citeren ze een enkel vers, of een deel van een vers, om bij de lezer/luisteraar een heel bijbelgedeelte in gedachte te roepen.
Andere verschillen komen voort uit de vertaling.
- de OT brontekst is vroeger vertaald naar het Grieks, in verschillende versies waaronder de LXX (Septuaginta); wij kennen maar een paar van deze oude vertalingen;
- de bijbelschrijvers citeren in het NT uit een dergelijke vertaling van het OT
- de OT brontekst en de Griekse NT brontekst met OT citaten zijn beide door moderne vertalers vertaald. Die doen hun best om deze teksten zo goed mogelijk weer te geven. Verschillen in het Hebreeuwse/Griekse taaleigen, en in verschil van inzicht over het Hebreeuw tussen oude en moderne vertalers, veroorzaken daardoor verschillen in de vertaling.
- ter vergelijking: ik heb naast mijn computer een doosje staan met daarop in het Engels en Frans "dezelfde" tekst.
E : Harmful if swallowed. Keep out of reach of children.
F : Nocif en cas d'ingestion. Conserver hors de laportée des enfants. (sic!)
Stel dat ik beide, los van elkaar, naar het Nederlands zou vertalen. Het resultaat:
E : Schadelijk bij inslikken. Buiten bereik van kinderen houden.
F : Schadelijk in geval van inslikken. Bewaren buiten het bereik van kinderen.
Bovendien zou ik bij tekst (F) het idee hebben, dat de auteur slordig was of zijn Frans slecht kende, omdat hij een spatie in de tekst vergeten is.
Een extra complicatie bij het NT is, dat veel van de tekst vermoedelijk een vertaling is van gesproken Aramees, de taal van Israël in Jezus' tijd. Beroemd is de uitdrukking "Lam van God" (ho amnos tou theou) in Johannes 1. Dit is geen OT-uitdrukking! Men vermoedt de volgende verklaring. Het Hebreeuwse `eved "Knecht" uit de profetieën van Jesaja werd in het Aramees vertaald als thalia, dat zowel "knecht" als "lam" kan betekenen. Dat zou kunnen verklaren hoe de evangelist (of zijn bronnen) de 'fout' kunnen maken om de verkeerde betekenis te kiezen bij vertaling naar het Grieks. (Aldus Burney, zie ook Johannes door Van Houwelingen in de CNV-serie, Kampen 1997, bij Joh 1,29.) Kritiek op deze visie is, dat het onwaarschijnlijk is dat de vertaler niet op de hoogte was van de LXX-vertaling, die vertaalt met doulos "knecht, slaaf".
In de derde plaats zijn Jezus en zijn apostelen niet te beroerd om een tekst aan te passen aan de NT-situatie. Voorbeelden:
- Joh 1,52 (51) En Hij zeide tot hem: Voorwaar, voorwaar, Ik zeg ulieden, gij zult de hemel open zien en de engelen Gods opstijgen en nederdalen op de Zoon des mensen. Dit is een letterlijk citaat van LXX Gen 28,12, maar "ladder" is vervangen door "Mensenzoon".
- Rom 10,6-8 Maar de gerechtigheid uit het geloof spreekt aldus: Zeg niet in uw hart: Wie zal ten hemel opklimmen? namelijk om Christus te doen afdalen; of: Wie zal in de afgrond nederdalen? namelijk om Christus uit de doden te doen opkomen. Maar wat zegt zij? Nabij u is het woord, in uw mond en in uw hart, namelijk het woord des geloofs, dat wij prediken. Deze tekst komt grotendeels uit Deut 30,14, maar het gaat daar over de Wet van Mozes die net is voorgelezen, niet over Christus.