quote:
Ik heb ook wel een Telos vertaling thuis, maar niet op internet, dus ik geef even de NBG en post dan vers 5 omdat je daar iets over vroeg:
quote:
Rom 1 vers 5
door wie wij genade en het apostelschap ontvangen hebben om gehoorzaamheid des geloofs te bewerken voor zijn naam onder al de heidenen,
Ik denk dat Paulus het hier heeft over
de apostelen waaronder hijzelf - zie vers 1:
een geroepen apostel, afgezonderd tot verkondiging van het evangelie van God, -
die nu de opdracht hebben zoals ook in het zendingsbevel bijvoorbeeld door de Here Jezus aan de apostelen is opgedragen,
om gehoorzaamheid des geloofs te bewerken voor zijn naam onder al de heidenen,En Paulus is daarna door Jezus vanuit de hemel geroepen toen hij op weg was naar Damascus.
quote:
- vers 5: wij hebben behalve genade, óók het apostelschap door Christus ontvangen voor Zijn naam tot geloofsgehoorzaamheid onder alle volken.
Wat wordt hiermee bedoeld. Wordt hiermee het algemene 'ambt der gelovigen' mee bedoeld of specifiek het ambt van apostel?
Als verder leest in vers 6 geeft dat m.i. duidelijkheid dat de gelovigen uit Rome aan wie de brief is gericht horen tot deze groep mensen die genoemd worden in vers 5 en de tot geloof zijn gekomen:
de heidenen/gelovigen uit de volken.
(zodoende kunnen ze ook niet de 'wij' zijn van vers 5)
Kijk maar naar vers 5/6:
quote:
Rom 1 vers 5 en 6
5...om gehoorzaamheid des geloofs te bewerken voor zijn naam onder al de heidenen,
6 tot welke ook gij behoort, geroepenen van Jezus Christus –
Dus de gemeente te Rome is door de apostelen - die genade en het apostelschap hebben ontvangen, ontstaan omdat ze zich bekeerd hebben uit de volken.
quote:
In verband hiermee verwijst de Telosvertaling naar een aantal verzen: Rom 15:18; Hd edit: 26:16-18; Galaten 2:7,9.
De tekstverwijzingen maken het er niet duidelijker van. Dus iemand daar ideeën over?
Rom 15: 18 Want ik zal het niet wagen van iets anders te spreken dan van hetgeen Christus door mij bewerkt heeft,
om heidenen tot gehoorzaamheid te brengen door woord en daad,
Hand. 26: 16 Maar richt u op en sta op uw voeten; want hiertoe ben Ik u verschenen om u aan te wijzen als dienaar en getuige daarvan,
dat gij Mij gezien hebt en dat Ik aan u verschijnen zal, 17 u verkiezende uit dit volk en
de heidenen, waarheen Ik u zend, 18 om hun ogen te openen ter bekering uit de duisternis tot het licht en van de macht van de satan tot God, opdat zij vergeving van zonden en een erfdeel onder de geheiligden zouden ontvangen door het geloof in Mij.Gal. 2: 7 Maar integendeel: toen zij zagen, dat mij
de prediking van het evangelie aan de onbesnedenen toevertrouwd was, gelijk aan Petrus die aan de besnedenen
9 – en toen zij de genade, die mij geschonken was, opmerkten, reikten Jakobus, Kefas en Johannes, die voor steunpilaren golden, mij en Barnabas de broederhand:
wij zouden naar de heidenen, zij naar de besnedenen gaan.
Conclusie over deze verwijzingen:
- gaan over
het apostelschap wat Paulus heeft ontvangen van de Heer, met speciale taak om
de volken het evangelie te brengen, en ze tot geloofsgehoorzaamheid te brengen.
In Handelingen 26 wordt zijn roeping beschreven die hij van de Heer krijgt als Die Hem verschijnt. Hij gaat naar de heidenen het evangelie brengen zegt ook Galaten.
quote:
- het geloof van de Romeinen was in de hele toenmalige wereld bekend
- Paulus dacht onophoudelijk aan ze
- Paulus verwacht door gemeenschap te hebben met de Romeinen geloofsversterking te ontvangen, dit zal dan wederzijds zijn.
Mijn conclusie uit dit stukje is dat het opzoeken van elkaar heel belangrijk is om 'onder elkaar enige vrucht te hebben'.
Hoe denken jullie daarover na aanleiding van dit stukje?
Wij kunnen er nog heel wat van leren dat Paulus onophoudelijk voor hen dankt, aan hen denkt en voor hen bidt.
Vertroosting vinden we als we aan elkaar vertellen wat we in de Here Jezus hebben gevonden: Hoe belangrijk is Hij voor mij, en hoe is dat bij jou? Als we het daar over hebben worden we opgebouwd in het geloof.
quote:
Ook heel belangrijk: je niet schamen voor het Evangelie, ook niet om het uit te dragen want het is Gods kracht tot behoudenis voor ieder die gelooft. Het is dus belangrijk om dit te verkondigen! Want het is essentiële informatie voor iedereen. Mensen moeten van God horen om behouden te kunnen worden! We mogen het dus niet voor onszelf houden, maar dienen het Evangelie te verkondigen zodat de gerechtigheid van God verder geopenbaard zal worden aan de wereld. Dit stukje kun je zien als kernthema van heel hoofdstuk 1. Het staat ook niet voor niks precies in het midden denk ik.
Het evangelie is een kracht
voor ieder die gelooft. En het is een kracht van God en niet van onszelf.

Wij hoeven er helemaal niets van onze eigen kracht aan toe te voegen:
quote:
Rom 1 vers 16
Want ik schaam mij het evangelie niet; want het is een kracht Gods tot behoud voor een ieder die gelooft, eerst voor de Jood, maar ook voor de Griek.
De kern van het evangelie, de kracht van God, staat in vers 17:
quote:
Rom. 1 vers 17
Want gerechtigheid Gods wordt daarin geopenbaard uit geloof tot geloof, gelijk geschreven staat: De rechtvaardige zal uit geloof leven.
Gerechtigheid GodsWij zeggen tegenwoordig vaak dat het geloof draait om de liefde van God.
Maar hier wordt de kern van het evangelie
gerechtigheid van God genoemd.
Dat wordt in het evangelie geopenbaard.
Wat is gerechtigheid: ieder het zijne geven. Een rechtvaardige rechter geeft aan ieder wat hem toekomt: straf wie straf toekomt, en vrijspraak wie vrijspraak toekomt.
Zo geeft God aan ieder wat hem toekomt.
(a) Een mens zou rechtvaardig zijn (onder de wet) als hij God geeft wat Hem toekomt en ieder mens geeft wat hem toekomt (zie Matt 22: 21, 34-40)
Maar niemand is op deze manier rechtvaardig staat in Rom. 3: 10.
(b) God is rechtvaardig als Hij de zonde niet accepteert, maar erover toornt, we hebben dat verdient. (Rom. 3: 5)
(c) God is rechtvaardig als Hij Jezus de beloning geeft die Hem toekomt voor Zijn werk, en die heeft Hij gegeven door Hem op te wekken uit de dood en te zetten aan Zijn rechterhand. Het laat zien dat Gods gerechtigheid bewezen wordt aan degene die het toekomt. (Joh. 16:10)
(d) God is óók rechtvaardig
als Hij verklaart dat een zondaar die door het geloof één gemaakt is met de Here Jezus, nu een rechtvaardige is.DIT IS HET ONDERWERP VAN DE BRIEFDat is eerlijk: de zonden van die zondaar zijn immers al verrekend toen God ze op de Here Jezus legde, nu staat hij niet in zijn
eigen verdienste voor de Heer, maar in de verdienste
van de Here Jezus.
En Die heeft volledig voldaan aan Gods eisen van gerechtigheid.
Uit geloof tot geloof:Vanuit onze kant berust de gerechtigheid die we hebben ontvangen
niet op enige verdienste, maar uitsluitend op
geloof.
Nu we rechtvaardig zijn, leven we
ook hierna alleen door geloof.
Dus de grond van de rechtvaardiging is geloof, en hierdoor komen we weer
tot geloof, want ook hierna geldt dat we alleen
door/in geloof verder leven en niet door verdienste.