AVee haalde de NGB al aan. Ik wil dat nog een keer doen om duidelijk te krijgen wat het woord Kerk nu precies inhoudt. Uiteraard lees ik dit allemaal met mijn eigen 'gekleurde' bril

. Aan het eind wordt wel duidelijk welke kleur dat is

.
Artikel 27. Van de algemene Christelijke Kerk.Wij geloven en belijden een enige katholieke of algemene Kerk,
dewelke is een heilige vergadering der ware Christgelovigen, al hun zaligheid verwachtende in Jezus Christus, gewassen zijnde door Zijn bloed, geheiligd en verzegeld door den Heiligen Geest.
Deze Kerk is geweest van den beginne der wereld af, en zal zijn tot den einde toe; gelijk daaruit blijkt, dat Christus een eeuwig Koning is, Dewelke zonder onderdanen niet zijn kan. En deze heilige Kerk wordt van God bewaard, of staande gehouden, tegen het woeden der gehele wereld; hoewel zij somwijlen een tijdlang zeer klein en als tot niet schijnt gekomen te zijn in de ogen der mensen; gelijk Zich de Heere gedurende den gevaarlijken tijd onder Achab zeven duizend mensen behouden heeft, die hun knieën voor Baäl niet gebogen hadden.
Ook mede is deze heilige Kerk niet gelegen, gebonden, of bepaald in een zekere plaats, of aan zekere personen, maar zij is verspreid en verstrooid door de gehele wereld; nochtans te zamen gevoegd en verenigd zijnde met hart en wil in één zelfden Geest, door de kracht des geloofs.
Ik pik er even wat uit:
1. Opvallend vind ik dat Artikel 27 de Kerk hier noemt 'een heilige vergadering van ware Christgelovigen'. Daar ben ik het volledig mee eens, tenminste als het woord 'vergadering' in de breedste zin van het woord moet worden gezien: het is een groep mensen die kan worden
onderscheiden van andere mensen. Tegelijk spreekt het woord 'vergadering' van een activiteit: Christus vergadert.
2. Ik ben zelf van mening dat de Kerk niet 'is geweest van den beginne der wereld af, en zal zijn tot den einde toe'. Ik stel een is-gelijk-teken tussen Kerk en Gemeente (Kerk = Gemeente). De Gemeente begon op Pinksteren, niet eerder. Wel is zij uitverkoren vóór de grondlegging der wereld in Christus.
Ef 1,4 Hij heeft ons immers in Hem uitverkoren vóór de grondlegging der wereld, opdat wij heilig en onberispelijk zouden zijn voor zijn aangezicht.
3. De Kerk is 'niet gelegen, gebonden, of bepaald in een zekere plaats, of aan zekere personen, maar zij is verspreid en verstrooid door de gehele wereld'. Oftewel: de 'heilige vergadering van ware Christgelovigen' vind je overal.
Artikel 28. Dat een iegelijk schuldig is zich bij de Kerk te voegen.Wij geloven, aangezien deze heilige vergadering is een verzameling dergenen die zalig worden, en dat buiten haar geen zaligheid is, dat niemand, van wat staat of kwaliteit hij zij, zich behoort op zichzelven te houden, om op zijn eigen persoon te staan;
maar dat zij allen schuldig zijn, zichzelven daarbij te voegen en daarmede te verenigen; onderhoudende de enigheid der Kerk, zich onderwerpende aan haar onderwijzing en tucht, den hals buigende onder het juk van Jezus Christus, en dienende de opbouwing der broederen, naar de gaven die hun God verleend heeft, als onderlinge lidmaten eenszelfden lichaams. En opdat dit te beter zou kunnen onderhouden worden,
zo is het ambt* (= plicht) aller gelovigen, volgens het Woord Gods, zich af te scheiden van degenen die niet van de Kerk zijn, en zich te voegen tot deze vergadering, het zij op wat plaats dat God ze gesteld heeft; ook al ware het zo, dat de magistraten en plakkaten der prinsen daartegen waren, en dat de dood of enige lichamelijke straf daaraan hing. Daarom, al degenen die zich van haar afscheiden of niet daarbij voegen, die doen tegen de ordinantie Gods.
Dit artikel kan ik zelf niet goed plaatsen.
Het artikel stelt (althans zo lees ik het) dat iedere ware gelovige schuldig is zichzelf te voegen bij de Kerk. Naar mijn mening klopt hier iets niet. Als in artikel 27 de Kerk wordt gedefinieerd als ''heilige vergadering van ware Christgelovigen', hoe kun je dan als 'ware Christgelovige' daar niet lid van zijn? Dat ben je 'vanzelf' door je geloof, je verbondenheid met Christus.
Als het zou gaan om ongelovigen, dan zou ik het kunnen volgen, maar ik denk niet dat zij een boodschap hebben aan dit artikel. En ik denk ook niet dat de ongelovigen de doelgroep was ten tijde dat dit werd geschreven.
In dit artikel wordt het woord Kerk blijkbaar anders ingevuld als in artikel 27. Om kort te gaan: artikel 27 heeft het over de Kerk in de betekenis van de Gemeente zoals we die in de Bijbel tegenkomen. Artikel 28 heeft het over de Kerk als een kerkgenootschap.
Artikel 29. Van het onderscheid en de mertekenen der ware en valse kerk.Wij geloven dat men wel naarstiglijk en met goede voorzichtigheid, uit den Woorde Gods, behoort te onderscheiden, welke de ware Kerk zij; aangezien alle sekten, die heden ten dage in de wereld zijn, zich met den naam der Kerk bedekken.
Wij spreken hier niet van het gezelschap der hypocrieten, welke in de Kerk onder de goeden vermengd zijn, en intussen van de Kerk niet zijn, hoewel zij naar het lichaam in haar zijn; maar wij zeggen dat men het lichaam en de gemeenschap der ware Kerk onderscheiden zal van alle sekten, welke zeggen dat zij de Kerk zijn.
De merktekenen, om de ware Kerk te kennen, zijn deze: zo de Kerk de reine predikatie des Evangelies oefent; indien zij gebruikt de reine bediening der Sacramenten, gelijk ze Christus ingesteld heeft; zo de kerkelijke tucht gebruikt wordt, om de zonde te straffen. Kortelijk, zo men zich aanstelt naar het zuivere Woord Gods, verwerpende alle dingen die daartegen zijn, houdende Jezus Christus voor het enige Hoofd. Hierdoor kan men zekerlijk de ware Kerk kennen, en het komt niemand toe, zich daarvan te scheiden.
En aangaande degenen die van de Kerk zijn, die kan men kennen uit de merktekenen der Christenen; te weten, uit het geloof, en wanneer zij, aangenomen hebbende den enigen Zaligmaker Jezus Christus, de zonde vlieden en de gerechtigheid najagen, den waren God en hun naaste liefhebben, niet afwijken noch ter rechter- noch ter linkerhand, en hun vlees kruisigen met zijn werken. Alzo nochtans niet, alsof er nog geen grote zwakheid in hen zij; maar zij strijden daartegen door den Geest al de dagen huns levens, nemende gestadiglijk hun toevlucht tot het bloed, den dood, het lijden en de gehoorzaamheid van den Heere Jezus, in Denwelken zij vergeving hunner zonden hebben, door het geloof in Hem.
Aangaande de valse kerk, die schrijft zich en haar ordinantiën meer macht en autoriteit toe dan den Woorde Gods, en wil zich aan het juk van Christus niet onderwerpen; zij bedient de Sacramenten niet gelijk Christus in Zijn Woord verordend heeft, maar zij doet daar af en toe, gelijk als het haar goeddunkt; zij grondt zich meer op de mensen dan op Christus; zij vervolgt degenen die heiliglijk leven naar het Woord Gods, en die haar bestraffen over haar gebreken, gierigheid en afgoderijen.
Deze twee kerken zijn lichtelijk te kennen, en van elkander te onderscheiden.
Ook dit artikel heeft moeite met het begrip Kerk. Het vetgedrukte zinnetje laat dat zien:
Wij spreken hier niet van het gezelschap der hypocrieten, welke in de Kerk onder de goeden vermengd zijn, en intussen van de Kerk niet zijn, hoewel zij naar het lichaam in haar zijn
Als ik dit nu zo schrijf:
Wij spreken hier niet van het gezelschap der hypocrieten, welke in
het Koninkrijk der Hemelen onder de goeden vermengd zijn, en intussen van de
Gemeente niet zijn.
Dan ik het denk ik duidelijk wat er bedoeld wordt (of leg ik er teveel eigen interpretatie in...).
Ik kom tot de volgende conclusies:
1. Kerk = Gemeente = de vergadering van alle ware gelovigen.
2. Koninkrijk der Hemelen = de hele Christenheid (belijdende christenen). Dit staat
niet gelijk aan alle
ware gelovigen!
3. Een
kerkgenootschap is weer iets anders.
Misschien is het als volgt:
In het Koninkrijk der Hemelen bestaan veel kerkgenootschappen. In het Koninkrijk der Hemelen bevindt zich de Gemeente. De Gemeente bevindt zich in veel kerkgenootschappen.
Wat er toe doet? De Gemeente, niet meer en niet minder.