quote:
AVee schreef op 24 januari 2005 om 11:12:[...]
Eigenlijk is het avondmaal de opvolger van het Pascha, toen Jezus zei 'Doet
dit tot mijn gedachtenis' zat hij tenslotte het pascha te eten. Dus als Paulus die link legt doet hij eigenlijk niets meer dan Jezus napraten.

Je moet er idd diep over nadenken welke link je mag leggen als je dingen gaat vergelijken.
Pascha = de dood van het lammetje en de engel die voorbij gaat aan degenen die het bloed hebben aangebracht.
Dit volk Israel is verlost uit Egypte en uit de slavernij.
Ons pascha = de dood van de Here Jezus als het lam, en het oordeel gaat ons voorbij als we geloven dat Zijn bloed ook voor ons is gestort.
Dan zijn we verlost van de zonde en uit de wereld bevrijd.
En dan kan ik niet zeggen dat een kind van gelovige ouders ook al is bevrijd van de zonde. En kom je op hetzelfde punt als met de doop. Zogauw een kind verantwoordelijkheid kan nemen voor z'n eigen daden, moet dat kind verteld worden dat hij het (paas)lam de Here Jezus moet aannemen en achter het bloed van de Heer moet schuilen. Dan zal ook aan hem het oordeel voorbij gaan.
Het Avondmaal ziet terug op het sterven van de Heer voor onze zonden. En het wordt ook de tafel van de Heer genoemd. Nu heb je wel een parallel in het OT. En dat wordt ook hier bij het Avondmaal genoemd.
1 Kor. 10 18 Ziet, hoe het gaat bij het Israël naar het vlees: hebben niet zij,
die de offers eten, gemeenschap met het altaar?...
21 Gij kunt niet de beker des Heren drinken èn de beker der boze geesten, gij kunt niet aan de
tafel des Heren deel hebben èn aan de tafel der boze geesten.
Vanuit het OT:
Mal. 1 7 Gij brengt
minderwaardige offerspijze op mijn altaar. En dan zegt gij: Waarmee hebben wij U minderwaardig behandeld? Doordat gij zegt:
Des HEREN tafel, zij is verachtelijk. 8 Want, wanneer gij een blind dier ten offer brengt, is dat niet erg? Wanneer gij een kreupel of ziek dier brengt, is dat niet erg? Bied dat eens uw landvoogd aan; zal hij welgevallen aan u hebben of u goedgunstig gezind zijn? zegt de HERE der heerscharen.
Het altaar waar de priesters de offers op brachten, wordt ook de tafel van de Heer genoemd. Omdat in de priesterdienst, het offer werd gebracht aan God, maar van sommige offers werd ook gegeten door de priesters. In die zin een 'tafel' waarbij de priesters iets eten van wat er aan de Heer wordt geofferd.
En de offers spreken allemaal van de Here Jezus. Hij heeft zich geofferd aan God en als de priesters zo'n offer brengen, wijzen ze in het OT vooruit naar dat offer wat nog moest komen. Ook is iets van dat offer voor henzelf bedoeld.
Daarom was het hier in Maleachi zo erg dat ze kreupele of blinde dieren brachten. Het moest juyist altijd een volmaakt dier zijn, omdat het wees naar de Here Jezus die volmaakt was, en aan God geef je sowieso toch geen 'involmaakte' offers, in de zin van:
Hier doe ik zelf niets mee, dan kan ik dat wel aan God brengen.
Je kunt dit zo zeggen:
Als wij offers brengen van lof en dank aan de Heer, als het Avondmaal gevierd wordt, ziet God zijn zoon als het offer, maar ook degenen die aanzitten aan de tafel en deelnemen aan het Avondmaal, zien iets bijzonders aan de Here Jezus.
Ze zijn de priester die op dat moment ook eten van het offer.
Wanner kun je priesterdienst vervullen, ik denk niet als baby en ook niet als ongelovige. In die zin is het zo dat er idd wordt gesproken tot
verstandigen zoals er staat in 1 Kor. 10 als Paulus gaat spreken over het Avondmaal:
15 Ik spreek immers tot verstandige mensen; beoordeelt dan zelf, wat ik zeg.En het eten van de offers (bepaalde dingen ervan) ziet op het begrijpen van die aspecten die je God kan aanbieden en Hem voor kan danken. Dan
eet je dit.