Ursa schreef op 17 februari 2007 om 17:47
Wat ik bedoelde te stellen met de eerste zin van het artikel ('Tenslotte geloven wij in overeenstemming met Gods Woord...') dat er een claim wordt gedaan, nl. dat de visie die vervolgens uitgewerkt wordt, de Bijbelse is (en DUS andere niet, ook niet de chiliastische). Net als men in de Cathechismus soms achtergrondkennis nodig heeft om te beseffen dat ze praktijken en leer van andere christelijke stromingen veroordelen, is de veroordeling hier subtiel. Hoewel het chiliasme de Bijbel op de voet lijkt te volgen, claimen de gereformeerden toch het verhaal te hebben dat recht doet aan de Bijbel.
Beste Ursa, het woordje "dus" heb ik even geaccentueerd, want voor dat woordje ben ik een beetje allergisch geworden. Je gaat er van uit dat de Belijdenis in overeenstemming is met de Bijbel en daar kan ik het wel mee eens zijn. Maar mijn moeite zit in het feit dat je ontkent dat een andere opvatting, die niet met zoveel woorden in de Belijdenis staat, 'dus' fout moet zijn. En dat gaat me te ver. Misschien ben ik wel te veel beïnvloed door mijn vrijgemaakte opvoeding. Een voorbeeld: toen ik aan mijn vader het slot van Mark. 16 liet zien (deze tekenen zullen de gelovigen volgen...) zei hij dat dat onzin was en dat ik me daarmee niet moest bezig houden. De duivel bestond volgens hem alleen maar in de tijd van Jezus, dus exorcisme is nu niet meer relevant. De ziekenzalving staat niet in de Belijdenis, dus weg ermee. Geestesgaven waren alleen voor de eerste tijd, de zogenaamde streeptheologie. En zo kan ik doorgaan.
Snap je een beetje wat ik bedoel? Ik had vroeger inderdaad de opvatting dat alles wat wél in de Bijbel staat, maar niet in de Belijdenis, nu geen rol mag spelen, daar hoeven we ons niet mee bezig te houden. Maar gaandeweg kwam ik erachter dat deze houding ernstig te kort doet aan de waarde van de Schrift, vandaar dus mijn reactie op het woordje 'dus'.