Matteus 13,35:
Opdat vervuld zou worden, wat gesproken is door den profeet, zeggende: Ik zal Mijn mond opendoen door gelijkenissen; Ik zal voortbrengen dingen, die verborgen waren van de grondlegging der wereld.
Psalm 78:
Een onderwijzing van Asaf. O mijn volk! neem mijn leer ter oren; neigt ulieder oor tot de redenen mijns monds.
2 Ik zal mijn mond opendoen met spreuken; ik zal verborgenheden overvloediglijk uitstorten, van ouds her;
1 Kronieken wekt minimaal uitermate sterk de indruk dat Asaf geen profeet was, maar een zanger aan Davids hof. En die Asaf voorspelt niet dat de Messias in gelijkenissen zal spreken, maar geeft aan zelf in gelijkenissen te gaan spreken, wat hij dan ook prompt doet in de rest van psalm 78, hoewel sommigen het wellicht een historische opsomming zullen noemen.
Wat moet je hier nou mee?