quote:
Priscilla en Aquila schreef op 12 april 2008 om 00:15:[...]
Maar...als je een overgangsperiode ziet, wil dat nu juist zeggen dat de ene 'bedeling' al wel begonnen is terwijl de vorige nog niet is afgerond.
Daarom is het onlogisch om te zeggen dat aan het eind van hand. 28 pas de nieuwe bedeling komt. Dan is er nl niet echt sprake van een overgangsfase, maar van de ene bedeling tot hand 28 en de volgende.
In de tijd van de evangelien was het "doel" de vestiging van het Koninkrijk van God op aarde. Christus als Koning van een gelovig Israel (een koninklijk priesterschap en heilige natie). Vanuit Israel zouden alle volkeren gezegend worden.
In dat kader stond ook de doop van Johannes. Een doop van vergeving en bekering, reiniging van het volk als voorbereiding op de vestiging van dit koninkrijk.
Maar Israel wijst zijn Koning af, "wij willen niet dat deze Koning over ons wordt". Christus wordt gekruizigd. (Uiteindelijk was dit noodzaak).
Opstanding, hemelvaart en Pinsteren volgen.
De vraag is wat vervolgens de verkondiging is. Blijkt daaruit dat er inderdaad een andere bedeling gestart is?
Als ik echter lees wat Petrus in Hand 2 en 3 zegt, dan is dit nog geheel in het kader van de vestiging van Gods Koninkrijk, waarbij hetgeen Israel aangeboden wordt niet gewijzigd is.
Er is uiteraard wel een verschil tov. van voor Pinksteren (de Geest), een nieuw verbond. Maar het doel blijft de bekering van Israel opdat de nieuwe tijd aan zou breken. Als dit gebeurd zou zijn, dan zou Christus terugkeren en feitelijk Gods regering op aarde (vanuit Jeruzalem) een feit zijn.
Er is derhalve nog steeds een doop tot vergeving van zonden en bekering. Dat is niet anders dan wat Johannes de Doper toepaste. Het is de voorbereiding van de komst van de Koning: een heilig en rein Israel.
De steniging van Stefanus in Hand 7 was een eerste teken dat Israel nog steeds het koningschap van Christus afwijst en ook het nieuwe verbond.
Het dilemma is of Pinksteren nu wel of niet een nieuwe bedelingsgrens genoemd moet worden. In het kader van het doorbreken van de nieuwe bedeling (Christus' Koningschap) was dit een grote verandering. Anderzijds was het doel en de roeping was nog steeds hetzelfde. Het ging voort met het hetzelfde volk, inzettingen en doel als de tijd waar Johannes de Doper reeds in stond. In dat opzicht zou het feitelijke begin van die bedeling teruggelegd moeten worden tot Johannes de Doper.
Luk 16:16 De wet en de profeten gaan tot Johannes; sinds die tijd wordt het evangelie gepredikt van het Koninkrijk Gods en ieder dringt zich erin.
(Hetgeen overigens niet wil zeggen dat de wet en profeten niet meer gelden, maar dat vanaf Johannes de Doper het Koninkrijk van God aan Israel wordt aangeboden).
Ik zie Handelingen echter wel als overgangsperiode. De huidige bedeling begon zich wel af te tekenen, maar zolang de afwijzing van het koningschap van Christus (de roeping van Israel) door Israel nog niet definitief was, kon zij nog niet in volkomen vorm van start gaan.
Tijdens Handelingen is er immers nog steeds sprake van een andere bedeling (en het nieuwe verbond met Israel) dan het huidige want er staan veel dingen in dat kader en is ook Paulus nog ondergeschikt aan die bediening.
quote:
Het wordt nog wel aan de Joden aangeboden maar in Christus zijn Jood en heiden 1. Dat staat zelfs al in Johannes 10. En wacht wat dat betreft niet tot het einde van Handelingen.
Je bedoelt wellicht: Schapen niet van deze stal.
Maar ik vind het wat ver gaan om daaruit af te leiden dat toen al daarmee gezegd werd dat er geen onderscheid is. Het is maar de vraag of dit verwijst naar niet-Israelieten. Denk aan de vereeniging van de 2 en 10 stammen en het terugbrengen van Israel uit de verstrooiing.