God is niet wetteloos geworden.
Wie de wet zal doen zal groot genaamd worden in het koninkrijk des hemelen.
Waar geen wet is, is geen overtreding. Christus heeft ons niet zondeloos gemaakt door de wet te vernietigen. Vervulling van de wet is niet: ontbinding van de wet (Mat.5:17)
Doel van de wet is nog steeds Christus. (Rom.10:4, Gal.3:19) De wet laat onze overtredingen zien. We staan flink in het rood. En onze schuld zal sowieso betaald worden. Dat wil zeggen wij
verdienen de dood en wij
krijgen ook de doodstraf,
tenzij we door ons geloof in Christus verlost worden van de schuld doordat Christus de schuld voor ons aflost (door Zijn eigen leven te offeren)
De bijbel zegt dat wij allemaal zondaars zijn en dat we een leugenaar zijn als we dat zouden ontkennen. (Prediker 7:20, 1 Johannes 1:10, Romeinen 3:23 )
En zonde is nu juist wetsovertreding of wetteloosheid (I joh.3:4). Dus de wet is nog steeds springlevend. We moeten nog steeds zijn geboden onderhouden.
Prediker heeft onderzocht naar waar het in het leven uiteindelijk om gaat, en kwam tot de slotsom aan het einde van zijn boek:
“Van alles, wat gehoord is, is het einde van de zaak: Vrees God, en houd Zijn geboden, want dit betaamt allen mensen.” (pred.12:13)
Gehoorzaam zijn we sowieso allemaal;
Alleen dienen we te kiezen tot welke dienst we ons zelf stellen: gehoorzaamheid aan de dienst van de zonde tot de dood, of gehoorzaamheid aan de dienst van de gehoorzaamheid tot gerechtigheid. (Rom.6:16).
Wij hebben dus geen vrijbrief om te zondigen door zijn wet te negeren. De wet is alleen wel ontdaan van de macht om te doden (door het geloof in Christus). Daardoor staan we niet meer onder de vloek van de wet; Christus is het einde van de vloek van de wet.
In hem zijn we vrij van de wet; we hoeven de wet niet meer te doen omwille van onze gerechtigheid (zoals in het oude testament ‘doe dit en gij zult leven’)
Iedereen die zijn gerechtigheid niet van Christus verwacht maar die het van de werken van de wet verwacht ligt echter nog steeds onder de vloek van de wet. (Gal.3:10)
Maar de eis van de wet wil, Hij wel nog steeds in ons vervullen door Zijn Geest (Rom.8:4).
De zonde mag niet langer over ons heersen, want we staan niet onder de wet maar leven onder de genade. (Rom.9:6)
Wij dienen onze leven te heiligen door te strijden tegen de zonde; door zijn geboden te bewaren. “Weest heilig, want Ik ben heilig”.(I Petr.1:16). (we hebben nog niet tot bloedens toe weerstand geboden in onze worsteling tegen de zonde. Heb12:4)
Als we wandelen door de Geest en door de Geest geleid worden, zijn wij niet onder de vloek van wet (Gal.5:16-18).
De vrijheid die we hebben dat we onze gerechtigheid niet meer hoeven te zoeken in het doen van de wet, mag niet misbruikt worden om de wet niet te doen.
Door de Geest zijn we uit de doden van de zonden opgewekt tot een nieuw leven, daarom moeten we ook door de Geest wandelen door geen ongerechtigheid te doen. (Gal.5:25)
In de eindtijd wordt er gesproken over zij die “de geboden van God bewaren en het getuigenis van Jezus hebben” (openb.12:17).
En er wordt vertroostend gesproken tot “zij, die de geboden Gods bewaren en het geloof van Jezus” (openb. 14:12)
De liefde staat niet boven de wet, maar is de vervulling van de wet.
Wie de liefde doet vervuld de wet (Rom 13:8-10 & Gal 5:14)
Dat de wet goed is, zoals o.a. bejubeld in psalm 119, geldt nog steeds;
De wet is goed als het gebruikt wordt tot het doel waartoe God de wet heeft gegeven.
Het doel van de wet is liefde uit een rein hart, en uit een goed geweten, en uit een ongeveinsd geloof. (1Tit. 1:5-11 & Rom.13:8-10)
Als de liefde
boven de wet gesteld wordt dan kun je er alle kanten mee op omdat onze definitie van liefde vaak anders is. Bijvoorbeeld de mening dat bij hoogoplopende voortdurende ruzie in het gezin de liefde wordt gediend door te gaan echtscheiden, terwijl God echtscheiding verbiedt op die grond.
I Joh.5:2-3
“Hieraan kennen wij, dat wij de kinderen Gods liefhebben, wanneer wij God liefhebben, en Zijn geboden bewaren. Want dit is de liefde Gods, dat wij Zijn geboden bewaren; en Zijn geboden zijn niet zwaar.”
I Joh.3:24
“En die Zijn geboden bewaart, blijft in Hem, en Hij in denzelven. En hieraan kennen wij, dat Hij in ons blijft, namelijk uit den Geest, Dien Hij ons gegeven heeft.”
Er zijn verder ook wetten die alleen een voorafschaduwing waren van Christus (o.a. tempeldienst), of alleen voor de Joden golden (burgerlijke wetten). Interessant is waar die grens getrokken moet worden. Maar voor mij zijn de andere wetten, hoewel in het nieuwe verbond geplaatst in een ander kader, nog steeds geldig.
quote:
pyro schreef op 29 juni 2008 om 15:46:(..)
Het geloof kan confronterend werken inderdaad, maar het is zeer de vraag in hoeverre je anderen moet (mag) confronteren met je geloof. Kan ik bijv. door eerlijk mijn mening te zeggen iemand duidelijk maken of God achter hem staat?? Ik geloof dat dat mij niet toekomt.
Paulus waarschuwt ons dat leraren des te strenger beoordeeld zullen worden vanwege hun zware verantwoordelijkheid. Ik zie dan ook des te meer reden tot terughoudendheid. Om bedachtzaam te zijn met onze meningsvorming en het kenbaar maken ervan.
Bedachtzaamheid is altijd goed, en ook het op de juiste manier brengen.
Maar betreft de verantwoordelijkheid, deze heeft ook een ander zijde.
Als je meent dat God iets in Zijn woord verbiedt, dan heb je dat woord de ander voor te houden, in alle lankmoedigheid wetende dat wij het allen moeten hebben van de genade en dat we zelf niet beter zijn. Hoewel het soms veel makkelijker is je mond te houden (je wordt nou niet bepaald populair met sommige onderwerpen) , als je meent dat volgens de Heilige Schrift zonde bedreven wordt dan heb je daar een taak om in liefde de ander dit voor te houden en te vragen hoe zij hun handelswijze zien in het licht van de Schrift. Dit is onze naastenplicht.
Ik zou het bijzonder liefdeloos vinden om de zonde maar ongestoord haar vernietigende werk te laten voortdoen. Je mag toch hopen dat als je zelf van het rechte spoor afwijkt dat je broeders en zusters de schroom overwinnen om je de rechte weg voor te houden. En als je verschilt over wat de rechte weg is, dan zij dat zo, maar dat zet onze verantwoordelijkheid zeker niet buiten spel.