quote:
Ilonia schreef op 13 augustus 2008 om 17:52:HenkG,
Ik zeg niet dat de wet is afgeschafd, maar dat er voor joden de wet van Mozes geldt en blijft gelden, maar dat voor niet-joden de Noachidische geboden geldt. Ik schreef in een andere posting dat op Sinai al een onderscheid werd gemaakt voor Israelieten en vreemdelingen:
[...]
Dus ja volgens mij wordt er wel degelijk onderscheid gemaakt tussen joden en niet-joden.
En als een Jood christen wordt is hij religieus gezien Jood-af. Want in Christus is nog Jood nog griek (heiden) dan ben je christen en geldt voor de christen dat Jezus de wet heeft vervuld. Wij hoeven dat niet meer te doen.
Ook de Joods-christelijke gemeenten zoals die in Jeruzalem, is er nu niet meer. Vanaf 70 na Christus is het Jodendom 'afgeschaft' in de zin dat de tempel toen verdween en de hele eredienst ophield, het volk is verstrooid.
De Joden in handelingen hielden nog de wet, maar dat was juist waartegen Paulus zich keerde en uitgebreid uitlegt dat als je de wet weer wilt houden en je je wilt besnijden, je weer
verplicht bent om de hele wet te houden en dan zegt hij:
buiten de genade staat gij.
En die Joden gingen zelfs zover dat ze de heidenen voor wie de wet niet gegeven was, onder de wet wilden brengen vanaf hun bekering. Maar dat is iets wat niet klopt.
Nee, de heidenen wordt niets meer opgelegd dan zich te onthouden van hoererij, het verstikte en van bloed, en wat aan de afgoden geofferd is.
En die Joods christen zijn degenen die nog een stap zouden moeten doen om de wet los te laten.
Zie bv:
quote:
Hand 15
5 Maar er stonden uit de partij der Farizeeën enigen op, die gelovig geworden waren, en zeiden, dat men hen moest besnijden en gebieden de wet van Mozes te houden.
6 En de apostelen en de oudsten vergaderden om deze aangelegenheid te overwegen. 7 En toen daarover veel verschil van mening rees, stond Petrus op en zeide tot hen: Mannen broeders, gij weet, dat God van de aanvang af mij onder u heeft verkoren, opdat door mijn mond de heidenen het woord van het evangelie zouden horen en geloven. 8 En God, die de harten kent, heeft getuigd door hun de heilige Geest te geven evenals ook aan ons, 9 zonder enig onderscheid te maken tussen ons en hen, door het geloof hun hart reinigende. 10 Nu dan, wat stelt gij God op de proefdoor een juk op de hals der discipelen te leggen, dat noch onze vaderen, noch wij hebben kunnen dragen? 11 Maar door de genade van de Here Jezus geloven wij behouden te worden op dezelfde wijze als zij.
De heidenen zijn behouden
zonder het juk van de wet opgelegd te hebben gekregen. En zo zijn de Joodse christen, op dezelfde wijze, ook behouden. Zie vers 11.
Buiten de genade staan we als de wet weer opgelegd wordt. En dat was wat de Farizeeers wilden doen.
Zie ook: de brief aan de galaten waar Paulus aangeeft dat dit niet kan.
Wat de heiden moeten houden is idd wat aan Noach als verbod is opgelegd:
Gen 9
4 Alleen vlees met zijn ziel, zijn bloed, zult gij niet eten.