Schijnbare tegenstellingen.
In de geschiedenis van Jozef lees je twee verhalen, de ene zegt dat hij wordt verkocht aan de Ismaelieten[Gen.37-27] en de andere zegt aan de Midianieten.
Ligt hier nou een foutje of niet, toch niet, want de schrift leert ons in Richt.82-24 dat de Midianieten die door Gieten werden gevangen genomen, Ismaelieten waren ( het nageslacht van Ismael ).
Saul vraagt de Here. [1.Sam.28-6] doch in 1.Kron.10-14. lezen we dat Saul de Here niet zocht. Tegenstelling???
In het Hebr staat in het eerste geval het werkwoord ondervragen of raadplegen, in het tweede geval staat het werkwoord zoeken dan los de tegenstelling op.
Saul raadpleegde de Here, zonder te zoeken Zijn wil te doen.
De Here porde David aan, tenminste volgens 2.Sam.24-1. Doch1.Kron.21-1 was het Satan die David aanporde.
Het Hebr.woord satan is niet steeds eenpersoonsnaam maar betekend eenvoudig tegenstander.bv Num.22-22, 32---1>Sam.29-4. 1.Kron.5-4. 1.Kon.2-14 letterlijk tegenpartij-tegenstander.
In de algemene vertalingen laat men eenvoudig weg het lidwoord Ha. De Satan.
Welnu in 1.Kon.21-1.wordt het lidwoord niet gebruikt, en is het dus een vergissing van de vertalers.
Je moet dus lezen, Toen stond een tegenstander op tegen Yisrael en hij porde David aan.
Waarom stelde de Here zich als tegenstander in 1.Kron21-1 op??
Zodat door een tastbaar feit, de ongehoorzaamheid aan het licht kwam, in het licht van dit verzuim ziet men ook Davids offer.
De dochter v/d overste.
Matt.9-18, mijn dochter is nu terstond gestorven. Mark.5-23 Mijn dochtertje is in haar uiterste.
Wat zegt de grondtekst hier, teleutaä¶, afgeleid van telos, wat letterlijk betekent [einde-eindigen]
Als men dus juist vertaald valt ook hier de tegenstelling weg.
Grote fouten in de vertalingen. Bv.
A 2.Sam8-4 700 ruiters,i.Kron.18-4 7000 ruiters.
b.2.Sam.23-8 handelt over een zoon vanTachkemoni en 800 verslagenen, 1-Kron11-11spreekt v/d zoon van Hachmoni en 300 verslagenen
C. de 40000 van 1.Kon.4-26 zijn er 4000 in 2.kron.9-25.
Vaak worden de getallen uitgedrukt op een wijze waaraan de vertalers niet gewend waren, en zo ontstonden de misverstanden
Voorbeeld in 1.Sam.6-19 lezen we 50070 mannen, doch in de Hebr tekst staat letterlijk. 70,mannen,2 vijftig en 1000.
Dan ontstaat er 70 mannen-en 50 oversten.
Zomaar een stukje geschiedenis over vertalen en hun foutjes,
Sil