Binnen de GKV zie je een aantal tendensen.
Allereerst: de traditionele koren vergrijzen en verdwijnen. Je ziet in verschillende plaatsen de koren, die verbonden zijn aan de eigen GKV gemeente ophouden te bestaan. Komt volgens mij door de algemene 'teloorgang' van het rijke gereformeerde leven. Het vervulde vooral een sociale functie (gezelligheid, samenzijn), en dat was vaak te merken aan de muzikale kwaliteit. Persoonlijk ben ik niet rouwig om deze ontwikkeling.
Daarnaast zie je de opkomst van de jeugd(gospel)koren. Vaak redelijke kwaliteit, maar lopen m.i. nog teveel achter (vroeger) de Continentals en nu Oslo aan.
En je ziet, dat er steeds meer van die 'oudere' gospelkoren opkomen. Kiezen hetzelfde repertoire als de jeugdkoren, maar de leeftijd is vaak hoger; 30-ers, 40-ers. In feite komen ze in de plaats van de traditionele dorpskoren. Volgens mij grotendeels hetzelfde doel (sociaal) en helaas ook vaak hetzelfde niveau.
En dan heb je nog de echte liefhebbers. Die gaan niet voor het sociale aspect, maar puur voor de muziek. Zie je op jeugd-niveau (jongenskoren, tienerkoren). Kindertjes, die niet kiezen voor Elly en Rikkert, maar voor Handel en Purcell. Prachtig!
En op volwassen-niveau heb je dan de kamer- en projectkoren. Moet je vaak voor in de auto stappen, maar dan heb je ook wat. Er zijn/waren er een paar echt gebonden aan de GKV, maar ook dat wordt steeds minder. Geeft ook niet, vind ik. Het gaat hier toch meer om het kunstzinnige dan om het inhoudelijke/evangeliserende. Dus een Requiem is op zo'n koor geen enkel probleem.