quote:
quote:
Titaan schreef:
Maar heeft dit ook betrekking op Bijbel historie ? Of is dit verhaal louter symbolisch of mythisch, etc.?
Trajecto schreef op 06 augustus 2010 om 17:31:"Louter" niet nee. Dat niet. Veel van het OT is geschiedenis van de Joden.
Maar doorslaan naar
alles is feitelijk historisch lijkt me nauwelijks een optie die bruikbaar is.”
Zo’n optie heb ik niet genoemd of gesuggereerd.
Net zomin het historie is dat God via zijn Woord in psalm 14 vers 1 gezegd zou hebben: “er is geen god”, terwijl heel duidelijk is dat het hier de dwaas is die dit uitspreekt. De context helpt dus om de juiste interpretatie vast te stellen.
Jezus spreekt bijvoorbeeld soms in vergelijkingen of via beeldspraak. Dat misken ik niet.
Maar alles
wat zich in Gods Woord als historie aandient, moet als historisch aanvaard worden.
Als er staat dat er iets gezegd is, dan is dat ook gezegd, en als er staat dat er iets gebeurd is, dan is dat is dat ook echt gebeurd, en is dat niet verzonnen. Dit is de normale betekenis van de tekst. De tekst zelf geeft de duidelijkheid.
Als God iets tot ons zegt via Zijn Woord dan kunnen we daarop aan.
Ons rest slechts geloof of ongeloof.
Zoals bij Abraham, toen hij en Sara hoogbejaard waren (99 jaar!) en toch de belofte hadden dat ze een zoon zouden krijgen.
Wetenschappelijke is het dwaasheid, of op zijn minst rede tot grote twijfel. Wat zouden wij zeggen in zijn plaats? Zouden we niet denken dat het wel metaforisch uitgelegd zou
moeten worden aangezien een letterlijke betekenis bijna niet vol te houden is? Zouden we niet lachen om de letterlijke betekenis zoals Sara deed?
Echter, de gelovige aanvaardt het woord van zijn Heer in geloof, en niet in ongeloof.
En als God tot hem zegt om zijn enige zoon te nemen om hem te brandofferen. Hoe kan zo’n opdracht ooit serieus te nemen zijn als letterlijk zo bedoeld ?
Echter, de gelovige aanvaardt het woord van zijn Heer in geloof, en niet in ongeloof.
Hoe enorm zwaar zal het geweest zijn om zijn enige zoon waarop zijn toekomstverwachting rustte, om dat op te offeren.
Maar abraham geloofde! en het werd hem tot gerechtigheid gerekend.
En geloven we het nog als er staat “Dit nu was het getal der jaren van Abrahams leven, die hij geleefd heeft:
honderd vijfenzeventig jaar. En Abraham gaf de geest en stierf in hoge ouderdom”.
Als God tot mij en tot jou zegt: Methusalem is negenhonderd negenenzestig jaar oud geworden voordat hij stierf. Dan aanvaarden we dit in geloof als een historisch feit.
God liegt niet.
Overigens, over die 120 jaar die je opperde;
vlak voor de zondevloed wordt in genesis 6 genoemd dat de goddeloosheid van de mensen op de aardbodem groot was en de HEERE zeide:
“Mijn Geest zal niet in eeuwigheid twisten met den mens, dewijl hij ook vlees is; doch zijn dagen zullen zijn honderd en twintig jaar.”
Ik sluit niet uit dat er bedoeld wordt dat inderdaad de leeftijd van de mensheid bekort was tot, op den duur, 120 jaar, hetgeen past in de genoemde leeftijden die meer en meer afnemen tot lagere leeftijden.
Maar mij lijkt plausibeler de verklaring dat het hier ging om betreffende populatie vlak voor de zondvloed die nog 120 jaar kreeg om zich te bekeren voordat de vloed kwam en hen allen verdelgden. Dit past in de context dat direct in het vers daarop volgt:
Toen berouwde het den HEERE dat Hij den mens op de aarde gemaakt had, en het smartte Hem aan Zijn hart. En de HEERE zeide: Ik zal den mens, dien Ik geschapen heb, verdelgen van den aardbodem, van den mens tot het vee, tot het kruipend gedierte en tot het gevogelte des hemels toe; want het berouwt Mij dat Ik hen gemaakt heb.Bovendien deze 120 jaar tijd van lankmoedig past in hetgeen beschreven wordt bij 1 Petrus 3:20
aan hen die ten tijde van Noach weigerden te gehoorzamen, toen God geduldig wachtte en de ark gebouwd werdMaar hoe het ook zij, bij beide verklaringen over die 120 jaar geldt, dat het
niet de hoge leeftijden weerspreekt die in de bijbel genoemd worden !
Ook betreffende de vloed,
Wat zich in de tekst aandient is duidelijk; een grote vloed die alle hoge bergen bedekten en nog 15 el daarboven (Gen.7:19,20) en dat voor 150 dagen lang (Gen.7:24). Een vloed die,
uitgezonderd Noach en zijn huis,
alle mensen doodde, en uitgezonderd de dieren die in de ark kwamen, ook
alle vee en kruipende dieren en de vogels van heel de aardbodem verdelgde. Heel de aarde werd erdoor getroffen.
En zelfs in het Nieuwe Testament wordt dit gememoreerd dat de wereld was vergaan, verzwolgen door het water, zoals de wereld ook zal vergaan door het vuur op de dag des Heeren. De toekomende geschiedenis van de belofte van zijn komst wordt gekoppeld aan de gebeurde geschiedenis van de zondvloed ( 2 Petr.3:1-7).
(Overigens is de regenboog ook niet een teken dat er geen
lokale vloed of overstroming meer zal optreden, maar de belofte dat er geen zondvloed meer zal zijn).
Door het geloof heeft Noach, door Goddelijke aanspraak vermaand zijnde van de dingen die nog niet gezien werden, en bevreesd geworden zijnde, de ark toebereid tot behoudenis van zijn huisgezin; door welke ark hij de wereld heeft veroordeeld, en is geworden een erfgenaam der rechtvaardigheid die naar het geloof is. (Hebr.11:7)
En gelijk het
geschied is in de dagen van Noach, alzo zal het ook zijn in de dagen van den Zoon des mensen. Zij aten, zij dronken, zij namen ten huwelijk, zij werden ten huwelijk gegeven, tot den dag op welken Noach in de ark ging, en de zondvloed kwam en verdierf hen allen. (Luk.17:26, 27)
Geen geloof te hechten aan de bijbelteksten die deze gebeurtenis duidelijk als historie aangeven, is ongeloof.
En dan mag dat ongeloof gevoed zijn door heel wetenschappelijke overdenkingen, het blijft ongeloof als het ingaat tegen Gods Woord.
Buitenbijbelse bronnen zijn voor een gelovige niet in staat om wat de bijbel leert te weerleggen of minder waarschijnlijk te maken.
De Schrift heeft het vermogen en de bevoegdheid voor zichzelf uit te leggen, en zij is het eind van alle tegenspraak. Voor de exegese van de Bijbel moeten wij altijd bij de Schrift terecht komen; zij alleen verklaart zichzelf; zij werpt over de minder-duidelijke plaatsen licht met de heldere uitspraken, en haar grondgedachten zijn de basis waarop het verstaan van het geheel zowel als van de delen rust. Daarom wordt ook altijd gesproken van de
analogia fidei, de overeenstemming des geloofs, waarnaar de Schrift moet worden geïnterpreteerd. Deze uitdrukking is ontleend aan Rom.12:6 waar onze vertaling heeft: naar de mate des geloofs, maar in het grieks staat:
kata tèn analogian etc. Men bedoelt met die analogie des geloofs dat de inhoud van het geloof niet met elkaar in strijd mag zijn, en dat dus de betekenis van de ene Schriftplaats niet strijden kan met de andere. De Schrift is een eenheid die met zichzelf niet in tegenspraak kan komen. Hiermee heeft de verklaring van de Schrift rekening te houden.
De Schriftkritiek, de historische kritiek, staat in haar uitgangspunt lijnrecht tegenover het geloof, omdat zij de Bijbel beschouwt als een, ja wel een religieus boek van hogere orde, maar dan toch essentieel een met andere geschriften.
Terwijl het geloof de Bijbel aanvaardt als het Woord van God, dat wel ons bekritiseerd, maar niet aan onze kritiek onderworpen is.
Schriftkritiek dateert niet slechts van de laatste tijd, het is bijna zo oud als de Bijbel zelf.
Geen aanval en geen bestrijding en geen kritiek en verloochening waren in staat de waarheid van God omver te werpen. Ze zijn op de Heilige Schrift gestuit als op een onverbreekbare muur. Wel heeft keer op keer de kritiek zich moeten herzien; wel zijn tal van zogenaamde resultaten van de moderne wetenschap later prijsgegeven; wel is de miskenning van de Bijbel gedwongen geworden op haar schreden terug te keren, maar Gods Woord hield stand en behoefte geen duimbreed te wijken. En alle vlees is openbaar geworden als gras te zijn, en alle heerlijkheid van de mensen als een bloem van het gras die verdort en afvalt, maar het Woord des Heeren bestaat in der eeuwigheid.
quote:
Als je iets voor waar aanneemt moet je niet opeens alle buitensporigheden vergeten wanneer je ze ziet, maar je moet steeds gaan denken of er soms iets anders bedoeld wordt dan er zo lijkt te staan of dat er wellicht een verklaring is die beter lijkt te passen dan de eerste indruk je van de tekst verschaft.
Nimmer zal buitenbijbelse bronnen de bijbelse boodschap kunnen overheersen. Er kunnen natuurlijk wel vele aanleidingen zijn om een bijbeltekst opnieuw te lezen en te overdenken in licht van andere bijbelteksten. Maar meer als trigger om te verifiëren dat je de bijbeltekst niet hebt laten buikspreken, maar dat het daadwerkelijk de bijbelse boodschapschap is. Maar buitenbijbelse bronnen zijn geen aanleiding voor een twijfel over een bijbeltekst, en al helemaal niet om het te duiden als buitensporig of overdreven.
Zoals de bijbeltekst de opstanding van Christus duidelijk als werkelijkheid brengt, dan is dat een werkelijkheid zonder twijfel, ongeacht wat dan ook.
quote:
"Toledot" heeft van doen met "voortbrengen" of "verwekken". In de geslachtsregisters wordt het gebruikt, ja. Ik twijfel in de eerste plaats aan de genoemde leeftijden. Dan ga ik dus denken en dan kun je veronderstellen dat er met die leeftijden toch iets anders bedoeld wordt dan de leeftijd in jaren, bijvoorbeeld (…. )
God zegt dat hij 696
jaar werd voordat hij stierf. Zit geen enkele onduidelijkheid in, en in de tekst zit ook geen twijfel over de historische pretentie. Alleen ons ongeloof zit ons hier in de weg omdat wij God hier niet kunnen narekenen met onze huidige kennis. Maar twijfel geen ons geen pas. Als God vraag om over het water te lopen dan doe je dat gewoon in geloof, en dan ga je niet vol vertwijfeling en ongeloof je afvragen hoe hij dat nou bedoeld zou kunnen zijn.
Je hebt me uit de Schrift niet aangetoond waarom de daar genoemde jaren geen jaren zouden moeten zijn. Bovendien zoals genoemd is de context van die hoge leeftijd juist historisch:
quote:
Titaan schreef:
die hoofdstuk 5 begint met: ‘Dit is het geslachtsregister van Adam’.
In de grondtekst staat er: “Dit is de Toledot van Adam”
Deze zin wordt telkens in genesis herhaald, namelijk:
Gen.2:4 Dit is de Toledot van de hemel en de aarde
Gen.5:1 Dit is de Toledot van Adam.
Gen.6:9 Dit is de Toledot van Noach.
Gen. 10:1 Dit zijn de Toledot van de zonen van Noach.
Gen.11:10 Dit is de Toledot van Sem.
Gen.11:27 Dit is de Toledot van Terah.
Gen.25:12 Dit is de Toledot van Ismael.
Gen.25:19 Dit is de Toledot van Izaak.
Gen.36:1 Dit is de Toledot van Ezau.
Gen.36:9 Dit is de Toledot van Ezau.
Gen.37:2 Dit is de Toledot van Jakob.
Een duidelijk historisch bedoelde structuur van de ontstaansgeschiedenis.
En de geslachtsregisters komen ook terug in het NT waar ze doorlopen tot Jezus.
De eerste Adam is net zo historisch als de tweede Adam.
quote:
Trajecto schreef: (Maar goed, ik ben geen wetenschapper en ik verzin maar wat, maar zo moet je te werk gaan als je nieuwsgierig bent en iets intrigerends vindt, denk ik! Je moet niet tevreden zijn met het is onfeilbaar; misschien is het eventueel wel op een andere manier onfeilbaar dan je eerst denkt!) Dat er iets aan de hand is lijkt mij duidelijk.
Nee, er is niets aan de hand.
Bij het aannemen van iets spelen vaak meerdere factoren onbewust mee. Als een moeder zegt om niet aan het vuur te komen, luister je dan echt op haar gezag? of gewoon omdat je zelf ook overtuigt ben dat het wijs is. Juist als onze eigen overtuiging het laat afweten, juist als we het niet kunnen narekenen, juist dan blijkt of we het echt op gezag, in geloof, aannemen.
Om uit het schijnbare probleem te komen hebben we niets aan de kennis van een wetenschapper die overtuigt wil zijn, die het wil kunnen narekenen.
Nee, dan moeten we terug naar de basis;
Het blind geloof van een kind dat gelovig aanneemt wat zijn vader zegt.
quote:
Je mag alles in Genesis vanaf den beginne letterlijk nemen van mij. Ik doe dat toch echt niet.
’alles’ letterlijk nemen, is een karikaturale voorstelling. Ik stel dat alles
wat zich in Gods Woord als historie aandient, als historisch aanvaard moet worden. De schepping van bijvoorbeeld Adam als eerste mens is duidelijk als historie gebracht in de bijbel.
quote:
Jij veronderstelt dat als ik het spreken van de ezelin van Bileam in twijfel trek als zijnde echt spreken met woorden, dat ik dan direct Bileam als persoon naar het rijk der fabelen verwijs, maar dat is niet wat ik bedoel. Dat in het NT in 2 Petrus inderdaad ook naar Bileam en specifiek naar dat gebeuren met de sprekende ezelin verwezen wordt mag misschien opmerkelijk worden genoemd, maar het is gewoon het verwijzen naar het verhaal in de vorm zoals ze gebracht is en bekend is. Of er wat concessies zijn gedaan aan de feitelijkheid omdat het gebeurde anders niet te beschrijven is binnen enige versregels is minder belangrijk.
Dan zijn we er in ieder geval over eens, dat de geschiedenis van Bileam daadwerkelijk historie is. Alleen trek jij in twijfel of de ezelin sprak.
Maar de bijbeltekst is heel duidelijk:
De HEERE nu opende
den mond der ezelin, die tot Bíleam zeide: Wat heb ik u gedaan, dat gij mij nu driemaal geslagen hebt?
Toen zeide Bíleam tot de ezelin: Omdat gij mij bespot hebt; och, of ik een zwaard in mijn hand had! Want ik zou u nu doden.
De ezelin nu zeide tot Bíleam: Ben ik niet uw ezelin, op dewelke gij gereden hebt van toen af dat gij mijn heer geweest zijt, tot op dezen dag? Ben ik ooit gewend geweest u alzo te doen? Hij dan zeide: Neen. (Num.22:28-30)
Oftewel de ezelin sprak daadwerklijk.
Of zoals 2 Petr.2 vers 16 bevestigd: “het stomme lastdier, dat met mensenstem sprak”
Als je de tekst enigszins serieus neemt zie ik niet hoe je hier onderuit kunt.
Je aangevoerde methode om er toch onderuit te komen is door maar gewoon te stellen dat de tekst niet de feitelijkheid beschrijft maar dat er concessies gedaan zijn.
Deze hypothese komt uit de lucht vallen en is onbewezen en doet bovendien geweld aan wat de tekst als feitelijkheid presenteert. Al zou het een samenvatting zijn, de tekst blijft een betrouwbare weergave van de feitelijkheid. Een concessie die in de tekst zou neerkomen op een feitelijke onjuistheid, is niet anders dan het opnemen van een leugen in de tekst. En dat is in de bijbel volstrekt onmogelijk.
(Of begrijp ik je nu ergens helemaal verkeerd, en praten we langs elkaar heen ?)
quote:
Hoe de ezelin Bileam heeft laten weten dat ze werd tegengehouden door een engel is minder belangrijk dan dát ze het duidelijk kon maken en daar gaat het om.
Hoe de ezelin Bileam het heeft laten weten is duidelijk:
“het stomme lastdier sprak met een mensenstem”.
Maar waarom noem je hier een onderscheid tussen belangrijk en onbelangrijk ?
Je lijkt te impliceren dat we bij de ene categorie meer vrijheid hebben om de tekst niet aan te nemen zoals de tekst zich presenteert. Maar die vrijheid hebben we bij geen enkel Woord van God. Bovendien, wij hebben ook geen mandaat gekregen om iets tot minder belangrijk te bestempelen. Ik had al voorbeelden genoemd van zaken die in onze ogen zeer gering lijken maar toch van belang bleken. Daarnaast zijn er ook genoeg theologen die bijvoorbeeld zelfs van de opstanding zeggen dat het niet belangrijk is of het echt daadwerkelijk zo gebeurd is… Het is dan uiteindelijk pure willekeur, met de mens die daarboven kiest wat hem aannemelijk lijkt in eigen ogen.
quote:
quote:
Titaan schreef:
Het religieuze en het historische is in de Schrift zo samengeweven en ineengevlochten dat een scheiding onmogelijk is. Ook de historie in de Schrift is een openbaring van God.
Trajecto schreef:Juist! Maar helemaal één en hetzelfde is het daarom nog niet!
Wel in de context die ik gaf, namelijk dat het beide een openbaring is van God. En daarom dezelfde aanname van ons vereist. ( op welk relevant verschil doel jij dan?)
quote:
Maar.., wil je dan zeggen dat gebeurtenissen die in de bijbel staan en waarvan we met huidige kennis kunnen zeggen dat ze niet helemaal exact zo kunnen zijn voorgevallen -- maar wel op een andere manier -- dat we ons dan toch maar star en strak naar de letter moeten blijven richten die er in de bijbel staat?
- Het is overschatting van onze kennis, als jij beweert dat we in staat zijn te zeggen dat het helemaal niet exact zo voorgevallen kán zijn.
- Het is onderschatting van Gods Woord als je de tekst zoals het zich in de bijbel aandient beschouwt als niet altijd een zomaar aan te nemen werkelijkheid.
- De bijbel is een testament. Het niet aannemen van de tekst zoals het zich aandient, is een ontkrachting van de directe betekenis van de heilsboodschap.
quote:
Moeten we dan zeggen: Nou ja vergeet dat nou maar, de bijbel zegt het nou eenmaal zo en dat moet precies tot op de letter zo zijn want anders wankelt alles...? Is dat niet vreemd denken en valse oogkleppen op zetten???
De duiding van ‘precies tot op de letter’ is een karikatuur. De gewone betekenis zoals dat zich in de tekst aandient, dienen we aan te nemen, en inderdaad, ongeacht hoe dwaas het ook maar wezen moge in de ogen van de wetenschap. Misschien is de wetenschap wel onze moderne afgod.
quote:
Is het niet juist dom om de waarheid van de bijbel onmiddellijk weggegooid te zien als feitelijke historische gegevenheden misschien wat anders zijn op sommige punten?
Was abraham die in geloof handelde, of Petrus die op het water liep, dom? Of waren ze standvastig in het geloof? Was Petrus niet juist dom toen hij twijfelde?
Een gelovig aannemen van wat God zegt kan nooit dom zijn.
Je suggereert dat Gods Woord feitelijk incorrect kan zijn op historisch vlak.
En omdat we het al eens waren dat we geen scheiding kunnen maken tussen het religieuze en het historische, blijft over, jouw suggestie dat: Gods Woord feitelijk incorrect kan zijn.
Dat is onmogelijk.
Uw Woord is de waarheid (Joh 17:17)
Al de woorden van mijn mond zijn in gerechtigheid gesproken;
niets daarin is verdraaid en verkeerd. (Spr.8:
we hebben ons afgekeerd van heimelijke lafheid: we gaan niet sluw te werk, vervalsen het woord van God niet, maar maken de waarheid openlijk bekend (2Kor.4:2).
quote:
En zouden sommige dingen misschien niet maar een eerste "frontverhaal" voor eigenlijk diepere betekenissen kunnen zijn die zo versluierd verteld worden.
Wat voor naam je het ook geeft, het rechtvaardigt nooit een feitelijke incorrectheid.
quote:
Het is ook niet toevallig dat er kerkscheuringen ontstaan. Dat gebeurde bijvoorbeeld over zulke verschillende uitleg en het gebeurt nog. Men heeft preciezen en rekkelijken en men kan twisten over heeft de slang gesproken of deed ze dat niet, bijvoorbeeld.
(De synode sprak in het laatste aangehaalde geval en stelde vast dat de slang dat ook gedaan had en dat al het andere Schriftaanranding was.)
Of zo’n verschil een kerkscheuring rechtvaardigt is een ander onderwerp. Maar daarom moet je wat fout is nog wel als fout benoemen. Het niet aanvaarden van historie die zich in de bijbeltekst duidelijk als historie aandient, is inderdaad
Schriftaanranding.
quote:
Waarom laat je het feit dat die openbaring soms in vergelijkingen -- in beeldende schildering -- gebeurt, zo helemaal buiten deze vaststellingen? (…)
zie begin van deze post.
quote:
quote:
Titaan schreef:
Op wiens gezag moeten wij die verhalen als werkelijke geschiedenis aanvaarden?
op het gezag van Jezus Christus. Want Hij heeft dat wel gedaan.
Hij heeft zich telkens op de historie van het oude testament beroepen en deze aanvaard zonder enige reserve.
Hij haalt telkens de verhalen van het Oude Testament aan, en gelooft ze onvoorwaardelijk.
Trajecto schreef:Hij haalt ze aan en gebruikt ze in zijn boodschap. Natuurlijk!
Hij haalt ze aan
als geschiedenis. Als Jezus bijvoorbeeld zegt “
meer dan Jona is hier”, slaat dit klaarblijkelijk op een historische Jona. Het zou niet zo sterk zijn om dan een fictieve persoon te noemen zoals bijvoorbeeld:
meer dan Peter Pan is hier.
quote:
quote:
Titaan schreef:
- Dit blijkt ten opzichte van de schepping van de mens, want Christus zegt, Hebt gij niet gelezen, dat de Schepper hen van den beginne als man en vrouw heeft gemaakt? En Hij zeide: Daarom zal een man zijn vader en moeder verlaten en zijn vrouw aanhangen en die twee zullen tot één vlees zijn ( Matt. 19:4,5).
In deze woorden beroept de Heiland Zich op het scheppingsverhaal, en hij voegt een tekst uit Genesis 1 en een uit Genesis 2 samen tot een citaat uit het Oude Testament. Beide hoofdstukken zijn dus aan Christus bekend en beide aanvaard Hij, zonder tegenover de Joden één opmerking te maken over een mogelijke andere verklaring.
Trajecto schreef:Wat voor andere verklaring? Nee, het gaat hier ook helemaal niet om details van schepping qua tijdsduur, zondeval, of wat dan ook, maar om man en vrouw.
Jezus citeert hier wel een tekst uit Genesis 1 en 2, en refereert hieraan als zijnde een historische gebeurtenis. Dus dat Adam en Eva historische personen waren, en dat de schepping zoals daar beschreven, historisch is.
quote:
quote:
Titaan schreef:
- Verder Herinnert Jezus de schriftgeleerden en Farizeeërs aan de dood van Abel: opdat over u kome al het rechtvaardige bloed, dat vergoten werd op de aarde, van het bloed van Abel, de rechtvaardige, …(Matt.23:35).
Trajecto schreef:Klopt. Mattheüs 23 houdt vooral ernstige vermaning in. De Schriftgeleerden en de Farizeeën zeggen hoe het moet en zo
moet je ook doen maar helaas doen ze het zelf niet. Verder haalt hij gevallen van bloedvergieten aan en voorspelt dat het nog weer gaat gebeuren.
Dus dan lijken we het hier over eens dat Jezus refereert aan de geschiedenis van de moord op Abel (Gen.4) als een historisch feit.
quote:
quote:
Titaan schreef:
- Eveneens erkend Christus de historiciteit van de zondvloed: Want zoals het was in de dagen van Noach, zo zal de komst van de Zoon des mensen zijn. Want zoals zij in [die] dagen vóór de zondvloed waren, etende en drinkende, huwende en ten huwelijk gevende, tot op de dag, waarop Noach in de ark ging, en zij niets bemerkten, eer de zondvloed kwam en hen allen wegnam (Matt.24:37-39).
Trajecto schreef:De zondvloed voor gebeurd achten is niet hetzelfde als denken dat de volledige aardbol onder water stond.
In ieder geval lijken we het hier dan over eens dat Jezus refereert aan de geschiedenis van de zondvloed (Gen.6+7) als een historisch feit.
Over de aspecten van de zondvloed; zie het begin van deze post.
quote:
quote:
Titaan schreef:
- De geschiedenis van de aartsvaders is voor Jezus historie in de volle zin van het woord. Ik ben de God van Abraham, en de God van Isaak, en de God van Jakob? Hij is niet een God van doden, maar van levenden (Matt.22:32, vergl. ook Matt.8:11, Mark.12:26, Luk.13:28).
En over Abraham spreekt Christus keer op keer (vgl. Luk.13:16; 16:22-30; 19:9; 20:37; Joh.8:37,39,40,52,56-58).
- Zelfs bijzondere gebeurtenissen uit het leven van de aartsvaders worden door Hem op gelijke wijze beschouwd, en een voorbeeld als de verwoesting van Sodom en Gomorra en de straf over Lots vrouw, zegt ons genoeg. Men zou kunnen vragen: moeten we dat wonderlijke verhaal van die zoutpilaar ook al geloven, en wat heeft dit met onze zaligheid te maken. Maar Jezus zegt ons: Denkt aan de vrouw van Lot! Op dezelfde wijze als het geschiedde in de dagen van Lot: zij aten, zij dronken, zij kochten, zij verkochten, zij plantten, zij bouwden. Maar op de dag, waarop Lot uit Sodom ging, regende vuur en zwavel van de hemel en verdelgde hen allen. (Luk.17:32,28-29); vgl. Matt.11:23).
Trajecto schreef:Het voert wat ver om alle zaken te becommentariëren, maar in Lukas 17 spreekt Jezus weer in vergelijkingen: ziet niet om maar kiest resoluut.
Luk 17:33 Zo wie zijn leven zal zoeken te behouden, die zal het verliezen; en zo wie hetzelve zal verliezen, die zal het in het leven behouden.Daar wordt dus gesproken over het aardse leven omarmen en zo het leven denken veilig te stellen of kiezen voor het Koninkrijk Gods.
Maar voordat ik de verschillende aspecten benoem, meen je hiermee dat deze gebeurtenis niet als echte historie wordt aangehaald ??
quote:
quote:
Titaan schreef:
Al deze uitspraken zeggen ons dat Christus de historische inhoud van het Oude Testament onvoorwaardelijk aanvaardt, en dat de realiteit van al deze gebeurtenissen voor Jezus heeft vastgestaan. En dan niet slechts van de grote feiten. Nee, maar ook van de minder belangrijke. Christus maakt geen onderscheidt.
Wie dan ook in Hem gelooft, kan en mag niet twijfelen aan de historiciteit van hetgeen het Oude Testament ons duidelijk als historie meedeelt.
Trajecto schreef:Dat zeg jij. Jezus aanvaardt de geschiedenis en kent de verhalen en gebruikt ze in zijn redes. De beeldspraak van het OT -- waar die aanwezig is -- zal hij ook hebben gezien en die beter dan jij of ik hebben begrepen. Daar is toch geen probleem? Waarom ontzeg je Jezus het recht op beeldspraak? Dat gaat toch niet?.
Nee, nergens heb ik Jezus het recht op beeldspraak ontzegd.
- Maar als de tekst niet zelf aangeeft dat er sprake is van beeldspraak dan mag je daar niet zomaar van uit gaan, dan mag je bijvoorbeeld niet devolgende zin als beeldspraak verstaan:
“Zeggende: De Zoon des mensen moet overgeleverd worden in de handen der zondige mensen, en gekruisigd worden, en ten derden dage weder opstaan.”
- Als een historie uit het OT gebruikt wordt als beeld om daar iets duidelijk mee te maken, dan wordt nog niet ontkend dat het daadwerkelijke historie is.
- Zoals genoemd wordt met het refereren aan OT-geschiedenis, juist vaak bevestigd dat het om historie gaat;
De God van Abraham, en de God van Isaak, en de God van Jakob, is niet een God van mythische figuren,of stijlfiguren, maar van daadwerkelijk levenden.De reden waarom ik die teksten aanhaalde van Jezus was om aan te geven dat Christus de historische inhoud van het Oude Testament onvoorwaardelijk aanvaardt, en dat de realiteit van al deze gebeurtenissen voor Jezus heeft vastgestaan. En dan niet slechts van de grote feiten. Nee, maar ook van de minder belangrijke. Christus maakt geen onderscheidt.
Wie dan ook in Hem gelooft, kan en mag niet twijfelen aan de historiciteit van hetgeen het Oude Testament ons duidelijk als historie meedeelt.
Maar misschien verschillen we daar niet over van mening omdat jij zelf al zei:
“
Jezus aanvaardt de geschiedenis en kent de verhalen en gebruikt ze in zijn redes”
quote:
quote:
Titaan schreef:
De apostelen van onze Here Jezus Christus hebben het spoor van hun Meester en Zender gevolgd; ook zij aanvaarden de historie van het OT als werkelijk historie.
Hun evangeliën en brieven staan vol met uitspraken die dit onweerlegbaar aantonen.
Het voert misschien wat te ver om alle Schriftplaatsen te noemen, daarom hierbij slechts de hoofdlijnen: (..)
Trajecto schreef:De Apostelen zijn natuurlijk duidelijk een stapje onder -- of terzijde -- van degene die het werkelijk zag: Jezus.
Wij kennen de woorden van Jezus of de apostelen alleen door de Bijbel. En wat in de bijbel staat heeft gezag omdat het Gods Woord is. Dan maakt voor het gezag in wezen niet uit of Jezus of Paulus het zegt.
Wat de apostelen zeggen komt ook uit Gods Woord en heeft daarom evenzo gezag.
quote:
De schepping is zoals ik al zei een voorbeeld waar nogal duidelijk is dat het vreemd is om het letterlijk te nemen want zeven dagen is wel heel erg kort!
erg kort voor wat?
- Zijn de dagen te kort voor de almachtige God om ze in dat tijdsbestek te scheppen?
- Zijn de dagen te kort om zelf ervan overtuigd te zijn dat het wetenschappelijk mogelijk is?
- Zijn de dagen te kort om in blind geloof aanvaard te worden?
[laatste gedeelte van jouw bijdrage heb ik in het begin van deze post al behandeld]