Hoi Riemer,
Natuurlijk, Quaker geloof heeft ook een uiterlijke vorm.
Die vorm is afgeleid van die van het 17e eeuwse Puritanisme in Engeland (vergelijkbaar met de Nadere Reformatie in Nederland), waarvan de Quakers zich afsplitsten dan wel zich vooral tegen afzetten.
Ten opzichte van die Puriteinse uiterlijke vormen werden de Quakerse uiterlijke verder versoberd, maar er werd veel gehandhaafd.
Naast een 'schrijver' ('clerk') met een taak tijdens een zakenvergadering zoals beschreven in het citaat (maar ook fungerend als een soort coördinator en extern woordvoerder buiten zulke vergaderingen) waren er bijvoorbeeld ouderlingen en diakenen ('elders' en 'overseers').
Mensen die regelmatig opstonden om wat te zeggen in een wijdingsbijeenkomst en daarom gewaardeerd werden konden erkend en geregistreerd worden als 'minister'.
De mate waarin die organisatievormen tegenwoordig verder versoberd zijn verschilt tussen de hoofdstromingen die ontstaan zijn binnen het Quakerisme (conservatief, vrijzinnig, orthodox en evangelisch).
Dat is bovendien sterk afhankelijk van de omvang van de groep.
Nederlandse Quakers vormen een erg klein clubje en kennen dus slechts schrijvers.
Een belangrijk begrip (dat we ook in het Nederlands onvertaald laten) waaraan we ons geloof ophangen is 'concern', zeg maar 'roeping', maar ook toegepast op concrete taken voor een beperkte termijn die we op ons pad vinden.
Een 'concern' is in principe persoonlijk en hield in de begintijd van de Quakers bijvoorbeeld in dat sommigen zich geroepen voelden om op reis te gaan 'in the ministry', om De Waarheid te verkondigen dat 'Christ has come to teach his people himself' (dus niet via Bijbel, dominees, priesters etc.).
Zo reisden er Britse Quakers naar Amerika, ook naar koloniën waar de doodstraf stond op dat soort ketterijen, wat een belangrijke rol speelde bij het vergroten van de godsdienstvrijheid daar.
Er reisden ook Quakers af naar de paus en 'de Turk' om hen op andere gedachten te brengen; met beperkter succes

.
Later reisde bijv. John Woolman, een Amerikaanse Quaker, naar Engeland om bij zijn Britse geloofsgenoten te pleiten tegen slavenhandel.
Etc., etc..
Als je terugkijkt, kun je 'clusters' ontdekken in die 'concerns'.
Die noemen we 'testimonies', met het vredesgetuigenis als meest genoemde.
Je ziet dan dat Quakers hun geloofspraktijk beschrijven als het getuigen van dat Godsvertrouwen op het terrein van vrede, de waarheid spreken (lees: geen eden afleggen op de Bijbel), 'times & seasons' (lees: geen christelijke feestdagen), eenvoud (geen overbodige luxe) etc..
Zo verklaren de Quakers in 1660 tegenover de kersverse Britse koning Karel II dat ze zich nooit geroepen hebben gevoeld noch verwachten zich ooit geroepen te zullen voelen om met uiterlijke wapens te vechten voor de koninkrijken van deze wereld (overigens waarschijnlijk mede in de hoop om niet in het cachot geworpen te worden wegens vermeende sympathieën voor Cromwell).
Die geloofspraktijk werd verwoord in dagboeken en andere publicaties en vastgelegd in 'minuten' (collectieve besluiten, bijv. om een 'concern' van een lid te ondersteunen en/of in de aandacht van een grotere groep Quakers aan te bevelen).
Eens in elke generatie wordt die 'Faith & Practice' samengevat in gelijknamige citatenboeken waarin tevens de 'kerkorde' wordt beschreven.
In de 18e en 19e eeuw was die 'kerkorde' bij tijd en wijle nogal strikt: Quakers die buiten de eigen groep trouwden of niet overeenkomstig die 'testimonies' leefden kon het lidmaatschap ontnomen worden ('disownment').
Inmiddels gebeurt dat nog slechts hoogst zelden.
Er gaat natuurlijk wel eens wat fout bij het onderscheiden van goddelijke leiding in je leven ('concerns').
Het idee is dat je bij twijfel (bijv. omdat iets niet aansluit bij bestaande 'testimonies') je 'concern' ter toetsing voorlegt aan je geloofsgemeenschap.
Dat kan in een zakenvergadering van zo'n Maandvergadering, maar er kunnen ook speciale 'meetings for clearness' georganiseerd worden.
De ene Quakergroep en -traditie hanteert daarbij een strengere toetsing aan traditionele 'testimonies' en aan de Bijbel dan de andere.
Ik heb zelf ook ervaring met zulke toetsingsprocedures; ook met niet-erkenning van wat ik dacht dat een 'concern' was.
Met v&Vriendengroet,
Wim