Auteur Topic: Bijbellezen probleem door taal?  (gelezen 9546 keer)

Titaan.

  • Berichten: 428
    • Bekijk profiel
Bijbellezen probleem door taal?
« Gepost op: februari 24, 2011, 01:00:25 am »
BIJBELLEZEN LEREN

niet zozeer de taal, maar tijd is het probleem


Door de discussie over de Statenvertaling en de Herziene Statenvertaling is het eigenlijke probleem op de achtergrond geraakt. Veel jongeren begrijpen niet wat ze lezen wanneer ze in de Bijbel lezen. Maar: is hen in de kerk, op school of thuis geléérd hoe ze dit kunnen doen?

Jeugdbonden luiden al jaren de noodklok. Onderzoeken van de jeugdbond van de Gereformeerde Gemeente (JBGG, 2003), de Hervormde Gereformeerde Jeugdbond (HGJB, 2005) en het Landelijk Contact Jeugdwerk Christelijke Gereformeerde Kerken (LCJ, 2008) geven ongeveer hetzelfde beeld:
  • Minder dan de helft van de kerkelijk betrokken jongeren leest regelmatig voor zichzelf uit de Bijbel.
  • Meer dan de helft van de jongeren begrijpt zelfs verstandelijk al niet wat ze in de Bijbel lezen.
  • Ongeveer de helft van de ouders stimuleert hun kinderen niet tot persoonlijk Bijbellezen.

Het is de vraag hoe het komt dat de Bijbel zo’n geringe plaats in het leven van veel kerkelijke jongeren en ouderen inneemt. Met de achterliggende discussie over de Statenvertaling en de Herziene Statenvertaling nog in gedachten, lijkt de meest voor de hand liggende conclusie dat het aan te taal ligt.
Drs. J.J.G, godsdienstdocent op de G-Scholengemeenschap in G., vroeg het zijn leerlingen: ”Tot mijn verrassing bleek dat een groot aantal leerlingen toegaf dat de taal geen barrière vormt. Ze komen wel meer in aanraking met vakgebieden die moeilijke woorden gebruiken. De jongeren gaven zelf aan dat het grootste probleem is dat ze onvoldoende tijd nemen voor het lezen van de Bijbel.”
M. de V. was als jeugdwerkadviseur betrokken bij het onderzoek van het Landelijk Contact Jeugdwerk (LCJ) en herkent G.’s bevindingen: “Als je jongeren vraagt wat ze het moeilijkst vinden bij het Bijbellezen, krijg je reacties als: ‘Ik vind het moeilijk om er tijd voor vrij te maken. Vaak ben ik ’s avonds moe en heb er ’s morgens geen tijd voor’.”


MOEILIJK
Maar…is de bijbel dan niet moeilijk? M.: “Bij een vraag als deze moeten we niet alleen naar de taal kijken, maar ook beseffen dat we ons verduisterd verstand en onwillig hart tegen hebben. Dat neemt echter niet weg dat het enorm belangrijk is dat we de Bijbel op begripsniveau begrijpen. Als we bepaalde woorden niet begrijpen, kunnen we ook de inhoud van die woorden niet schatten.”
G. wijst op een achterliggende oorzaak: “Met name jongeren lopen aan tegen de ouderdom van de Bijbel. Zeker in het Oude Testament wordt een heel andere cultuur beschreven dan de cultuur die we tegenwoordig hebben.”
En daar stipt G. een belangrijk punt aan: de moeilijkheidsgraad van de Bijbel wordt bepaald doordat de tekst in de meeste gevallen meer dan tweeduizend jaar oud is en uit een voor ons heel andere cultuur stamt. Dat is met een nieuwere vertaling niet te ondervangen. Er is daarom extra veel inspanning voor westerlingen nodig om de Bijbeltekst te kunnen begrijpen.
G.: “Dergelijke factoren zorgen ervoor dat de jongeren de Bijbel niet zo gemakkelijk een plaats kunnen geven in hun leven. De Bijbel is voor velen van hen een wirwar van boeken, waarin allerlei onderwerpen willekeurig worden aangesneden. Het overzicht ontbreekt over wat waar staat en welk gewicht het één ten opzichte van het ander heeft, bijvoorbeeld de relatie tussen Oude en Nieuwe Testament.”


HIAAT
Wie leert kinderen en jongeren met deze dingen om te gaan bij het Bijbellezen? Wie vertelt hen hoe ze moeten lezen, waar ze op moeten letten en welke voorkennis bij een bepaalde Bijbelboek nodig is?
Een telefonische rondgang langs een aantal reformatorische basisscholen leert dat er veel aandacht is voor begrijpend lezen, maar nauwelijks voor begrijpend Bijbellezen. Er worden Bijbelverhalen verteld. Soms wordt een Bijbelgedeelte met de kinderen gelezen, wanneer de stof zich niet leent voor een verhaal. Maar begrijpend Bijbellezen heeft geen plek in het curriculum. Op de meeste reformatorische scholen voor voortgezet onderwijs is dat wel het geval, maar het is de vraag of het dan eigenlijk al niet te laat is.
Ook de kerk veronderstelt vaak dat het niet nodig is kinderen en jongeren het Bijbellezen te leren. G., ouderling en catecheet in de Gereformeerde Gemeente in G: “Het gaat op catechisatie meer om de geloofsleer en de existentiële vragen van de catechisant. Ook doe ik veel aan apologetiek.” Kennelijk komt het dus aan op wat er in de gezinnen gebeurt.


GEWENNING
G.: “Jongeren geven aan dat ze de taal van de Bijbel best zouden kunnen leren. Alles is te leren, mits er maar voldoende gewenning is. Bij die gewenning ligt duidelijk een probleem. Wanneer het spreken thuis over de preek en het Bijbellezen aan tafel voldoende duidelijk plaatsvindt met aandacht voor het onbekende woord, blijven bepaalde uitdrukkingen levend en zullen jongeren uitdrukkingen van de tale Kanaäns wel blijven volgen.”
De praktijk leert dit ook. Een zoon van een timmerman raakt als vanzelf gewend aan de timmermanstaal die zijn vader gebruikt. Als vader over het bestek van een huis praat, denkt de jongen niet aan een vork, mes of lepel, maar weet hij waar zijn vader het over heeft. Een zoon van een rechter raaks als vanzelf gewend aan de vaktaal die het werk van zijn vader kenmerkt. Als hij hoort over een advocaat, zal hij niet denken aan het gele goedje dat sommige mensen op een verjaardag tot zich nemen, maar aan de pleitbezorger op het werk van zijn vader. Deze kinderen hebben dergelijke woorden bij het opgroeien als vanzelf leren kennen. Ze zijn in het gezin in deze taal ingewijd.
Deze voorbeelden geven meteen aan waar het probleem ligt wanneer blijkt dat kinderen en jongeren de taal van de Bijbel zo moeilijk vinden. Daarom zijn er opvoeders nodig die uitleggen wat er uit de Bijbel wordt gelezen en die leven bij het Woord van God, zodat kin; deren worden ingewijd in de taal van de Schrift.
M.”Het is van enorm belang dat kinderen en jongeren van huis uit een kader meekrijgen waarin ze de Bijbeltaal kunnen plaatsen. Als ouders nooit met hun kinderen spreken over wat het betekent om de Heere te dienen, over wie de Heere Jezus voor hen persoonlijk is en hen laten zien hoe het Woord van God in het leven van alledag gehoorzaamd wil worden, dan blijft het Woord – menselijkerwijs gesproken – op afstand. Voor jongeren is het meer dan ooit nodig dat ze de ‘bekende klanken’, de Bijbelwoorden, krijgen uitgelegd in de taal van vandaag. Dat ze mensen zien die naar dat Woord leven, dat Woord als enige kompas voor hun leven hebben.”


SAMEN LEZEN
Bijbellezen begint in het gezin. Hoe wordt er in het gezin gelezen? Gaan ouders er slordig mee om of is er een regelmaat waarvan niet wordt afgeweken? Is het een kwestie van snel even een stukje lezen of wordt er de tijd voor genomen en wordt er bij het lezen gedeelte stilgestaan? Vaak is het Bijbellezen in de gezinnen niet meer dan gedachteloos volgen van traditie. Even lezen… Maar de Bijbel vraagt meer. Het is immers Gods Woord. Door dit Woord wil de Heere spreken.
Het is de taak van volwassenen om de boodschap van de Schrift zo dicht mogelijk aan de harten van de kinderen te leggen, met de bede of de Heere het erin wil brengen. Het is niet voldoende als er oppervlakkig wordt gelezen. Grondige studie van de Bijbel is nodig om de diepten van de woorden te verstaan. Bijbellezen is weleens vergeleken met een walnoot: de inhoud is voortreffelijk maar de schil moet wel eerst worden gekraakt.
De moeilijkheidsgraad zou geen reden moeten zijn om af te haken, maar juist om te overwinnen.
Dat de inhoud van de Bijbel in begrijpelijke taal moet worden uitgelegd aan kinderen en jongeren, betekent niet dat bepaalde woorden niet meer kunnen worden gebruikt.
M. geeft als voorbeeld: “Neem een woord als ‘barmhartigheid’. Een prachtig woord, maar begrijpen jongeren wat het betekent? Wat dit ons vertelt over Wie God is? Dat hij een brandend hart van liefde voor zondaren heeft? Het woord ‘barmhartigheid’ is afgeleid van dezelfde grondvorm als het woord ’baarmoeder’. Dat zegt iets over de diepte en intensiteit van Gods liefde. Het zou een groot verlies zijn als we dit soort rijke woorden kwijtraken, maar ze moeten wel worden uitgelegd. Anders zijn woorden als ‘barmhartigheid’, ‘lankmoedigheid’ en ‘goedertierenheid’, met eerbied gesproken, allemaal één pot nat voor jongeren.”


GEEN TIJD
Vaak wordt tijdgebrek genoemd als argument waarom er in het gezin niet of nauwelijks bij hetgelezen Bijbelgedeelte wordt stilgestaan. De vraag is echter: waar ligt de prioriteit?
M.: ”De duivel doet er alles aan om ons van het Woord van de Heere weg te houden. Hij weet als geen ander hoe krachtig dat Woord is. Argumenten als ‘te druk’, ‘te moe’ en ‘geen tijd’ worden veel gebruikt. Het is belangrijk dat we ‘smaak’ in de Bijbel krijgen. Dat gebeurt als je gaat zien hoe goed God is, als je ervaart dat Hij door dat Woord heel persoonlijk tot je spreken wil. Van nature hebben we er geen behoefte aan om de Bijbel te lezen.”

G.: “Jongeren voelen dat ook zo. Hun eigen onwil noemen ze als belangrijke oorzaak van te weinig Bijbellezen. Daarna geven ze aan dat het grootste probleem is dat ze onvoldoende tijd nemen voor het lezen van de Bijbel en afgeleid raken door de vele taken en bezigheden.“

M.: “Juist daarom moeten we prioriteiten stellen en bewust tijd vrijmaken voor het lezen van de Bijbel. Dat geldt voor jongeren persoonlijk, maar ook voor gezinnen. Er is discipline nodig om dagelijks stil te worden voor de God van het Woord. Ik hoorde onlangs een vader vertellen hoe hij met het hele gezin elke avond na het eten ‘family worship’ houdt. Dat is het belangrijke moment van de dag. Er wordt dan geen telefoon opgenomen, geen afspraken kunnen hiervoor in de plaats komen. De kinderen leren van jongs af aan dat het stil worden voor God, het onderzoeken van Zijn Woord, het bidden en voorbede doen, prioriteit nummer één is.


ZEGEN
M. wil ouders ervan doordringen dat zij grote invloed op hun kinderen hebben,
 “Uit ons onderzoek blijkt dat telkens weer. Jongeren die ‘stimulerende’ ouders hebben (die hen motiveren naar jeugdvereniging te gaan, die met hen napraten over de preek) scoren veel positiever als het gaat om persoonlijk bidden en Bijbellezen dan die jongeren voor wie dat niet geldt. Dat verschil is echt heel groot.
Dit houdt geen automatisme in. Er zijn heel godvrezende ouders met kinderen die tot hun verdriet een andere weg gaan, en andersom. Maar dat neemt niet weg dat de Heere een godvrezende opvoeding wil zegenen. Hij zegt: Doe je mond wijd openen Ik zal hem vullen. ”



Bron:   “GezinsGids”,  10 Febr. 2011,   tekst: A.M.P.C. van H-M.  

wimnusselder

  • Berichten: 727
    • Bekijk profiel
Bijbellezen probleem door taal?
« Reactie #1 Gepost op: februari 24, 2011, 08:23:34 am »
Hoi Titaan,

Dank je voor dit intrigerende artikel, dat voor mij vooral het verschil duidelijk maakt tussen meer en minder orthodox christelijk/gereformeerd leven.
Mijn eigen achtergrond (synodaal gereformeerd, een domineesgezin) heb ik beschreven in moet/mag een christen zichtbaar bidden? publiek of privé?
De bevindelijkheid die ik miste in mijn christelijke opvoeding heb ik inmiddels op eigen kracht gevonden bij de Quakers.
De (laatste restjes) orthodoxie die ik in mijn opvoeding meekreeg schudde ik in eerste instantie af en het is pas recent dat ik de waarde daarvan begin te zien, al was het maar als tegenwicht tegen vrijzinnigheid en ontworteling.
Ik ben inmiddels meer van het 'radicaal verstaan' van de Bijbel (terug naar de wortels in de ervaring/bevinding die aan de Bijbel ten grondslag lag) dan van de systematische studie.

Ik waardeer mijn kennis van de Bijbel die ik gortendeels in mijn jeugd heb opgedaan zeer; hij heeft mij tot christen gemaakt door mij een taal te bieden waarin ik mijn religiositeit kan uitdrukken.
Ook ik heb echter nooit geleerd om systematisch en regelmatig de Bijbel te lezen; ik doe 'het' tegenwoordig vooral met www.biblegateway.com

Dit ter inleiding, voordat ik advocaat van de duivel ga spelen:
Is het een probleem dat de jeugd niet meer tot systematisch bijbellezen is te bewegen?
In hoeverre en waarom?
Zijn er tegenwoordig niet veel alternatieven gekomen, niet alleen in de zin van afleiding en verleiding die christelijke opvoeding bemoeilijkt, maar ook in de zin van vele andere wegen en wijzen waarop jeugd waarden en wijzen van christen-zijn overgedragen kan krijgen?
Hoe belangrijk is gedegen studie van de Bijbel nog als de samenleving doordrongen is van die waarden; hoe belangrijk is bijvoorbeeld de kennis van het "Gij zult niet doden" als dat gebod in de Nederlandse wetgeving tot in detail uitgewerkt is en door iedereen erkend wordt?
Wat is de Bijbel meer dan een bron voor cultuurhistorie en onderzoeksmateriaal voor godsdiensthistorici?

Is -omgekeerd- de Bijbel en het belang dat aan regelmatige studie daarvan gehecht wordt niet juist een probleem geworden, tot een scheidslijn tussen christenen die zonder de onenigheid over het belang van de Bijbel veel beter in staat zouden zijn om de eenheid van het lichaam van Christus zichtbaar te maken in deze wereld?
Draait Gereformeerd Leven om God of om de Bijbel?
Hebben we misschien ongemerkt en onbedoeld de Heilige Drieëenheid omgedoopt tot Heilig Viervoud: Vader, Zoon, Geest en Heilige Schrift?
Hebben we misschien zelfs, uit gebrek aan vertrouwen in het menselijke vermogen om een directe relatie aan te gaan met die eerste Drie, met die Ene, de Bijbel onnodig heilig verklaard en de facto tot enige bron en grondslag van geloof gemaakt?

Met v&Vriendengroet,

Wim
« Laatst bewerkt op: februari 24, 2011, 08:23:49 am door wimnusselder »

Pooh

  • Administrator
  • Administrator
  • Hero Member
  • *****
  • Berichten: 5794
    • Bekijk profiel
Bijbellezen probleem door taal?
« Reactie #2 Gepost op: februari 24, 2011, 11:21:16 am »
offtopic:Voor de duidelijkheid: voor overname van dit artikel is vooraf toestemming verleend door de rechthebbenden.
« Laatst bewerkt op: februari 24, 2011, 08:48:42 pm door Pooh »

Trajecto

  • Berichten: 4990
  • Nulla aetas ad discendum sera
    • Bekijk profiel
Bijbellezen probleem door taal?
« Reactie #3 Gepost op: februari 25, 2011, 05:30:14 pm »
@ Wim

Voor deze post heb ik in de eerste plaats een post van jou erbij gepakt uit je topic moet/mag een christen zichtbaar bidden? publiek of privé? waaraan je refereerde. Plus dan een enkele passage van je post hier. (Alhoewel ik meer tekst gequote heb uit het andere topic past mijn post toch beter hier.)

quote:

wimnusselder schreef op 19 februari 2011 om 21:25:
[...]

Ik laat dit soort vragen graag open, zonder ze voor anderen te beantwoorden.
Het antwoord voor mezelf moge blijken uit mijn levensverhaal op dit punt:
(...)
Hmm ja. Je bidt waar dan ook nooit zichtbaar voor het eten, denk ik(?).

quote:

(...)Dus als mijn vader de rethoritsche vragen stelde "Zullen we een stukje uit de Bijbel lezen?" en "Zullen we bidden?", begon ik heb uit te dagen met "Waarom?" of woorden van gelijke strekking.
Ik herinner me geen echte argumenten.
Vandaar dat ik de vraag maar aan jullie voorleg. :)
Ooow ja, is er kans dat je je eigen gewoontes er door zal laten beïnvloeden?

quote:

Gewoonten zonder reden, zo kwam het op mij over.
Het hoorde er gewoon bij voor mijn ouders; zij hadden die vraag nooit gesteld in de grote gezinnen ... (...)
... Was het niet logischer om bij een probleem te beginnen en dan op zoek te gaan naar bijpassende inspiratiebronnen om oplossingen te vinden die de status quo doorbreken die dat probleem veroorzaakt of in stand houdt?
Zit wat in alhoewel het ene het andere nou ook weer niet geheel behoeft uit sluiten...

quote:

(...)
Een jaar of 5 later kwam ik via m'n studie, waarin ik met geweldloosheid bezig was, de Quakers op het spoor.
Quakers zijn gewend om als ze samen zijn even samen stil te zijn voor het eten.
Meer niet.
Iedereen mag zelf weten wat hij/zij met die stilte doet.
Tja ...

quote:

Mijn vrouw is geen Quaker of anderszins kerkelijk.
Haar ouders hadden hun lidmaatschap van de Gereformeerde kerken al opgezegd in haar tienerjaren.
Zij heeft onze kinderen wel datzelfde versje geleerd, omdat zij dat zo'n prettig idee vond, dat er iemand de wacht over hen hield 's nachts...
We praten daar verder nooit over.
En onze kinderen zijn daar inmiddels al lang mee gestopt.
Een noemt zich nadrukkelijk atheist (mijn vader: "In welke God geloof je niet? Ik waarschijnlijk ook niet."); de ander is minder uitgesproken en inmiddels het huis uit.
Dan verder meer duidelijk naar dit topic:

quote:

wimnusselder schreef op 24 februari 2011 om 08:23:
Ik waardeer mijn kennis van de Bijbel die ik grotendeels in mijn jeugd heb opgedaan zeer; hij heeft mij tot christen gemaakt door mij een taal te bieden waarin ik mijn religiositeit kan uitdrukken.
Ook ik heb echter nooit geleerd om systematisch en regelmatig de Bijbel te lezen; ik doe 'het' tegenwoordig vooral met www.biblegateway.com
Hier geef je zelf toch wel weer aan dat je Bijbelkennis een belangrijke basis vormt, maar verderop in de stukken die ik hier nu niet citeer, behalve één zin, relativeer je dat tot er in mijn ogen nauwelijks iets van over is.

quote:

(...)
Wat is de Bijbel meer dan een bron voor cultuurhistorie en onderzoeksmateriaal voor godsdiensthistorici?
(...)

Tja, ik zie hier wel heel duidelijk de bekende "beweging" van grofweg de laatste halve eeuw gedemonstreerd die bij velen bewandeld is.
Namelijk:
Generatie boven jou orthodox christelijk "in hart en nieren";
Jij vrijer, nogal individueel en niet echt iets overdragend aan de kinderen;
Je kinderen "niets" meer en zich nog wel wat afzettend tegen vaders vreemde privégewoontes die ze toch wel bespeurd hebben en verbaasd hebben bezien!

Misschien heb ik niet helemaal fair gequote, maar het is toch niet helemaal onwaar, lijkt me.

Er zit ergens toch wel een weg van teloorgang van religie in je verhaal besloten, eigenlijk. Zoals jij zelf er staat kan ik mezelf nog het meest herkennen, vermoedelijk, maar wel een beetje jammer dat je zo te oordelen naar wat je zegt, niets hebt willen meegeven aan je kinderen -- geen basis waarop zij kunnen voortbouwen in religieus opzicht.
Ik wil niet beweren dat dat nou per se de vorm van het Bijbellezen zoals je in het ouderlijk huis hebt meegemaakt zou moeten hebben, maar het komt nu op me over of je daarvoor niet kiest maar ook niet voor een andere wijze om iets door te geven aan de volgende generatie. Want dat andere is dan hooguit een hypothetische mogelijkheid die je ook niet gestalte hebt gegeven, of hebt willen geven. Tenminste, zo komt het op mij over, als ik je posts lees.

En tenslotte:
Het is natuurlijk moeilijk in te schatten wanneer iemand advocaat voor de duivel speelt, zoals je zelf al zegt, hoe iemand in feite staat in de zaak maar in ieder geval komt bij mij de vraag op  In hoeverre is godsdienst eigenlijk wel een aandachtsveld voor jou of meer een snufje humanisme en wat ethiek?

(Dit is niet rechtstreeks een antwoord op Titaans vraag Bijbellezen probleem door taal? maar ik denk toch dat het niet off-topic is.)

Titaan.

  • Berichten: 428
    • Bekijk profiel
Bijbellezen probleem door taal?
« Reactie #4 Gepost op: februari 26, 2011, 01:14:20 am »

quote:

wimnusselder schreef op 24 februari 2011 om 08:23:
Hoi Titaan,
(...)
Met v&Vriendengroet,
Wim
1)  Inleiding

Hoi Wim,

Je spreekt niet erg hoog over de Bijbel.
De Bijbel devalueer je klaarblijkelijk tot een instrumentarium waarmee een taal geboden is om je in uit te drukken. Een boek dat hooguit goed is voor historisch onderzoek.

Maar...,
Je hebt bevinding gevonden, noem je, maar bevinding van wat ?
Je wilt terug naar de wortels in de ervaring die aan de bijbel ten grondslag lag, maar hoe ken je dan deze wortels?
Je noemt jezelf Christen, maar wie is Christus en wie bepaald wat Christus inhoud?
Je ziet het belang van het overdragen van waarden en wijzen van Christus-zijn, maar wat zijn die waarden en wie bepaald dat?
Je erkend het lichaam van Christus, maar welke Christus?
Je uit je bezorgdheid over degene die je verdenkt de bijbel gemaakt te hebben als enige bron en grondslag van het geloof, maar is de bijbel überhaupt wel een bron en een grondslag voor jouw geloof ??  
Oftewel, wat is jouw fundament, hoe ken je die?


2)  Fundament van het geloof
De Grond van ons geloof kan niet liggen in het menselijke want dit menselijke is tijdig en zondig. De Grond van ons geloof moet, als het vast en onbewogen wil wezen, alleen te vinden zijn in God. Hij is immers onze Rotssteen en daarom zullen wij niet wankelen.
Het fundament is onwrikbaar omdat het niet alleen gemaakt of gelegd is door de Eeuwige, maar in de eeuwige God Zelf is.

En tot Hem is alles terug te brengen wat gewoonlijk onder ons als grond wordt aangevoerd.
Wie zegt: ik geloof omdat het mij geopenbaard is komt door de openbaring van God bij Hem terecht, en rust en roemt in God, die dit alles gedaan heeft.
En zo is er voor de goddelijkheid en waarachtigheid van de Heilige Schrift en voor ons geloof aan haar onfeilbaar gezag geen grond te vinden in een getuigenis van mensen of in het resultaat van menselijk onderzoek en menselijke bevinding, maar alleen in Hem, Die ons naar Zijn raad de Schrift gaf, en Die Zijn Woord deed worden, opdat wij in haar een kracht tot zaligheid zouden hebben.

Maar hoe nu verder? Hoe is God de eerste grondslag van het geloof en hoe kunnen wij alleen in Hem steunen? Het antwoord op deze vraag hangt nauw samen met het wezen van het geloof, hetgeen goed is omschreven in Catechismus zondag 8:
Een oprecht geloof is niet alleen een zeker weten of kennis …, maar ook een vast vertrouwen.
Het geloof begint dus met kennen.


3)  Openbaring van God
God maakt het mogelijk dat wij Hem kennen.
Wij kunnen God kennen doordat Hij zich openbaart.
De Schrift is het boek van de openbaring van God.
Zij is het Woord van de Here aan Zijn Kerk. Zij is het getuigenis dat ons God doet kennen in de uitstraling van zijn deugden, en dat ons bekend maakt met Jezus Christus, en zij is het Evangelie dat ons de weg van de behoudenis ontsluit.
Niet dat de Schrift in dit laatste opgaat of alleen in dit laatste duidelijk zou zijn. Zij verspreidt ook licht buiten het terrein van de bijzondere genade, en leert ons ook God kennen en verheerlijken in Zijn algemene gratie. Maar dat de Schriften wijs maken tot zaligheid is toch haar voornaamste arbeid.

En God heeft de werking van de Heiligen Geest gegeven opdat Zijn uitverkorenen de weg van het heil zouden kennen. Opdat de in Adam ongehoorzamen maar in Christus tot gehoorzaamheid vernieuwden weer zouden weten hoe zij als kinderen hebben te leven voor het aangezicht van hun Vader die in de hemelen is.
En tot nu bezigt Gods Geest de Schrift als het middel van de genade om het geloofsvermogen te brengen tot geloofsdaad en om zwak geloof gedurig te versterken.
De grond van ons geloof in de Schrift ligt in het feit dat zij door de Geest geïnspireerd is.
De bijbelschrijvers zijn instrument van de Heilige Geest. De Heilige Geest is de eigenlijke auteur van de Schrift.

Gezag in absolute zin, en dat is noodzakelijk in de religie, moet goddelijk zijn.
De Bijbel kan voor ons religieus leven, d.i. voor onze hoogste, voor onze eeuwige belangen, alleen gezaghebbend wezen wanneer hij van goddelijke origine is,
Is hij dat niet dan vervalt zijn autoriteit.
Is hij dit slechts ten dele, dan wordt aan het menselijk subject overgelaten om te keuren en te kiezen. En ook dan breekt de volstrekte betrouwbaarheid.
Daarom buig ik voor de Schrift, nee niet als voor een papieren paus, of voor een uit de hemel gevallen boek, maar omdat zij is het geschreven Woord van God, en omdat zij door de Geest is geschreven.


4)  Kennen door Gods Woord
Bouwen op het fundament is doen wat Jezus zegt. Zoals Jezus duidelijk maakt met de gelijkenis over het bouwen van het huis op de rots als fundament:
En wat noemt gij Mij, Heere, Heere! en doet niet hetgeen Ik zeg? Een iegelijk, die tot Mij komt, en Mijn woorden hoort, en dezelve doet, Ik zal u tonen, wien hij gelijk is.(luk.6:46 e.v.)
Voordat we kunnen doen wat Jezus zegt, moeten we Zijn woorden gehoord hebben; we moeten hem kennen. Alle geloof begint met kennen en voor waar aannemen.
Want hoe kun je Jezus, de uiterste hoeksteen, aannemen als het is, een naam zonder inhoud, een klank zonder wezen?
De apostel Paulus verklaart in de Romeinenbrief: Hoe zullen zij in Hem geloven van welken zij niet gehoord hebben? En hoe zullen zij horen zonder die hen predikt (Rom.10:14)
Zo is dan het geloof uit het gehoor, en het gehoor door het Woord Gods (Rom.10:17)
Ook hier komen we weer bij Gods Woord uit om Christus te kennen. Gods Woord getuigt van
Christus en daarom moeten we de Schriften onderzoeken. Zoals Jezus zelf zegt:
Onderzoekt de Schriften want gij meent in dezelve het eeuwige leven te hebben, en die zijn het die van Mij getuigen (Joh.5:39)
En in de gelijkenis van de arme Lazarus laat Jezus Abraham de rijke man verwijzen naar Mozes en de profeten: “dat zij die horen.” (luk.16:29, zie ook Joh.5:46,47)
Jezus ging hun hierin voor door telkens de Schriften geopend.
Van Paulus lezen we dat hij in Thessalonica “drie sabbatten lang met hen uit de Schriften handelde, dezelve opende” ( Hand.17:2,3). En zij hebben het aangenomen als Gods Woord:
“toen gij het gepredikte woord Gods van ons hebt ontvangen, het hebt aangenomen niet als een woord van mensen, maar, wat het inderdaad is, als een woord van God” (1 Tes. 2:13).
Ook de apostelen zelf kwamen tot geloof door het horen van het Woord:
"Toen Hij dan opgewekt was uit de doden herinnerden zijn discipelen zich, dat Hij dit gezegd had, en zij geloofden de Schrift en het woord, dat Jezus gesproken had" (Joh. 2:22).
Jezus had beloofd: "Voorwaar, voorwaar, Ik zeg u, wie mijn woord hoort en Hem gelooft, die Mij gezonden heeft, heeft eeuwig leven en komt niet in het oordeel" (Joh. 5:24).


5)  Onafscheidelijk
De persoon en het werk van Jezus zijn niet te scheiden van de Heilige Schrift.
De Christus van de Schriften wijst naar de Schrift van de Christus.
Er is overeenstemming tussen het vleesgeworden woord en het schriftgeworden woord.
Beiden zijn door God aan de wereld gegeven.
Christus houding van vertrouwen in de Schrift en volledige onderwerping daaraan, bepaalt hoe mijn eigen houding moet zijn ten opzichte van de Schrift. Mijn geloof in Christus, is gebonden aan mijn geloof in de Schrift die Hem openbaart en die Hij bevestigt. Als ik het onfeilbare gezag van de Heere erken, kan ik niet anders dan geloven in de feiten en in de leer van het geïnspireerde Boek.

Onze Here Jezus Christus is gezet tot een val en opstanding, en tot een teken dat weersproken zal worden [luk.2:34]. Hij openbaart de gedachten van de harten. Hij is gezet tot een oordeel tot crisis voor allen. Tegenover Hem kan men niet neutraal zijn, en 1 van beide is slechts mogelijk: men neemt Hem aan of men verwerpt Hem.

Het zelfde lot heeft ook het Schriftgeworden Woord. Ook dit Woord is gezet tot een rots van redding maar ook van ergernis; tot een lamp voor de voet en een licht op het pad maar ook tot een teken dat weersproken wordt omdat dit Woord is het getuigenis van God, en het eerst vraagt waartoe wij tot het laatst komen, namelijk onvoorwaardelijke gehoorzaamheid.
Ook de Schrift dwingt tot keuze. Ook zij kent slechts twee mogelijkheden; of volkomen aanvaarding, of zij het dan langzame verwerping.
En omdat zij naast zich geen andere mening duldt, moet zij wel verzet en vijandschap uitlokken bij allen die aan hun eigen mening blijven vasthouden. Men moge dan nog een tijdlang haar uit eerbied handhaven. Men moge zich, zolang men eigen gedachte in overeenstemming weet te brengen met de bijbel, op haar blijven beroepen, uiteindelijk wordt het verschil te groot. Het kan niet meer. En wil men dan niet bukken, dan is het enige dat men het gezag van de Schrift terzijde stelt.
1 van beide immers; de Schrift is het woord van God, en dan heeft ze gezag, of ze is het niet en dan heeft men volle vrijheid met haar naar eigen goedvinden te handelen.

En of Christus voor u een hoeksteen is of een steen des aanstoots wordt bepaald door uw gehoorzaamheid aan het Woord:
 “Daarom is ook vervat in de Schrift: Ziet, Ik leg in Sion een uitersten Hoeksteen, Die uitverkoren en dierbaar is; en: Die in Hem gelooft, zal niet beschaamd worden.
U dan, die gelooft, is Hij dierbaar; maar den ongehoorzamen wordt gezegd: De Steen, Dien de bouwlieden verworpen hebben, Deze is geworden tot een hoofd des hoeks, en een steen des aanstoots, en een rots der ergernis;
Dengenen namelijk, die zich aan het Woord stoten, ongehoorzaam zijnde, waartoe zij ook gezet zijn.” (I Petr.2:6-8)


6)  Christus getuigt
Christus erkende de eenheid van de Schrift. De grote vraag is nu, waarin voor Hem die eenheid bestond. Want het is ook mogelijk om aan een zekere eenheid vast te houden zonder de autoriteit van de Schrift te erkennen. B.v. als eenheid van boeken met gelijke religieuze gezindheid , of eenheid in de collectie van hebreeuwse letterenkunde, of de eenheid dat van het heilige boek van de Joden.
Maar zó heeft Jezus de eenheid van het OT niet beschouwd. Voor Hem bestaat de eenheid van de Schriften hierin dat achter de bijbelschrijvers de Heilige Geest staat, en dat de Schrift in al haar delen het Woord van God is.
Want Hij haalt wel meermalen een tekst uit het OT aan met de naam van de schrijver, maar Hij citeert ook uit dezelfde schrijvers meermalen met de formule “er staat geschreven”, of nog sterker: Hij gebruikt ook de uitdrukking: “want David heeft door den Heiligen Geest gezegd” (Mark.12:36), en erkent daarmee dat David door de geest gedreven is.
De Heiland heeft ook oog voor de eigen karakteristiek van de bijbelschrijver en voor de menselijke factor. Zoals benoemt Hij bijvoorbeeld de de namen van de schrijvers:
- Mozes, b.v. in Matt.8:4 ; 19:8 ; Joh.5:45 ; 7:22
- Jesaja in Matt.15:7
- David in Matt.22:43
- Daniël in Matt. 24:15
 Maar tegelijk legt Hij alle nadruk op de goddelijke factor.
Onder andere uit het feit dat hij keer op keer zijn aanhalingen aldus inleidt: “gelijk geschreven staat”, of “er is geschreven”.
Deze uitdrukking zegt niet slechts dat hier en daar wat geschreven of te lezen staat, maar wijst klaarblijkelijk op een autoriteit. Het is niet maar een mensenwoord, dat wij voor kennisgeving kunnen aannemen, maar het goddelijke getuigenis, dat voor ons kracht van wet heeft en waaraan wij gehoorzaamheid verschuldigd zijn.
- zo weerstaat Hij in de woestijn de verzoeking van de duivel met het: er is geschreven (matt.4:4, 7, 10).
- Zo getuigt Hij van Johannes de Doper: “deze is het, van denwelken geschreven staat”(matt.11:10; vgl Luk.10:26; Joh.6:45).
Dat Jezus deze autoriteit van het OT erkent is b.v. te zien in het feit dat Jezus in Matt.9:13 twee uitspraken van het OT, namelijk Hosea 6:6 en Micha 6:8 aaneenrijgt tot een Schriftwoord.

Ook wordt dit bewezen uit al de uitspraken van Jezus waarin hij het OT aanhaalt en deze woorden dan inleidt met de formule: “God spreekt”:
- Zo spreekt Hij van David dat deze in de 110e psalm door de Geest de Messias zijn Heere noemt (Matt.22:43, mark.12:36).
- En zo citeert Hij de wetten van het Oude Verbond niet als wetten van Mozes, maar als geboden van de Heere (Matt.15:4 ; Mark.12:46).
Nooit heeft Christus ook maar in een opzicht de goddelijke herkomst van het OT geloochend of in twijfel getrokken, maar altijd is door Hem dit Bijbeldeel beschouwd als het werk van de Heilige Geest. En daarom heeft Jezus zich ook onvoorwaardelijk aan het gezag van de Schrift onderworpen in absolute gehoorzaamheid.


7)  Geest en Woord.
Want zovelen als er door den Geest Gods geleid worden, die zijn kinderen Gods. (…) gij hebt ontvangen de Geest der aanneming tot kinderen, door Welken wij roepen: Abba, Vader (Rom 8:14,16)
De ware Geest getuigt van Christus.
De Geest der waarheid, Die van den Vader uitgaat, Die zal van Mij getuigen.(Joh.15:26).
Want door Hem hebben wij beiden den toegang door één Geest tot den Vader
Zo zijt gij dan niet meer vreemdelingen en bijwoners, maar medeburgers der heiligen en huisgenoten Gods, Gebouwd op het fundament der apostelen en profeten,waarvan Jezus Christus is de uiterste Hoeksteen; (Ef.2:20)
En Christus en de apostelen getuigen van de Schrift.
 Onderzoekt de Schriften, (..)  en die zijn het die van Mij getuigen. Johannes (5:39)
En wij hebben het profetische Woord, dat zeer vast is, en gij doet wel dat gij daarop acht hebt, als op een licht schijnende in een duistere plaats, totdat de dag aanlichte en de Morgenster opga in uw harten; Dit eerst wetende, dat geen profetie der Schrift is van eigen uitlegging; Want de profetie is voortijds niet voortgebracht door den wil eens mensen, maar de heilige mensen Gods, van den Heiligen Geest gedreven zijnde, hebben ze gesproken. (2 Tim.3:15)
Want wij zijn geen kunstiglijk verdichte fabelen nagevolgd, als wij u bekendgemaakt hebben de kracht en toekomst van onzen Heere Jezus Christus, maar wij zijn aanschouwers geweest van Zijn majesteit.
En dat gij van kinds af de heilige Schriften geweten hebt, die u wijs kunnen maken tot zaligheid, door het geloof hetwelk in Christus Jezus is. Al de Schrift is van God ingegeven, en is nuttig tot lering, tot wederlegging, tot verbetering, tot onderwijzing die in de rechtvaardigheid is; (2 Petr.1:16,19-21)


8 )   De Bijbel, Gods Woord is krachtig
Mogen we de Schrift met het Woord Gods vereenzelvigen en kan alles wat van dit Woord gezegd wordt, in dezelfde mate toegepast worden op de Bijbel?
Geldt van de Schrift, wat van het des Heeren Woord betuigt wordt, dat het blijvend, levend, krachtig, scherpsnijdend is en een kracht tot zaligheid (Jes.55:11, Hebr.4:12, 1 Petr.1:25)?

Op deze vragen zij eerst geantwoord dat de Schrift en het Woord Gods niet mogen vereenzelvigd worden, want dat de Schrift zelf in allerlei betekenissen van het Woord Gods spreekt. Het kan duiden de kracht Gods, waardoor Hij de wereld schept en onderhoudt, en het het woord van de kracht dat uit Jezus’mond uitging om de duivelen uit te werpen, de stormen tot stilte te brengen en de doden te doen verrijzen. Het wordt, zoals vanzelf spreekt, gebezigd als de openbaring van God aan de profeten en de apostelen. Het is ook hetgeen de profeten en apostelen zelf verkondigen. En valt ook meermalen samen met hetgeen reeds op schrift is gebracht en wij als Heilige Schrift bezitten. En in al die gevallen is het Woord Gods krachtig en levend, en het middel waardoor God werkt op geestelijk en zedelijk gebied.
Maar hieruit volgt terstond dat het Woord en de Schrift niet precies hetzelfde zijn, en dat het Woord Gods veel ruimer en breder van omvang is dan de Schrift.
Wanneer de Heere begint te spreken, b.v. in het paradijs en tot de aartsvaders, is er nog geen Schrift, en kan alleen het gesprokene en overgeleverde Woord het middel zijn van de genade, en wanneer Jezus Christus Zijn Evangelie doet uitgaan tot de Joden staat er van dat Evangelie nog geen letter op Schrift.
Wie dan ook het Woord Gods zou beperken tot de Schrift zou aan dat Woord te kort doen, en de heerlijkheid van de sprake des Heere niet aanschouwen in haar volle luister.
Maar deze onderscheiding geeft in geen enkel opzicht vrijheid om tussen de Schrift en het Woord Gods te scheiden, of vrijheid de Schrift alleen op te vatten als het getuigenis van het spreken van God. De Schrift is zelf het Woord Gods. De schrift komt zelf tot ons als het Woord van God. Wat God gesproken heeft en door Christus is verkondigd, is zo “geschreven”  dat de bijzondere werking van de Heilige Geest, die wij inspiratie noemen, die Schrift waarborgt te zijn het Woord des Heeren. En omdat die Schrift niet alleen het werk was van de Heilige Geest maar nog altijd zijn werk is; omdat de inspiratie in deze zin voortgaat dat de Geest Zijn eigen werk draagt en met Zijn actie vergezelt, belijden wij niet minder van de Schrift wat de Heilige Israëls spreekt:
Alzo zal Mijn woord, dat uit Mijn mond uitgaat, ook zijn, het zal niet ledig tot Mij wederkeren; maar het zal doen, hetgeen Mij behaagt, en het zal voorspoedig zijn in hetgeen, waartoe Ik het zende. (Jes.55:11)

Wanneer de Heilige Geest het Evangelie niet heiligt aan onze harten, dit Evangelie niet is een kracht tot zaligheid. De Geest werkt door het Woord, en zonder de werking van de Geest is het Woord ongenoegzaam tot zaligheid.
In de Bijbel op zichzelf ligt geen kracht om te bekeren. Het is instrument, genademiddel, en evenmin als de doop zelf de wedergeboorte of het avondmaal zonder meer de versterking van het geloof werkt, maar deze zijn alle middelen in de hand van de Geest om het werk van Christus toe te passen. Zo is ook de Schrift geen kracht tot zaligheid wanneer niet de Geest Zijn werking paart aan het woord.

Mits men dit niet verkeerd verstaat. En de kracht van de Bijbel niet miskent.
Mits men niet beweert dat de Schrift, dat het boek niets is.
En deze bewering niet grondt op de bekende tekst uit 2 Kor.3:6 “de letter doodt, maar de Geest maakt levend”. Men leest dan alsof er stond: de letter is doodt, en men heeft het dan over de dode letter waaraan vele bekrompen mensen nog vasthouden en die wijken moet voor de levende stromen van de Geest.
Maar dit alles zegt Paulus helemaal niet. Hij zegt niet dat de letter dood is, maar doodt, dood maakt, verdoemt, en zonde, toorn, vloek en dood werkt, en dat kan door dode dingen niet uitgericht worden. De letter leeft dan ook terdege.
Paulus heeft het hier over de oud-testamentische bedeling, en van die wettische bedeling zegt hij hier dat zij een bediening der verdoemenis was (vs.9); in Rom.4:15: de wet werkt toorn; en in 1 Kor.15:56: de kracht der zonde is de wet. Er is dus geen sprake van dat wij in de letter zouden te doen hebben met iets doods; nee, die letter leeft en is krachtig, en wanneer er geen geloof is in de harten en de Schrift wordt verworpen, zal zij de zondaar verdoemen voor het heilig aangezicht van God.
Bovendien, in hetzelfde hoofdstuk schrijft Paulus de volharding van Israël niet toe aan een “dode letter”, maar tot de huidige dag toe, wanneer Mozes gelezen wordt, ligt een deksel op hun hart (vs.15). En niet de Schrift die gelezen wordt (d.i. dus de veel versmade letter), valt weg voor de Geest, maar eenmaal wordt het deksel weggenomen (vs.16) en de Schrift blijft.

Hieruit volgt reeds dat het Woord Gods niet is een dood Woord. Het is volkomen waar dat de Heilige Geest Zijn werking moet paren aan het Woord om onze harten te vernieuwen, maar de Schrift is geen dood boek.
Dat blijkt reeds uit die teksten waarin speciaal van de Schrift gesproken wordt als:
Want al wat te voren geschreven is, dat is tot onze lering te voren geschreven, opdat wij, door lijdzaamheid en vertroosting der Schriften, hoop hebben zouden (Rom.15:4).
En dit is nog duidelijker in die uitspraken van de Schrift waar van het Woord Gods en van de prediking van dat Woord wordt gesproken. Van het evangelie wordt gezegd dat het is een kracht Gods tot zaligheid (Rom.1:6); het woord des kruises wordt genoemd een kracht Gods ons, die behouden worden (1 Kor.1:18); de apostel zegt van zijn prediking dat zij was in betoning des Gestes en der kracht ( 1 Kor.2:4); hij stelt het Evangelie als de kracht Gods tegenover de wijsheid van mensen ( 1 Kor.2:5); door het Evangelie, dat hij verkondigd heeft, is er heil want: door hetwelk gij ook zalig wordt ( 1 Kor.15:2) en: nadat gij het woord der waarheid, namelijk het Evangelie uwer zaligheid gehoord hebt (Ef.1:13); hij dankt God zonder ophouden, dat, als gij het woord der prediking van God van ons ontvangen hebt, gij dat aangenomen hebt, niet als der mensen woord, maar (gelijk het waarlijk is) als Gods Woord, dat ook werkt in u, die gelooft ( 1 Thess.2:13). En in deze laatste woorden drukt de apostel zich sterk uit dat de prediking werkt in degene die geloven. Deze werking kan niet uitblijven want het Woord is levend en blijvend ( 1 Petrus 1:25); het schijnt als een licht in een duistere plaats ( 2 Petr. 1:19); het wordt door de Heiland vergeleken met een zaad dat in de harten gestrooid wordt (Matt.13:3); van het woord dat de apostelen spraken wordt gezegd dat het wies en vermenigvuldigde (Hand.12:24); Paulus vergelijkt de prediking en zijn arbeid, met planten en natmaken (1 Kor.3:6), en in Hebreën 4:12 leze wij deze woorden:
Want het Woord Gods is levend en krachtig, en scherpsnijdender dan enig tweesnijdend zwaard, en gaat door tot de verdeling der ziel, en des geestes, en der samenvoegselen, en des mergs, en is een oordeler der gedachten en der overleggingen des harten.
   
Het Woord Gods wordt levend genoemd tegenover alle doodsmacht in deze wereld. Het heet krachtig omdat het werkt als een krachtig medicijn. Het is scherper dan een tweesnijdend zwaard, en waar het treft is het raak. Het gaat door tot het innerlijkste van ons zieleleven, en legt de diepste roerselen van ons hart bloot. Het is een oordeler, rechter, een criticus van onze gedachten en velt over ons geen licht vonnis, en zonder te sparen wijst het alle ongerechtigheden en vormenreligie en schijnvroomheid aan. En dat kan ook niet anders. Want het is het Woord van God, Die in Zijn Woord tot ons spreekt en niet duldt dat wij Zijn Woord bekritiseren, maar in dat Woord ons kritisereerd. En, zo gaat de Hebreënbrief verder, en daar is geen schepsel onzichtbaar voor Hem, maar alle dingen zijn naakt en geopend voor de ogen desgenenen, met Wie wij te doen hebben (vs.13).
Om al die redenen is Gods Woord nooit ledig en ijdel.
Het keert, zoals de profetie van Jesaja zegt, niet ledig tot God weer.
Het doet al wat Hem behaagt en volvoert steeds Zijn wil.

De Heilige Schrift noemt dan ook tal van werkingen op, die de vrucht zijn van het Woord, en die de Heilige Geest door middel van het Woord tot stand brengt. In de eerste plaats is telkens sprake van de wedergeboorte, van vernieuwing van de mensen, als vrucht van het Woord. Ik heb u, zegt de apostel Paulus, door het Evangelie geteeld (1 Kor.4:15), en de apostel Petrus roept de ‘verstrooide’ Christenen toe: Gij, die wedergeboren zijt, niet uit vergankelijk, maar uit onvergankelijk zaad, door het levende en eeuwig blijvende Woord van God ( 1 Petrus 1:24). Verder wordt het geloof genoemd als gewrocht te worden uit het gehoor, en het gehoor uit het Woord Gods (Rom.10:17). Van de verlichting des verstands heet het:
om onder de heidenen door het Evangelie te verkondigen de onnaspeurlijke rijkdom van Christus, en allen te verlichten etc. (Ef. 3:8,9; vgl. 2 Kor.4:4-6).
Ook zijn onderwijzing verbetering, vertroosting, etc. vruchten van de werking van het Woord en bijzonder van de Schrift (Rom.15:4; 1 Kor.14:3; 2 Tim.3:15),
En het Nieuwe Testament raakt  niet uitgejubeld over deze Godverheerlijkende uitwerking van het Woord. En ook de donkere, zwarte kant van de dood en de verderfenis wordt niet vergeten. Het Evangelie oefent ook zijn werking uit in degenen die verloren gaan. Het keert immers nimmer ledig weer, en het doet ook in hen, wat god behaagt, en dan is de werking van het Woord ontzettend:
Het woord des kruises is dengenen, die verloren gaan, dwaasheid, en de Joden een ergernis ( 1 Kor. 1: 21, 23). Het Evangelie is in degene die verloren gaan, een reuk des doods ten dode ( 2 kor. 2:16). Degene die ongehoorzaam zijn, stoten zich aan het Woord ( 1 Petr.2:8), gelijk de prediking van het Evangelie een sleutel van de hemelen is, niet alleen om het koninkrijk te ontsluiten, maar ook om het toe te sluiten en de deuren toe te vergrendelen.

Het woord is geen ijdele klank, geen ledig teken, geen koud symbool; maar alle woord, ook van de mens, is een macht, groter en duurzamer dan de macht van het zwaard; er zit gedachte, geest, ziel, leven in. Indien dit geldt van het woord in het algemeen, hoeveel te meer van het woord dat van Gods mond uitgaat en door Hem gesproken wordt? Dat is een woord, dat schept en onderhoudt, oordeelt en doodt, herschept en vernieuwt, altijd zijn werking doet en nooit ledig wederkeert.
Bij een mensenwoord maakt het een groot verschil of het geschreven of gedrukt is, gelezen of gehoord wordt; en bij het gesproken woord is wederom de vorm en voordracht van de grootste betekenis. Ook hangt de macht van een mensenwoord af van de mate waarin iemand zijn hart, zijn ziel, erin neergelegd heeft, van de afstand die tussen de persoon en zijn woord bestaat.
Maar bij God is dit anders. Het is altijd Zijn Woord; Hij is er altijd bij tegenwoordig. Hij draagt het steeds door Zijn almachtige en alomtegenwoordige kracht; Hij is het altijd zelf die in wat vorm en door wat middelen dan ook het tot de mensen brengt en er hen door roept.
Daarom al is het woord van God, dat in toespraak, boek of geschrift tot de mensen gebracht wordt, wel uit de Heilige Schrift genomen maar niet met die Schrift gelijkvormig, toch is het een woord van God dat van Godswege tot de mensen komt door de Heilige Geest gesproken wordt en daarom ook altijd zijn werking doet.
Het woord van God is nooit los van God, van Christus, van de Heilige Geest;
Zo is dan het Woord des Heeren altijd een kracht Gods en een zwaard des Geestes, en dit blijkt ook duidelijk bij het gebruik van de Heilige Schrift.

Van de prediking kan niemand zich ooit losmaken. Wanneer Christus door Zijn Kerk en nader door Zijn dienstknechten Zijn Evangelie tot ons heeft doen uitgaan, bindt dat Evangelie ons, omdat in die prediking een boodschap was van de Zender Zelf, die ons blijvend verantwoordelijk stelt. Geloven wij deze boodschap en nemen wij haar vertrouwend aan, de belofte van het Evangelie wordt aan ons vervuld, maar wijzen wij haar af, ook al kwam ze slechts eenmaal tot ons, God laat geen enkele dreiging welke Zijn Woord bevat, tegen ons allen vallen.
De apostel Paulus noemt dit een reuk des levens ten leven en een reuk des doods ten dode, of zoals er letterlijk staat: een reuk uit leven tot leven en een reuk uit de dood tot dood. En dat zegt Paulus niet van Christus, maar van de verkondigers van Christus.
Want wij zijn Gode een goede reuk van Christus, in degenen, die zalig worden, en in degenen, die verloren gaan;  Dezen wel een reuk des doods ten dode; maar genen een reuk des levens ten leven. (2 Kor.2:15,16)
De verkondiger van het Evangelie is door het Evangelie dat hij predikt, en door de Schrift die hij opent, het uitgangspunt van een leven of dood-aanbrengende macht. Hij is in de vervulling van zijn ambt enkel en alleen door het Woord dat hij bedient, als een reuk, die voor de een tot een adem des levens , voor de ander tot een dodend vergif wordt.
Precies dezelfde gedachte vinden wij in de profetie van Ezechiel, waar dit woord des Heren tot de profeet komt, een woord waarin voor alle dienstknechten en predikers een machtige roeping van de de Heeren ligt:
Gij nu, o mensenkind! Ik heb u tot een wachter gesteld over het huis Israels; zo zult gij het woord uit Mijn mond horen, en hen van Mijnentwege waarschuwen.
Als Ik tot den goddeloze zeg: O goddeloze, gij zult den dood sterven! en gij spreekt niet, om den goddeloze van zijn weg af te manen; die goddeloze zal in zijn ongerechtigheid sterven, maar zijn bloed zal Ik van uw hand eisen.
Maar als gij den goddeloze van zijn weg afmaant, dat hij zich van dien bekere, en hij zich van zijn weg niet bekeert, zo zal hij in zijn ongerechtigheid sterven; maar gij hebt uw ziel bevrijd.
Daarom, gij mensenkind! zeg tot het huis Israels: Gijlieden spreekt aldus, zeggende: Dewijl onze overtredingen en onze zonden op ons zijn, en wij in dezelve versmachten, hoe zouden wij dan leven?
Zeg tot hen: Zo waarachtig als Ik leef, spreekt de Heere HEERE, zo Ik lust heb in den dood des goddelozen! maar daarin heb Ik  lust, dat de goddeloze zich bekere van zijn weg en leve. Bekeert u, bekeert u van uw boze wegen, want waarom zoudt gij sterven, o huis Israels?


Zo ernstig is de prediking van het Woord.
Voor die ze brengen en die ze horen.
En zalig is hij die dit hoort en het bewaart.
Want naar dat Woord zal God in dit en in het toekomende leven oordelen.
Het evangelie zal de maatstaf zijn voor onze hemelse Rechter.
Hij zal vragen of u Zijn getuigenis en dus ook Zijn Schrift hebt aangenomen of verworpen, en
indien iemand afdoet van de woorden des boeks dezer profetie, God zal zijn deel afdoen uit het boek des levens, en uit de heilige stad, en uit hetgeen in dit boek geschreven is.

( Openb.22:19)

Mits wij de kracht van het Woord van de Heeren niet beperken tot de ambtelijke verkondiging of tot welke prediking van het Evangelie dan ook. Er is naast deze bediening van het Woord ook een persoonlijke gebruik in de gezinnen en voor het eigen individueel leven. Elke lezing en overdenking van de Heilige Schrift in de kring van het gezin of in het particuliere leven is een openen van Gods Woord. En in dat openen komt de Heere met een boodschap tot ons, die niet ledig tot Hem terugkeert. En sterker nog, Zijn Woord is zelf de goddelijke aankondiging, dat Hij geen lust heeft in onze dood, maar daarin dat wij ons bekeren en leven.
En ieder die dit aanbod van de genade versmaadt, versmaadt het leven en kiest voor de dood.

Indien deze dingen sterker onder ons leefde, zouden wij voorzichtiger en tederder met de Schrift omgaan, en zouden wij Gods Woord meer en heilig bewaren. Op dezen zal Ik zien, spreekt de Heere; op de arme en verslagene van geest, en die voor Mijn Woord beeft (Jes.66:2). Weest quakers. Hoort des HEEREN woord, gij die voor Zijn woord beeft (Jes.66:5). En dit beven voor Gods Woord wordt geboren, ja door de wederbarende werking van de Heilige Geest, maar ook uit het besef dat dit Woord is een kracht ten leven of ten dode, en dat zij nooit werkloos blijft. Zij spreekt zalig of zij verdoemt. Zij opent of zij sluit; indien zij niet is tot een opstanding, is zij tot een val.


9)  Kern
God die van zijn kinderen houdt, heeft hen Zijn Woord en Geest gegeven.
Wij die van onze kinderen houden, laten wij het levend Woord aan onze kinderen pogen door te geven biddend voor de leiding van de Heilige Geest. En ze voorgaan in het bijbellezen, niet uit traditie maar uit een brandend hart toegewijd aan God, door de persoonlijk band met Christus onze verlosser.  Zoals bij Timotheus die van kinds af in de heilige Schriften was onderwezen. Vaak wordt voor het bijbellezen nauwelijks meer de tijd genomen. Is het tijd of prioriteit. We zijn gezegend dat we nog in de genadetijd leven, biddend dat we de fakkel mogen doorgegeven aan onze kinderen opdat niet de kandelaar eens zal worden weggehaald, maar dat we in dankbaarheid tot onze Vader mogen komen: Ik en mijn huis, wij zullen de Heere Dienen.
( Dit is, in het niet-zo-kort, de achtergrond waarom ik dat artikel uit de Gezindsgids een goed artikel vind)


10)  Slot

GODS WOORD

De Heere gaf Zijn Woord van oude tijden:
Eerst sprak Hij tot de mens van mond tot mond.
Toen ging Hij Mozes tot Zijn dienst bereiden
-die Hij daartoe aan Faro’s hof verbond,
 voordat Hij hem tot ’t volk van Isrel zond-.
Toen Amalek voor Isrel was verslagen
en door Gods macht verpletterd tot de grond,
moest Mozes van Gods grote Naam gewagen;
hij moest gaan schrijven wat zijn ogen zagen,
ja meer, wat God in ’t hart sprak door Zijn Geest.
Hij moest ook schrijven uit verleden dagen,
wat van ’t begin der schepping was geweest,
opdat zelfs nù een ieder die het leest
ootmoedig ’s Heeren heerlijkheid zal loven;
opdat een nietig mens zijn Schepper vreest:
O God, niets gaat Uw grote Naam te boven.

Zovelen hebben, door Gods Geest gedreven,
geschreven aan het Woord van God op aard’.
God gaf het ons als richtsnoer voor ons leven;
Hij heeft Zichzelf daarin geopenbaard,
en Christus in Persoon en werk verklaard;
ook wil Hij wie de mens is daarin leren.
Hij heeft Zijn Woord door d’eeuwen heen bewaard.
De satan tracht Gods werken te verteren;
dit zal hij tot de jongste dag proberen.
Maar God zal tot het einde van de tijd
nog mensen door Zijn Woord en Geest bekeren;
Hij leert hen Zelf de weg der zaligheid.
Zo vormt Hij Zich op aard’een kerk in strijd.
Toch zal Gods Kerk, al gaat het door een oven,
eens jubelen in eeuw’ge heerlijkheid:
O God, niets gaat Uw grote Naam te boven!

Nòg is Gods Woord voor velen tot een zegen,
nòg is het niet gesloten in ons land;
nòg roept de Heere in Zijn Woord ons tegen:
Hoort naar Mijn stem, geef Mij uw hart en hand!
Bewaart Mijn Woord als een onschatbaar pand!
Toch willen velen naar dat Woord niet horen;
Het is een ergernis voor het verstand.
Maar als slechts ’t aardse goed ons kan bekoren
gaan wij er zeker eeuwig mee verloren.
Dan zal de Heer’ ons rechten naar dat Woord.
God open onze geest’lijk dove oren!
Dan wordt Zijn roepstem in ons hart gehoord
En trekt de Heer’ ons met Zijn liefdekoord;
dan gaan wij door Zijn Geest Zijn Woord geloven
en wordt hier reeds ons staam’lend lied gehoord:
O God, niets gaat Uw grote Naam te boven!
Christien de Priester
« Laatst bewerkt op: februari 26, 2011, 10:23:22 am door Titaan. »

wimnusselder

  • Berichten: 727
    • Bekijk profiel
Bijbellezen probleem door taal?
« Reactie #5 Gepost op: februari 26, 2011, 10:42:44 am »
Hoi Trajecto,

quote:

Trajecto schreef op 25 februari 2011 om 17:30:
Je bidt waar dan ook nooit zichtbaar voor het eten, denk ik(?).
In Quakerverband zijn we samen stil voor het eten; verder zelden inderdaad.

quote:

is er kans dat je je eigen gewoontes [...] door [argumenten voor bijbellezen/bidden] zal laten beïnvloeden?

O, zeker, maar vast niet zo ver dat ik geheel zal terugkeren naar de gewoontes van mijn ouders uit mijn kindertijd.
Daar zijn ze zelf overigens ook inmiddels van afgestapt.

quote:

Zit wat in alhoewel het ene [beginnen bij een bijbeltekst] het andere [beginnen bij een actueel probleem] nou ook weer niet geheel behoeft uit sluiten...
Logischerwijs wel.

quote:

Bijbelkennis een belangrijke basis [...] relativeer je [...] tot er in mijn ogen nauwelijks iets van over is.

Slechts als duivelsadvocaat.
Voor mij is de Bijbel beslist meer dan voer voor historici.
Ik heb honderden boeken in mijn boekenkast staan.
Minstens de helft daarvan heb ik nooit gelezen, omdat ze daar gekomen zijn door mijn vrouw of als ongevraagde cadeaus.
Een paar tientallen heb ik vaker ingekeken nadat ik ze gelezen had.
Alleen de Bijbel en Quaker Faith and Practice raadpleeg ik regelmatig.

quote:

ik zie hier wel heel duidelijk de bekende "beweging" van grofweg de laatste halve eeuw gedemonstreerd die bij velen bewandeld is. [...] teloorgang van religie

Slechts een teloorgang van uiterlijke vormen van religie in mijn beleving.
De kernwaarden herken ik in toenemende mate bij mijn kinderen; ik maak me helemaal geen zorgen dat ik niet heb overgebracht wat ik het belangrijkst vind.
Hoe ik dat heb gedaan weet ik ook niet precies; uiteindelijk moet God dat toch doen in ieders hart en ben je slechts toeschouwer bij het groeien van het goede in je kinderen.

quote:

In hoeverre is godsdienst eigenlijk wel een aandachtsveld voor jou of meer een snufje humanisme en wat ethiek?

Ik ben er dagelijks en intensief mee bezig, aantoonbaar met Google...

Met v&Vriendengroet,

Wim

wimnusselder

  • Berichten: 727
    • Bekijk profiel
Bijbellezen probleem door taal?
« Reactie #6 Gepost op: februari 26, 2011, 12:23:59 pm »
Hoi Titaan,

Zou je je willen beperken tot de kern van wat je te zeggen hebt als je reageert op wat ik schrijf?
Dit is me echt te lang, al haast om te lezen, laat staan om te beantwoorden.
Hier en daar reagerend op wat snippers:

quote:

Titaan. schreef op 26 februari 2011 om 01:14:
Je spreekt niet erg hoog over de Bijbel.
Vergis je niet: ik speelde slechts de rol van duivelsadvocaat.

quote:

Je hebt bevinding gevonden, noem je, maar bevinding van wat?
Van de levende Christus, de Heilige Geest, God's geest die is uitgestort over al wat leeft.

quote:

Je wilt terug naar de wortels in de ervaring die aan de bijbel ten grondslag lag, maar hoe ken je dan deze wortels?
Ik ken ze in mijn religieuze ervaring; ik herken ze o.a. in de Bijbel.

quote:

Je noemt jezelf Christen, maar wie is Christus en wie bepaald wat Christus inhoud?
Je ziet het belang van het overdragen van waarden en wijzen van Christus-zijn, maar wat zijn die waarden en wie bepaald dat?
Je erkend het lichaam van Christus, maar welke Christus?

Christus leeft in wie hem toestaat in hen te leven; wij als gelovigen bepalen dat, samen, in wat ons verbindt, dus niet uit eigen individuele kracht.
Wij zijn verbonden in de Geest, dus uit die Geest.

quote:

Je uit je bezorgdheid over degene die je verdenkt de bijbel gemaakt te hebben als enige bron en grondslag van het geloof, maar is de bijbel überhaupt wel een bron en een grondslag voor jouw geloof??  
Oftewel, wat is jouw fundament, hoe ken je die?

Nee, die drie-eenheid is meer dan genoeg voor mij.
De Bijbel is geen zelfstandige bron, maar een communicatiemiddel tussen mensen vroeger en nu.
Je kunt er in herkennen hoe die Geest toen in mensen werkte.

quote:

De Grond van ons geloof kan niet liggen in het menselijke want dit menselijke is tijdig en zondig. De Grond van ons geloof moet, als het vast en onbewogen wil wezen, alleen te vinden zijn in God.

Eens, maar we vinden God ook in onszelf, als diepste Zelf, waarmee we ons kunnen identificeren.
Het menselijke is de illusie gescheiden te zijn van dat diepste Zelf (althans: dat is één mogelijke manier om het te zeggen, en als op slakken zout gaat leggen is ook die formulering aanvechtbaar).

quote:

quote:

Een oprecht geloof is niet alleen een zeker weten of kennis, maar ook een vast vertrouwen.
Het geloof begint dus met kennen.

Nee, het geloof begint met vertrouwen.
Slechts wie vertrouwt op de wetenschappelijke methode kan wetenschappelijke kennis tot zich nemen.
Slechts voor wie gezag toekent aan de Bijbel, is deze een bron van kennis.

quote:

Wij kunnen God kennen doordat Hij zich openbaart.
De Schrift is het boek van de openbaring van God.
God's Woord is in ons hart en op onze tong gelegd en als we toestaan dat de Bijbel ons daarvan afleidt, dan zijn we verkeerd bezig.

quote:

En God heeft de werking van de Heiligen Geest gegeven opdat Zijn uitverkorenen de weg van het heil zouden kennen.

De Bijbel wijst de weg naar de Heilige Geest, niet andersom.
Naarmate we de directe toegang tot de Geest gevonden hebben (en vast weten te houden), hebben we de Bijbel minder nodig.

quote:

Christus houding van vertrouwen in de Schrift en volledige onderwerping daaraan, bepaalt hoe mijn eigen houding moet zijn ten opzichte van de Schrift.

De Schrift waarover Jezus beschikte was een andere dan (slechts een deel van) waarover wij beschikken.
Juist in de Bijbel wordt een patroon van voortgaande en cumulatieve openbaring zichtbaar dat -blijkens het Pinksterverhaal- door kan lopen tot in onze tijd, voor zover wij ons daarvoor open stellen.

quote:

het Woord Gods veel ruimer en breder van omvang [...] dan de Schrift.
Helemaal mee eens.

quote:

In de Bijbel op zichzelf ligt geen kracht om te bekeren. Het is instrument, genademiddel, en evenmin als de doop zelf de wedergeboorte of het avondmaal zonder meer de versterking van het geloof werkt, maar deze zijn alle middelen in de hand van de Geest om het werk van Christus toe te passen. Zo is ook de Schrift geen kracht tot zaligheid wanneer niet de Geest Zijn werking paart aan het woord.

En die Geest heeft ook andere middelen dan de Bijbel en zelfs andere middelen dan het christendom tot zijn beschikking.
Het is onze menselijkheid, onze illusie van gescheidenheid van God en van elkaar, die ons doet denken dat de Geest zichzelf zou tegenspreken door via verschillende wegen, zelfs via verschillende religies, tot ons te spreken (waarmee niet gezegd is dat de uiterlijke vormen van die religies, van welke religie dan ook, heilig zijn).

quote:

de letter doodt, maar de Geest maakt levend

Paulus overdreef een beetje.
De letter, voor letterlijk waar en als bron van onfeilbare kennis bechouwen, doodt niet, maar scheidt mensen van elkaar en daarmee van God.

quote:

Weest quakers.
:)

quote:

dit beven voor Gods Woord [...] door de [...] Heilige Geest, maar ook uit het besef dat dit Woord is een kracht ten leven of ten dode, en dat zij nooit werkloos blijft. Zij spreekt zalig of zij verdoemt. Zij opent of zij sluit; indien zij niet is tot een opstanding, is zij tot een val.
Inderdaad: "Take heed [...] to the promptings of love and truth in your hearts. Trust them as the leadings of God whose Light shows us our darkness and brings us to new life."

quote:

Wij die van onze kinderen houden, laten wij het levend Woord aan onze kinderen pogen door te geven
... zoals dat in ons hart en op onze tong is gelegd, hen daarmee verwijzend naar de werking van de Geest in henzelf.

quote:

En ze voorgaan in het bijbellezen

... tenzij dat hen daar slechts van afleidt, doordat lezen voor hen een heel andere functie heeft dan het vroeger voor mensen had, waardoor ze het Woord van God zoals dat via de Bijbel spreekt zouden misverstaan voor mensenwoorden.
In dat geval is het beter om God via onszelf, in onze eigen woorden, tot hen te laten spreken.

quote:

Maar God zal tot het einde van de tijd
nog mensen door Zijn Woord en Geest bekeren

Woord én Geest..., want God's woord is méér dan de Bijbel en God's geest is nóg weer meer.
Slechts wat we kennen in de Geest kunnen we herkennen in de Bijbel.

Met v&Vriendengroet,

Wim

Piebe

  • Berichten: 6200
  • oud katholiek
    • Bekijk profiel
Bijbellezen probleem door taal?
« Reactie #7 Gepost op: februari 26, 2011, 12:39:57 pm »
Domweg uit de Bijbel lezen heeft niet zoveel effect denk ik, want de korte tijd dat mijn ouders dat deden heb ik altijd als erg vervelend ervaren. Het woord geef je niet door middels de Bijbel te dicteren maar door er naar te leven. En wanneer je kinderen dan vragen naar de hoop die in je leeft is dat een uitgelezen kans om er over te beginnen! Het verplichte karakter waar sprake van is binnen de Gereformeerde kerken nodigt alleen maar uit tot rebelleren, want de ouders pressen om het woord door te geven, waarmee ze pas goed het tegendeel bereiken.
'Wie van zijn bezit of zijn werk leeft heeft het goed, maar wie een schat vindt heeft het beter.'

Titaan.

  • Berichten: 428
    • Bekijk profiel
Bijbellezen probleem door taal?
« Reactie #8 Gepost op: februari 28, 2011, 10:51:33 pm »

quote:

Piebe schreef op 26 februari 2011 om 12:39:
Domweg uit de Bijbel lezen heeft niet zoveel effect denk ik, want de korte tijd dat mijn ouders dat deden heb ik altijd als erg vervelend ervaren. Het woord geef je niet door middels de Bijbel te dicteren maar door er naar te leven. En wanneer je kinderen dan vragen naar de hoop die in je leeft is dat een uitgelezen kans om er over te beginnen! Het verplichte karakter waar sprake van is binnen de Gereformeerde kerken nodigt alleen maar uit tot rebelleren, want de ouders pressen om het woord door te geven, waarmee ze pas goed het tegendeel bereiken.
domweg uit de Bijbel lezen is misschien niet optimaal. Hoewel we ook de kracht van Gods Woord niet moeten onderschatten; dat Gods zelfs daar doorheen kan werken. Zelfs als het kind dan b.v. rebelleert en pas later de inhoud van de Schriftwoorden indachtig wordt die hem er met de paplepel ingepropt zijn.
Maar
“Is het een kwestie van snel even een stukje lezen of wordt er de tijd voor genomen en wordt er bij het lezen gedeelte stilgestaan? Vaak is het Bijbellezen in de gezinnen niet meer dan gedachteloos volgen van traditie. Even lezen… Maar de Bijbel vraagt meer. Het is immers Gods Woord. Door dit Woord wil de Heere spreken.
Het is de taak van volwassenen om de boodschap van de Schrift zo dicht mogelijk aan de harten van de kinderen te leggen, met de bede of de Heere het erin wil brengen. Het is niet voldoende als er oppervlakkig wordt gelezen.”

Kinderen zien vaak haarscherp de waarachtigheid. Je kunt bijvoorbeeld wel heel vaak zeggen dat roken slecht is maar meer zeggingskracht heeft het als je zelf stopt of serieus daar tegen vecht. Je kunt wel roepen dat schelden slechts is, maar een wachter voor je eigen lippen zetten heeft vaak meer impact. Je kunt wel zeggen dat je kinderen je als ouders moet eren, maar hoe eren wij onze eigen ouders. Dus de kracht van het voorleven en voorbeeld zijn. Of anders gezegd: de kracht van de oprechtheid van wat je zegt; dat het vanuit je hart komt en doorwerkt in he dagelijkse leven.
Als we willen dat het horen naar Gods Woord op zijn waarde wordt geschat door onze kinderen dan horen we ze te laten zien hoe wij God van harte willen gehoorzamen in ons leven, en onszelf telkens opnieuw willen richten naar Zijn Woord. Dit is mijn ervaring tenminste. Ik hoefde niet verplicht de bijbel (zelf) te lezen ( en deed dat ook lang niet), maar kreeg in mijn opvoeding wel mee het respect en de eerbied voor de Heilige Woorden van onze Hemelse Vader bij het dagelijks openen van Zijn Woord waarin Hij tot ons sprak, en in het gebed waarin wij tot Hem spraken. Ik ervaar dat als een zegen van God.
Het is de Schrift die ons tot Jezus leidt
Het is de Schrift waaruit het leven met Jezus troost en kracht put.
Het is ook de Schrift waarin het leven voor Jezus zijn regel en vastigheid vindt, en zo leeft een kind van God dag aan dag uit en met Gods Woord.

( Deze grondgedachte en basishouding, heeft dan zijn praktische uitwerking in verschillende aspecten hoe je een kind iets -menselijkerwijs- kunt overbrengen [bewust of onbewust]. En dat verschilt ook wel per ouder en per kind. Denk aan gewenning, aandacht, regelmaat, tijd en rust ervoor maken, stimuleren, ondersteuning bieden, laten groeien van melkspijze tot vast voedsel, etc.)
« Laatst bewerkt op: februari 28, 2011, 10:56:27 pm door Titaan. »

Titaan.

  • Berichten: 428
    • Bekijk profiel
Bijbellezen probleem door taal?
« Reactie #9 Gepost op: februari 28, 2011, 10:51:45 pm »

quote:

wimnusselder schreef op 26 februari 2011 om 12:23:
Hoi Titaan,
Zou je je willen beperken tot de kern (...)
Wim, Ik zal me eerst richten tot de kern:

quote:

quote:

Titaan schreef:
Je noemt jezelf Christen, maar wie is Christus en wie bepaald wat Christus inhoud?
Wim schreef:
Christus leeft in wie hem toestaat in hen te leven; wij als gelovigen bepalen dat, samen, in wat ons verbindt, dus niet uit eigen individuele kracht.
Wij zijn verbonden in de Geest, dus uit die Geest.

Dit is m.i. geen antwoord op het cruciale deel van m’n vraag.
Christus is bij jouw tot dusverre in onze communicatie nog een leeg begrip; je hebt nog niet gedefinieerd wie of wat Christus is. Het is nog een naam zonder inhoud, een klank zonder wezen.

Dus wie is Christus ?
Concreter:
Geloof je dat Christus, de Zoon van God, je persoonlijke verlosser is, die gestorven is aan het kruis en zodoende met zijn kostbare bloed betaald heeft voor de zonden van degene die in Christus geloven. En dat hij nadat Hij is gestorven op Golgotha, na drie dagen weer is opgestaan uit de doden. En geloof je dat het geloof in deze Christus, de enige weg is tot de Almachtige God?

DIT heeft Jezus gesproken, (…) en zeide:
En dit is het eeuwige leven, dat zij U kennen, de enigen waarachtigen God, en Jezus Christus, Dien Gij gezonden hebt. (Joh,17:1,3)
En de zaligheid is in geen ander; want er is ook onder den hemel geen andere naam, die onder de mensen gegeven is, door welken wij moeten zalig worden. (Hand.4:12)
Deze geven getuigenis al de profeten, dat een iegelijk die in Hem gelooft, vergeving der zonden ontvangen zal door Zijn Naam. (Hand 10:43)
In Denwelken wij de verlossing hebben door Zijn bloed, namelijk de vergeving der zonden; Kol 1.:14
door vrede te brengen met Zijn bloed aan het kruis (Kol.1:20).
Want dat is Mijn bloed, het bloed des Nieuwen Testaments, hetwelk voor velen vergoten wordt, tot vergeving der zonden. (Matt.26:28)
zonder bloedstorting geschiedt geen vergeving. (Hebr.9:22)
 “Noch door het bloed der bokken en kalveren, maar door Zijn eigen bloed, eenmaal ingegaan in het heiligdom, een eeuwige verlossing teweeggebracht hebbende. (Hebr.9:12)
En [we] worden om niet gerechtvaardigd, uit Zijn genade, door de verlossing die in Christus Jezus is; (Rom.3:24)  
Jezus zeide: Ik ben de Weg, en de Waarheid, en het Leven. Niemand komt tot de Vader dan door Mij. (Joh.14:6)





Pas als we weten wie Christus is, kunnen we hem proberen te volgen. Ook in hoe Hij ons voorgaat in hoe we de Bijbel moeten lezen, en met welk gezag de Bijbel tot ons komt.

Want,
Je hebt eens gezegd: “we zijn zelfs bereid niet-christenen als quaker te accepteren”.
Dit impliceert dat niet iedere Quaker een Christen is. Jij wilt Quaker zijn. Klaarblijkelijk wil je dus niet noodzakelijkerwijs Christen zijn?
En als ik me niet vergis geloven veel Quakers (jij ook?) dat elk geloof en alle religie’s correct zijn en gelijkwaardig. Dus de mening dat er voor ons een weg is tot de Vader zonder de Here Jezus Christus.

quote:

quote:

Titaan schreef:
Je spreekt niet erg hoog over de Bijbel.
Wim schreef:
Vergis je niet: ik speelde slechts de rol van duivelsadvocaat.
Maar nog steeds zie ik je geen gezag toekennen aan de Bijbel.
De ene keer zeg je dat Paulus overdrijft, de ander keer zeg je dat wat Matheus schrijft niet zondermeer opvolgingswaardig is. Oftewel, je hebt een andere gezagsbron en kenbron dan de bijbel. Op grond hiervan neem je het ene Schriftwoord aan en verwerp je het ander.
Hebben de woorden van Christus zoals die in de Bijbel opgetekend staan, voor jouw goddelijk gezag?

Niet elke geest die zich beroept op de Geest van Christus is daadwerkelijk een Geest van God.
Want er zijn vele verleiders in de wereld gekomen, die niet belijden dat Jezus Christus in het vlees gekomen is. Deze is de verleider en de antichrist. (2 Joh:7)
GELIEFDEN , gelooft niet een iegelijken geest, maar beproeft de geesten of zij uit God zijn; want vele valse profeten zijn uitgegaan in de wereld.
Hieraan kent gij de geest Gods: Alle geest die belijdt dat Jezus Christus in het vlees gekomen is, die is uit God; Hieraan kent gij de geest Gods: Alle geest die belijdt dat Jezus Christus in het vlees gekomen is, die is uit God;
En alle geest die niet belijdt dat Jezus Christus in het vlees gekomen is, die is uit God niet; maar dit is de geest van den antichrist, welken geest gij gehoord hebt dat komen zal, en is nu alrede in de wereld. (I Joh.4)
« Laatst bewerkt op: maart 01, 2011, 12:39:03 pm door Titaan. »

wimnusselder

  • Berichten: 727
    • Bekijk profiel
Bijbellezen probleem door taal?
« Reactie #10 Gepost op: maart 05, 2011, 03:14:42 pm »
Hoi Titaan,

quote:

Titaan. schreef op 28 februari 2011 om 22:51:
Ik zal me eerst richten tot de kern

Mooi.
Ik zoiu het op prijs stellen als je ook nog zou willen proberen om je kernachtiger uit te drukken, meer in eigen woorden en zonder al teveel citaten die ik ook zelf kan opzoeken als je een referentie geeft.

quote:

Christus is bij jouw tot dusverre in onze communicatie nog een leeg begrip

Christus is God is Geest is in de eerste plaats een ervaring.
Ervaring is lastig te definiëren, maar voor mij is mijn meest betekenisvolle, meest religieuze (her-verbindende) ervaring ervaring van verbondenheid tussen alles en iedereen.
Die ervaring komt o.a. tot uitdrukking in ingevingen van liefde en waarheid (waarbij die waarheid betrekking heeft op die verbondenheid van alles en iedereen) die die verbondenheid zichtbaar maken en die bestaande scheefgegroeide patronen doorbreken.

Die ervaring herken ik in de Bijbel, in beeldende taal als het door één God geschapen zijn van alles en iedereen, het door één goddelijke rechter aan de hand van één Wet beoordeeld worden van iedereen, kinderen van één Vader zijn, God's geest over 'alle vlees' uitgestort zijn etc.
Die God werd het volledigst zichtbaar in Jezus.

quote:

Geloof je dat Christus, de Zoon van God, je persoonlijke verlosser is, die gestorven is aan het kruis en zodoende met zijn kostbare bloed betaald heeft voor de zonden van degene die in Christus geloven. En dat hij nadat Hij is gestorven op Golgotha, na drie dagen weer is opgestaan uit de doden. En geloof je dat het geloof in deze Christus, de enige weg is tot de Almachtige God?
Wat ons verlost is een geloof als dat van Jezus in God, ons vertrouwen op God, op die verbindende ervaring, op die ingevingen van liefde en waarheid.
Geloof over Christus, in een theologische definitie, helpt ons niet, scheidt ons eerder, van elkaar en van God.
Dat neemt niet weg dat ik ook in dat soort geloofsformuleringen tot op zekere hoogte diezelfde ervaring van verbondenheid herken.
Het werkt echter niet goed (in de relatie met andere mensen) om me op bepaalde formuleringen vast te leggen.
De letter scheidt, de Geest verbindt.

quote:

Pas als we weten wie Christus is, kunnen we hem proberen te volgen.
Pas als we hem ervaren.

quote:

Ook in hoe Hij ons voorgaat in hoe we de Bijbel moeten lezen, en met welk gezag de Bijbel tot ons komt.
Jezus had de Bijbel zoals wij die kennen nog niet tot zijn beschikking.

quote:

niet iedere Quaker een Christen
Ik wel.

quote:

En als ik me niet vergis geloven veel Quakers (jij ook?) dat elk geloof en alle religie's correct zijn en gelijkwaardig.

De gelijkwaardigheid van mensen (niet van geloven en religies) is een ervaring.
Ik ervaar geloven en religies niet als gelijkwaardig, want ik heb gekozen om christen te zijn.

quote:

Maar nog steeds zie ik je geen gezag toekennen aan de Bijbel.

De Bijbel ontleent zijn gezag voor mij aan de herkenning in de Bijbel van onze religieuze ervaring.
Daarbij gaat het wel om collectieve, zo divers mogelijke religieuze ervaring.
Er zijn ook veel menselijke zwakheden te herkennen in de Bijbel en om die te onderscheiden van wat gezaghebbend is in de Bijbel hebben we elkaar nodig.

quote:

Niet elke geest die zich beroept op de Geest van Christus is daadwerkelijk een Geest van God.

Klopt, het gaat om die geest van verbondenheid, die geest van én liefde én waarheid (gecombineerd).

Met v&Vriendengroet,

Wim

Titaan.

  • Berichten: 428
    • Bekijk profiel
Bijbellezen probleem door taal?
« Reactie #11 Gepost op: maart 10, 2011, 03:17:38 am »

quote:

wimnusselder schreef op 05 maart 2011 om 15:14:
Ik zou het op prijs stellen als je ook nog zou willen proberen om je kernachtiger uit te drukken,
En dat zeg je in een bijdrage die al meer regels bevat dan mijn bijdrage waarop je reageerde ? (de bijbelteksten niet meerekende).

Maar serieus, kernachtig uitdrukken is een goed streven. Maar vanzelfsprekend zegt dit primair iets over de relatieve lengte en niet over de absolute lengte. Maar hoe het ook zij, ook zulke bijkomstige doelen worden meegewogen.

quote:

Wim schreef:
meer in eigen woorden en zonder al teveel citaten die ik ook zelf kan opzoeken als je een referentie geeft.
??
Neem niet teveel aan.

quote:

quote:

Titaan schreef:
Christus is bij jouw tot dusverre in onze communicatie nog een leeg begrip
Wim schreef:
Christus is God is Geest is in de eerste plaats een ervaring.
Ervaring is lastig te definiëren, maar voor mij is mijn meest betekenisvolle, meest religieuze (her-verbindende) ervaring ervaring van verbondenheid tussen alles en iedereen.
Die ervaring komt o.a. tot uitdrukking in ingevingen van liefde en waarheid (waarbij die waarheid betrekking heeft op die verbondenheid van alles en iedereen) die die verbondenheid zichtbaar maken en die bestaande scheefgegroeide patronen doorbreken.
Je benoemt verschillende aspecten maar weinig daarvan geven m.i. een daadwerkelijk invulling van wat je onder Christus verstaat:
-   Je zegt dat Christus in de eerste plaats een ervaring is.
Maar een ervaring is slechts de manier waarop iets tot je komt. En het zegt nog niets over wát die kennis dan is die door ondervinding en ingeving tot je gekomen zou zijn.
-   Vervolgens heb je het over een verbondenheid. Maar verbondenheid is niets zolang niet gedefinieerd is wat die band of verbond precies inhoudt.
-   Dan komen we vervolgens op de kern van je stukje, namelijk dat het gaat om waarheid en liefde. Maar ook hier weer ongedefinieerd. Het plakken van de term ‘waarheid’ op iets is per definitie arbitrair zolang je geen definitie of criteria stelt. Evenzo met de liefde. Wat is liefde? Je kunt met grootst gemak de meeste schokkende dingen noemen die werden gedaan in oprechte liefdebetrachting. Waarheid en liefde als losse termen is een inhoudsloos begrip.
-   (Ten slotte noem je iets over welke personen de ongedefinieerde begrippen van liefde en waarheid zijn uitdrukking op heeft, namelijk tussen alles en iedereen. Bedoel je letterlijk alles en iedereen zonder uitzondering?  )
Dit zijn de redenen waarom ik meen dat Christus bij jouw tot dusverre in onze communicatie nog steeds een leeg begrip is.
Dus wie is nu Christus ?

quote:

Wim schreef:
Die ervaring herken ik in de Bijbel,  in beeldende taal als het door één God geschapen zijn van alles en iedereen, het door één goddelijke rechter aan de hand van één Wet beoordeeld worden van iedereen, kinderen van één Vader zijn, God's geest over 'alle vlees' uitgestort zijn etc.
Je gebruikt het woord “als”, en het woord “beeldende taal”. Maar concreet: erken je dat er één God is, die ook onze Schepper en goddelijke Rechter is en tevens onze Hemelse Vader is ?
(Met deze vraag doelend op het verschil tussen:
 “               door 10 moeders opgevoed zijn”, of het
als door 10 moeders opgevoed zijn” )

quote:

quote:

Titaan schreef:
Geloof je dat Christus, de Zoon van God, je persoonlijke verlosser is, die gestorven is aan het kruis en zodoende met zijn kostbare bloed betaald heeft voor de zonden van degene die in Christus geloven. En dat hij nadat Hij is gestorven op Golgotha, na drie dagen weer is opgestaan uit de doden. En geloof je dat het geloof in deze Christus, de enige weg is tot de Almachtige God?
Wim schreef:
Wat ons verlost is…..
Je zegt geen nee en geen ja;  Dit lijkt een duidelijke keuze.
“Alle geest die niet belijdt dat Jezus Christus in het vlees gekomen is, die is uit God niet; maar dit is de geest van den antichrist” (I Joh.4).

quote:

Wim schreef:
Wat ons verlost is een geloof als dat van Jezus in God, ons vertrouwen op God, op die verbindende ervaring, op die ingevingen van liefde en waarheid.
Geloof over Christus, in een theologische definitie, helpt ons niet, scheidt ons eerder, van elkaar en van God.
“indien Christus niet opgewekt is, zo is uw geloof tevergeefs, zo zijt gij nog in uw zonden.” ( I Kor.15:14).
Als we de feitelijkheden weigeren te erkennen dat onze Here Jezus Christus voor onze zonden is gestorven en opgewekt, dan is ons fundament voor verlossing weg, en dan delen we niet in Christus opstanding omdat we dan nog steeds onder de vloek van de wet vallen; En Gods straf op onze ongerechtigheid zullen dan niet kunnen afwenden.

Elke boodschap, zonder deze kern is een ander evangelie, dan het evangelie van onze Here Jezus Christus.  Maar  “indien de Geest Desgenen Die Jezus uit de doden opgewekt heeft, in u woont, zo zal Hij Die Christus uit de doden opgewekt heeft, ook uw sterfelijke lichamen levend maken door Zijn Geest, Die in u woont.” Rom 8:10-11

Indien gij met uw mond zult belijden den Heere Jezus, en met uw hart geloven dat Hem God uit de doden opgewekt heeft, zo zult gij zalig worden.
Want met het hart gelooft men ter rechtvaardigheid, en met den mond belijdt men ter zaligheid. Want de Schrift zegt: Een iegelijk die in Hem gelooft, die zal niet beschaamd worden. Want er is geen onderscheid, noch van Jood noch van Griek; want Eénzelfde is Heere van allen, rijk zijnde over allen die Hem aanroepen.
Want een iegelijk die den Naam des Heeren zal aanroepen, zal zalig worden.
Hoe zullen zij dan Hem aanroepen in Welken zij niet geloofd hebben? En hoe zullen zij in Hem geloven van Welken zij niet gehoord hebben? En hoe zullen zij horen zonder die hun predikt? … Zo is dan het geloof uit het gehoor, en het gehoor door het Woord Gods. (Rom.10:9-14,17)

Heilig hen in Uw waarheid; Uw Woord is de waarheid.( Johannes 17:17)
Onderzoekt de Schriften, (..) en die zijn het die van Mij getuigen. Johannes (5:39)
En wij hebben het profetische Woord, dat zeer vast is, en gij doet wel dat gij daarop acht hebt, als op een licht schijnende in een duistere plaats, totdat de dag aanlichte en de Morgenster opga in uw harten; Dit eerst wetende, dat geen profetie der Schrift is van eigen uitlegging; Want de profetie is voortijds niet voortgebracht door den wil eens mensen, maar de heilige mensen Gods, van den Heiligen Geest gedreven zijnde, hebben ze gesproken. (2 Tim.3:15)
Want wij zijn geen kunstiglijk verdichte fabelen nagevolgd, als wij u bekendgemaakt hebben de kracht en toekomst van onzen Heere Jezus Christus, maar wij zijn aanschouwers geweest van Zijn majesteit.
En dat gij van kinds af de heilige Schriften geweten hebt, die u wijs kunnen maken tot zaligheid, door het geloof hetwelk in Christus Jezus is. Al de Schrift is van God ingegeven, en is nuttig tot lering, tot wederlegging, tot verbetering, tot onderwijzing die in de rechtvaardigheid is; (2 Petr.1:16,19-21)

quote:

Wim schreef:
Dat neemt niet weg dat ik ook in dat soort geloofsformuleringen tot op zekere hoogte diezelfde ervaring van verbondenheid herken.
Het werkt echter niet goed (in de relatie met andere mensen) om me op bepaalde formuleringen vast te leggen.
De letter scheidt, de Geest verbindt.
- We hebben het hier niet over detail geneuzel, maar over de kernwaarheid, namelijk dat het geloof in het sterven en opstanding van Jezus essentieel is voor onze verlossing. En dat is wat Christus ons zelf voorhoudt. We hebben niet zelf te kiezen wat we wel of niet belangrijk vinden.

Gods Woord scheidt
Want het Woord Gods is levend en krachtig, en scherpsnijdender dan enig tweesnijdend zwaard, en gaat door tot de verdeling der ziel en des geestes, en der samenvoegselen en des mergs, en is een oordeler der gedachten en der overleggingen des harten;  En er is geen schepsel onzichtbaar voor Hem; maar alle dingen zijn naakt en geopend voor de ogen Desgenen met Welken wij te doen hebben. (Hebr.4:12)

En of Christus voor je een hoeksteen is of een steen des aanstoots wordt bepaald door de gehoorzaamheid aan het Woord:
“Daarom is ook vervat in de Schrift: Ziet, Ik leg in Sion een uitersten Hoeksteen, Die uitverkoren en dierbaar is; en: Die in Hem gelooft, zal niet beschaamd worden.
U dan, die gelooft, is Hij dierbaar; maar de ongehoorzamen wordt gezegd: De Steen, Dien de bouwlieden verworpen hebben, Deze is geworden tot een hoofd des hoeks, en een steen des aanstoots, en een rots der ergernis;
Dengenen namelijk, die zich aan het Woord stoten, ongehoorzaam zijnde, waartoe zij ook gezet zijn.” (I Petr.2:6-8)

In den dag wanneer God de verborgen dingen der mensen zal oordelen door Jezus Christus (Rom2:16)
En vóór Hem zullen al de volken vergaderd worden, en Hij zal hen van elkander scheiden, gelijk de herder de schapen van de bokken scheidt. (Matt 25:32)
…de Vader oordeelt niemand, maar heeft al het oordeel de Zoon gegeven,
Opdat zij allen den Zoon eren, gelijk zij den Vader eren. Die den Zoon niet eert, eert den Vader niet, Die Hem gezonden heeft. Voorwaar, voorwaar zeg Ik u: Die Mijn woord hoort, en gelooft Hem Die Mij gezonden heeft, die heeft het eeuwige leven, en komt niet in de verdoemenis, maar is uit de dood overgegaan in het leven. (Joh 5:22-24)

Ik zeg u: In die nacht zullen twee op één bed zijn: de een zal aangenomen en de ander zal verlaten worden.  Twee vrouwen zullen tezamen malen: de ene zal aangenomen en de andere zal verlaten worden.  Twee zullen op den akker zijn: de een zal aangenomen en de ander zal verlaten worden.  En zij antwoordden en zeiden tot Hem: Waar, Heere? En Hij zeide tot hen: Waar het lichaam is, aldaar zullen de arenden vergaderd worden 33). (Luk.17-34-37)


Kanttekening 33)
Van dit spreekwoord, bij de Hebreeën gebruikelijk, zie Job. 39:33. Hiermee wordt geleerd dat waar Christus met Zijn lijden en sterven oprecht gepredikt wordt, de gelovigen zich aldaar zullen vergaderen, gelijk ook dezelve in het laatste oordeel tot Christus zullen vergaderd worden, om altijd bij Hem te blijven, Joh. 17:24. 1 Thess. 4:16, 17.




Christus getuigenis over de Heilige Schrift

quote:

quote:

Titaan schreef:
Ook in hoe Hij ons voorgaat in hoe we de Bijbel moeten lezen, en met welk gezag de Bijbel tot ons komt.
Wim schreef:
Jezus had de Bijbel zoals wij die kennen nog niet tot zijn beschikking.
Dit lijkt me argumentatie. Want neem je wel Christus woorden aan die getuigt van de goddelijkheid van de Schrift, c.q. Oude Testament ??
( En dat dit uiteindelijk voor de gehele Schrift geldt, kan op verschillende manieren bewezen worden, desgewenst daarover later meer)

quote:

Wim schreef:
De Bijbel ontleent zijn gezag voor mij aan de herkenning in de Bijbel van onze religieuze ervaring. Daarbij gaat het wel om collectieve, zo divers mogelijke religieuze ervaring.
Er zijn ook veel menselijke zwakheden te herkennen in de Bijbel en om die te onderscheiden van wat gezaghebbend is in de Bijbel hebben we elkaar nodig.
Als de blinde de stomme helpt dan is dat nog geen basis om geloofszekerheid op te bouwen.De Grond van ons geloof kan niet liggen in het menselijke want dit menselijke is tijdig en zondig. Want de zwakheid die je meent te herkennen is een meting die alleen klopt als je zeker weet dat het meetinstrument onfeilbaar is. De zwakheid die je meent te zien in Gods onfeilbaar Woord, is infeite niet de zwakte van Gods Woord die je meet, maar de zwakte van je begrip en besef. En dan helpt het collectieve niet (als dat er al is) om de meting beter te krijgen; want vaak zitten we collectief mis.

Je sprak over het geloof van Christus. Christus onderwerpt zich aan de autoriteit van de Schrift, zelfs tot in de kleinste details (zelfs één letter)

 1)
Bijvoorbeeld in het betoog dat Christus houdt tegen de Sadduceën over de opstanding uit de doden. Die Sadduceën hebben Hem lastig gevallen met de vraag naar de vrouw die 7 mannen gehad had:
in de opstanding dan, wiens vrouw zal zij wezen van die zeven? Want zij hebben ze allen gehad.” En dan antwoordt Jezus hun: “gij dwaalt, niet wetende de Schriften, noch de kracht Gods. Want in de opstanding nemen zij niet ten huwelijk, noch worden ten huwelijk uitgegeven, maar zij zijn als engelen Gods in de hemel. En wat aangaat de opstanding der doden, hebt gij niet gelezen hetgeen van God tot u gesproken is. Die daar zegt: Ik ben de God Abrahams, en de God Izaks, en de God Jakobs ? God is niet een God der doden, maar der levenden” (Matt.22:23-32).
Dit woord van God waarop de Heiland zich beroept, is het woord dat Hij tot Mozes gesproken heeft vanuit het brandend braambos, en nu is Jezus Conclusie: wanneer God zich zovele jaren na de dood van de aartsvaders nog openbaart als de God van Abraham, Izak en Jakob, en zegt: ik ben hun God, moet volgen dat zij nog leefden en nog bestonden omdat God Zich niet hun God kan noemen als ze niet meer leefden.
Dus de bewijsvoering zou alle grond hebben gemist wanneer er in de plaats van ‘Ik ben’ stond: ‘Ik ben geweest’. En dat is in het Hebreeuws slechts een klein verschil. Dat hangt slechts van enkele letters af.

2)
In Matt.22:41-46, wijst Jezus de Farizeën er op dat Davids Zoon ook Davids Heere is en dus zelf God is. Want David zegt inde 110e psalm: “De Heere heeft gezegd tot mijn Heere: zit aan Mijn rechterhand” (vs.1). Hierop komt alles aan op het tweetal woorden ‘Mijn Heere’ of liever op het ene woord “mijn”. En dat bezittelijke voornaamwoord ‘Mijn’ wordt in het Hebreeuws uitgedrukt door één letter, namelijk de jod, zodat de klem van Jezus betoog hangt aan die ene letter. Zo nauw neemt Jezus de autoriteit van het OT, en zo nauw luistert voor Hem het gezag van deze uitspraken van de Schrift.

En wie hierop let verstaat ook dat de Jezus in de bergrede zegt:
Want voorwaar zeg Ik u: totdat de hemel en de aarde voorbijgaan, zal er niet een jota(kleinste letter van hebr. alfabet), noch een tittel (de kleine streepjes en bochtjes waardoor de verschillende letters uit het hebr. alfabet zich laten onderscheiden), van de wet voorbijgaan, totdat het alles zal zijn geschied.”(matt.5:18).
Of zoals Lukas deze waarheid van de Heere weergeeft: “het is lichter, dat de hemel en de aarde voorbijgaan, dan dat een tittel van de wet valle ”(Luk.16:17).
Sterker kan het gezag van het OT niet beleden worden.

En wanneer het dan aankomt op de jota’s en de tittel’s, op de kleinste letters en de kleinste tekens, dan ook zeer zeker op het kleinste en geringste, wat de Heilige Schrift ons meedeelt, en waarin wij misschien slechts bijkomstigheden zien.
Wij hebben slechts te aanvaarden wat door de Geest van God tot ons is gekomen.
Want Indien Christus het niet beneden Zich geacht heeft om voor de letter van de Schrift te buigen, dan is zeker in geen enkel opzicht vernederend voor ons of een afbreuk aan onze christelijke vrijheid, wanneer wij ootmoedig geloven hetgeen door de heilige schrijvers is te boek gesteld.

wimnusselder

  • Berichten: 727
    • Bekijk profiel
Bijbellezen probleem door taal?
« Reactie #12 Gepost op: maart 13, 2011, 10:40:39 am »
Hoi Titaan,

quote:

Titaan. schreef op 10 maart 2011 om 03:17:
Wij hebben slechts te aanvaarden wat door de Geest van God tot ons is gekomen.

Ik denk dat daar de kern ligt waarin we elkaar kunnen vinden én waar we uit elkaar dreigen te gaan.

Allereerst gaat het daarbij om de inhoud van wat tot ons komt en niet om de vorm.
We hebben talloze psychische vermogens gekregen, zowel individueel en collectief, opdat God ons niet als een marionet hoeft te bedienen.
Daarmee moeten en mogen we zelf de voor ons relevante kern (dat wat tot ons komt) lospellen uit de verpakking die dat voor ons heeft, zeker als het als boodschap was gericht aan een breder en divers publiek.

In de tweede plaats gaat het daarbij niet alleen om de Bijbel, maar om alle manieren waarop God’s geest tot ons komt, nog steeds, zoals verwoord in het Pinksterverhaal en in Joël 2:28-29.
God’s geest komt dus zowel direct tot ons (als we ons daarvoor open stellen) als indirect, via de Bijbel.
Die directe ervaring is het meest individueel, het meest toegespitst op onze situatie.
Die indirecte boodschap hebben we nodig om die ervaring te onderscheiden van andere, menselijke ervaringen.
Door die directe ervaring herkennen we wat de kern, de inhoud van de Bijbel is die voor ons van belang.
Die directe ervaring maakt het ons mogelijk die kern te onderscheiden van wat we als verpakking, als vorm moeten beschouwen.
Goed gebruik van de Bijbel, van dat wat bruikbaar is voor mensen van deze tijd en niet slechts bedoeld was voor lezers destijds, helpt ons de geesten nu te onderscheiden.
Door vergelijking van de Bijbel met andere historische teksten kunnen en moeten we bepalen wat tijd- en plaatsgebonden was en wat universeel.
Waarbij wat universeel is ook nog universeel menselijke fouten bevat, die Gods geest nu ons helpt niet te herhalen.

In de derde plaats zijn onze psychische vermogens en dat begrip van onze geschiedenis gegroeid door de directe werking van God’s geest eeuwen lang.
We hoeven dus de Bijbel niet meer te lezen zoals dat oorspronkelijk en in de eeuwen daarna gebeurde.
Die ontwikkeling, die openbaring gaat voort.
Onze levensverhalen, onze getuigenissen van de werking van God’s geest in ons leven en de getuigenissen van onze medemensen over wat zij zien aan genade van God in onze levens vormen het vervolg op de Bijbel.

quote:

- Je zegt dat Christus in de eerste plaats een ervaring is. Maar een ervaring is slechts de manier waarop iets tot je komt. En het zegt nog niets over wát die kennis dan is die door ondervinding en ingeving tot je gekomen zou zijn.

Het zou een lang verhaal vergen om echt uit te leggen waarom dat niet klopt.
Die uitleg kan opgebouwd worden vanuit de semiotiek: de inhoud van een boodschap wordt bepaald door de context waarin die ontvangen wordt, niet door de zender.
Een boodschap ligt ook niet vast in de drager van de boodschap, zodat bijvoorbeeld de Bijbel niet genoeg heeft aan zichzelf om zijn betekenis te kunnen bepalen.
Die uitleg kan ook opgebouwd worden vanuit de ‘Metaphysics of Quality’, zoals uitgewerkt in Robert Pirsig’s boek “Lila, an inquiry into morals” uit 1991: realiteit is ervaring en niet meer dan dat en ervaring is slechts dat wat waarde heeft voor ons (kwaliteit).

quote:

- Vervolgens heb je het over een verbondenheid. [....] dat het gaat om waarheid en liefde. Maar ook hier weer ongedefinieerd.
God laat zich niet definiëren, niet beperken tot wat wij met onze beperkte (maar groeiende) psychische vermogens kunnen bevatten.

quote:

Bedoel je letterlijk alles en iedereen zonder uitzondering?
Ja.

quote:

erken je dat er één God is, die ook onze Schepper en goddelijke Rechter is en tevens onze Hemelse Vader is?
Tot pre-moderne mensen sprak God in de vom van kennis en strakke instructies (wetten): “Ik ben de Heere uw God... Gij zult...”.
Tot moderne mensen, die hun kennis baseren op wetenschap, sprak en spreekt God in de vorm van beeldspraak en paradoxen, die andere psychische vermogens dan ons intellect aanspreken en ons helpen ons perspectief en onze moraal te verbreden.
Tot post-moderne mensen, menen alle perspectieven en alle soorten van ervaring te kennen of in elk geval te kunnen kennen, spreekt God in de vorm van zingevende ervaring, die ons helpt een weg voorwaarts te zien en niet alles weg te relativeren.

quote:

Je zegt geen nee en geen ja
Omdat ik geen pre-modern mens meer ben.

quote:

Als we de feitelijkheden weigeren te erkennen dat onze Here Jezus Christus voor onze zonden is gestorven en opgewekt, dan is ons fundament voor verlossing weg [...] Elke boodschap, zonder deze kern is een ander evangelie, dan het evangelie van onze Here Jezus Christus.

Net zoals God zoals die zich toont als Vader, Zoon en Heilige Geest één is, zo ook is het evangelie van Christus voor pre-moderne, moderne en post-moderne mensen één.
God is méér dan wat één mens of zelfs één soort mensen of zelfs de mensheid van verleden en heden bijelkaar, van pre-modern tot en met post-modern, kan bevatten.

quote:

kernwaarheid [...] dat het geloof in het sterven en opstanding van Jezus essentieel is voor onze verlossing. En dat is wat Christus ons zelf voorhoudt.
De sleutel is niet het geloof over Jezus, maar het geloof van Jezus, zijn grenzelose vertrouwen op de God die hij ervaarde als kind van zijn tijd.

quote:

Als de blinde de stomme helpt dan is dat nog geen basis om geloofszekerheid op te bouwen. De Grond van ons geloof kan niet liggen in het menselijke want dit menselijke is tijdig en zondig. Want de zwakheid die je meent te herkennen is een meting die alleen klopt als je zeker weet dat het meetinstrument onfeilbaar is. De zwakheid die je meent te zien in Gods onfeilbaar Woord, is in feite niet de zwakte van Gods Woord die je meet, maar de zwakte van je begrip en besef. En dan helpt het collectieve niet (als dat er al is) om de meting beter te krijgen; want vaak zitten we collectief mis.
De grond van ons geloof ligt in dat wat het menselijke overstijgt, in dat wat ons allen verbindt, met elkaar en met de rest van de schepping.
Dat wat alles en iedereen met elkaar verbindt is God zelf.
Hoe meer we slagen in het collectief zoeken naar God, hoe meer we er in slagen daarin gebruik te maken van onze God-gegeven diversiteit, onze elkaar aanvullende psychische vermogens en geschiedenissen met Zijn geest, des te zuiverder wordt ons meetinstrument.
Het wordt nooit onfeilbaar, maar wel steeds beter.

Met v&Vriendengroet,

Wim
« Laatst bewerkt op: maart 13, 2011, 10:41:04 am door wimnusselder »

Titaan.

  • Berichten: 428
    • Bekijk profiel
Bijbellezen probleem door taal?
« Reactie #13 Gepost op: maart 18, 2011, 01:57:42 am »
1a)  Christus, enerzijds

quote:

wimnusselder schreef op 13 maart 2011 om 10:40:
De sleutel is niet het geloof over Jezus, maar het geloof van Jezus
Deze scheiding tussen het “geloof over” en “geloof van” is kunstmatig.
- In heel het Oude Testament en ook in het begin van het Nieuwe Testament (Johannes de Doper), is er geprofeteerd over de komende Messias. Dat was het geloof over Jezus.
- In heel het NT en daarna, werd het evangelie verkondigd; het geloof over Jezus en het geloof in Jezus.
- Bovendien als je belangrijk vindt dat we het geloof van Jezus moeten hebben. Dan is dat leeg indien het niet gepaard gaat met wat Jezus gelooft !! En dan kom je automatisch terecht in het geloof over Jezus als niet te missen schakel !! ( want anders zou je b.v. zelfs het geloof van Jezus kunnen hebben zonder dat je het weet, laat staan dat je erna kunt streven als het een onbekende inhoudt heeft).
- ( Daarnaast geldt  dat je geen accent moet leggen die niet in de schrift gelegd wordt. Want hetzelfde wordt bedoeld met de termen. geloof van, geloven in, etc. Dus infeite is het geen probleem an sich om de term ‘geloof van’ te willen hanteren, mits je het niet als breekijzer gebruikt om het andere te verwerpen, en dat is nou net wat je wel doet)

- Hoewel ik meen hiermee al bewezen te hebben dat je uitspraak onjuist is, kies ik er niet voor om je hiermee te willen overtuigen. Dus vergeet al het bovenstaande maar even en houd voorlopig vast aan je claim om het ‘geloof van’ Jezus serieus nemen. En laten we zien wat het geloof van Jezus dan daadwerkelijk is. Dan blijkt je onderscheid niets uit te maken. Want ook als je deze statement van jezelf enigszins serieus neemt, dan komt je bij beide op exact hetzelfde terecht! Want wat is het geloof van Jezus? Het essentiële onderdeel van het “geloof van” Jezus, is Zijn “geloof over” wat Hijzelf is en wat Hijzelf komt doen.
Het geloof van Jezus Christus is namelijk het geloof over Jezus!

Bewijs:
Lees maar na wat het geloof van Jezus is:

1)   Het geloof van Jezus is, geloven in de Jezus zoals geopenbaard in de bijbel.
Want Hij zei:  ““Die in mij gelooft, gelijkerwijs de Schrift zegt, stromen des levenden water zullen uit zijn buik vloeien “ (Joh.7:38).”
Het geloof van Jezus is, geloven in het  “onderzoekt de Schriften, want gij meent dezelve het eeuwige leven te hebben; en die zijn het, die van Mij getuigen.” (Joh.5:39)

2)   Het geloof van Jezus is het essentieel achten van het geloof over Hem, namelijk over Zijn lijden en over Zijn opstanding. Juist daarom zegt Hij expliciet, dat Hij ze van te voren voorspeld heeft, zodat wanneer het geschied zal zijn, het daadwerkelijk gelooft zal worden. Jezus zei dit met de woorden:
“dit geschiedt opdat de Schrift vervuld word (… ). Van nu zeg Ik het ulieden, eer het geschied is, opdat, wanneer het geschied zal zijn, gij geloven moogt dat Ik het ben”  (Joh.13:18)
Telkens in zijn lijdensgeschiedenis getuigt Jezus opnieuw dat Hij gelooft, dat in Hemzelf de profetieën over Hem vervuld worden. Jezus zei dit met de woorden
 “opdat de Schrift vervuld worde” (Joh.17:12)
Jezus zei: “opdat de Schrift vervuld worde” (Joh.19:24)
Jezus zei: “opdat de Schrift vervuld worde” (Joh.19:28)
Jezus zei: “opdat de Schrift vervuld worde” (Joh.19:36)
Jezus zei: “En wederom zegt een andere Schrift” (Joh.19:37)
Jezus zei: “ heden, is deze Schrift in uw oren vervuld” (Luk.4:21).
[Bij het openen van het graf klinkt het weer: “zij wisten nog de Schrift niet, dat Hij van de doden moest opstaan” (Joh.20:9)]
Jezus zei “Hoe zouden dan de Schriften vervuld worden, die zeggen dat het alzo geschieden moet?”

3)   Het geloof van Jezus is het geloof dat het God zelf is die door de Schrift heen spreekt.
Dit wordt bewezen uit al de uitspraken van Jezus waarin hij het OT aanhaalt en deze woorden dan inleidt met de formule: “God spreekt”. Het geloof van Jezus, is het geloof dat de Schrift moet worden gehoorzaamt tot in de details. Zelfs die details waarvan wij misschien menen dat ze van ondergeschikt belang zijn en niet noodzakelijk zijn om aanvaard te worden.
Het geloof van Jezus is dit:
Want voorwaar zeg Ik u: totdat de hemel en de aarde voorbijgaan, zal er niet een jota (kleinste letter van hebr. alfabet), noch een tittel (de kleine streepjes en bochtjes waardoor de verschillende letters uit het hebr. alfabet zich laten onderscheiden), van de wet voorbijgaan, totdat het alles zal zijn geschied.”(matt.5:18).
Of zoals Lukas deze waarheid van de Heere weergeeft: “het is lichter, dat de hemel en de aarde voorbijgaan, dan dat een tittel van de wet valle ”(Luk.16:17).

4) Het geloof van Jezus is het geloof dat het eeuwige leven voor ons bestaat uit hetvolgende:
“En dit is het eeuwige leven, dat zij U kennen, de enigen waarachtigen God, en Jezus Christus, Dien Gij gezonden hebt””. (Joh,17:1,3)
Het geloof van Jezus is dat wij alleen verlossing kunnen krijgen door Zijn Bloed dat vergoten is tot vergeving van onze zonden. Hij zei: “Want dat is Mijn bloed, het bloed des Nieuwen Testaments, hetwelk voor velen vergoten wordt, tot vergeving der zonden.” (Matt.26:28)
Het geloof van Jezus is het geloof over Jezus dat Hij is de enige weg tot de Vader. Jezus getuigde dit met de woorden:  “Ik ben de Weg, en de Waarheid, en het Leven. Niemand komt tot de Vader dan door Mij.” (Joh.14:6)


Oftewel:  
Het “geloof van” Jezus Christus is het “geloof over” Jezus, aldus Jezus.
Je hecht belang aan het geloof van Jezus.
Het geloof van Jezus is het geloof over Jezus.
Ergo, Jij hecht belang aan het geloof over Jezus ?!
( en dit dan willen scheiden is dus functioneel irrelevant)

Ik hoop dat we tot dusver hetzelfde denken, want als we ondanks Jezus getuigenis over zijn geloof, toch afstand willen doen van zijn geloof over Hem, dan heeft zo’n geloof niets meer te doen met het geloof van Jezus maar met een onbijbels geloof OVER Jezus.
Dan is het een andere Evangelie, waarbij slechts de bijbels termen misbruikt worden door ze te voorzien van een eigen definitie en invulling, (c.q. het ontdoen van de geopenbaarde invulling)

Conclusie:
Het geloof van Jezus is het geloof in het evangelie dat Christus, de Zoon van God, de persoonlijke verlosser is, die gestorven is aan het kruis en zodoende met zijn kostbare bloed betaald heeft voor de zonden van degene die in Christus geloven. En dat hij nadat Hij is gestorven op Golgotha, ten derde dage weer is opgestaan uit de doden.
Dit is de Jezus Christus die God ons heeft geopenbaard.
[ En het wrange van je kunstmatige scheiding tussen ‘geloof van’ en ‘geloof over’ is dat je daarmee uiteindelijk het ‘geloof van’ Christus verwerpt ]




1b)  Christus, anderzijds

Nu jouw kant van je verhaal wat volgens jou Christus is.
Genoemd had ik je, dat je claim dat Christus in de eerste plaats een ervaring is, slechts iets zegt over de manier waarop iets tot je komt. En het zegt nog niets over wát die kennis dan is die door ondervinding en ingeving tot je gekomen zou zijn. En ik vroeg je juist wie Christus volgens jou is….   Hierop antwoordde je:

quote:

Wim schreef:
Het zou een lang verhaal vergen om echt uit te leggen waarom dat niet klopt.
Die uitleg kan opgebouwd worden vanuit de semiotiek: de inhoud van een boodschap wordt bepaald door de context waarin die ontvangen wordt, niet door de zender.
Een boodschap ligt ook niet vast in de drager van de boodschap, zodat bijvoorbeeld de Bijbel niet genoeg heeft aan zichzelf om zijn betekenis te kunnen bepalen.
Die uitleg kan ook opgebouwd worden vanuit de ‘Metaphysics of Quality’, zoals uitgewerkt in Robert Pirsig’s boek “Lila, an inquiry into morals” uit 1991: realiteit is ervaring en niet meer dan dat en ervaring is slechts dat wat waarde heeft voor ons (kwaliteit).
Vergeet niet het doel van deze uitwijding.
Ik vroeg je namelijk om invulling te geven aan wat Christus volgens jou is. Noemen dat het “ervaring” zou zijn, is geen invulling geven aan de boodschap. Stel je gelooft dat de boodschap wordt bepaald door x-factoren. En ik vraag je om de inhoud van de boodschap. Dan is het leeg om te zeggen dat dit in de eerste plaats wordt beïnvloed door factor x1. En dan kun je wel pogen te verdedigen dat x-factor weldegelijk invloed heeft op de boodschap, maar snap je dat daarmee de boodschap zelf voorlopig leeg blijft!
Want of er vele of weinige factoren zijn, en of die factoren daadwerkelijk invloed hebben of niet, daar vroeg ik je hier niet naar. Ik vroeg naar het resultaat: wat is de boodschap; wat is de invulling van het begrip Christus. Definieer het gerust op een methode die je zelf goeddunkt ( daar komen we later wel op terug), laat het resultaat gerust beïnvloed worden door alles waarvan je zelf overtuigt bent dat die er van invloed op zijn,  maar waar leidt dat toe onder de streep?  Wat is de boodschap nu, wat is de invulling van het begrip? ( dus wat en niet hoe).

Dus voorlopig blijft daardoor staan dat in onze communicatie jouw invulling van wát Christus is, leeg is. Wim, wie is Jezus Christus?


1c)  Dogma

quote:

quote:

Titaan schreef:
- Vervolgens heb je het over een verbondenheid. [....] dat het gaat om waarheid en liefde. Maar ook hier weer ongedefinieerd.
Wim schreef:
God laat zich niet definiëren, niet beperken tot wat wij met onze beperkte (maar groeiende) psychische vermogens kunnen bevatten.
Vanzelfsprekend is God niet in een hokje te stoppen. Maar als God iets van zich laat zien, iets van zichzelf openbaart, dan kun je niet dat alles maar negeren en wegwuiven onder het mom van dit argument! God heeft zich geopenbaard als de Almachtige Schepper van Hemel en Aarde. God heeft zich geopenbaard als Zorgzame Hemelse Vader die niet wil dat er mensen eeuwig verloren gaat en heeft daarom een reddingsplan op touw heeft gezet om jou en mij te redden, als we maar geloof willen stellen in Zijn Zoon die voor onze zonden betaald heeft en daardoor ons van onze doodschuld heeft verlost. Dus:
Het dogma dat er niets over God gezegd zou kunnen worden, miskent Zijn openbaring!
En opnieuw, natuurlijk kunnen we Hem nooit doorgronden dat beweert hier ook niemand. In dit aardse leven kennen Wij hem slechts ten dele (I Kor13:9). Maar daarom moeten we nog wel gehoorzaam aannemen met wat Hij zegt in Zijn Woord over God en over onze Here Jezus Christus. De hele Schrift dient ervoor om ons volkomen toe te rusten met alles wat we voor onze zaligheid nodig hebben (2 Tim.3:16). En we hebben “niet te gevoelen boven hetgeen geschreven is” (I Kor.4:6)

quote:

Wim schreef:
Allereerst gaat het daarbij om de inhoud van wat tot ons komt en niet om de vorm.
Zeggen dat het om de inhoud gaat, of het vertellen hoe je aan de inhoud komt, gaat in beide gevallen niet om de inhoud zelf!
Gaat het je om inhoud; kom dan ook met inhoud!
Want de term Christus die je bezigt moet nog worden voorzien van inhoud;
Wie is Christus?

 



1d)  Invulling van de boodschap

quote:

Wim schreef:
Tot pre-moderne mensen sprak God in de vom van kennis en strakke instructies (wetten): “Ik ben de Heere uw God... Gij zult...”.
Tot moderne mensen, die hun kennis baseren op wetenschap, sprak en spreekt God in de vorm van beeldspraak en paradoxen, die andere psychische vermogens dan ons intellect aanspreken en ons helpen ons perspectief en onze moraal te verbreden.
Tot post-moderne mensen, menen alle perspectieven en alle soorten van ervaring te kennen of in elk geval te kunnen kennen, spreekt God in de vorm van zingevende ervaring, die ons helpt een weg voorwaarts te zien en niet alles weg te relativeren.
Je beschrijft 2 manieren van waarop Godskennis tot de mens gekomen zou zijn, namelijk dat God destijds sprak in de vorm van kennis, en in de moderne tijd in een andere vorm. Veel zou ik hier op willen aanmerken, maar ik beperkt me tot de rode draad: Ik vroeg je naar de inhoud zelf, maar je bovenstaande reactie gaat slechts om de vorm.
Dus terug naar mijn vraag, die ik in kleinere stapjes zal opdienen:
Wim, Erken je dat er één God is?

Dus los van de vorm waarop je die kennis nu meent gekregen te hebben, wat is de inhoud van die kennis. Je beleed eerder al dat je voortschrijdend inzicht meent te hebben voorbij “de 'slechts één naam ethiek' van het Nieuwe Testament”. Geloof je daarmee werkelijk dat de bijbelse kernboodschap van maar één God, onjuist is ??  (behoort b.v. een erkenning als ware Godsdient van de polytheïstische variant van het Hindoeïsme, ook tot het voortschrijnend inzicht?)

quote:

Wim schreef:
Allereerst gaat het daarbij om de inhoud van wat tot ons komt en niet om de vorm.  We hebben talloze psychische vermogens gekregen, zowel individueel en collectief, opdat God ons niet als een marionet hoeft te bedienen.
Daarmee moeten en mogen we zelf de voor ons relevante kern (dat wat tot ons komt) lospellen uit de verpakking die dat voor ons heeft (…)
Dit leidt tot zuiver subjectivisme. Nergens is er een objectief maatstaf om uit te maken wat religieuze inhoud is en wat slechts vorm is. Niemand kan precies zeggen wat als schaal of als kern moet worden aangemerkt. En omdat deze norm ontbreekt wordt de beoordeling aan het subject, zij het dan aan het collectief gelovig bewustzijn van de gemeente, overgelaten, en verheft de mens zich als rechter boven de Schrift. ( of zoals satan die in het paradijs inspeelde op de begeerte van de mens om zelf de dienst uit te maken;  “gij zult als God wezen, kennende het goed en het kwaad.”)
Een ui kun je pellen totdat je bijna geen ui meer over hebt. Maar de tranen zouden in de ogen moeten springen, als de kern van Gods Woorden, bijvoorbeeld dat God 1 is, geminacht wordt tot schil dat in de GFT-bak kan.
En dat zonder criteria en zonder grond, slechts een claim op een Christusgeest ( die nog geen invulling gegeven is), wordt de kern van het evangelie van Christus verworpen.
Concreter: Je maakt een scheiding die Christus veroordeelt; bijvoorbeeld door het duiden van de verlossing door Christus sterven, als slechts een te verwerpen verpakking.


1e)  Beproef de geesten

quote:

Wim schreef:
 (…)zeker als het als boodschap was gericht aan een breder en divers publiek
Het evangelie is de boodschap van Gods reddingsplan voor alle mensen van alle tijden, voor toen maar ook voor nu. Juist voor nu.
God is nog steeds dezelfde, de verlossing is hetzelfde, Gods Woord is hetzelfde. Helaas is zelfs de mens hetzelfde, die telkens weer opnieuw meent ontgroeid te zijn aan Gods Boodschap.
Het hart van de bijbel, het hart van het geloof van Jezus, is het evangelie over Jezus de verlossing door Zijn bloed. Dat is de Master-reddingsplan, zonder dit zouden wij allen de dood sterven. Dit evangelie was niet alleen voor die tijd, maar van alle tijden voor alle mensen. De reddingsactie ontvouwde zich al direct in genesis 3 nadat de mensheid het verpest had voor zichzelf in het paradijs. Heel het OT verwijst naar Jezus Christus komst en verlossing door Zijn bloed. Jezus getuigt daar zelf van en alle profeten en apostelen getuigen daarvan. De kerk van Christus heeft als lichaam van Christus het Hoofd Christus hierin gevolgd.

Radicaal, extreem sterk en duidelijk, is de duiding van Gods Woord betreffende degene die een ander evangelie verkondigt:
Doch al ware het ook dat wij, of een engel uit de hemel, u een evangelie verkondigde buiten hetgeen wij u verkondigd hebben, die zij vervloekt. (Galaten 1:8)
En alle geest die niet belijdt dat Jezus Christus in het vlees gekomen is, die is uit God niet; maar dit is de geest van de antichrist ( 1 Joh 4).

Als dit voor jou geldt, dan is bekering de enige remedie. Terug naar het ware geloof van Christus. Het geloof van Christus over Christus, die je laat zien hoe de Vader is, die wil dat wij allen tot bekering komen, tot een eeuwig leven met Hem, door het bloed van zijn Zoon.

Maar als je nu oprecht ervaart dat Christus’ geest in je werkt?
Wat als je meent dat deze geest 1 is met de geest zoals die spreekt door de bijbel, net zoals de vader en de zoon 1 is?
Ik wil geen kwaad woord zeggen over je oprechtheid, maar ik hoop dat je de waarschuwingen van God ter harte neemt die getuigt dat zelfs als iemand de schijn en gedaante van Christus aanneemt je dit niet zomaar moet aannemen, want het is geen wonder dat er bedriegers zullen komen want satan zelf veranderd zich in een engel des lichts ( zie 1 Kor 11:14).
De God die de geesten uitstort heeft een handleiding meegegeven hoe we kunnen herkennen of een Geest uit God is of niet .Ken je die handleiding en pas je die toe?
We mogen niet van elke geest aannemen dat het een geest van Christus;
 God zegt:
Hieraan kent gij de geest Gods: Alle geest die belijdt dat Jezus Christus in het vlees gekomen is, die is uit God; Hieraan kent gij de geest Gods: Alle geest die belijdt dat Jezus Christus in het vlees gekomen is, die is uit God;  En alle geest die niet belijdt dat Jezus Christus in het vlees gekomen is, die is uit God niet ( 1 Joh 4).

Dus, daar waar je claimt dat de geest een vervolg is, een ontwikkeling is, van datgene wat eerder is geopenbaard: test het! Beproef de geesten of zij uit God zijn, wetende dat Satan is een briesende leeuw, zoekende wie hij zou mogen verslinden. En net zoals in het Paradijs gebruikt hij vaak de listige tactiek om niet keihard te zeggen dat Gods woorden onzin zijn, nee, het lijkt net alsof hij de woorden van God bereidwillig aanneemt, en zelfs meer dan dat; hij gaat de woorden van God interpreteren en schillen totdat ze gepeld zijn tot wat de eigenlijke kern zou zijn, met de woorden “Is het ook dat God gezegd heeft”…., maar daarmee had hij wel Gods Woord aangetast.
Christus zegt in tegenstelling hiermee over de bijbelwoorden vele tientallen keren: “Er staat geschreven”. Daarmee bewijzend dat het geschrevene, Gods Woord, gezaghebbend is en het einde van alle tegenspraak.


p.s. Er valt nog veel te zeggen op je verdere uitleg over de manieren waarop de Geest tot ons komt en waar de Geest op gericht zal zijn. Maar dat raakt het onderwerp hoe we tot kennis komen. Het lijkt me zinvoller dit te behandelen nadat we uiteindelijk duidelijk hebben gekregen wat Christus voor je inhoud. ( om maar geen balletje balletje te hoeven spelen met onderwerpen die door elkaar lopen, suggererende dat iets zeggen over hoe, hetzelfde zou zijn als zeggen wat)

quote:

Titaan schreef:
Geloof je dat Christus, de Zoon van God, je persoonlijke verlosser is, die gestorven is aan het kruis en zodoende met zijn kostbare bloed betaald heeft voor de zonden van degene die in Christus geloven. En dat hij nadat Hij is gestorven op Golgotha, na drie dagen weer is opgestaan uit de doden. En geloof je dat het geloof in deze Christus, de enige weg is tot de Almachtige God?
Deze vraag kon je helaas niet beamen.
"Indien Christus niet opgewekt is, zo is uw geloof tevergeefs, zo zijt gij nog in uw zonden." (IKor.15:14).


1f)  Slot

Blijft in de liefde.
God bevestigt Zijn liefde jegens ons, dat Christus voor ons gestorven is als wij nog zondaars waren. (Rom.:8)
Gelijkerwijs de Vader Mij liefgehad heeft, heb Ik [Jezus] ook u liefgehad; blijft in deze Mijn liefde.( Joh15:9)
Blijf in deze liefde van de Vader en de Zoon.
Hierin is de liefde…dat Hij ons lief heeft gehad, en Zijn Zoon gezonden heeft tot een Verzoening voor onze zonden. (1 Joh.4:10)
Blijft in deze liefde.
Bewaart uzelven in de liefde Gods, verwachtende de barmhartigheid van onzen Heere Jezus Christus ten eeuwigen leven. ( Jud.1:21)
Want de liefde van Christus dringt ons (2 Kor.5:14)
Gunnend, hopend, en biddend dat deze liefde in vol vertrouwen mag worden aangenomen en ervaren in ons hart.
Vriendelijke groeten,
Titaan.
« Laatst bewerkt op: maart 18, 2011, 01:59:42 am door Titaan. »

yvon777

  • Berichten: 171
    • Bekijk profiel
Bijbellezen probleem door taal?
« Reactie #14 Gepost op: maart 18, 2011, 06:10:59 pm »

quote:

Maar…is de bijbel dan niet moeilijk? “Bij een vraag als deze moeten we niet alleen naar de taal kijken, maar ook beseffen dat we ons verduisterd verstand en onwillig hart tegen hebben.

Vanuit onszelf hebben we zo'n hart inderdaad.. zoals Tit 1:15 en Ef 4:18 ook beschrijft.
Voorheen vondt ik zelf veel dingen ook moeilijk uit de Bijbel en probeerde ik ook door veel leringen van mensen over de bijbel te weten te komen wat het allemaal in hield, maar het heeft me nooit veel wijzer gemaakt. Pas toen ik mn leven in Christus heb mogen vinden is de Bijbel voor mij een leesbaar boek geworden (zeg maar gerust een verslindend boek). Het is gewoon bijzonder dat Gods woorden voor wijzen en verstandigen verborgen blijft (Matt 11:25) En dat heb ik zelf ook ondervonden. Ik weet nu dat het belangrijkste om de Bijbel te begrijpen niet de taal is, niet de uitlegger is en niet de vertaling is maar enkel en alleen Gods Geest. Daardoor kunnen Zijn woorden begrijpen, en valt alles op zn plaats omdat je het evanglie herkent vanuit Zijn hart. Is en blijft bijzonder..
Gr Yvonne
www.inchristus.nl , omdat er buiten Hem niets is