Mooi stukje, Carl.... zo kunnen we nog ff doorgaan.
Neem Genisis (B'rishiet) 1:1
Daar staat:
B'RISHiT BaRA ELoHiM ET HaSHaMaYiM ET HaAReTZ.
De klinkers klein geschreven, tellen zoals je zei, niet mee. Kijken we naar het 1e woord:
B'RISHT = Bar, Ruach, Elohim (I is geschreven als alef). of te wel Zoon, Geest en G'd. SH = SHabat, I= getal van het licht
Wie was er dus in het begin, G-d, Zoon en Geest
BaRA= Bar, Ruach, Elohim (weer alef, tevens eerste letter van Elohim)
Wie schiep er dus? G-d Zoon en Geest.
ET = Alef en Tav. In het NT zegt Yeshua, ik ben de Alpha en de Omega. Dit zal Hij nooit gezegd hebben (Hij was immers Jood), maar wel ik ben de Alef en de Tav.
HaSHaMaYiM, Nemen we de eerste 3 Consonanten dan krijgen we HSHM (He, SHin, Mem), ook wel HaShem. Wie woonde in de hemelen (hashamayim)? Precies de Naam boven alle namen.
daarna weer alef en tav. voegen we dit samen dan krijgen we:
In het begin was er G-d, Zoon en Geest, G-d, Zoon en Geest schiepen het begin en het einde van de hemelen en het begin en het einde.
Toeval? Daar is het teveel voor. Daarnaast zien we dit ook terug bij de schepping van de mens, Elohim BARA ET ADAM.
Adam is uit de aarde genomen. Ook dit vinden we terug in de taal. ADAM (mens) komt uit het woord ADAMA (aarde/grond)
Vrouw is uit de man genomen. Ook dit vinden we terug. Man (ISH) en Vrouw (ISHA)

