quote:
op 23 Nov 2003 00:18:40 schreef Carl:
[...]In het evangelie van Thomas staat een interessante uitspraak: Jesus zegt daar: "kloof een stuk hout, en dáár zul je mij vinden. Til een steen op, en daar ben ik."
(log. 77) Hij zegt dat om aan te geven dat onze ideëen over waardevol en waardeloos erg disputabel zijn, zoals dat met al onze ideëen die met relativiteit te maken hebben, is.
Klaarblijkelijk is de vroege kerk al van mening geweest dat dit "Evangelie van Thomas" geen deel hoort uit te maken van de gezaghebbende christelijke geschriften; zou dat misschien met dergelijke uitspraken te maken hebben?
quote:
Een OT-tekst die daar rechtstreeks mee te vergelijke is, is de beroemde tekst van jesaja: 'de ganse aarde is van Uw Heerlijkheid vol.'
Laten we Jesaja's visioen recht doen (als we het dan toch over rechtvaardigheid hebben):
In het sterfjaar van koning Uzzia zag ik de Here zitten op een hoge en verheven troon en zijn zomen vulden de tempel. Serafs stonden boven Hem; ieder had zes vleugels: met twee bedekte hij zijn aangezicht, met twee bedekte hij zijn voeten en met twee vloog hij. En de een riep de ander toe: Heilig, heilig, heilig is de HERE der heerscharen, de ganse aarde is van zijn heerlijkheid vol. En de dorpelposten beefden van het luide roepen en het huis werd vervuld met rook.
Toen zeide ik: Wee mij, ik ga ten onder, want ik ben een man, onrein van lippen, en woon te midden van een volk, dat onrein van lippen is, - en mijn ogen hebben de Koning, de HERE der heerscharen, gezien. Maar één der serafs vloog naar mij toe met een gloeiende kool, die hij met een tang van het altaar genomen had; hij raakte mijn mond daarmede aan en zeide: Zie, deze heeft uw lippen aangeraakt; nu is uw ongerechtigheid geweken en uw zonde verzoend.quote:
Het lijhkt een aanklacht voor onze menselijke superioriteit, om God te herkennen in een kakkerlak, maar de afschuw die we daarbij voelen heeft eerder te maken met ons minderwaardigheidscomplex dan met de objectiviteit.
Het hebreeuwse woordje wajomer (w-j-m) heeft als oppervlakkige betekenis 'spreken', maar de bekende transcriptievertaling zegt over dit begrip in de kontekst van Genesis 1, dat het beter is dit te vertalen door 'zich uiten'
God sprak dus niet, al scheppend, maar God uitte zich al scheppend. En zo doet Hij dat nog steeds. Hij uit zich voortdurend en in allerlei vormen van leven.
De bijbel geeft vooral de indruk dat God schiep door te spreken, of zo je wilt, door zich te uiten. Ik ben trouwens benieuwd wat er volgens die transcriptievertaling zo bijzonder in aan de context van Gen. 1 dat het woord daar anders vertaald zou moeten worden. Ik weet dat het Hebreeuwse
'mr een brede betekenis heeft, maar "zich uiten" is gekunsteld; je krijgt dan iets als "God uitte zich: er zij licht" en dat lijkt me nogal onzinnig. Ik ben bang dat jouw transcriptievertaling de redenering omkeert en een bepaalde (mystieke) interpretatie van de schepping hanteert om de tekst op te leuken door met het Hebreeuws te goochelen.
quote:
Als dat betekent: God is kakkerlak, dan is dat voor een gedeelte ook zo; net zo waar als wanneer ik aan het strand een theekopje met zeewater vul, en beweren kan dat er een stuk oceaan in het kopje zit.
In feite ligt het zelfs nog scherper: aangezien ook ons lichaam leven is, en ook dat van de kakkerlak leven is, is er -konsekwent doorgeredeneerd- niets anders dan God; een bekende gedachte overigens uit de chassidische mystiek.
De grote fout: je kunt een artiest niet vereenzelvigen met zijn kunstwerk. (Al zeggen we wel: "ik heb Van Gogh aan de muur hangen", maar iedereen weet dat dit een stijlfiguur is die niet letterlijk genomen moet worden.) Let er ook op dat in Jesaja 6 niet staat: "de aarde is vol van God", maar dat het gaat om zijn
heerlijkheid (
kabood).
Laat ik een ander model voorstellen: God heeft door te scheppen een werkelijkheid gecreëert
buiten Hemzelf, een "tegenover". Als Schepper heeft Hij zijn stempel op de werkelijkheid gedrukt; juist in het Gods-schepping-zijn is elke aardse structuur een lofrede op Gods grootheid en heerlijkheid. In het scheppen van de mens maakte God binnen die scheppingstructuur een beeld van Hemzelf, een ander. (Zie ook de filosofieën hierover van Lévinas en Buber.)
Overigens is juist de
joodse mystiek heel voorzichtig in het gelijkstellen van God en schepsel. Terwijl ook veel christelijke mystiek streeft naar een essentieel éénworden van God en mens (
unio mystica), doet de Joodse mystiek dat niet. In de ervaringen van de
Merkava-mystiek, waarin men visioenen zag van de 7 (of

hemelen, gaat het uiteindelijk om het aanschouwen van de Ander, niet het opgaan in Hem.
quote:
Het probleem hierin is, dat het zo moeilijk is om dit te beseffen. Wij zijn opgegroeid met de gewoonte om alleen met onze uiterlijke ogen uiterlijkheden waar te nemen. Jesus leert ons echter over het Koninkrijk Gods een innerlijke wereld, waarvan Hij zegt dat het 'niet hier of daar' is, maar gewoon, onder ons. (Lc 17:20-21)
De
basileia, ofwel het Koningschap van God, openbaart zich in de christelijke kerk. Zij zijn immers Christus' onderdanen, die hun schat in de hemel hebben. Het koninkrijk is niet "hier of daar", maar ook niet "binnen in ieders ziel"; dan zou Jezus hebben gezegd: "in ieder van ons", niet "onder ons". Als je verder leest in Lukas, zie je ook dat het koningschap zich in al zijn volheid zal openbaren op de Dag van de Zoon. Dat is echter informatie die Jezus voorbehield aan zijn discipelen; het is een esoterisch (in de letterlijke zin) koninkrijk-mysterie dat geopenbaard is aan de burgers van het Rijk.
En op de vraag der Farizeeën, wanneer het Koninkrijk Gods komen zou, antwoordde Hij hun en zeide: Het Koninkrijk Gods komt niet zó, dat het te berekenen is; ook zal men niet zeggen: zie, hier is het of daar! Want zie, het Koninkrijk Gods is bij u.
En Hij zeide tot zijn discipelen: Er zullen dagen komen, dat gij zult begeren één der dagen van de Zoon des mensen te zien en gij die niet zult zien. En men zal tot u zeggen: Zie, daar is het; zie, hier is het! Gaat er niet heen, en loopt het niet na. Want gelijk de bliksem flitst en van de ene kant des hemels tot de andere kant licht, zó zal de Zoon des mensen wezen op zijn dag.quote:
Is dit geloof niet transcedent?
Ik dacht het wel. Anders dan de dieren die dit nu eenmaal niet kunnen beseffen, kunnen wij het wel beseffen. En juist het besef een 'wajomer' van God te zijn geeft ons de mogelijkheid ons innerlijke wezen te vullen met Liefde en vreugde en wijsheid, die volgens de psalmist van 16 uit zijn "rechterhand" komt.
Als dat nu nog niet transcedent is....

Transcendent wil zeggen dat iets de structuren van de werkelijkheid overstijgt. Door de schepping te verklaren tot een stukje God, maak jij Hem juist
immanent, laat je zijn wezen opgaan in het schepsel.
De manier waarop God immanent is, is de mens Jezus Christus; zoals Johannes het omschrijft:
de Logos is Vlees geworden en woonde onder ons en wij zagen zijn heerlijkheid, als van de Eniggeborene van de Vader. ... En Hij heeft ons de Vader doen kennen. Zo, daar heb je meteen al onze thema's bij elkaar.