besteed momenteel in een zevendelige reeks aandacht aan de zogenaamde zeven zonden. Verleden week was het onderdeel
aan de beurt. Vandaag het onderdeel
Hieronder het verhaal van Planet.
quote:
Deel 2 van de zeven zonden: Vraatzucht (lat. Gula)
Over dikke mensen zijn legio vooroordelen. Ze zouden geen maat kunnen houden, eten alleen maar vet, zijn lui en kunnen niet goed voor zichzelf zorgen. Zijn deze aantijgingen terecht? Is dik zijn een zonde?
Rubens vrouwen
Tijdens de bloeitijd van de Renaissance was er van alles te veel. Te veel cultuur, geld, macht, maar ook eten en drinken. Dik zijn was mode. Wie dik was, had het goed, was rijk en vooraanstaand. Het Rubens model van toen is allang vervangen door graatmagere modellen van nu die amper op hun benen kunnen blijven staan. Een nieuw schoonheidsideaal. Wie dun is, heeft macht, controle, is mooi en straalt zelfverzekerdheid uit. Het is echter maar een norm van de westerse cultuur. In veel oosterse culturen worden dikke vrouwen – want teken van bijvoorbeeld vruchtbaarheid - mooier gevonden dan dunne.
Eén miljoen dikkerds
De meest bekende ‘dikkerd’ is misschien wel Oprah. Met name omdat zij in haar talkshow predikte over haar gewicht, haar vreetbuien, haar onmacht en uiteindelijk haar acceptatie. Dik zijn is nogal een issue in Amerika. Iedereen kent de beelden van zwaarlijvige Amerikanen, zittend in hun auto waarmee ze alles via een drive through kunnen doen. Er is weinig beweging voor nodig om in Amerika je boodschappen te halen. Maar dik zijn is niet een Amerikaans probleem. In Nederland hebben meer dan 1 miljoen mensen last van obesitas (overgewicht).
Ons gewicht kan worden gemeten in de zogenaamde Body Mass Index of Quetelet Index. Dat is het gewicht in kilo’s gedeeld door het kwadraat van de lengte in meters. De waarde varieert van 15 (mensen met anorexia) tot 60 (mensen met een zeer ernstig overgewicht). Een normaal gewicht heeft een waarde tussen de 18,5 en 25. Maar wat is normaal? Een vrouw van 1.80 die 55 kilo weegt is volgende de index 10 kilo minder dan gezond zou zijn. Maar dat is tegenwoordig wel de maatstaaf van vrouwen.
Dun zijn is zo in onze cultuur geslopen dat mensen, ook al zijn ze niet dik, het nog over zondigen hebben als ze een patatje eten. Logisch dat dikke mensen vaak het gevoel hebben dat ze zondig zijn.
Eten en meten
Het lichaamsgewicht van een mens wordt bepaald door energieopname (eten) en energieverbruik (beweging). Ons lichaam heeft energie nodig voor alle lichaamsprocessen, het kloppen van het hart is daar bijvoorbeeld één van, en voor onze fysieke activiteit. Als je meer energie opneemt dan verbruikt, zal het gewicht toenemen omdat de extra energie als vet in het lichaam wordt opgeslagen.
Van overmatig eten wordt je dus te dik. Maar er is vaak meer aan de hand dan alleen maar vraatzucht. Was vroeger overgewicht nog een esthetisch probleem, nu wordt het steeds vaker gezien als een medisch probleem. Obesitas kan zoals gezegd te maken hebben met meer eten dan noodzakelijk is en te weinig bewegen, maar ook met erfelijke aanleg of een medische conditie. Naar de twee laatstgenoemde wordt veel onderzoek gedaan. Zo kan de afwezigheid van het hormoon leptine, dat aan de hersenen doorgeeft hoeveel vet er opgeslagen is, een oorzaak zijn van het dik worden. Of variaties in het ongekoppelde eiwitgehalte.
Voor de vraatzuchtige die ongecontroleerd te veel eet en dus dik wordt, liggen de oorzaken op een heel ander vlak, namelijk het emotionele vlak. Het heeft vaak te maken met het niet kunnen verwerken van emoties. Eten wordt dan een troost en als je niet lekker in je vel zit heb je veel troost nodig. Eten wordt dan een beste vriend die zorgt dat je je goed voelt. Om die emoties te onderzoeken, moeten mensen vaak diep in zichzelf ‘graven’, iets wat niet altijd makkelijk is. Het zijn vooral de negatieve emoties die verwerkt moeten worden; scheiding, jeugdtrauma, eenzaamheid.
Judith (29): “Ik had eigenlijk altijd een gemiddeld postuur. Niet te dik, niet te dun. Ik lette wel op wat ik at, want ik heb wel aanleg om snel aan te komen. Drie jaar geleden heb ik mijn zus verloren en liep mijn toenmalige vriend bij me weg. Dat waren twee klappen die ik niet kon verwerken. Ik was net verhuisd en woonde ver van mijn familie en vrienden. Ik ben daardoor heel veel gaan eten. Troost-eten noemde ik dat en dat was het ook. Het maakte het verdriet dragelijker. Het was natuurlijk een vlucht, want ik wilde het verdriet niet aangaan. In drie jaar ben ik meer dan twintig kilo aangekomen en nu ben ik dus dik, tenminste dat vind ik. Ik ging van 78 kilo naar 100 kilo. Pas toen ik echt moeite kreeg met bewegen, ging bij mij het kwartje vallen. Ik raakte zo aan mijn lichaam gewend dat ik niet echt door had dat ik zo dik was. Natuurlijk was ik me er wel bewust van, want ik moest ook steeds nieuwe kleren kopen, maar het drong gewoon niet echt tot mij door. Ik ben naar de dokter gegaan die mij gelukkig niet naar een diëtiste doorstuurde, maar naar een psycholoog. Daar ben ik gaan praten en in een hele diepe put terecht gekomen. Want ik had nogal wat onverwerkt verdriet en boosheid in me. Nu ben ik bezig om die emoties te verwerken en merk ik dat ik steeds minder eten nodig heb. Ik volg geen dieet, maar merk dat mijn broeken wel losser zijn gaan zitten.”
Norm aanpassen
Het zou te makkelijk zijn om te zeggen dat door therapie vraatzucht van het lijstje zonde afgeschreven kan worden. Buiten het verwerken van onverwerkte emoties heeft het ook met zelfacceptatie te maken. Sommige mensen zijn nu eenmaal zwaarder dan andere. Dikke mensen accepteren zichzelf niet en dat is ook niet zomaar op te dringen. Mensen hebben het idee dat zij niet aan de norm voldoen. Wellicht zou het aanpassen van de norm een mogelijkheid zijn om het zondige uit overgewicht te halen.
De vraag is nu? Wat vinden wij van 'vraatzucht'? Wat vinden wij van dikke mensen, danwel dunne mensen? Hebben we hier ook een opdracht? Heeft het feit dat ons leven een tempel van de Heilige Geest is hier nog iets mee te maken?