1 Kor 14: 26 Hoe staat het dan, broeders? Telkens als gij samenkomt, heeft ieder iets: een psalm of een lering of een openbaring of een tong of een uitlegging; dat alles moet tot stichting geschieden. 27 Indien er in tongen spreken, laten het er twee, ten hoogste drie zijn, ieder op zijn beurt, en laat één uitleg geven. 28 Is er echter geen uitlegger, dan moet men zwijgen in de gemeente, maar tot zichzelf en tot God spreken. 29 Wat de profeten betreft, twee of drie mogen het woord voeren, en de anderen moeten het beoordelen. 30 Maar indien aan een ander, die daar gezeten is, een openbaring ten deel valt, moet de eerste zwijgen. 31 Want gij kunt alleen één voor één profeteren, opdat allen lering en allen opwekking erdoor ontvangen. 32 En de geesten der profeten zijn aan de profeten onderworpen, 33 want God is geen God van wanorde, maar van vrede.
34 Zoals in alle gemeenten der heiligen moeten de vrouwen in de gemeenten zwijgen
Als iemand die nu samenkomt in een niet-geref.kerkdienst klinkt dit allemaal nogal onbijbels. In bovengenoemde tekst staat toch dat er meerdere profeten mogen spreken, meerderen de dinest mogen vullen. Niet de dienst uit maken, dat mag alleen de Heilige Geest. Dit is toch een gave, geen ambt. Ouderlingen/oudstemn zijn er om leiding te geven. Zoij die ook onderwijzen horen dubbele eer te ontvangen, maar dit wil toch niet zeggen dat die ouderlingen de enigen zijn die spreken. Diakenen zijn er om de 'armen' te helpen. Gave en ambt zijn aparte grootheden, soms vallen ze samen, maar lang niet altijd.