(Dit is het vervolg van de leesrooster-discussie die in het "wanorde"-topic begonnen is)
Ik zou een leesrooster niet als dwangbuis zien, maar als kader. Het heilsgebeuren is iets dat boven ons uitstijgt. Een leesrooster is een hulpmiddel om dat grote gebeuren van het heil in stukjes en beetjes tot ons te nemen.
Voor u gelezen: enkele motieven.
quote:
1. Een theologisch motief: Door de jaarorde vervalt alle menselijke willekeur. De prioriteit van Gods komen tot ons ligt in een orde, die ons de Schriften aanreikt, optimaal gegarandeerd.
2. Een liturgisch motief: De liturgie is niet de zaak van één persoon (de prediker), die de orde stelt, maar van de gemeente. De jaarorde snijdt alle individualisme en subjectivisme bij de wortel af. Ook kan de gemeente zich beter op de dienst voorbereiden, omdat ze weet wat er komt. Dichters en musici kunnen door de jaarorde geïnspireerd worden ten dienste van de kerk, en zo werkt de jaarorde pro-institutionair.
3. Een kerugmatisch motief: Niet de situatie beheerst de verkondiging, maar de aan de orde zijnde schriftlezing.
4. Een sociaal-agogisch motief: De vaste jaarorde kan wegwijzer zijn voor catechese, kindernevendienst/zondagschool, bijbelkringen, etc.
5. Een oecumenisch motief: In alle kerken komen dezelfde aspecten van de Schriften en van het heil aan de orde.
6. Een kerkordelijk motief: Er wordt meer orde op zaken gesteld.
7. Een historisch motief: De kerk kent vanouds zulke orde.
(zie Brienen T., "Oriëntatie in de liturgie", Zoetermeer, 1992)
De grootste weerstand tegen een vaste jaarorde zal waarschijnlijk bij de predikanten liggen. Die zullen iets van hun invloed uit handen moeten geven. Maar het zal duidelijk zijn dat dat volgens mij de gemeente ten goede komt.