Beste Piet Strootman,
Inderdaad denk ik dat het antwoord op de vraag of er één dan wel twee evangelieën zijn van grote betekenis is voor het bestuderen van Bijbel.
Mijn vragen aan u:
Op welke grond baseert u uw uitspraak?
Wat is de inhoud van deze evangelieën?
Welke overeenkomsten en verschillen kennen ze?
Ik wil graag even reageren, dan weet u mijn standpunt en waar ik dat op baseer.
quote:
Ik geloof dat er één evangelie is, namelijk datgene zoals Paulus formuleert in Rom 2:16:
16 Want ik schaam mij het evangelie niet; want het is een kracht Gods tot behoud voor een ieder die gelooft, eerst voor de Jood, maar ook voor de Griek. 17 Want gerechtigheid Gods wordt daarin geopenbaard uit geloof tot geloof, gelijk geschreven staat: De rechtvaardige zal uit geloof leven.
quote:
‘De Heilige Geest kan niet aan Paulus een andere boodschap geven, met een andere inhoud dan aan de andere apostelen en andersom’.
Dit schreef Priscilla en Aquilla op 24 augustus 20:03.
Daar ben ik het dus mee eens.
quote:
Dat moet nader onderzocht worden, want dat is nogal een resolute bewering. Alleen het feit al, dat over besnedenen en onbesnedenen gesproken wordt, is een bewijs, dat er in de bijbel twéé wel te onderscheiden groepen mensen wordt aangesproken.
Het feit dat er onderscheiden groepen mensen zijn (Joden en heidenen) is nog geen bewijs voor het bestaan van 2 evangelieën.
quote:
Negenen negentig procent van de bijbel is zelfs geschreven door Joden, en dan ook gericht tot de Joden.Dat wil natuurlijk niet zeggen, dat die negen en negentig procent voor ons geen betekenis zou hebben. Maar wij dienen er wel ernstig rekening mee te houden, dat het niet over ons gaat.
Hier kan ik zoverre in meegaan, dat een heel aantal gebruiken en ceremonieën uit het OT niet van toepassing meer zijn - voor zowel de Jood als de Griek -, omdat die een schaduw zijn van wat zou komen:
Heb 10
1 Want daar de wet slechts een
schaduw heeft der toekomstige goederen, niet de gestalte dier dingen zelf, is zij nimmer in staat ieder jaar met dezelfde offeranden, die onafgebroken gebracht worden, degenen, die toetreden, te volmaken. 2 Immers, zou anders het offeren daarvan niet opgehouden zijn, doordat degenen, die de dienst verrichten, na eenmaal gereinigd te zijn, generlei besef van zonden meer hadden? 3 Doch door die offeranden werden ieder jaar de zonden in gedachtenis gebracht; 4 want het is onmogelijk, dat het bloed van stieren of bokken zonden zou wegnemen.
5 Daarom zegt Hij bij zijn komst in de wereld:
Slachtoffer en offergave hebt Gij niet gewild, maar Gij hebt Mij een lichaam bereid;
6 in brandoffers en zondoffers hebt Gij geen welbehagen gehad.
7 Toen zeide Ik: zie, hier ben Ik – in de boekrol staat van Mij geschreven – om uw wil, o God, te doen.
8 In de aanhef zegt Hij: Slachtoffers en offergaven, brandoffers en zondoffers, hebt Gij niet gewild, noch daarin een welbehagen gehad, hoewel zij naar de wet gebracht worden. 9 (Doch) daarna heeft Hij gezegd: Zie, hier ben Ik om uw wil te doen.
Hij heft het eerste op, om het tweede te laten gelden. 10 Krachtens die wil zijn wij eens voor altijd geheiligd door het offer van het lichaam van Jezus Christus.
quote:
Voorts is er de onderscheiding van een volk (de besnedenen), dat onder de wet is, en heidenen (de onbesnedenen), die de wet niet hebben. Paulus, de apostel der heidenen, had dus beslist een ándere (allos) boodschap, dan de apostelen der besnijdenis. Hij noemde zich dan ook bij voorkeur (misschien wel zonder uitzondering) altijd een apostel van Christus Jezus, ofwel van de Geest die in Jezus was.Dit in tegenstelling met de andere apostelen, die zich altijd apostelen noemden van Jezus Christus. Hun brieven zijn dan ook zonder uitzondering gericht aan besnedenen. Zou dit niet van grote betekenis zijn bij het onderzoek der Schriften?
Piet Strootman
Ik begrijp dat u in Gal 2:7 over twee evangelieën leest? Ik zal het even citeren uit de Statenvertaling:
7 Maar daarentegen, als zij zagen, dat aan mij het Evangelie der voorhuid toebetrouwd was, gelijk aan Petrus [dat] der besnijdenis; 8 (Want Die in Petrus krachtelijk wrocht tot het
apostelschap der besnijdenis, Die wrocht ook krachtelijk in mij onder de heidenen); 9 En als Jakobus, en Cefas, en Johannes, die geacht waren pilaren te zijn, de genade, die mij gegeven was, bekenden, gaven zij mij en Barnabas de rechter [hand] der gemeenschap, opdat wij tot de heidenen, en zij tot de besnijdenis [zouden gaan;] 10 Alleenlijk, dat wij den armen zouden gedenken; hetwelk zelf ik ook benaarstigd heb te doen.
In modern Nederlands dus:
Maar daarentegen, toen zij zagen dat mij het Evangelie van de voorhuid was toevertrouwd, zoals aan Petrus het Evangelie van de besnijdenis;
Ik vond in Matt 12:40 hetzelfde Griekse woord dat ook Gal 2:7 wordt gebruikt (het woordje 'der' of 'van de'):
40 Want gelijk Jonas drie dagen en drie nachten was in den buik van den walvis, alzo zal de Zoon des mensen drie dagen en drie nachten wezen in het
hart der aarde.
Hier heeft het woordje 'der' een functie om een 'plaats' aan te duiden , niet om een 'soort' of 'type' aan te geven. Het betreft hier niet een 'soort' hart.
Zo moet denk ik ook Gal 2:7 worden gelezen: Paulus richt zich op de heidenen, de andere apostelen richten zich op de Joden.
Verder lees ik dit in Gal 1:6-9:
6 Ik verwonder mij, dat gij zo haast [wijkende] van dengene, die u in de genade van Christus geroepen heeft, overgebracht wordt tot een ander Evangelie; 7
Daar er geen ander is; maar er zijn sommigen, die u ontroeren, en het Evangelie van Christus willen
verkeren. 8 Doch al ware het ook, dat wij, of een engel uit den hemel u een Evangelie verkondigde, buiten hetgeen wij u verkondigd hebben, die zij vervloekt. 9 Gelijk wij te voren gezegd hebben, [zo] zeg ik ook nu wederom: Indien u iemand een Evangelie verkondigt, buiten hetgeen gij ontvangen hebt, die zij vervloekt.
Paulus zegt dus dat er geen ander evangelie is dan dat wat hij de Galaten heeft gebracht.