Heeft de kerk mij nodig? Nou, ik denk het niet. Ik sta gewoon met beiden benen in deze wereld en probeer voor iedereen een naaste te zijn ongeacht ras, geslacht, leeftijd, geloofsovertuiging, zelf voor mijn vijanden ben ik een naaste. Het is wel zo dat er een universele wet bestaat : De aantrekkingskracht tussen gelijkgeaarden ofwel: Soort zoekt soort. Ik vind het ook wel schrijnend dat je juist lid van een kerk moet zijn om naastenliefde te ontvangen. Dus als je niet lid bent dan moet je als mens maar creperen? Ik vind dat gewoon een hele rare gedachte.
Ik ben een paar maanden geleden naar
een open avond geweest van de plaatselijke Hervormde gemeente waar men ook
een koor voor had uitgenodigd en het koor telde nog meer mensen dan de
gasten die in de kerk zaten (

Dat trok me dan ook niet echt. Vorige week
ben ik naar een lezing geweest, sinds tijden. Dat ging over:
Lezingencyclus.
De opdracht van Mani en het mysterie van het boze.
Donderdag 2 december 2004:
1e voordracht: Mani als historische persoonlijkheid, Mani als drager van de
Parakleet of Trooster, opdracht van Mani als apostel en leerling van
Christus. Mani als de menselijke Manoe.
Donderdag 9 december:
2e voordacht: De kosmische wereldgeschiedenis. Het Manicheïstische principe
van de liefde. Wat is de functie van het boze in de ontwikkeling van het
goede?
Donderdag 16 december:
3e voordracht: Het kwaad in de 20e eeuw, Het Manicheïstische principe van de
liefde in het omvormen van het kwaad in de ziel en in het sociale en
culturele leven en de toekomstige opgave van het Manicheïsme als tweede
hoofdstroom van het Christendom.
Uit de 2e eeuw na Christus is ons de leer van het Manicheïsme overgeleverd.
Over de stichter van deze leer (en beweging) is historisch veel minder
bekend. Rond deze persoon is een web van mythen en legenden geweven.
Een legende van het Manicheïsme zegt:
".dat eens de geesten van de duisternis een aanval wilden doen op het
lichtrijk. Ze kwamen inderdaad tot aan de grens van het lichtrijk en wilden
het lichtrijk veroveren. Ze konden echter niets tegen het lichtrijk
uitrichten. Nu moesten ze - en ik verzoek u er op te letten dat hier iets
zeer diepzinnigs aan ten grondslag ligt, - nu moesten ze gestraft worden
door het lichtrijk. Maar in het lichtrijk was er niets wat op het kwade
leek, maar alleen het goede. Dus zouden de demonen der duisternis slechts
met iets goeds bestraft kunnen worden.
Het volgende gebeurde. De geesten van het lichtrijk namen een deel van hun
eigen rijk en mengden dat met het materiele rijk van de duisternis.
Daardoor, dat nu een deel van het lichtrijk vermengd werd met het rijk der
duisternis, daardoor ontstond in het rijk der duisternis als het ware een
zuurdesem, een gistelement, dat het rijk der duisternis in een chaotische
werveling bracht, waardoor het een nieuw element kreeg, namelijk de dood.
Zodat het zich voortdurend zelf verteerd en zo de kiem voor zijn eigen
vernietiging in zich draagt. Verder wordt er verteld, dat doordat dit
gebeurd is, juist het mensengeslacht zou zijn ontstaan. De oermens zelf is
juist diegene, die vanuit het lichtrijk gezonden is, om zich met het rijk
der duisternis te vermengen en dat, wat in het rijk der duisternis niet zou
moeten zijn, te overwinnen door de dood; het in zich zelf te overwinnen.
Daardoor, dat een deel van het licht ingaat in het boze, wordt het boze zelf
overwonnen.
De geschiedenis van de 20e eeuw laat zien dat de ideeën van Mani nog niets
aan actualiteit hebben ingeboet, integendeel zelfs. Het kwaad, het boze
neemt wezenlijke vormen aan door menselijke handelingen heen; Goelag
Archipel, Holocaust, de vele (wereld)oorlogen met hun gruwelijkheden, het
opkomende terrorisme. Het kwaad is veel meer dan alleen maar het ontbreken
van het goede.
Wat is het boze, het kwaad, waarom is het toegelaten in de schepping? Waarom
wordt er gesproken over het mysterie van het boze? Hoe staat dit in relatie
tot Christus en het christendom? (voorbeeld rol van Judas). Waarom wordt er
gesproken van Mani in relatie tot de Trooster (Heilige Geest) en hoe kan
verklaard worden dat Mani zelf door Christus ingewijd werd
in zijn ambt van godsdienstleraar?
Op deze en andere vragen zal Roland van Vliet ingaan in 3 lezingen.
Roland van Vliet is auteur van de volgende boeken:
1.
"Het Manicheïsme als het christendom van vrijheid en liefde"
2.
"Wie denken de mensen dat Ik ben? - Geesteswetenschappelijke achtergrond
van het leven van Christus-Jezus"
3.
"De Filosofie vanhet IK"
"Ongedeelde aandacht (in voorbereiding)"
En dat was behoorlijk interessant.
Ik ga dus meer van deze lezingen bijwonen.