Mozes schreef de eerste vijf boeken.
Er zitten ook niet veel generaties tussen de aartsvaders vanuit Genesis en Mozes; de mensen werden in het begin namelijk zo oud, uit dat de overleveringen veel betrouwbaarder zijn, dan dat wij zouden denken.
Kleitabletten kunnen heel goed meegenomen zijn door de aartsvaders en zo bij Mozes terechtgekomen zijn.... Kleitabletten zijn bv. gevonden in Syrie: 15.000 kleitabletten van het oude koninkrijk Ebla uit de tijd voor Abraham (2400-2250 v. Chr.)
Dus is de schrijfkunst al eeuwen voor Abraham gemeengoed.
Ook tonen deze vondsten aan, dat soortgelijke geschiedenissen zoals wij in Genesis vinden, al eeuwen voor Mozes op kleitabletten zijn vastgelegd.
In de volgende teksten lees je dat Mozes alles moest opschrijven wat hij van God hoorde en wat hij meemaakte:
quote:
Ex. 17: 14
En de HERE zeide tot Mozes: Schrijf dit ter gedachtenis in een boek, en prent het Jozua in, dat Ik de herinnering aan Amalek onder de hemel volledig zal uitwissen.
Ex. 24: 4
4 En Mozes schreef al de woorden des HEREN op. Vroeg in de morgen bouwde hij een altaar onder aan de berg, met twaalf opgerichte stenen overeenkomstig de twaalf stammen van Israël.
7 Hij nam het boek des verbonds en las het voor de oren van het volk en zij zeiden: Alles wat de HERE gesproken heeft, zullen wij doen en daarnaar zullen wij horen.
Ex. 34
27 De HERE zeide tot Mozes: Schrijf u deze woorden op, want op grond van deze woorden heb Ik met u en met Israël een verbond gesloten.
Num 33
1 Dit zijn de pleisterplaatsen der Israëlieten, die uit het land Egypte uitgetrokken waren naar hun legerscharen onder leiding van Mozes en Aäron; 2 Mozes namelijk beschreef hun tochten van pleisterplaats tot pleisterplaats naar het bevel des HEREN; en dit zijn hun pleisterplaatsen op hun tochten.
Deut. 31:
9 Toen Mozes deze wet opgeschreven had, gaf hij ze aan de priesters, de zonen van Levi, die de ark van het verbond des HEREN droegen, en aan al de oudsten van Israël.
19 Nu dan, schrijf dit lied op en leer het de Israëlieten, leg het hun op de lippen, opdat dit lied Mij tot getuige zij tegen de Israëlieten.
22 Toen schreef Mozes dit lied op en leerde het de Israëlieten.
24 Toen Mozes gereed was met de woorden dezer wet volledig in een boek op te schrijven, 25 gebood hij de Levieten, die de ark van het verbond des HEREN droegen: 26 Neemt dit wetboek en legt het naast de ark des verbonds van de HERE, uw God, opdat het daar tot getuige tegen u zij.
En ook waren er anderen die konden schrijven: een jongen:
quote:
Rich. 8
13 Daarop keerde Gideon, de zoon van Joas, terug uit de strijd, langs de pas van Cheres; 14 hij kreeg een jongeman in handen uit de inwoners van Sukkot, ondervroeg hem en deze schreef de vorsten en de oudsten van Sukkot voor hem op, zevenenzeventig mannen.
Er is ene P.J. Wiseman geweest die een boek heeft geschreven: 'Ontdekkingen over genesis' . Op grond van allerlei literaire kenmerken, concludeerde hij dat dit boek Genesis, oorspronkelijk in zeer oud schrift op kletabletten geschreven werd, en wel door de aartsvaders zelf, die het beste van de gebeurtenissen op de hoogte waren.
Mozes zou dan de samensteller van het boek zijn, zoals wij dat nu hebben, en zou zelf in het boek aanduiden welke de bronnen zijn waaruit hij geput heeft.
Bijvoorbeeld door de formulering: "Dit is de geschiedenis [=het geslachtsregister, de nakomelingen, enz.;
toledoth] van: .... Dit komt o.a. voor in Genesis 2: 4; 5: 1; 6: 9; 10: 1 en zou het begin of het eind van een kleitablet aanduiden.
Het voorkomen van antieke spellingswijzen in het Hebreeuws, wijzen ook op een zeer oude achtergrond.
De literaire structuur van het boek Deuteronomium en de vorm van zijn onderwijs, zou ook kenmerkend zijn voor het tweede millenium voor (2000-1000) Christus. En juist niet voor de tijd van het eerste millenium voor Christus.
Ook in Numeri bij de beschrijving van de woestijnreis, lees je allerlei bijzonderheden die voor het trekkende volk heel belangrijk waren, (marsorde en wijze van legering, hst 1-4 en hst 10). Het is heel onwaarschijnlijk dat al dit soort dingen 800 jaar later nog zo precies en uitvoerig beschreven zou worden.
(Dit i.v.m. met een meer schriftkritische overtuiging dat de geschiedenissen pas in de babylonische ballingschap opgeschreven zouden zijn, en daardoor een stuk minder betrouwbaar omdat het pas na een lange tijd op schrift zpou zijn gesteld)