In de cursus persoonlijke voorbede leren we dat als je met iemand gebeden hebt, het dan ook heel mooi is die ander te zegenen. Maar mag dat eigenlijk wel? Is zegenen niet voorbehouden aan ambtsdragers? Hoort de zegen niet thuis in de kerkdienst? Wat doe je eigenlijk als je zegent?
Heel kort een paar opmerkingen over zegenen. Wie meer erover wil lezen raad ik het boekje aan van André de Haan Nou, het beste… over zegenen gesproken, 1999 Arnhem.
Wat is zegenen?
Letterlijk betekent het woord “goede dingen zeggen”. Je spreekt de ander het goede van God toe of je spreekt dat over die ander uit.
Zegenen doe je in het geloof dat die woorden iets “doen” met de ander. Dat er heilzame kracht van God in meekomt. Niet magisch, maar in afhankelijkheid van God en op grond van Gods belofte dat Hij mensen die Hem zoeken wil zegenen. Gods zegen brengt het leven tot groei en bloei.
Als God de enige is die zegent, waarbij de mens alleen maar spreekbuis is, maakt het in principe niet uit wie die zegen uitspreekt. Dat zien we ook in de bijbel:
Wie zegent?
* God zelf zegent zijn schepping (bv dieren en de mens en de sabbat Gen.1:22.29; 2:3)
* Mensen zegenen elkaar in Gods naam. Vaders zegenen hun zonen (Gen.49:28) kerkelijke dienaars zegenen het volk (Deut.10:

maar het volk zelf zegent ook (1Kon.8:66). De oproep om te zegenen in het Nieuwe Testament is voor iedereen bestemd (Luk.6:28; Rom.12:14; 1Kor.14:16; 1Petr.3:9).
* Mensen zegenen God (= groot maken, prijzen) bv Ps.103 “Zegen mijn ziel de grote naam des Heren”
Deze bijbelplaatsen laten zien dat zegenen zijn wortels heeft in het gewone leven (schepping, familie, maatschappelijke verhoudingen, onderlinge omgang). De zegen in de kerkdienst zou je als een liturgische vorm kunnen zien, waarvan het speciale is dat de gemeente als geheel gezegend wordt. De ambtelijke positie van degene die zegent, onderstreept nog eens de zorg en aandacht van de goede Herder voor zijn kudde. Een plechtig moment waarop je als volk voor God staat, maar het zegenen is zeker niet beperkt tot alleen dit plechtige moment.
Terwijl je dus al in het Oude Testament ziet dat ook in het gewone leven mensen elkaar zegenden, was zegenen toch wel vooral een taak van de priester. In het Nieuwe Testament wordt de gemeente een koninklijk priesterschap genoemd (1Petr.2:9). Nu is
iedere christen priester en als zodanig geroepen te zegenen in alle verbanden en relaties waarin hij of zij zich bevindt.
Hoe zegenen?
* Je kunt iemand in stilte zegenen. Zachtjes de goedheid van God voor die ander denken, bijv. midden in een moeilijk gesprek, of iemand die je op straat tegenkomt.
* Je kunt zegenen met bijbelwoorden. Teksten citeren of bijbelse gedachten weergeven.
* Je kunt zegenen met eigen woorden, die kloppen met de bijbel en aansluiten bij wat de ander nodig heeft, bij wat God al aan het doen is in die ander. Als je je beschikbaar stelt voor God, open staat naar God toe en naar de ander toe, mag je vertrouwen dat God je gedachten, gevoelens en woorden geeft voor die ander, waarvan het zonder meer duidelijk is dat die passen bij de zegen die van God uitgaat. Je hoeft niet bang te zijn dat het alleen jouw woorden zijn en niet die van God. Het is én én: God werkt met je samen.
Het is mooi en bijbels om bij het zegenen je hand op iemands hoofd of schouder te leggen, maar de zegen is daarvan niet afhankelijk.