Auteur Topic: Paulus over Jezus?  (gelezen 8586 keer)

P. Strootman

  • Berichten: 1517
    • Bekijk profiel
Paulus over Jezus?
« Reactie #50 Gepost op: januari 25, 2006, 02:17:51 pm »

quote:

elle schreef op 25 januari 2006 om 10:36:

[...]

Nogmaals: het is prima te verenigen. Paulus is namelijk in het geheel niet onpraktisch. Zolang dat niet hard gemaakt is, is een discussie als deze niet nuttig.

Paulus heeft het over de praktijken rond het avondmaal, over relaties tussen gelovigen en heidenen, over het leiden van gemeenten, over omgaan met de gaven van de Geest, over het herkennen van dwaalleraren. Hoe praktisch wil je het hebben?

Wat hij daarnaast doet, is deze praktijk inkaderen in het leven, sterven en opstaan van Jezus van Nazareth. Daarbij is het nuttig om op te merken dat degenen aan wie hij schrijft, deze Jezus niet gekend hebben, en alles wat men over hem weet heeft overgedragen gekregen van anderen. Paulus verkondigt wel degelijk deze Jezus, maar omdat Jezus op sommige punten nogal in leek te gaan tegen Mozes en de Joodse leer, ontkwam Paulus er niet aan om het een en ander duidelijk uit te leggen. De brief aan de Romeinen is daar een prachtvoorbeeld van.

En hoe praktisch is Jezus?
Jezus zei:
M5:3 ‘Gelukkig wie nederig van hart zijn, want voor hen is het koninkrijk van de hemel.
4 Gelukkig de treurenden, want zij zullen getroost worden.
5 Gelukkig de zachtmoedigen, want zij zullen het land bezitten.
6 Gelukkig wie hongeren en dorsten naar gerechtigheid, want zij zullen verzadigd worden.
7 Gelukkig de barmhartigen, want zij zullen barmhartigheid ondervinden.
8 Gelukkig wie zuiver van hart zijn, want zij zullen God zien.
9 Gelukkig de vredestichters, want zij zullen kinderen van God genoemd worden.
10 Gelukkig wie vanwege de gerechtigheid vervolgd worden, want voor hen is het koninkrijk van de hemel.

M10:38 Wie niet zijn kruis op zich neemt en mij volgt, is mij niet waard.

J15:9 Ik heb jullie liefgehad, zoals de Vader mij heeft liefgehad. Blijf in mijn liefde: 10 je blijft in mijn liefde als je je aan mijn geboden houdt, zoals ik me ook aan de geboden van mijn Vader gehouden heb en in zijn liefde blijf. 11 Dit zeg ik tegen jullie om je mijn vreugde te geven, dan zal je vreugde volkomen zijn. 12 Mijn gebod is dat jullie elkaar liefhebben zoals ik jullie heb liefgehad. 13 Er is geen grotere liefde dan je leven te geven voor je vrienden. 14 Jullie zijn mijn vrienden wanneer je doet wat ik zeg.

Paulus zei:
G5:22 Maar de vrucht van de Geest is liefde, vreugde en vrede, geduld, vriendelijkheid en goedheid, geloof, 23 zachtmoedigheid en zelfbeheersing. Er is geen wet die daar iets tegen heeft. 24 Wie Christus Jezus toebehoort, heeft zijn eigen natuur met alle hartstocht en begeerte aan het kruis geslagen.

1K13:1 Al sprak ik de talen van alle mensen en die van de engelen – had ik de liefde niet, ik zou niet meer zijn dan een dreunende gong of een schelle cimbaal. 2 Al had ik de gave om te profeteren en doorgrondde ik alle geheimen, al bezat ik alle kennis en had ik het geloof dat bergen kan verplaatsen – had ik de liefde niet, ik zou niets zijn. 3 Al verkocht ik mijn bezittingen omdat ik voedsel aan de armen wilde geven, al gaf ik mijn lichaam prijs en kon ik daar trots op zijn – had ik de liefde niet, het zou mij niet baten.
4 De liefde is geduldig en vol goedheid. De liefde kent geen afgunst, geen ijdel vertoon en geen zelfgenoegzaamheid. 5 Ze is niet grof en niet zelfzuchtig, ze laat zich niet boos maken en rekent het kwaad niet aan, 6 ze verheugt zich niet over het onrecht maar vindt vreugde in de waarheid. 7 Alles verdraagt ze, alles gelooft ze, alles hoopt ze, in alles volhardt ze.


Wat zegt de een dat de ander niet zegt?


elle,
Laat ik beginnen met je laatste vraag: Wat zegt de een dat de ander niet zegt? Je doet dus, alsof Jezus en Paulus hetzelfde gezegd zouden hebben.
Ik denk echter, dat dát nu juist níet het criterium is. Dáár gaat het niet over. De cruciale vraag is, of we, juist met het oog op wat de christelijke theologie allemaal over Jezus leert voor óns eigen heil, dat weer  terug kunnen vinden in het evangelie van Paulus? En hierop moet m.i een helder  en duidelijk ‘NEE’ klinken. Laat ik het heel, héél  kort samenvatten: Dat Davids zoon, lang verwacht, miljoenen zaligen zal, is volstrekt niet terug te vinden in het evangelie van Paulus. Voor de christelijke theologen eigenlijk ónaanvaardbaar! En ook voor de ‘gewone’ gelovigen, want men heeft zich volledig geconcentreerd op Jezus, de zoon van David. Wie eenvoudig gelooft, dat Jezus voor hem of haar aan het kruis gestorven is, ís al door God gerechtvaardigd. Op wélke redelijke, aannemelijke grond Hij dit zou doen, heeft echter nog niemand kunnen verklaren. Dat is ook onmogelijk, want men slaat dan wel héél veel over. En dat heeft nu juist Paulus geleerd! Het directe gevolg van het offer van Jezus' lichaam is, dat God zijn Geest in onze harten uitgezonden heeft. En daarmee zullen wij het moeten doen!
MAAR DAT WIL NATUURLIJK  NÍET ZEGGEN, DAT WIJ VAN JEZUS, ALS ZOON VAN DAVID, NIET VEEL ZOUDEN MOGEN EN KUNNEN LEREN, WAT ZIJN MENSZIJN EN ZIJN ONDERWIJS BETREFT! Maar dáár gaat het ook niet om in de vraagstelling.
Elle, voor WIE waren die raadgevingen van Paulus over het avondmaal? Toch zéker niet voor de heidengelovigen! Nee, Paulus kaderde de avondmaalspraktijk, het lijden en sterven van Jezus van Nazareth (een term, die Paulus nooit gebruikt heeft) niet in, vanwege het lijden en sterven van Jezus voor óns, niet-joden. En daarom richtte hij zich op dat moment tot het Jóódse gedeelte van de gemeente der Corinthiërs.
Ik ben het volkomen met je eens, dat Jezus zeer praktisch was in zijn raadgevingen  betreffende de omgang met elkaar. Indrukwekkend!  
Hiertegenover kunnen we dus ook niet stellen, dat Paulus onpraktisch was. Integendeel, zijn raadgevingen wat dit betreft, zijn niet mis te verstaan.
Het gaat er tenslotte om, dat vooral de christelijke heilsleer, gespeend is van de heilsleer van Paulus. Maar juist die heilsleer geldt voor óns. En dáárom liet hij de aardse Jezus én zijn onderwijs onbesproken.

elle

  • Moderator
  • Berichten: 7583
  • The way of the leaf
    • Bekijk profiel
Paulus over Jezus?
« Reactie #51 Gepost op: januari 25, 2006, 03:07:34 pm »

quote:

P. Strootman schreef op 25 januari 2006 om 14:17:
De cruciale vraag is, of we, juist met het oog op wat de christelijke theologie allemaal over Jezus leert voor óns eigen heil, dat weer terug kunnen vinden in het evangelie van Paulus? En hierop moet m.i een helder  en duidelijk ‘NEE’ klinken. Laat ik het heel, héél  kort samenvatten: Dat Davids zoon, lang verwacht, miljoenen zaligen zal, is volstrekt niet terug te vinden in het evangelie van Paulus.
Wel bij hetgeen de Here Jezus zegt dan? Jezus is gekomen voor 'de zijnen, die de Vader Hem geeft' (Joh 17). Dit heldere 'neen' vind ik niet helder.

quote:

Voor de christelijke theologen eigenlijk ónaanvaardbaar! En ook voor de ‘gewone’ gelovigen, want men heeft zich volledig geconcentreerd op Jezus, de zoon van David. Wie eenvoudig gelooft, dat Jezus voor hem of haar aan het kruis gestorven is, ís al door God gerechtvaardigd.
Paulus zegt het zelfde. Als iemand belijdt dat Jezus de Zoon van God is, blijft God in hem en blijft hij in God. Paulus zegt dat de belijdenis 'Abba, Vader' al kenmerk is van een kind van God (rom 8, gal 4).

quote:

Elle, voor WIE waren die raadgevingen van Paulus over het avondmaal? Toch zéker niet voor de heidengelovigen! Nee, Paulus kaderde de avondmaalspraktijk, het lijden en sterven van Jezus van Nazareth (een term, die Paulus nooit gebruikt heeft) niet in, vanwege het lijden en sterven van Jezus voor óns, niet-joden. En daarom richtte hij zich op dat moment tot het Jóódse gedeelte van de gemeente der Corinthiërs.
Hoe kom je daarbij? Volgens mij adresseert hij de rijken in die gemeente die de armen links laten liggen, en daarmee binnen het Lichaam van Christus, dat is de gemeente, discrimineren.

quote:

Het gaat er tenslotte om, dat vooral de christelijke heilsleer, gespeend is van de heilsleer van Paulus. Maar juist die heilsleer geldt voor óns. En dáárom liet hij de aardse Jezus én zijn onderwijs onbesproken.
Hmz... is dit het uiteindelijke punt dat je wilt aandragen? Daar kan ik dan wel weer in mee gaan :).
Nouja: met uitzondering dat de christelijke heilsleer gespeend zou zijn van Paulus. Dat is in mijn ogen geenszins juist. Paulus is degene die Jezus lijden, sterven en opstanding plaatst in de contekst van het OT, en daarmee laat zien dat Jezus juist ook voor de heidenen is gestorven. Maar, zoals in het OT ook al voorzegd is, is Jezus in eerste instantie gekomen voor de Joden. Dat is wat Paulus ook zegt (bijvoorbeeld middels zijn 'boom-waarop-de-heidenen-geent zijn' uitleg, rom 11).
De steen (Jezus) die door de tempelbouwers (Joden) verachtelijk een plaats is ontzegd, is een hoeksteen voor velen geworden (psalm 118, mat 21, handelingen 4, efeze 2, 1 petrus 2).
In het nieuwe verbond (in Jezus) geeft God Sodom en Samaria aan Israel tot dochters, zodat zij daarin delen. (ezechiel 16)


Maar daarvoor hoef ik de bijbel geenszins esotherisch te lezen, hoef ik geenszins onderscheid te maken tussen 'Jezus van Nazareth', 'Christus Jezus' of 'Jezus Christus'.
Paulus is imho door God aangesteld als eerste exegeet van het werk van Jezus, de Christus. Paulus laat niet meer zien dan de voorzegde consequenties van dat Werk, zonder dat hij daaraan toevoegt of afdoet.
"Ask not what the Body can do for you. Ask what you can do for the Body."[/]

P. Strootman

  • Berichten: 1517
    • Bekijk profiel
Paulus over Jezus?
« Reactie #52 Gepost op: januari 25, 2006, 04:18:56 pm »

quote:

klaas f schreef op 24 januari 2006 om 01:58:
Beste Nunc,

Over de gnostische denkwijze van Paulus - en daarmee over zijn metafysisch beeld van de Christus (kènde hij de vleselijke Jezus wel..? En wìlde hij Hem wel kennen?) is veel te vinden in het artikel http://altreligion.about....texts/bl_gnosticpaul2.htm


Beste Piet,

Met grote belangstelling lees ik jouw bijdragen. Graag wil ik wat meer weten van je zienswijze. Zou je antwoord willen geven op deze vragen?
• Je noemde mensen in wie Gods geest was neergedaald "goden", nietwaar?
Is onsterfelijkheid niet een essentieële goddelijke eigenschap? Vat jij onsterfelijkheid puur metafysisch op? Als "geestelijke onsterfelijkheid", zeg maar?
• In Gen. 3:22-23 neemt God maatregelen om te voorkomen dat de mens, na het eten van de vrucht van de boom van kennis van goed en kwaad, ook nog zou eten van de boom des levens. "...want als hij die zou eten, zou hij eeuwig leven." Vat je dat (ook?) metafysisch op?
• En de goden die op aarde leefden en die zich met de mensen vermengden (Gen. 6), hoe zie jij die?
• Tenslotte: was Melchizedek een God? Sommigen zien in hem een vóórafspiegeling van Jezus. Hoe zie jij dat?


Klaas f
Ik kom nog eens terug op de vraag of Jezus een gnosticus was. Ik heb er al iets over geschreven naar je. Jij denkt van niet, omdat Jezus een menselijk schepsel, zich als ondergeschikt beschouwde. Zoals je hebt kunnen lezen in mijn bijdragen beschouw ik Jezus qua mens, zoals álle mensen. De apostel Johannes leert zelfs: Is Jezus Christus het vleesgeworden woord, dan ook álle mensen. Is de Christus níet in Jezus? Dan ook in niemand! Maar op een gegeven moment zei Jezus:’Mijn Vader is meerder dan Ik’  Maar ook: ‘Ik en de Vader zijn één’. Is dat niet gnostisch?
Je schreef, dat Paulus zélf een verlosser schiep, die hij Christus Jezus noemde. Je weet wellicht hoe ik over de betekenis van die naam denk. Ik denk niet, dat Paulus zélf een verlosser bedacht heeft, maar hij schreef aan de heidengelovigen in Galatië, dat het God behaagd had zijn Zoon IN hem te openbaren, OPDAT hij Hem onder de heidenen zou gaan verkondigen. Paulus was dus geen verkondiger van de uit een vrouw geboren zoon van God, Jezus, maar van de óngeboren Zoon van God, de Geest, waarvan Melchizédek een voorafschaduwing was. Dat wil zeggen volgens Hebr.7.3:’ Zonder vader, zonder moeder, zonder geslachtsregister, zonder begin van dagen of einde des levens en, aan de Zoon van God gelijkgesteld, blijft hij priester voor altijd’ Vandaar ook het pleonasme van Paulus in Galaten 4.4a, door te spreken van ‘een uit een vrouw geboren zoon van God’. Als Paulus dan in vers 6 zegt, dat God de Geest, die in Jezus was, ook in ónze harten uitgezonden heeft,  dan is dat een bewijs, dat die óngeboren Geest óók Zoon genoemd wordt.Door dit allemaal tegen te spreken, ontgoddelijkt men niet alleen de mens, maar snijdt men ook elke mogelijkheid af om gnostisch te denken. Vanuit het denken van de kerk, dat God ánders is dan wat in elk schepsel van Hem aanwezig  is, wijst men elke goddelijke eenwording van de mens met God, af. Er kan echter wel een kwantitatief verschil zijn, maar niet een kwalitatief verschil. Fijn goud, hóe fijn ook, blíjft goud! De Mysticus Eckehart zei, dat God-Zelf in de zielegrond van de mens geboren wordt. Trouwens, wat schreef Paulus in Efeze 4.6:’….één God en Vader van allen, die is boven allen en door allen en in allen’ Het goddelijke is dus niet iets, dat ergens, ver weg, in de hemel bestaat. Maar het is Iets, dat we zullen bezitten, voor zover wij het zélf tot ontwikkeling brengen. Kort gezegd:God is slechts BUITEN ons, in zoverre Hij IN ons is. ’
Dus ik denkt tóch, klaas f, dat Paulus in dít opzicht, níet iets leerde, wat Jezus óók niet leerde en zich wat dit betreft tóch op Jezus’mensbeschouwing baseerde, zónder Hem uitdrukkelijk te noemen. Je hebt echter gelijk, als je zegt, dat de gnostische, metafysische leer van Paulus niet te verenigen is (ik zou zeggen: samenvalt) met de praktische, joodse leer van Jezus, de zoon van David. Gnostische uitspraken van Jezus bleven m.i. beperkt tot de ingewijden.
Vr. gr.
Piet

P. Strootman

  • Berichten: 1517
    • Bekijk profiel
Paulus over Jezus?
« Reactie #53 Gepost op: januari 25, 2006, 07:22:34 pm »

quote:

elle schreef op 25 januari 2006 om 15:07:

[...]
Wel bij hetgeen de Here Jezus zegt dan? Jezus is gekomen voor 'de zijnen, die de Vader Hem geeft' (Joh 17). Dit heldere 'neen' vind ik niet helder.


[...]
Paulus zegt het zelfde. Als iemand belijdt dat Jezus de Zoon van God is, blijft God in hem en blijft hij in God. Paulus zegt dat de belijdenis 'Abba, Vader' al kenmerk is van een kind van God (rom 8, gal 4).


[...]
Hoe kom je daarbij? Volgens mij adresseert hij de rijken in die gemeente die de armen links laten liggen, en daarmee binnen het Lichaam van Christus, dat is de gemeente, discrimineren.


[...]
Hmz... is dit het uiteindelijke punt dat je wilt aandragen? Daar kan ik dan wel weer in mee gaan :).
Nouja: met uitzondering dat de christelijke heilsleer gespeend zou zijn van Paulus. Dat is in mijn ogen geenszins juist. Paulus is degene die Jezus lijden, sterven en opstanding plaatst in de contekst van het OT, en daarmee laat zien dat Jezus juist ook voor de heidenen is gestorven. Maar, zoals in het OT ook al voorzegd is, is Jezus in eerste instantie gekomen voor de Joden. Dat is wat Paulus ook zegt (bijvoorbeeld middels zijn 'boom-waarop-de-heidenen-geent zijn' uitleg, rom 11).
De steen (Jezus) die door de tempelbouwers (Joden) verachtelijk een plaats is ontzegd, is een hoeksteen voor velen geworden (psalm 118, mat 21, handelingen 4, efeze 2, 1 petrus 2).
In het nieuwe verbond (in Jezus) geeft God Sodom en Samaria aan Israel tot dochters, zodat zij daarin delen. (ezechiel 16)


Maar daarvoor hoef ik de bijbel geenszins esotherisch te lezen, hoef ik geenszins onderscheid te maken tussen 'Jezus van Nazareth', 'Christus Jezus' of 'Jezus Christus'.
Paulus is imho door God aangesteld als eerste exegeet van het werk van Jezus, de Christus. Paulus laat niet meer zien dan de voorzegde consequenties van dat Werk, zonder dat hij daaraan toevoegt of afdoet.


elle,
Nee, elle niet Jezus zaligt, maar Gods Geest, de Christus. Bovendien hangt het er dan ook nog van af wat wij zélf doen, namelijk onze eigen behoudenis bewerken (Fil.2) .
Nee, elle, Paulus zegt níet hetzelfde, want hij schreef wel enkele keren over de opwekking van Jezus, maar dan in een ander verband. Ook niet, dat  Jézus voor ons gestorven is, maar Christus. Het geeft wel een mystiek, geestelijke betekenis aan het kruis, maar spreekt nooit over plaatsvervanging, waarover christenen zo graag spreken.
Dan die woorden van Paulus, die je aanhaalt, dat wie belijdt dat Jezus de Zoon van God is, al het kenmerk draagt van een kind van God. Ik denk, dat je té gemakkelijk leest, elle. In Rom 8. 14 staat:’Want allen, die door de Geest geleid wordt, zijn zonen Gods’ Natuurlijk mogen wij, ja, willen wij belijden, dat Jezus de Zoon van God is. Maar daarmee is de mens nog niet gerechtvaardigd. De mens wordt gerechtvaardigd, als hij gelooft, dat dezelfde Geest, die in Jezus was, óók in jezelf woont.
Je antwoord op wat ik schreef over Paulus’ raadgevingen over het avondmaal, begrijp ik niet, dus ga ik daar maar niet op in.
Zij zijn in elk geval expliciet bestemd voor het Joodse deel van de gemeente.
Je vindt wél, dat de brieven van Paulus gespeend zijn van het evangelie der besnijdenis. Maar dat de christelijke heilsleer gespeend zou zijn van de christelijke heilsleer, verwerp je. Tóch kunnen we niet anders concluderen, elle. De christenen hebben al heel vroeg, de persoon van Jezus naar zich ‘toegetrokken’ als hun redder. Je argument, dat Paulus Jezus’ lijden, sterven en opstanding in de context plaatste van het o.t. kan ik niet onderschrijven. Altijd had hij het over de opstanding en/of de dood van Christus.
Tot slot:
Je hoeft voor jezelf niet esoterisch te lezen en dus geen onderscheid te maken tussen Jezus van Nazareth, Christus Jezus of Jezus Christus. Dat moet je helemaal zelf weten, elle. Ik wil je daar ook niet toe dwingen, als ik het al kon, want dat heeft geen énkele zin. Maar als je het gaat ‘zien’, dan wordt het een ‘openbaring’ voor je. Dán pas begrijp je waarom de Zoon des mensen zijn leven heeft gegeven als losprijs voor VELEN (Matt. 20.28) en waarom de mens Christus Jezus zijn leven heeft gegeven tot een losprijs voor ALLEN. En je gaat óók begrijpen, dat IN Christus Jezus álle verschillen tussen Joden en heidenen WEGVALLEN (Galaten 3.26-29). Ja, dat er dan geen verschil meer is tussen slaaf of vrije, man of vrouw, maar dan zijn wij allen één in Christus Jezus. In Jezus Christus is dat uitgesloten, want die werd een dienaar van BESNEDENEN! (Rom.15.8).

klaas f

  • Berichten: 348
    • Bekijk profiel
Paulus over Jezus?
« Reactie #54 Gepost op: januari 26, 2006, 03:25:36 am »
Beste Elle,

Met "praktisch" bedoelde ik dat Jezus heel concrete praktijkvoorbeelden van menselijk gedrag gaf: met name in zijn gelijkenissen. Opvallend is het beknopte karakter van zijn taal, zijn kernachtigheid, zijn rake vergelijkingen.

De uitleggingen van Paulus hebben een veel theoretischer karakter. Hij heeft ook veel meer tekst nodig dan Jezus zelf, en gebruikt ingewikkelde (samengestelde) zinnen, die men soms terdege moet analyseren om ze te kunnen begrijpen.

Je bewering dat Paulus eigenlijk hetzelfde verkondigde als Jezus valt gemakkelijk te bestrijden.
Jezus was een geloofsgetrouwe Jood, die stond in de tradities en voor wie de Wet en de Profeten heilig waren. De Wet moest tot aan het einde der tijden zijn geldigheid behouden. Hier geeft Hij uitdrukking aan in o.m. Matt. 5:18 en Luc. 16:7.
Paulus zag de Wet - hoe waardevol die ook geweest is - nu als overbodig geworden (Gal. 3:24-25).

P.S. Zo zie je maar: wie zoekt, die vindt. Ik had tal van andere citaten van Paulus kunnen kiezen, die juist de geldigheid, de waarde en de zin van de wet onderstrepen. Incidentele citaten hebben m.i. niet de kracht van argument: we moeten kijken naar het algemene beeld van iemands uitingen. Dat gebeurt hier veel te weinig.


Beste Piet,

Bij Paulus vind ik metafysische / gnostische noties als "in Jezus sterven en opstaan". Bij Jezus vind ik die niet: Hij roept vooral op tot praktische naastenliefde.
Maar je hebt gelijk: ook bij Jezus vind je "gnostische" elementen. (Ik schrijf het woord tussen aanhalingstekens, omdat wat wij gnostisch of metafysisch noemen voor Esseense kringen vermoedelijk gesneden koek was.)
Ik vraag me echter wel af, wat er allemaal voor diepzinnigs (ongetwijfeld met de beste bedoelingen!) door de vertellers, de dóórvertellers en de opschrijvers aan de woorden van Jezus is toegevoegd. En wie er allemaal hebben gepubliceerd en geredigeerd onder de auteursnaam van Paulus. (Zucht!)

quote:

(...) Geliefde broeders en zusters, onthoud dit goed: ieder mens moet zich haasten om te luisteren, maar traag zijn om te spreken, traag ook in het kwaad worden. Want de woede van de mens brengt niets voort dat in Gods ogen rechtvaardig is. Wees daarom zachtmoedig (...) Jac.1:19-21.
Misschien wel 't beste wat Paulus schreef..?
« Laatst bewerkt op: januari 26, 2006, 03:28:28 am door klaas f »
vriendelijke groet, klaas.

elle

  • Moderator
  • Berichten: 7583
  • The way of the leaf
    • Bekijk profiel
Paulus over Jezus?
« Reactie #55 Gepost op: januari 26, 2006, 11:04:15 am »

quote:

klaas f schreef op 26 januari 2006 om 03:25:
Je bewering dat Paulus eigenlijk hetzelfde verkondigde als Jezus valt gemakkelijk te bestrijden.
Jezus was een geloofsgetrouwe Jood, die stond in de tradities en voor wie de Wet en de Profeten heilig waren. De Wet moest tot aan het einde der tijden zijn geldigheid behouden. Hier geeft Hij uitdrukking aan in o.m. Matt. 5:18 en Luc. 16:7.
Paulus zag de Wet - hoe waardevol die ook geweest is - nu als overbodig geworden (Gal. 3:24-25).

P.S. Zo zie je maar: wie zoekt, die vindt. Ik had tal van andere citaten van Paulus kunnen kiezen, die juist de geldigheid, de waarde en de zin van de wet onderstrepen. Incidentele citaten hebben m.i. niet de kracht van argument: we moeten kijken naar het algemene beeld van iemands uitingen. Dat gebeurt hier veel te weinig.
Ik ben het niet met je eens, en dit voorbeeld is een slecht voorbeeld, omdat je galaten onjuist interpreteert.
De wet is geenszins overbodig, want: "De wet is later (dan de belofte aan Abraham) ingevoerd om ons bewust te maken van de zonde". Het besef van zonde was kennelijk nodig om de belofte aan Abraham te kunnen vervullen!
De wet heeft dan ook een andere functie dan Christus, en heeft ook een andere rol in een mensenleven dan Christus. Namelijk die van rechtvaardiging vs leven. 11 Dat niemand door de wet voor God rechtvaardig wordt, is volkomen duidelijk, want er staat ook geschreven: ‘De rechtvaardige zal leven door geloof.’ 12 De wet daarentegen is niet gegrond op geloof, want er staat: ‘Wie doet wat de wet voorschrijft, zal leven.’ Hebben wij Christus aangenomen, dan is de rol van de wet uitgespeeld: Christus is namelijk gestorven voor hen die door de wet aan hun zonde en schuld zijn ontdekt. En dus door Christus voor God de Vader gerechtvaardigd zijn. Daarom waren de Galaten verkeerd bezig: ze achtten de wet belangrijker dan Jezus Christus.
Jezus zei: "Denk niet dat ik gekomen ben om de Wet of de Profeten af te schaffen. Ik ben niet gekomen om ze af te schaffen, maar om ze tot vervulling te brengen. (mat 5)" Hij heeft precies dat gedaan: Door het werk van Zijn lijden, sterven en opstanding heeft Hij de wet vervuld. En dat is precies wat Paulus zegt. Zijn hele brief aan de Romeinen is gewijd aan deze ene zin van Jezus, en in zeer beknopte woorden vat hij die voor de Galaten nog eens samen.
"Ask not what the Body can do for you. Ask what you can do for the Body."[/]

klaas f

  • Berichten: 348
    • Bekijk profiel
Paulus over Jezus?
« Reactie #56 Gepost op: januari 27, 2006, 01:21:02 am »
Beste Piet,

Als er van mensen wordt gezegd dat zij het Koninkrijk van God bij zich (of voor mijn part: ìn zich) hebben, dan betekent dit toch nog niet dat zij aan God gelijk zijn?
Mijns inziens zijn er essentiële verschillen tussen God en mens. Onze illusie van goddelijkheid berust op zelfoverschatting.
De mens goddelijk? Het lukt de mensen meestal nauwelijks om zelfs maar een beetje mènselijk te zijn... laat staan gòddelijk!

Audio-technisch gezien resoneren wij soms op God. Dan komt het ons voor dat we goddelijk zijn. Of: iets goddelijks hebben.
Maar we vertonen veel eigenresonanties, en er zijn staande golven, flutterecho's, demping (met nietgelovigen), resonantiekringen (met andersgelovigen): kortom... veel vervorming en ruis, bij een gebrekkig rendement.

quote:

"What a piece of work is man! How noble in reason! How infinite in faculties! In form and moving, how express and admirable! In action how like an angel! In apprehension, how like a god! The beauty of the world! The paragon of animals!" (William Shakespeare, Hamlet (II, ii, 115-117)


Ja, ja... Maar mensen moorden, martelen, verkrachten en terroriseren ook op manieren waar een wild beest zich voor zou schamen.

Als jij graag aanneemt dat de mens een goddelijk vlammetje in zich draagt... mag ik dan voorstellen dat we daar zo nu en dan wat aan snuffelen om te controleren of er niet een zwavelluchtje aan zit?
vriendelijke groet, klaas.

diak2b

  • Berichten: 6897
    • Bekijk profiel
Paulus over Jezus?
« Reactie #57 Gepost op: januari 27, 2006, 08:11:33 am »

quote:

klaas f schreef op 27 januari 2006 om 01:21:
Ja, ja... Maar mensen moorden, martelen, verkrachten en terroriseren ook op manieren waar een wild beest zich voor zou schamen.
Boeiend punt. AL dat gedrag valt namelijk bij dieren ook waar te nemen, maar voorzover bekend is de mens nu juist de enige met voldoende geweten om zich te schamen.
Waar beschaving en eerlijkheid botsen, zal ik maar zwijgen.

P. Strootman

  • Berichten: 1517
    • Bekijk profiel
Paulus over Jezus?
« Reactie #58 Gepost op: januari 27, 2006, 03:42:12 pm »

quote:

klaas f schreef op 27 januari 2006 om 01:21:
Beste Piet,

Als er van mensen wordt gezegd dat zij het Koninkrijk van God bij zich (of voor mijn part: ìn zich) hebben, dan betekent dit toch nog niet dat zij aan God gelijk zijn?
Mijns inziens zijn er essentiële verschillen tussen God en mens. Onze illusie van goddelijkheid berust op zelfoverschatting.
De mens goddelijk? Het lukt de mensen meestal nauwelijks om zelfs maar een beetje mènselijk te zijn... laat staan gòddelijk!

Audio-technisch gezien resoneren wij soms op God. Dan komt het ons voor dat we goddelijk zijn. Of: iets goddelijks hebben.
Maar we vertonen veel eigenresonanties, en er zijn staande golven, flutterecho's, demping (met nietgelovigen), resonantiekringen (met andersgelovigen): kortom... veel vervorming en ruis, bij een gebrekkig rendement.


[...]


Ja, ja... Maar mensen moorden, martelen, verkrachten en terroriseren ook op manieren waar een wild beest zich voor zou schamen.

Als jij graag aanneemt dat de mens een goddelijk vlammetje in zich draagt... mag ik dan voorstellen dat we daar zo nu en dan wat aan snuffelen om te controleren of er niet een zwavel

Klaas f.
Ik heb het zo druk gehad, dat ik je post niet eerder zag. Maar ik denk, dat de mens per definitie goddelijk is. De mens is een denker en denken heeft alles met geest te maken. Maar ook als mens, is hij per definitie goddelijk gemaakt. In Hebr.12 wordt gesproken over vleselijke vaders (meervoud dus) en over de Vader (enkelvoud) der geesten. Wij hebben allemaal vleselijke vaders, maar er is een (1) Vader der de geesten, die in ons zijn. Als wij die geest niet in ons hadden, waren wij nog aan de dieren gelijk.
Velen denken, dat men die geest pas krijgt, als men gelooft. Nee, dat 'goddelijke vlammetje' is allesbepalend. Geloof EN zelfwerkzaamheid moet dit vlammetje aanwakkeren. Zoals Paulus dat schreef in Filippenzen 2.
Natuurlijk is er een groot verschil, maar zoals ik al eerder schreef: Dat is meer van kwantitatieve dan van kwalitatieve aard.
Jezus zei tegen de Joden, die Hem wilden doden:'Gij zijt goden', maar liet het tweede gedeelte van de tekst (Psalm 82.6)achterwege. Daar staat namelijk: 'Ja, allen zonen des Allerhoogsten' Maar om daartoe te komen - het realiseren van het zoonschap Gods - , die opdracht heeft de mens zelf gekregen. En daarvoor is 'slechts' een (1) geloof noodzakelijk en dat is het geloof in Christus Jezus. D.w.z. dat de mens gelooft, dat dezelfde Geest, die in Jezus was, ook in JEZELF woont.
« Laatst bewerkt op: januari 27, 2006, 07:51:32 pm door E-line »

Pier

  • Berichten: 597
  • G'd is Liefde
    • Bekijk profiel
Paulus over Jezus?
« Reactie #59 Gepost op: januari 28, 2006, 01:33:16 pm »
*  Het Evangelie van Jezus:

Mat 7
[2] Want onder het oordeel dat jullie vellen, zul je vallen, en met de maat waarmee jullie meten, zul je gemeten worden.

Ieder mens heeft dus zijn EIGEN verantwoordelijkheid. Je komt 1 op 1 voor G'd te staan. Want G'd is 1.


De boodschap van Paulus:

Romeinen 3
[28] Ik beweer juist dat de mens gerechtvaardigd wordt door te geloven, niet door de wet te onderhouden.

Nou deze bewering gaat dus LIJNRECHT in tegen wat de Schrift zegt en tegen wat Jezus zegt. Want in de Schrift gaat het niet om mensen die geloven, maar om mensen die DOEN wat G'd zegt: Wie Mijn Woorden hoort en ze doet. Dat is ook steeds de kern van wat Jezus zegt. En Jezus zegt ook dat er geen jota of tittel van de Wet zal vallen voordat alles geschied is.

Dringend advies: Lees Ben Hobrinks, Moderne Wetenschap in de Bijbel.

Wetenschappelijk onderbouwde argumenten, die Paulus doen verbleken. De Wet is ONTERECHT door Paulus tot een vloek en een juk verklaard. Het niet eten van varkensvlees en het eten van vissoorten met vinnen en schubben, zal je tot zegen zijn. Ik daag iedereen hier uit om G'd zo op de proef te stellen. Het niet meer eten van het door G'd tot onrein verklaard varkensvlees, heeft mijn gedachten reiner gemaakt. Maar test het uit, je hoeft mij niet te geloven. Geef het echter wel tijd, want de Natuur is geen magnetron.

Even uit genoemd boek iets over bv de besnijdenis.
 
1. Op de achtste dag na onze geboorte, zit er een bepaald stofje in ons bloed met een concentratie van 110%, op die dag stopt een bloeding het allersnelst. Een *  unieke dag in ons leven dus.

2. Wie zo besneden is, krijgt GEEN peniskanker. In Brazilië waar bijna niemand besneden is, is het aantal gevallen bijna 70 x zo hoog als in Israël waar bijna alle mannen zijn besneden. Een arts in een ontwikkelingsland schreef: “ De veroorzaker schijnt het aangekoekte en rottende smegma te zijn”.

3. Wie besneden is, is dus automatisch 'schoner'. Want onder de voorhuid verzamelen zich heel snel bacterieën, bron van aids, geslachtsziekten en ga zo maar door. Ik durf dus te wedden dat er veel mannen zijn die dit niet of onvoldoende weten. Want vlak VOOR en ook NA de geslachtsgemeenschap, is die plek juist het allerbelangrijkst.

Dus, of je goed wassen op die plek, en is je dat teveel werk: laten besnijden.

M.aw. Dit geldt nog steeds, voor het HIER en NU. Paulus is dus een Leugenaar.
Modbreak:
spot weggehaald.


P.S. Lees toch dit boek, de Schrift zit zelfs verwerkt in tekens van de Chinese taal, wonderlijk zoals G'd Zijn gang gaat...
« Laatst bewerkt op: januari 28, 2006, 04:02:30 pm door Nunc »
Levend Water uit de Schrift:  G'ds Geest woont in alle mensen...  ( Prediker 12:7 ) Good thoughts and actions can never produce bad results; bad thoughts and actions can never produce good results. Englishman James Allen ( 1864 - 1912 )

Nunc

  • Berichten: 5825
  • En terstond kraaide een haan.
    • Bekijk profiel
Paulus over Jezus?
« Reactie #60 Gepost op: januari 28, 2006, 04:13:09 pm »

quote:

Pier schreef op 28 januari 2006 om 13:33:
Wetenschappelijk onderbouwde argumenten, die Paulus doen verbleken. De Wet is ONTERECHT door Paulus tot een vloek en een juk verklaard. Het niet eten van varkensvlees en het eten van vissoorten met vinnen en schubben, zal je tot zegen zijn. Ik daag iedereen hier uit om G'd zo op de proef te stellen. Het niet meer eten van het door G'd tot onrein verklaard varkensvlees, heeft mijn gedachten reiner gemaakt. Maar test het uit, je hoeft mij niet te geloven. Geef het echter wel tijd, want de Natuur is geen magnetron.


Pier, wat je hier poneert, zei je eerder in een ander topic ook al: Nunc in "Jezus, Paulus en de wet". Daar had ik al uitgelegd dat niet 'de wet', maar 'het geloof dat je via 100% wetsbetrachting behouden wordt' door Paulus afgekeurd wordt. Het zou je sieren als je inhoudelijk op dat standpunt inging, en niet steeds je ongenunceerde 'De wet is (..) door Paulus tot een vloek en een juk verklaard', steeds blijft herhalen.

Nunc

  • Berichten: 5825
  • En terstond kraaide een haan.
    • Bekijk profiel
Paulus over Jezus?
« Reactie #61 Gepost op: januari 28, 2006, 04:22:43 pm »

quote:

Pier schreef op 28 januari 2006 om 13:33:
*  Het Evangelie van Jezus:

Mat 7
[2] Want onder het oordeel dat jullie vellen, zul je vallen, en met de maat waarmee jullie meten, zul je gemeten worden.

Ieder mens heeft dus zijn EIGEN verantwoordelijkheid. Je komt 1 op 1 voor G'd te staan. Want G'd is 1.


De boodschap van Paulus:

Romeinen 3
[28] Ik beweer juist dat de mens gerechtvaardigd wordt door te geloven, niet door de wet te onderhouden.

Nou deze bewering gaat dus LIJNRECHT in tegen wat de Schrift zegt en tegen wat Jezus zegt. Want in de Schrift gaat het niet om mensen die geloven, maar om mensen die DOEN wat G'd zegt: Wie Mijn Woorden hoort en ze doet. Dat is ook steeds de kern van wat Jezus zegt. En Jezus zegt ook dat er geen jota of tittel van de Wet zal vallen voordat alles geschied is.

Dringend advies: Lees Ben Hobrinks, Moderne Wetenschap in de Bijbel.


*  Het Evangelie van Jezus:

quote:

Matth.5
11 Zalig zijt gij, wanneer men u smaadt en vervolgt en liegende allerlei kwaad van u spreekt om Mijnentwil. 12 Verblijdt u en verheugt u, want uw loon is groot in de hemelen; want alzo hebben zij de profeten vóór u vervolgd.

17 Meent niet, dat Ik gekomen ben om de wet of de profeten te ontbinden; Ik ben niet gekomen om te ontbinden, maar om te vervullen. 18 Want voorwaar, Ik zeg u: Eer de hemel en de aarde vergaat, zal er niet één jota of één tittel vergaan van de wet, eer alles zal zijn geschied

Matth. 8
18 Toen Jezus een schare rondom Zich zag, beval Hij te vertrekken naar de overkant. 19 En er kwam een schriftgeleerde tot Hem en zeide: Meester, ik zal U volgen, waar Gij ook heengaat. 20 En Jezus zeide tot hem: De vossen hebben holen en de vogelen des hemels nesten, maar de Zoon des mensen heeft geen plaats om het hoofd neer te leggen. 21 Een ander echter, een van zijn discipelen, zeide tot Hem: Here, sta mij toe eerst heen te gaan en mijn vader te begraven. 22 Maar Jezus zeide tot hem: Volg Mij en laat de doden hun doden begraven

Matth. 9
15 Jezus zeide tot hen: Kunnen soms bruiloftsgasten treuren, zolang de bruidegom bij hen is? Er zullen echter dagen komen, dat de bruidegom van hen weggenomen is, en dan zullen zij vasten.

Matth. 10
14 En indien iemand u niet ontvangt of uw woorden niet hoort, verlaat dat huis of die stad en schudt het stof uwer voeten af. 15 Voorwaar, Ik zeg u, het zal voor het land van Sodom en Gomorra draaglijker zijn in de dag des oordeels dan voor die stad.
16 Zie, Ik zend u als schapen midden onder wolven; weest dan voorzichtig als slangen en argeloos als duiven.
17 Maar wacht u voor de mensen; want zij zullen u overleveren aan de gerechtshoven en zij zullen u geselen in hun synagogen; 18 gij zult ook geleid worden voor stadhouders en koningen om Mijnentwil, tot een getuigenis voor hen en voor de volken. 19 Wanneer zij u overleveren, maakt u dan niet bezorgd, hoe of wat gij spreken zult; want het zal u in die ure gegeven worden wat gij spreken moet; 20 want gij zijt het niet, die spreekt, doch het is de Geest uws Vaders, die in u spreekt. 21 Een broeder zal zijn broeder overleveren ten dode en een vader zijn kind, en kinderen zullen opstaan tegen hun ouders en hen ter dood brengen. 22 En gij zult door allen gehaat worden om mijns naams wil; maar wie volhardt tot het einde, die zal behouden worden.
(..)
32 Een ieder dan, die Mij belijden zal voor de mensen, hem zal ook Ik belijden voor mijn Vader, die in de hemelen is; 33 maar al wie Mij verloochenen zal voor de mensen, die zal ook Ik verloochenen voor mijn Vader, die in de hemelen is.
34 Meent niet, dat Ik gekomen ben om vrede te brengen op de aarde; Ik ben niet gekomen om vrede te brengen, maar het zwaard. 35 Want Ik ben gekomen om tweedracht te brengen tussen een man en zijn vader en tussen een dochter en haar moeder en tussen een schoondochter en haar schoonmoeder; 36 en iemands huisgenoten zullen zijn vijanden zijn.
37 Wie vader of moeder liefheeft boven Mij, is Mij niet waardig; en wie zoon of dochter liefheeft boven Mij, is Mij niet waardig; 38 en wie zijn kruis niet opneemt en achter Mij gaat, is Mij niet waardig. 39 Wie zijn leven vindt, zal het verliezen, maar wie zijn leven verliest om Mijnentwil, zal het vinden.
40 Wie u ontvangt, ontvangt Mij, en wie Mij ontvangt, ontvangt Hem, die Mij gezonden heeft.

Matth. 11
2 Johannes nu hoorde in de gevangenis de werken van de Christus en liet Hem door zijn discipelen de vraag overbrengen: 3 Zijt Gij het, die komen zou, of hebben wij een ander te verwachten? 4 En Jezus antwoordde en zeide tot hen: Gaat heen en boodschapt Johannes wat gij hoort en ziet: 5 blinden worden ziende en lammen wandelen, melaatsen worden gereinigd en doven horen en doden worden opgewekt en armen ontvangen het evangelie. 6 En zalig is wie aan Mij geen aanstoot neemt.
7 Terwijl dezen heengingen, begon Jezus tot de scharen te zeggen van Johannes: Wat zijt gij in de woestijn gaan aanschouwen? Een riet, door de wind bewogen? 8 Maar wat zijt gij gaan zien? Een mens in weelderige kleding? Zie, die weelderige kleding dragen, zijn aan de hoven der koningen. 9 Maar waarom zijt gij dan gegaan? Om een profeet te zien? Ja, Ik zeg u, zelfs meer dan een profeet. 10 Deze is het, van wie geschreven staat:
Zie, Ik zend mijn bode voor uw aangezicht uit, die uw weg voor U heen bereiden zal.

11 Voorwaar, Ik zeg u, onder hen, die uit vrouwen geboren zijn, is er niemand opgestaan, groter dan Johannes de Doper, maar de kleinste in het Koninkrijk der hemelen is groter dan hij. 12 Sinds de dagen van Johannes de Doper tot nu toe breekt het Koninkrijk der hemelen zich baan met geweld en geweldenaars grijpen ernaar. 13 Want al de profeten en de wet hebben geprofeteerd tot Johannes toe; 14 en indien gij het wilt aanvaarden: Hij is Elia, die komen zou. 15 Wie oren heeft, die hore!
(..)
25 Te dien tijde hief Jezus aan en zeide: Ik dank U, Vader, Heer des hemels en der aarde, dat Gij deze dingen voor wijzen en verstandigen verborgen hebt, doch aan kinderkens geopenbaard. 26 Ja, Vader, want zo is het een welbehagen geweest voor U.
27 Alle dingen zijn Mij overgegeven door mijn Vader en niemand kent de Zoon dan de Vader, en niemand kent de Vader dan de Zoon en wie de Zoon het wil openbaren.
28 Komt tot Mij, allen, die vermoeid en belast zijt, en Ik zal u rust geven; 29 neemt mijn juk op u en leert van Mij, want Ik ben zachtmoedig en nederig van hart, en gij zult rust vinden voor uw zielen; 30 want mijn juk is zacht en mijn last is licht.
(..)
38 Toen antwoordden Hem enige der schriftgeleerden en Farizeeën en zeiden: Meester, wij zouden wel een teken van U willen zien. 39 Maar Hij antwoordde hun en zeide: Een boos en overspelig geslacht verlangt een teken, maar het zal geen teken ontvangen dan het teken van Jona, de profeet. 40 Want gelijk Jona drie dagen en drie nachten in de buik van het zeemonster was, zo zal de Zoon des mensen in het hart der aarde zijn, drie dagen en drie nachten. 41 De mannen van Nineve zullen in het oordeel opstaan met dit geslacht en het veroordelen; want zij hebben zich bekeerd op de prediking van Jona en zie, meer dan Jona is hier.

Matth. 16
13 Toen Jezus in de omgeving van Caesarea Filippi gekomen was, vroeg Hij zijn discipelen en zeide: Wie zeggen de mensen, dat de Zoon des mensen is? 14 En zij zeiden: Sommigen: Johannes de Doper; anderen: Elia; weer anderen: Jeremia, of één der profeten. 15 Hij zeide tot hen: Maar gij, wie zegt gij, dat Ik ben? 16 Simon Petrus antwoordde en zeide: Gij zijt de Christus, de Zoon van de levende God! 17 Jezus antwoordde en zeide: Zalig zijt gij, Simon Barjona, want vlees en bloed heeft u dat niet geopenbaard, maar mijn Vader, die in de hemelen is. 18 En Ik zeg u, dat gij Petrus zijt, en op deze petra zal Ik mijn gemeente bouwen en de poorten van het dodenrijk zullen haar niet overweldigen. 19 Ik zal u de sleutels geven van het Koninkrijk der hemelen, en wat gij op aarde binden zult, zal gebonden zijn in de hemelen, en wat gij op aarde ontbinden zult, zal ontbonden zijn in de hemelen. 20 Toen verbood Hij met nadruk zijn discipelen aan iemand te zeggen: Hij is de Christus.

Matth. 17
9 En terwijl zij van de berg afdaalden, gebood Jezus hun, zeggende: Vertelt niemand dit gezicht, voordat de Zoon des mensen uit de doden is opgewekt.
10 En de discipelen vroegen Hem en zeiden: Hoe kunnen dan de schriftgeleerden zeggen, dat Elia eerst moet komen? 11 Hij antwoordde en zeide: 12 Elia zal wel komen en alles herstellen, maar Ik zeg u, dat Elia reeds gekomen is en zij hebben hem niet erkend, maar met hem gedaan al wat zij wilden. Zó zal ook de Zoon des mensen door hen moeten lijden. 13 Toen begrepen de discipelen, dat Hij over Johannes de Doper tot hen gesproken had.

Matth. 19
13 Toen werden kinderen tot Hem gebracht, opdat Hij hun de handen zou opleggen en bidden; doch de discipelen bestraften hen. 14 Maar Jezus zeide: Laat de kinderen geworden en verhindert ze niet tot Mij te komen, want voor zodanigen is het Koninkrijk der hemelen. 15 En Hij legde hun de handen op en vertrok vandaar.
(..)
27 Daarop antwoordde Petrus en zeide tot Hem: Zie, wij hebben alles prijsgegeven en zijn U gevolgd; wat zal dan ons deel zijn? 28 Jezus zeide tot hen: Voorwaar, Ik zeg u, gij, die Mij gevolgd zijt, zult in de wedergeboorte, wanneer de Zoon des mensen op de troon zijner heerlijkheid zal zitten, ook op twaalf tronen zitten om de twaalf stammen van Israël te richten. 29 En een ieder, die huizen of broeders of zusters of vader of moeder of kinderen of akkers heeft prijsgegeven om mijn naam, zal vele malen meer terugontvangen en het eeuwige leven erven.
30 Maar vele eersten zullen de laatsten zijn, en vele laatsten de eersten.

Matth. 20
17 Toen Jezus zou opgaan naar Jeruzalem, nam Hij de twaalven terzijde, en onderweg sprak Hij tot hen: 18 Zie, wij gaan op naar Jeruzalem en de Zoon des mensen zal overgeleverd worden aan de overpriesters en schriftgeleerden en zij zullen Hem ter dood veroordelen. 19 En zij zullen Hem overleveren aan de heidenen om Hem te bespotten en te geselen en te kruisigen, en ten derden dage zal Hij opgewekt worden.
(..)
25 Doch Jezus riep hen tot Zich en zeide: Gij weet, dat de regeerders der volken heerschappij over hen voeren en de rijksgroten oefenen macht over hen. 26 Zo is het onder u niet. Maar wie onder u groot wil worden, zal uw dienaar zijn, 27 en wie onder u de eerste wil zijn, zal uw slaaf zijn; 28 gelijk de Zoon des mensen niet gekomen is om Zich te laten dienen, maar om te dienen en zijn leven te geven als losprijs voor velen.

Matt. 21
33 Hoort een andere gelijkenis.
Er was een heer des huizes, die een wijngaard plantte, en er een heg omheen zette, en er een wijnpers in groef en een toren bouwde; en hij verhuurde die aan pachters en ging buitenslands. 34 Toen nu de tijd der vruchten naderde, zond hij zijn slaven naar die pachters om zijn vruchten in ontvangst te nemen. 35 Maar de pachters grepen zijn slaven, sloegen de ene, doodden de andere en stenigden een derde. 36 Hij zond weder andere slaven, nog meer dan eerst, en zij behandelden hen op dezelfde wijze. 37 Ten laatste zond hij zijn zoon tot hen, zeggende: Mijn zoon zullen zij ontzien. 38 Maar toen de pachters de zoon zagen, zeiden zij tot elkander: Dit is de erfgenaam, komt, laten wij hem doden om zijn erfenis aan ons te brengen. 39 En zij grepen hem en wierpen hem buiten de wijngaard en doodden hem. 40 Wanneer nu de heer van de wijngaard komt, wat zal hij met die pachters doen? 41 Zij zeiden tot Hem: Een kwade dood zal hij die kwaden doen sterven en de wijngaard zal hij verhuren aan andere pachters, die hem de vruchten op tijd zullen afleveren. 42 Jezus zeide tot hen: Hebt gij nooit gelezen in de Schriften:
De steen, die de bouwlieden afgekeurd hadden, deze is tot een hoeksteen geworden; van de Here is dit geschied, en het is wonderlijk in onze ogen? 43 Daarom, Ik zeg u, dat het Koninkrijk Gods van u zal weggenomen worden en het zal gegeven worden aan een volk, dat de vruchten daarvan opbrengt.

Matt.23
37 Jeruzalem, Jeruzalem, dat de profeten doodt, en stenigt, wie tot u gezonden zijn, hoe dikwijls heb Ik uw kinderen willen vergaderen, gelijk een hen haar kuikens onder haar vleugels vergadert, en gij hebt niet gewild. 38 Zie, uw huis wordt aan u overgelaten. 39 Want Ik zeg u, gij zult Mij van nu aan niet meer zien, totdat gij zegt: Gezegend Hij, die komt in de naam des Heren!

Mattt. 24
1 En Jezus ging de tempel uit en vertrok. En zijn discipelen kwamen tot Hem om Hem op de gebouwen van de tempel te wijzen. 2 En Hij antwoordde en zeide tot hen: Ziet gij dit alles niet? Voorwaar, Ik zeg u, er zal hier geen steen op de andere gelaten worden, die niet zal worden weggebroken.
3 Toen Hij op de Olijfberg gezeten was, kwamen zijn discipelen alleen tot Hem en zeiden: Zeg ons wanneer zal dat geschieden, en wat is het teken van uw komst en van de voleinding der wereld? 4 En Jezus antwoordde en zeide tot hen: Ziet toe, dat niemand u verleide! 5 Want velen zullen komen onder mijn naam en zeggen: Ik ben de Christus, en zij zullen velen verleiden. 6 Ook zult gij horen van oorlogen en van geruchten van oorlogen. Ziet toe, weest niet verontrust; want dat moet geschieden, maar het einde is het nog niet. 7 Want volk zal opstaan tegen volk, en koninkrijk tegen koninkrijk, en er zullen nu hier, dan daar, hongersnoden en aardbevingen zijn. 8 Doch dat alles is het begin der weeën. 9 Dan zullen zij u overleveren aan verdrukking en zij zullen u doden, en gij zult door alle volken gehaat worden om mijns naams wil. 10 En dan zullen velen ten val komen en zij zullen elkander overleveren en elkander haten. 11 En vele valse profeten zullen opstaan en velen zullen zij verleiden. 12 En omdat de wetsverachting toeneemt, zal de liefde van de meesten verkillen. 13 Maar wie volhardt tot het einde, die zal behouden worden. 14 En dit evangelie van het Koninkrijk zal in de gehele wereld gepredikt worden tot een getuigenis voor alle volken, en dan zal het einde gekomen zijn.
(...)
23 Indien dan iemand tot u zegt: Zie, hier is de Christus, of: Hier, gelooft het niet. 24 Want er zullen valse christussen en valse profeten opstaan en zij zullen grote tekenen en wonderen doen, zodat zij, ware het mogelijk, ook de uitverkorenen zouden verleiden. 25 Zie, Ik heb het u voorzegd. 26 Indien men dan tot u zegt: Zie, Hij is in de woestijn, gaat er niet heen; zie, Hij is in de binnenkamer, gelooft het niet. 27 Want gelijk de bliksem komt van het oosten en licht tot het westen, zo zal de komst van de Zoon des mensen zijn. 28 Waar het aas is, daar zullen de gieren zich verzamelen.
29 Terstond na de verdrukking dier dagen zal de zon verduisterd worden en de maan zal haar glans niet geven en de sterren zullen van de hemel vallen en de machten der hemelen zullen wankelen. 30 En dan zal het teken van de Zoon des mensen verschijnen aan de hemel en dan zullen alle stammen der aarde zich op de borst slaan en zij zullen de Zoon des mensen zien komen op de wolken des hemels, met grote macht en heerlijkheid. 31 En Hij zal zijn engelen uitzenden met luid bazuingeschal en zij zullen zijn uitverkorenen verzamelen uit de vier windstreken, van het ene uiterste der hemelen tot het andere.

matth. 26
26 En terwijl zij aten, nam Jezus een brood, sprak de zegen uit, brak het en gaf het aan zijn discipelen en zeide: Neemt, eet, dit is mijn lichaam. 27 En Hij nam een beker, sprak de dankzegging uit en gaf hun die en zeide: Drinkt allen daaruit. 28 Want dit is het bloed van mijn verbond, dat voor velen vergoten wordt tot vergeving van zonden. 29 Doch Ik zeg u, Ik zal van nu aan voorzeker niet meer van deze vrucht van de wijnstok drinken, tot op die dag, dat Ik haar met u nieuw zal drinken in het Koninkrijk mijns Vaders.

Matth.28
16 En de elf discipelen vertrokken naar Galilea, naar de berg, waar Jezus hen bescheiden had. 17 En toen zij Hem zagen, aanbaden zij, maar sommigen twijfelden. 18 En Jezus trad naderbij en sprak tot hen, zeggende: Mij is gegeven alle macht in de hemel en op (de) aarde. 19 Gaat dan henen, maakt al de volken tot mijn discipelen en doopt hen in de naam des Vaders en des Zoons en des Heiligen Geestes en leert hen onderhouden al wat Ik u bevolen heb. 20 En zie, Ik ben met u al de dagen tot aan de voleinding der wereld.

johannes 3
1 En er was iemand uit de Farizeeën, wiens naam was Nikodemus, een overste der Joden; 2 deze kwam des nachts tot Hem en zeide tot Hem: Rabbi, wij weten, dat Gij van God gekomen zijt als leraar; want niemand kan die tekenen doen, welke Gij doet, tenzij God met Hem is. 3 Jezus antwoordde en zeide tot hem: Voorwaar, voorwaar, Ik zeg u, tenzij iemand wederom geboren wordt, kan hij het Koninkrijk Gods niet zien. 4 Nikodemus zeide tot Hem: Hoe kan een mens geboren worden, als hij oud is? Kan hij dan voor de tweede maal in de moederschoot ingaan en geboren worden? 5 Jezus antwoordde: Voorwaar, voorwaar, Ik zeg u, tenzij iemand geboren wordt uit water en Geest, kan hij het Koninkrijk Gods niet binnengaan. 6 Wat uit het vlees geboren is, is vlees, en wat uit de Geest geboren is, is geest. 7 Verwonder u niet, dat Ik u gezegd heb: Gijlieden moet wederom geboren worden. 8 De wind blaast, waarheen hij wil, en gij hoort zijn geluid, maar gij weet niet, vanwaar hij komt of waar hij heengaat; zó is een ieder, die uit de Geest geboren is. 9 Nikodemus antwoordde en zeide tot Hem: Hoe kan dit geschieden? 10 Jezus antwoordde en zeide tot hem: Gij zijt de leraar van Israël, en deze dingen verstaat gij niet? 11 Voorwaar, voorwaar, Ik zeg u: wij spreken van wat wij weten en wij getuigen van wat wij gezien hebben, en gij neemt ons getuigenis niet aan. 12 Indien Ik ulieden van het aardse gesproken heb, zonder dat gij gelooft, hoe zult gij geloven, wanneer Ik u van het hemelse spreek? 13 En niemand is opgevaren naar de hemel, dan die uit de hemel nedergedaald is, de Zoon des mensen.
14 En gelijk Mozes de slang in de woestijn verhoogd heeft, zó moet ook de Zoon des mensen verhoogd worden, 15 opdat een ieder, die gelooft, in Hem eeuwig leven hebbe. 16 Want alzo lief heeft God de wereld gehad, dat Hij zijn eniggeboren Zoon gegeven heeft, opdat een ieder, die in Hem gelooft, niet verloren ga, maar eeuwig leven hebbe. 17 Want God heeft zijn Zoon niet in de wereld gezonden, opdat Hij de wereld veroordele, maar opdat de wereld door Hem behouden worde. 18 Wie in Hem gelooft, wordt niet veroordeeld; wie niet gelooft, is reeds veroordeeld, omdat hij niet heeft geloofd in de naam van de eniggeboren Zoon van God. 19 Dit is het oordeel, dat het licht in de wereld gekomen is en de mensen de duisternis liever gehad hebben dan het licht, want hun werken waren boos. 20 Want een ieder, die kwaad bedrijft, haat het licht, en gaat niet tot het licht, opdat zijn werken niet aan de dag komen; 21 maar wie de waarheid doet, gaat tot het licht, opdat van zijn werken blijke, dat zij in God verricht zijn.

johannes 4
 13 Jezus antwoordde en zeide tot haar: Een ieder, die van dit water drinkt, zal weder dorst krijgen; 14 maar wie gedronken heeft van het water, dat Ik hem zal geven, zal geen dorst krijgen in eeuwigheid, maar het water, dat Ik hem zal geven, zal in hem worden tot een fontein van water, dat springt ten eeuwigen leven.

joh. 5
19 Jezus dan antwoordde en zeide tot hen: Voorwaar, voorwaar, Ik zeg u, de Zoon kan niets doen van Zichzelf, of Hij moet het de Vader zien doen; want wat deze doet, dat doet ook de Zoon evenzo. 20 Want de Vader heeft de Zoon lief en toont Hem al wat Hij zelf doet, en Hij zal Hem grotere werken tonen dan deze, opdat gij u verwondert. 21 Want gelijk de Vader de doden opwekt en doet leven, zo doet ook de Zoon leven, wie Hij wil. 22 Want ook de Vader oordeelt niemand, maar heeft het gehele oordeel aan de Zoon gegeven, 23 opdat allen de Zoon eren gelijk zij de Vader eren. Wie de Zoon niet eert, eert ook de Vader niet, die Hem gezonden heeft.

joh. 6
26 Jezus antwoordde hun en zeide: Voorwaar, voorwaar, Ik zeg u, gij zoekt Mij, niet omdat gij tekenen gezien hebt, maar omdat gij van de broden gegeten hebt en verzadigd zijt. 27 Werkt niet om de spijs, die vergaat, maar om de spijs, die blijft tot in het eeuwige leven, welke de Zoon des mensen u geven zal; want op Hem heeft God, de Vader, zijn zegel gedrukt. 28 Zij zeiden dan tot Hem: Wat moeten wij doen, opdat wij de werken Gods mogen werken? 29 Jezus antwoordde en zeide tot hen: Dit is het werk Gods, dat gij gelooft in Hem, die Hij gezonden heeft
(..)
44 Niemand kan tot Mij komen, tenzij de Vader, die Mij gezonden heeft, hem trekke, en Ik zal hem opwekken ten jongsten dage. 45 Er is geschreven in de profeten: En zij zullen allen door God geleerd zijn. Een ieder, die het van de Vader gehoord en geleerd heeft, komt tot Mij. 46 Niet, dat iemand de Vader gezien heeft; alleen die van God komt, die heeft de Vader gezien. 47 Voorwaar, voorwaar, Ik zeg u: Wie gelooft, heeft eeuwig leven. 48 Ik ben het brood des levens. 49 Uw vaderen hebben in de woestijn het manna gegeten en zij zijn gestorven; 50 dit is het brood, dat uit de hemel nederdaalt, opdat wie ervan eet, niet sterve. 51 Ik ben het levende brood, dat uit de hemel nedergedaald is. Indien iemand van dit brood eet, hij zal in eeuwigheid leven; en het brood, dat Ik geven zal, is mijn vlees, voor het leven der wereld.

joh.8
12 Wederom dan sprak Jezus tot hen en zeide: Ik ben het licht der wereld; wie Mij volgt, zal nimmer in de duisternis wandelen, maar hij zal het licht des levens hebben
(..)
23 En Hij zeide tot hen: Gij zijt van beneden, Ik ben van boven; gij zijt van deze wereld, Ik ben niet van deze wereld. 24 Ik heb u dan gezegd, dat gij in uw zonden zult sterven; want indien gij niet gelooft, dat Ik het ben, zult gij in uw zonden sterven. 25 Zij dan zeiden tot Hem: Wie zijt Gij? Jezus zeide tot hen: Wat spreek Ik eigenlijk nog met u? 26 Ik heb veel over u te zeggen en te oordelen; maar die Mij gezonden heeft, is waar, en wat Ik van Hem gehoord heb, dat spreek Ik tot de wereld. 27 Zij hadden niet begrepen, dat Hij tot hen van de Vader sprak. 28 Jezus dan zeide: Wanneer gij de Zoon des mensen verhoogd hebt, zult gij inzien, dat Ik het ben en niets uit Mijzelf doe, doch dat Ik dit spreek, gelijk de Vader Mij geleerd heeft. 29 En die Mij gezonden heeft, is met Mij. Hij heeft Mij niet alleen gelaten, want Ik doe altijd wat Hem behaagt.

joh.10
11 Ik ben de goede herder. De goede herder zet zijn leven in voor zijn schapen; 12 maar wie huurling is en geen herder, wie de schapen niet toebehoren, ziet de wolf aankomen, laat de schapen in de steek en vlucht – en de wolf rooft ze en jaagt ze uiteen – 13 want hij is een huurling en de schapen gaan hem niet ter harte. 14 Ik ben de goede herder en Ik ken de mijne en de mijne kennen Mij, 15 gelijk Mij de Vader kent en Ik de Vader ken, en Ik zet mijn leven in voor de schapen. 16 Nog andere schapen heb Ik, die niet van deze stal zijn; ook die moet Ik leiden en zij zullen naar mijn stem horen en het zal worden één kudde, één herder. 17 Hierom heeft Mij de Vader lief, omdat Ik mijn leven afleg om het weder te nemen. 18 Niemand ontneemt het Mij, maar Ik leg het uit Mijzelf af.
(..)
26 maar gij gelooft niet, omdat gij niet tot mijn schapen behoort. 27 Mijn schapen horen naar mijn stem en Ik ken ze en zij volgen Mij, 28 en Ik geef hun eeuwig leven en zij zullen voorzeker niet verloren gaan in eeuwigheid en niemand zal ze uit mijn hand roven. 29 Wat mijn Vader Mij gegeven heeft, gaat alles te boven en niemand kan iets roven uit de hand mijns Vaders. 30 Ik en de Vader zijn één.
(..)
23 Jezus zeide tot haar: Uw broeder zal opstaan. 24 Marta zeide tot Hem: Ik weet, dat hij zal opstaan bij de opstanding ten jongsten dage. 25 Jezus zeide tot haar: Ik ben de opstanding en het leven; wie in Mij gelooft, zal leven, ook al is hij gestorven, 26 en een ieder, die leeft en in Mij gelooft, zal in eeuwigheid niet sterven; gelooft gij dat? 27 Zij zeide tot Hem: Ja, Here, ik heb geloofd, dat Gij zijt de Christus, de Zoon van God, die in de wereld komen zou.

joh 12
31 Nu gaat er een oordeel over deze wereld; nu zal de overste dezer wereld buitengeworpen worden; 32 en als Ik van de aarde verhoogd ben, zal Ik allen tot Mij trekken. 33 En dit zeide Hij om aan te duiden, welke dood Hij sterven zou. 34 De schare dan antwoordde Hem: Wij hebben uit de wet gehoord, dat de Christus tot in eeuwigheid blijft; hoe kunt Gij dan zeggen, dat de Zoon des mensen moet verhoogd worden? Wie is deze Zoon des mensen? 35 Jezus dan zeide tot hen: Nog een korte tijd is het licht onder u. Wandelt, terwijl gij het licht hebt, opdat de duisternis u niet overvalle; en wie in de duisternis wandelt, weet niet, waar hij heengaat. 36 Gelooft in het licht zolang gij het licht hebt, opdat gij kinderen des lichts moogt zijn.
(..)
44 Jezus riep en zeide: Wie in Mij gelooft, gelooft niet in Mij, maar in Hem, die Mij gezonden heeft; 45 en wie Mij aanschouwt, aanschouwt Hem, die Mij gezonden heeft. 46 Ik ben als een licht in de wereld gekomen, opdat een ieder, die in Mij gelooft, niet in de duisternis blijve. 47 En indien iemand naar mijn woorden hoort, maar ze niet bewaart, Ik oordeel hem niet, want Ik ben niet gekomen om de wereld te oordelen, doch om de wereld te behouden. 48 Wie Mij verwerpt en mijn woorden niet aanneemt, heeft een, die hem oordeelt: het woord, dat Ik heb gesproken, dat zal hem oordelen ten jongsten dage.

joh 13
31 Toen hij dan heengegaan was, zeide Jezus: Nu is de Zoon des mensen verheerlijkt en God is in Hem verheerlijkt. 32 Als God in Hem verheerlijkt is, zal God ook Hem in Zich verheerlijken, en Hem terstond verheerlijken. 33 Kinderkens, nog een korte tijd ben Ik bij u; gij zult Mij zoeken en, gelijk Ik de Joden gezegd heb: Waar Ik heenga, kunt gij niet komen, zo spreek Ik thans ook tot u.  34 Een nieuw gebod geef Ik u, dat gij elkander liefhebt; gelijk Ik u liefgehad heb, dat gij ook elkander liefhebt. 35 Hieraan zullen allen weten, dat gij discipelen van Mij zijt, indien gij liefde hebt onder elkander.

joh 14
15 Wanneer gij Mij liefhebt, zult gij mijn geboden bewaren. 16 En Ik zal de Vader bidden en Hij zal u een andere Trooster geven om tot in eeuwigheid bij u te zijn, 17 de Geest der waarheid, die de wereld niet kan ontvangen, want zij ziet Hem niet en kent Hem niet; maar gij kent Hem, want Hij blijft bij u en zal in u zijn.
18 Ik zal u niet als wezen achterlaten. Ik kom tot u. 19 Nog een korte tijd en de wereld ziet Mij niet meer, maar gij ziet Mij, want Ik leef en gij zult leven. 20 Te dien dage zult gij weten, dat Ik in mijn Vader ben en gij in Mij en Ik in u.
21 Wie mijn geboden heeft en ze bewaart, die is het, die Mij liefheeft; en wie Mij liefheeft, zal geliefd worden door mijn Vader en Ik zal hem liefhebben en Mijzelf aan hem openbaren. 22 Judas, niet Iskariot, zeide tot Hem: Here, en hoe komt het, dat Gij Uzelf aan ons zult openbaren en niet aan de wereld? 23 Jezus antwoordde en zeide tot hem: Indien iemand Mij liefheeft, zal hij mijn woord bewaren en mijn Vader zal hem liefhebben en Wij zullen tot hem komen en bij hem wonen. 24 Wie Mij niet liefheeft bewaart mijn woorden niet; en het woord, dat gij hoort, is niet van Mij, maar van de Vader, die Mij gezonden heeft.

joh.15
18 Indien de wereld u haat, weet dan, dat zij Mij eer dan u gehaat heeft. 19 Indien gij van de wereld waart, zou de wereld het hare liefhebben, doch omdat gij van de wereld niet zijt, maar Ik u uit de wereld uitgekozen heb, daarom haat u de wereld. 20 Gedenkt het woord, dat Ik tot u gesproken heb: Een slaaf staat niet boven zijn heer. Indien zij Mij vervolgd hebben, zij zullen ook u vervolgen; indien zij mijn woord bewaard hebben, zij zullen ook het uwe bewaren. 21 Maar dit alles zullen zij u aandoen om mijn naam, want zij kennen Hem niet, die Mij gezonden heeft. 22 Indien Ik niet gekomen was en tot hen gesproken had, zij zouden geen zonde hebben, maar nu hebben zij geen voorwendsel voor hun zonde. 23 Wie Mij haat, haat ook mijn Vader. 24 Indien Ik niet de werken onder hen gedaan had, die niemand anders gedaan heeft, zouden zij geen zonde hebben; maar nu hebben zij, hoewel zij ze gezien hebben, toch Mij en mijn Vader gehaat. 25 Maar het woord moet vervuld worden, dat in hun wet geschreven is: Zij hebben Mij zonder reden gehaat.
26 Wanneer de Trooster komt, die Ik u zenden zal van de Vader, de Geest der Waarheid, die van de Vader uitgaat, zal deze van Mij getuigen; 27 en gij moet ook getuigen, want gij zijt van het begin aan met Mij.

joh. 16
Doch Ik zeg u de waarheid: Het is beter voor u, dat Ik heenga. Want indien Ik niet heenga, kan de Trooster niet tot u komen, maar indien Ik heenga, zal Ik Hem tot u zenden. 8 En als Hij komt, zal Hij de wereld overtuigen van zonde en van gerechtigheid en van oordeel; 9 van zonde, omdat zij in Mij niet geloven; 10 van gerechtigheid, omdat Ik heenga tot de Vader en gij Mij niet langer ziet; 11 van oordeel, omdat de overste dezer wereld geoordeeld is.
(..)
 24 Tot nog toe hebt gij niet om iets gebeden in mijn naam; bidt en gij zult ontvangen, opdat uw blijdschap vervuld zij.
25 Dit heb Ik in beelden tot u gesproken; er komt een ure, dat Ik niet meer in beelden tot u zal spreken, maar u vrijuit over de Vader spreken zal. 26 Te dien dage zult gij in mijn naam bidden en Ik zeg u niet, dat Ik de Vader voor u vragen zal, 27 want de Vader zelf heeft u lief, omdat gij Mij hebt liefgehad en geloofd hebt, dat Ik van God ben uitgegaan. 28 Ik ben van de Vader uitgegaan en in de wereld gekomen; Ik verlaat de wereld weder en ga tot de Vader.

joh. 17
1 Dit sprak Jezus en Hij hief zijn ogen ten hemel en zeide: Vader, de ure is gekomen; verheerlijk uw Zoon, opdat uw Zoon U verheerlijke, 2 gelijk Gij Hem macht hebt gegeven over alle vlees, om aan al wat Gij Hem gegeven hebt, eeuwig leven te schenken. 3 Dit nu is het eeuwige leven, dat zij U kennen, de enige waarachtige God, en Jezus Christus, die Gij gezonden hebt. 4 Ik heb U verheerlijkt op de aarde door het werk te voleindigen, dat Gij Mij te doen gegeven hebt. 5 En nu, verheerlijk Gij Mij, Vader, bij Uzelf met de heerlijkheid, die Ik bij U had, eer de wereld was.

joh.18
33 Pilatus dan keerde terug in het gerechtsgebouw en riep Jezus en zeide tot Hem: Zijt Gij de Koning der Joden? 34 Jezus antwoordde: Zegt gij dit uit uzelf of hebben anderen u over Mij gesproken? 35 Pilatus antwoordde: Ben ik soms een Jood? Uw volk en de overpriesters hebben U aan mij overgeleverd; wat hebt Gij gedaan? 36 Jezus antwoordde: Mijn Koninkrijk is niet van deze wereld; indien mijn Koninkrijk van deze wereld geweest was, zouden mijn dienaars gestreden hebben, opdat Ik niet aan de Joden zou worden overgeleverd; nu echter is mijn Koninkrijk niet van hier. 37 Pilatus dan zeide tot Hem: Zijt Gij dus toch een koning? Jezus antwoordde: Gij zegt, dat Ik koning ben. Hiertoe ben Ik geboren en hiertoe ben Ik in de wereld gekomen, opdat Ik voor de waarheid zou getuigen; een ieder, die uit de waarheid is, hoort naar mijn stem.
De boodschap van Paulus:

quote:

Rom.10:9
Want indien gij met uw mond belijdt, dat Jezus Heer is, en met uw hart gelooft, dat God Hem uit de doden heeft opgewekt, zult gij behouden worden


Paulus zegt dus niets anders dan Jezus al van Zichzelf claimde.

Dringend advies: Lees eerst eens wat minder selectief. Je hebt nu al meermalen op dit forum tegen mij gezegd dat ik eens alleen op de woorden van Jezus zelf moet letten (o.a. Nunc in "Het Nieuwe Testament is compleet overbod..."). Wat me dan opvalt, is dat je, als ik dan bovenstaand (onvolledig) lijstje geef, van Jezus' eigen woorden, dat je daar dan niet op ingaat. Geen wonder dat je denk dat Paulus' boodschap een andere is dan Jezus' evangelie.

Pier

  • Berichten: 597
  • G'd is Liefde
    • Bekijk profiel
Paulus over Jezus?
« Reactie #62 Gepost op: januari 28, 2006, 10:03:06 pm »

quote:

Nunc schreef op 28 januari 2006 om 16:13:
Pier, wat je hier poneert, zei je eerder in een ander topic ook al: Nunc in "Jezus, Paulus en de wet". Daar had ik al uitgelegd dat niet 'de wet', maar 'het geloof dat je via 100% wetsbetrachting behouden wordt' door Paulus afgekeurd wordt. Het zou je sieren als je inhoudelijk op dat standpunt inging, en niet steeds je ongenunceerde 'De wet is (..) door Paulus tot een vloek en een juk verklaard', steeds blijft herhalen.

Na Paulus heeft geen enkele heiden meer een praktische invulling aan de Wet ( G'ds leefregels voor de Mens ) proberen te geven. Jij ook niet, wees nu eerlijk.

En volgens de Schrift hoef je niet 100% zuiver te leven om door G'd aangenomen te worden. In elk mens leeft de Geest van G'd en elk mens is in de baarmoeder door Hem gemaakt. Dus na 'aflevering' zou Hij afstand van de mens nemen?

Jes 49
15 Kan ook een vrouw haar zuigeling vergeten, dat zij zich niet ontfermen zou over het kind van haar schoot? Al zouden zij die vergeten, toch vergeet Ik u niet.

Deut 24,21
  Wanneer gij de oogst van uw wijngaard inzamelt, zult gij niet nog eens een nalezing houden; voor de vreemdeling, de wees en de weduwe zal dit zijn


Modbreak:
offtopic en schopperige tekst weggehaald
« Laatst bewerkt op: januari 28, 2006, 10:26:57 pm door E-line »
Levend Water uit de Schrift:  G'ds Geest woont in alle mensen...  ( Prediker 12:7 ) Good thoughts and actions can never produce bad results; bad thoughts and actions can never produce good results. Englishman James Allen ( 1864 - 1912 )

E-line

  • Berichten: 3300
  • 'tôôk-toktok'
    • Bekijk profiel
Paulus over Jezus?
« Reactie #63 Gepost op: januari 28, 2006, 10:21:45 pm »

quote:

Na Paulus heeft geen enkele heiden meer een praktische invulling aan de Wet ( G'ds leefregels voor de Mens ) proberen te geven. Jij ook niet, wees nu eerlijk.
Deze aantijging kun je niet onderbouwen. Praktische invullingen van de wet worden nog steeds hele boeken over geschreven, zoek voor de gein maar eens naar ethische boeken in een christelijke boekhandel. En kijk eens naar de grote hoeveelheid christelijke charitatieve instellingen er zijn, die allemaal bezig zijn met de naasten te helpen, zoals God dat in zijn wet van ons vraagt.

quote:

En volgens de Schrift hoef je niet 100% zuiver te leven om door G'd aangenomen te worden. In elk mens leeft de Geest van G'd en elk mens is in de baarmoeder door Hem gemaakt. Dus na 'aflevering' zou Hij afstand van de mens nemen?
Als die mens afstand van Hem heeft genomen, kan Hij wel degelijk beslissen afstand van die mens te nemen.

klaas f

  • Berichten: 348
    • Bekijk profiel
Paulus over Jezus?
« Reactie #64 Gepost op: januari 30, 2006, 02:24:31 pm »
De waarheid ligt niet in het midden... maar wel dichter bij Pier dan de anderen denken, vermoed ik.
"Paulus was een leugenaar?"
Wie zoiets beweert, kan rekenen op maximale tegenstand & verwerping, op dit forum.
Want Paulus is heilig, in onze eigen soevereine kringen!
Zijn woorden leggen hier minstens even veel gewicht in de schaal als die van Jezus zelf... en eigenlijk in de praktijk nog veel méér.
Zijn herhaaldelijke ophemelen van "de geest" - die op metafysische wijze in Jezus vermag te sterven en op even miraculeuze wijze in Hem kan opstaan - en het verwerpen van "het vlees" - dat genotzuchtig is, dat ons tot zonde verleidt, dat zwak is, ziek en sterfelijk - komt sterk overeen met ascetisch-heidense opvattingen in zijn tijd, en sluit naadloos aan bij de ook al niet zo vrolijke Calvijn, wiens somberheid en soberheid hem tot de humeurige held der kleine luiden in de Verenigde Nederlanden maakte.
Maar deze Paulus verdraaide de leer van Jezus wèl.
En halve waarheden - hoe vroom ook geformuleerd - zijn erger dan hele leugens.

Bij Jezus is geloven in de eerste plaats: doen wat je door God (via Wet en Profeten) is opgedragen.
Geloven is bij Jezus: God liefhebbend gehoorzamen. Want Jezus was een wetsgetrouwe Jood.
Zijn geloof was Joods, en komt veel meer overeen met de Islam dan met het Christendom.
Als iemand gelooft, dan doet hij goed. Aan de vruchten kent men de boom.
Het Christendom dat wij kennen ìs namelijk geen Christendom: het is Paulinisme.
En Paulus had een heel ander idee over geloven dan Jezus.
Bij Paulus is geloof een kwestie van overtuiging. Van "voor wáár aannemen".
Mensen worden door hun gelóóf gerechtvaardigd. Uit genade.
Niet door hun goede leven, niet door hun werken van barmhartigheid, niet door wat ze "voor één van hun minste broeders hebben gedaan," zoals Jezus opdroeg.
Bij Paulus is er zelfverlossing: gnostisch, metafysisch.
De mens die het goddelijke in zichzelf moet vinden.
De geest wordt verlost door het lichaam te kruisigen.
Jezus stierf de offerdood, en in zijn dood kunnen wij méésterven: in zijn opstanding kunnen wij méé-opstaan.

Al in Genesis wordt de oerzonde van de mens afgestraft: de mens die aan God gelijk wil worden, wordt het paradijs uitgejaagd.
De slang had toen niet gelogen. Hij sprak alleen een halve waarheid.
Paulus, met zijn metafysische zelfverlossing, maakt de Christenen met veel vrome woorden opnieuw wijs dat zij aan God gelijk kunnen worden - nu door in het geloof één te worden met ("de") Christus.
Ik had graag eens de vorm van Paulus' tong gezien...
« Laatst bewerkt op: januari 30, 2006, 04:36:39 pm door klaas f »
vriendelijke groet, klaas.

Liudger

  • Berichten: 2050
    • Bekijk profiel
Paulus over Jezus?
« Reactie #65 Gepost op: januari 30, 2006, 02:38:11 pm »

quote:

klaas f schreef op 30 januari 2006 om 14:24:
Mensen worden door hun gelóóf gerechtvaardigd. Niet door hun goede leven, niet door hun werken van barmhartigheid, niet door wat ze "voor één van hun minste broeders hebben gedaan," zoals Jezus opdroeg.


Klaas f, wat doe je toch met al die uitspraken van Jezus waar mensen genezen of behouden verklaard worden, niet vanwege hun daden, maar vanwege hun geloof, hun vertrouwen?

quote:

Paulus, met zijn metafysische zelfverlossing, maakt de Christenen met veel vrome woorden opnieuw wijs dat zij aan God gelijk kunnen worden - nu door in het geloof één te worden met Christus.


Dat lijk me aardig kloppen met Jezus' eigen woorden:

quote:

Matt (?) : Wees dus volmaakt, zoals jullie hemelse Vader volmaakt is.


en

quote:

Joh 14:

15 Als je mij liefhebt, houd je dan aan mijn geboden. 16 Dan zal ik de Vader vragen jullie een andere pleitbezorger te geven, die altijd bij je zal zijn: 17 de Geest van de waarheid. De wereld kan hem niet ontvangen, want ze ziet hem niet en kent hem niet. Jullie kennen hem wel, want hij woont in jullie en zal in jullie blijven. 18 Ik laat jullie niet als wezen achter, ik kom bij jullie terug. 19 Nog een korte tijd en de wereld zal mij niet meer zien, maar jullie zullen mij wel zien, want ik leef en ook jullie zullen leven. 20 Dan zul je begrijpen dat ik in mijn Vader ben, dat jullie in mij zijn en dat ik in jullie ben . 21 Wie mijn geboden kent en zich eraan houdt, heeft mij lief. Wie mij liefheeft zal de liefde van mijn Vader en mij ontvangen, en ik zal mij aan hem bekendmaken.’ 22 Toen vroeg Judas (niet Judas Iskariot) aan Jezus: ‘Waarom zult u zich wel aan ons, maar niet aan de wereld bekendmaken, Heer?’ 23 Jezus antwoordde: ‘Wanneer iemand mij liefheeft zal hij zich houden aan wat ik zeg, mijn Vader zal hem liefhebben en mijn Vader en ik zullen bij hem komen en bij hem wonen. 24 Maar wie mij niet liefheeft, houdt zich niet aan wat ik zeg, en wat jullie mij horen zeggen, zijn niet mijn woorden, maar de woorden van de Vader door wie ik gezonden ben. 25 Dit alles zeg ik tegen jullie nu ik nog bij jullie ben. 26 Later zal de pleitbezorger, de heilige Geest die de Vader jullie namens mij zal zenden, jullie alles duidelijk maken en alles in herinnering brengen wat ik tegen jullie gezegd heb.
De Heer heeft mij gezien en onverwacht ben ik opnieuw geboren ...