quote:
ongetwijfeld, maar de vraag is, of als Jesaja zegt: "een kind is ons geboren" en dan titels opsomt, hij die titels op een ander tijdstip bedoelt dan het "een kind is ons geboren". Dat
zou kunnen, maar het is een eigenaardige lezing. Een ellips in feite, omdat je stelt dat Jesaja iets zegt als "een kind is ons geboren, een zoon is ons gegeven, en de heerschappij rust op zijn schouders (maar dan pas na zijn opstanding) en men noemt hem sterke god (maar dan pas na zijn opstanding) (..) etc"
quote:
[...]
De Heere wist natuurlijk Wie Hij was, daar is geen twijfel over mogelijk.
mooi, dan zijn we er toch? Jezus wijst de profeet Johannes de Doper aan (Mat. 11:10, Mar.1, Mat.3:3 waar Matteus het aanwijzen doet) als de 'roepende in de woestijn' (Jes.40:3) en de 'bode' (Mal.3:1).
Johannes de Doper vraagt of Jezus degene is die zou komen (Mat. 11:3 "Zij Gij het, die komen zou, of hebben wij een ander te verwachten") waarop Jezus bevestigend antwoord (door op messiaanse wondertekenen te wijzen zoals genezing, doden opwekking en evangelieprediking).
Jezus bevestigt dus dat Hij degene is die Johannes verwachtte en als we naar de profetieën van Jesaja en Maleachi kijken, dan blijkt het dat de HERE aangekondigd werd.
Jezus weet dus in derdaad wie Hij is
quote:
God is één zegt de Bijbel en Jezus werd mens toen Hij die Godheid aflegde en zijn volheid werd omgezet tot ledigheid, dat is een baby immers, een mens is een hol aarden vat, die gevuld moet worden en dat was de Heer ook.
dat 'afleggen' gaat echt lijnrecht in tegen de identificatie die door Mat.3,Mat.11, Mar.1, Jes.40 en Mal.3 gemaakt wordt. Jezus is op het moment dat Johannes Hem aanwijst, de HERE.
Maar wellicht bedoel je met 'afleggen' (in de zin van 'ontledigen', fil.2) niet dat Jezus ophield God/HERE te zijn, maar dat Jezus niet meer de status, macht, etc had die Hij genoot voordat Hij mens werd? Wel God, maar geen goddelijke macht enz. meer?
quote:
[...]
De Bijbel kent geen meergodensysteem.
En de triniteit is ook geen meergodensysteem.
Maar in de bijbel staat wel (hebr. 1):
5 Immers, tot wie der engelen heeft Hij ooit gezegd:
Mijn Zoon zijt gij; Ik heb U heden verwekt?
En wederom:
Ik zal Hem tot Vader zijn, en Hij zal Mij tot Zoon zijn.
6 En wanneer Hij wederom de eerstgeborene in de wereld brengt, spreekt Hij:
En Hem moeten alle engelen Gods huldigen.
7 En van de engelen zegt Hij:
Die zijn engelen maakt tot winden en zijn dienaars tot een vuurvlam;
8 maar van de Zoon:
Uw troon, o God, is in alle eeuwigheid
en de scepter der rechtmatigheid is de scepter van zijn koningschap.
9 Gerechtigheid hebt Gij liefgehad en ongerechtigheid hebt Gij gehaat;
daarom heeft U, o God, uw God met vreugdeolie gezalfd boven uw deelgenoten.
Hoe wil je dit noemen als het geen 'meergodendom' is? (hint: triniteit

)
quote:
Om even een tekst specifiek te nemen Jesaja 40 vers 5; "....en de heerlijkheid des Heeren zal geopenbaard worden en alle vlees te gelijk zal zien dat de mond des Heeren gesproken heeft, dit wijst naar de opstanding, en de rest van het hoofdstuk wijst ook naar dat wat nog komen moet.
Hij was wel God af, Hij had Zijn volheid geledigd om volledig mens te worden.
hoe weet je dat dat pas slaat op de opstanding? Johannes en Jezus hebben dit onderonsje al lang voor de opstanding namelijk, en nergens blijkt daar dat het niet gaat om het
heden, maar dat Johanes en Jezus het dan over de toekomst hebben.
quote:
De uitspraak van De Vader: "Dit is Mijn Zoon enz...wijst naar de toekomst.
De discipelen mochten het immers niet rond bazuinen, hen werd het zwijgen opgelegd en de reden is bekend.
De reden is helemaal niet bekend. Jij stelt dat de reden is, dat het nog niet waar was, maar de discipelen mochten evenmin vertellen dat Jezus
de Christus, de Messias was. Was dat óók nog niet waar tijdens Jezus' leven?
Mat 16,20
Toen verbood Hij met nadruk zijn discipelen aan iemand te zeggen: Hij is de Christus.
Maar Jezus was z'n hele leven Messias/Christus, want bij z'n geboorte werd al gezegd:
Mat 2,4
En hij liet al de overpriesters en schriftgeleerden van het volk vergaderen en trachtte van hen te vernemen, waar de Christus geboren zou worden.
Luc 2,11
U is heden de Heiland geboren, namelijk Christus, de Here, in de stad van David.
Luc 2,26
En hem was door de heilige Geest een godsspraak gegeven, dat hij de dood niet zou zien, eer hij de Christus des Heren gezien had.
En tijdens Jezus' 'carriere':
Joh.4: 25 De vrouw zeide tot Hem: Ik weet, dat de Messias komt, die Christus genoemd wordt; wanneer die komt, zal Hij ons alles verkondigen. 26 Jezus zeide tot haar: Ik, die met u spreek, ben het.
Het lijkt me dus niet houdbaar dat Jezus de discipelen verbood Zijn identiteit te onthullen, omdat dat nog niet het geval zou zijn op dat moment. Zijn Messias-identiteit wordt óók verhuld, en overal blijkt dat Jezus
tijdens zijn leven als Messias/Christus wordt beschouwd.
quote:
Waar haal je dat uit???
Dat is natuurlijk merkwaardig want ik citeer Filippenzen 2 vers 16. Natuurlijk was Hij ook God. De Vader en de Zoon zijn immers één. Misschien mag je zeggen een Tweeheid.
weet je dat ik het nu echt even niet meer volg? Ik doe echt m'n best, en misschien ligt het gewoon aan de woordkeuze, maar ik krijg steeds het idee dat je van mening verandert?
Was Jezus nu toen Hij op aarde rondliep (dus vóór de kruisiging en opstanding enzo) écht God? Je zegt hier van wel, of bedoel je dat Jezus écht God is vóór de aardse geboorte en ná de opstanding, maar niet ertussen in?
En je noemt het een Tweeheid, maar waar is de Heilige Geest van wie we eerder al gezien hadden dat die persoonlijke trekken heeft? Je kan tegen de geest (proberen te) liegen (Hand. 5 "‘Ananias, waarom heb je je door Satan laten misleiden en heb je de heilige Geest bedrogen (..)"). En in Johannes 14 staat: "26 Later zal de pleitbezorger, de heilige Geest die de Vader jullie namens mij zal zenden, jullie alles duidelijk maken en alles in herinnering brengen wat ik tegen jullie gezegd heb". De Geest is dus pleitbezorger, is gezonden (zoals Jezus ook gezonden was door de Vader, zie vers 24) en de Geest zal mensen dingen leren.
Dus nu hebben we een Drieheid van Vader, Jezus en Heilige Geest.
Maar je zegt tegelijkertijd óók dat de Vader en de Zoon samen één zijn. Een éénheid dus, die ook een Tweeheid (Drieheid met de Geest erbij) is.
(n.b. Twee- of Drieheid suggereert twee of drie afzonderlijke Wezens, zoals bv. het griekse pantheon een honderdheid (ofzoiets) is, simpelweg omdat ze met 100 goden zijn en dus een groep van 100 vormen. Is dat wat je met Twee-/Drieheid bedoelt? Lijkt me niet als je ook stelt dat ze samen één zijn).
quote:
[...]
Als gelovigen hebben wij nu al hemels burgerschap ontvangen en toch leven we hier op aarde, dus ik zie het 'probleem' niet.
Mijn burgerschapsvoorbeeld is om te laten zien dat je best eigenschappen van allebei kunt hebben. Je kunt tegelijkertijd volledig Nederlander zijn, en óók volledig Turk, omdat je van beide tegelijk het staatsburgerschap kunt hebben. Hetzelfde geldt inderdaad ook voor ons als gelovigen m.b.t. het hemelse en aardse burgerschap. Het zijn als het ware twee verschillende dimensies, of hoe je het ook wilt uitleggen.
Op dezelfde manier beweer ik, dat een goddelijke natuur en een menselijke natuur elkaar niet bijten. Ze kunnen best samengaan, omdat het goddelijke niet uitsluit dat Jezus óók menselijk kon zijn geweest, en andersom. Precies zoals in het voorbeeld van de staatsburgerschappen (of beter nog, het hemelse en aardse burgerschap).
Dus als Jezus echt helemaal mens was, betekent dat niet automatisch dat Hij niet meer God is. De aangedragen evangelie-teksten (met name Mat.3+11, Mar.1, Jes.40 en Mal.3) geven aan dat Jezus
op dat moment gewoon God/-delijk was, en gewoon geïdentificeerd kon worden met profetieën die over de HERE (JHWH) gingen.
quote:
Dus half God half Mens, of God verkleed als mens??
Nee dat zie ik dan anders volledig ontledigd is volledig en niet gedeeltelijk.
De mensen gelijk geworden is de mensen gelijk geworden.
Ben je met twee paspoorten half nederlander? Dat ligt er maar aan hoe je het definieert. Volgens mij ben je met een nederlands paspoort nederlander, dus maakt het geen ene moer uit, hoeveel paspoorten je nog meer hebt. Je bent toch ook docent als je een PABO-diploma hebt gehaald? Ongeacht of je ook nog een diploma theoretische natuurkunde op zak hebt (en dus óók doctorandus in de natuurkunde bent). Je bent beide, en het ene doet niet af aan het andere.
Dus niet 'half God, half mens', omdat je ook niet 'half Nederlander, half Turk' bent met twee paspoorten. Je bent in alle opzichten nederlander.
En
zeker niet God verkleed als mens. Dat is de dwaling van het Docetisme. Dan ontken je de echtheid van het lijden en sterven, omdat het dan kennelijk God met een schijnlichaam is.
quote:
[...]
Lees het hele hoofdstuk en dan concluderen we dat Hij het Beeld Gods werd bij de opstanding, dat kan niet anders want erachter staat dat Hij Eerstgeborene werd van een nieuwe schepping.
In vers 17 staat ; "Hij is voor alle dingen, en in de grondtekst betekent het woord "voor" Hij is " hoger" dan alle dingen en alle dingen bestaan door Hem.
Ook dat wijst op Zijn heerlijkheid toen Hij uitermate verhoogd werd, want als mens was Hij beneden de engelen gesteld, dat was alleen nodig omdat hij vernederd zou worden en over die vernedering spreekt de gevangenisbrief van Paulus absoluut niet.
Vers 19 segt ..."Het is welbehagen geweest, dat in Hem al de volheid wonen zou...,en Joh. 1 vers 14 zegt ....het Woord is vlees geworden en heeft onder ons gewoond en de discipelen kunnen dan zeggen...; "Hij heeft onder ons gewoond en wij hebben Zijn heerlijkheid aanschouwd een heerlijkheid als de Eniggeborene van de Vader., vol van genade en waarheid.
Dat wijst uitdrukkelijk op Zijn uitermate verhoging en Zijn kruisiging was dat absoluut niet.
De slang in de woestijn wijst ook op Zijn verhoging en niet op Zijn kruisiging anders was dat ding niet van koper.
Er staat niet dat Jezus eerstgeborene van een
nieuwe schepping wordt. De schepping waar Paulus het over heeft, is
de schepping, namelijk die in Genesis al beschreven wordt. Waarvan Johannes (Joh.1) dat het Woord van God (Jezus) daar werkzaam was, waarvan spreuken 3 en 8 getuigen dat Gods Wijsheid (Jezus, zie 1 Kor.1:24) daar werkzaam was. De lofrede ("Hij is het beeld ....") in Kol.1:15-17 gaat dus over
de schepping van hemel en aarde,
niet over de opstanding. Daar gaat het over als Paulus spreekt over Jezus die óók het hoofd is (geworden) van de gemeente (vs.18). Daarna komen de passages waar Paulus er herhaaldelijk op wijst dat Jezus door zijn bloed aan het kruis (vs.20, 22) ons verzoend heeft.
Dat is dus vóór de opstanding.
quote:
[...]
De Heer stierf onder de wet van het oude verbond en stierf voor hen die onder die wet leefden.
De Heer stierf voor de hele wereld en met Hem stierf die hele wereld, maar de Heer leeft voor gelovigen dus voor degenen die met Hem zijn opgestaan. (wedergeboorte dus).
De wereld werd met God verzoend, maar dat is een andere verzoening dan wat de Grote Verzoendag voorstelt. er zijn ook andere termen voor.
Wellicht een ander topic.
DE Heer was niet uit de stam van Levi, dus kon geen hogepriester zijn onder het oude verbond. Het Hogepriesterlijk werk van Hem heeft dus niets te maken met Zijn lijden en sterven. Galaten 5 vers 1 en Galaten 4 vers 4 en 5.
Wij zijn niet behouden door de verzoening van onze zonden, maar door verzoening met God. Tenminste als wij wedergeboren zijn.
Hij leed en stierf voor onze zonden, maar Hij stond op voor degenen die geloven.
De keuze ligt bij ons.
Maar het is eigenlijk Zijn wedergeboorte waar wij deel aan krijgen.
Als wij tot geloof komen komt er niets tot stand, wij krijgen deel aan Iets wat tot stand gebracht is. 2 Korinte 5 vers 19.
Nu er een eind is gekomen aan dat oude verbond leven gelovigen onder dat nieuwe verbond, maar zondigen nog steeds, toch zegt de Bijbel wat uit God geboren is zondigt niet.
En dat is het huidige Werk van Christus onder dit nieuwe verbond waar Hij onze Advocaat is, zodat wij rein voor God staan. Hij heeft de Gemeente aangeboden aan de Vader en dat was Zijn offer en Hij zorgt ervoor dat dat offer een welriekend offer is en blijft.
De OT offers wijzen daar ook heen, behalve het schuldoffer.
Want Dien , Die geen zonde gekend heeft is tot zonde gemaakt opdat wij gerechtvaardigd zouden worden in God in Hem.
Dat gaat over de Here Jezus uiteraard, maar in Jesaja 53 vers 6 staat dat al onze ongerechtigheid op Hem was.
maar ik snap niet hoe dit relevant is m.b.t. de vraag of Jezus tijdens zijn leven op aarde óók volledig God was.
overigens, Jezus werd door de Vader aangewezen tot hogepriester (Hebr. 5:5-6). Aangezien God Hem aanstelde, vraag ik me af of het relevant is dat Hij niet uit Levi kwam. God kiest immers zelf hoe Hij de zaken regelt? Overigens staat er in Hebr. 5 nog iets interessants. Jezus wordt in H.5 geïntroduceerd als "zoon van God" (vers 14), maar even verderop schrijft de auteur: "Tijdens zijn dagen in het vlees (..) en zo heeft Hij, hoewel Hij de Zoon was, gehoorzaamheid geleerd (..)" (vers 7-8). Hij was dus óók gewoon Zoon van God toen Hij in het vlees was.
quote:
Toen Hij riep; "Het is volbracht" was dat omdat het een einde was aan Zijn bediening op aarde, Hij was op aarde vanwege het lijden des doods ( Hebr. 2 vers 9 ).
Hij heeft gehoorzaamheid ( geloof) geleerd uit hetgeen Hij heeft geleden ( Hebr. 5 vers

.
Hij leefde op aarde als volmaakte gelovige. Toen Hij aan het kruis voor allen stierf zei Hij genoemd kruiswoord.
Daarna stond Hij op uiit de dood en werd tot Hogepriester aangesteld.
Was Zijn werk volbracht, of begon het toen pas? Nou allebei dus...
Het lijden en sterven deed Hij niet als Hogepriester.
Pas toen Hij Hogepriester werd bracht Hij een offer. Hebr. 9 vers 14, Efeze 5 vers 2.
Als hogepriester
brengt Jezus continu offers namens/voor ons (Hebr.8:1-2:
"De kern van mijn betoog is dat wij een hogepriester hebben die in de hemel plaatsgenomen heeft aan de rechterzijde van de troon van Gods majesteit 2 en die de dienst vervult in het ware heiligdom"), maar er is ook sprake van een éénmalig offer (Hebr.9:12:
"Christus daarentegen is aangetreden als hogepriester van al het goede dat ons is toebedacht: hij is door een indrukwekkender en volmaakter tent – die niet door mensenhanden gemaakt is en niet behoort tot onze schepping – 12 voor eens en altijd het hemelse heiligdom binnengegaan, en dan niet met bloed van bokken en jonge stieren maar met zijn eigen bloed. Zo heeft hij een eeuwige verlossing verworven."). Dus Jezus' dood aan het kruis was dit eeuwig offer wat eeuwige verlossing (en verzoening) verwierf, maar kennelijk is Jezus nog steeds bezig met namens ons offers brengen (Hebr.

. Ongetwijfeld omdat wij als christenen nog steeds zondige mensen zijn.
quote:
Het bloed dat Hij stortte was het bloed van het OT want zonder bloedstorting is er geen vergeving.
Het oude verbond werd dus beeindigd en Hij had bij Zijn opstanding een lichtam van vlees en benen, het graf was immers leeg. Dus het was Zijn oude lichaam, en bloed wordt daar niet genoemd, dus dat bloed ging niet de hemel binnen.
Het was Jezus' verheerlijkt (opstandings-)lichaam (zie 1 Kor.15). In zekere zin was het zijn oude lichaam, maar het was verheerlijkt (Hij kon er bv. mee door muren lopen enzo en zomaar ineens ergens verschijnen).
quote:
Het gaat dus niet over het schuldoffer als het offer een welriekend Gode behaaglijk offer wordt genoemd.
Het gaat over bloed wat Leven betekent Nieuw Leven dus, dus een veel hoger niveau.
Het is het eigen bloed van Christus dat de kracht is van het onvergankelijk leven.
En dat practische Nieuwe Leven heeft Hij aangeboden en dat was Zijn Offer.
Dat gaat dus over het offer wat welriekend was en toen de Heer leed en stierf was dat omdat Hij de zondeschuld droeg en daarom is het een schuldoffer volgens Jesaja.
Het welriekende offer waar Paulus het in Efeze 5:2 over heeft ("zoals ook Christus u heeft liefgehad en Zich voor ons heeft overgegeven als offergave en
slachtoffer, Gode tot een welriekende reuk.") is een
slachtoffer. Dat verwijst duidelijk naar de kruisiging (waar Jezus het offerlam, het paschalam was) en naar Jesaja 53 waar over een schuldoffer en over de kruisiging wordt gesproken. Het gaat dus, ondanks de woordkeuze voor 'welriekend' toch over het kruisoffer. Dát was namelijk een overduidelijk 'slachtoffer'.
quote:
De Hebreeënbrief stelt dat Christus Hogepriester geworden is in Zijn opstanding uit de dood.
Naar OT normen moet de Hogepriester éénmaal een werk doe.
Hij is éénmaal gestorven voor onze zonden, maar dat is niet het werk van de Hogeprieser.
Als Hogepriester ging de Heer éénmaal in het heiligdom. Hebr 9 vers 12.
onjuist, want in Hebr. 7 staat:
Hebr. 712 Want uit een verandering van priesterschap volgt noodzakelijk ook een verandering van wet. (..) 17 Want van Hem wordt getuigd: Gij zijt priester in eeuwigheid naar de ordening van Melchisedek. 18 Want een vroeger voorschrift wordt wel afgeschaft, als het zonder kracht en nut is, 19 – immers de wet heeft in geen enkel opzicht het volmaakte gebracht – maar thans wordt een betere hoop gewekt, waardoor wij nader tot God komen. 20 En in zoverre het niet zonder een plechtige eed plaats had – want genen zijn zonder eed priester geworden, 21 maar déze met een eed bij monde van Hem, die tot Hem sprak: De Here heeft gezworen en het zal Hem niet berouwen: Gij zijt priester in eeuwigheid – 22 in zoverre is Jezus ook van een beter verbond borg geworden. 23 En zíj zijn in groter getale priester geworden, omdat zij door de dood verhinderd werden het te blijven, 24 doch Híj heeft, juist doordat Hij in eeuwigheid blijft, een priesterschap, dat op geen ander kan overgaan. 25 Daarom kan Hij ook volkomen behouden, wie door Hem tot God gaan, daar Hij altijd leeft om voor hen te pleiten. 26 Immers, zulk een hogepriester hadden wij ook nodig: heilig, zonder schuld of smet, gescheiden van de zondaren en boven de hemelen verheven; 27 die niet, gelijk de hogepriesters, van dag tot dag eerst offers voor zijn eigen zonden behoeft te brengen en daarna voor die van het volk, want dit laatste heeft Hij eens voor altijd gedaan, toen Hij Zichzelf ten offer bracht. 28 Want de wet stelt als hogepriester mensen, die met zwakheid behept zijn, maar het plechtige woord van de eed, die ná de wet kwam, stelt de Zoon, die in eeuwigheid volmaakt is. allereerst een interessant puntje. Eerst was er de priesterschapswijziging, en daaruit volgde logischerwijs de wijziging van wet (vers 12). Daarnaast blijkt uit dit gedeelte dat Jezus met een eed (uit de psalmen) (vers 22) ingezworen werd. Dat gebeurde n.b. zelfs honderden jaren vóór Zijn geboorte op aarde! Daarnaast blijkt uit vers 27 dat die nieuwe Hogepriester "zichzelf ten offer bracht" en dat dat was om dat laatste te doen, namelijk voor de zonden van zijn volk een offer brengen. Jezus wordt dus als hogepriester aangeduidt vóordat Hij het kruis-offer brengt, want het offer aan het kruis is het offer wat Hij als hogepriester bracht. Toen was Hij hogepriester, bij de kruisiging.
Dat is het eenmalige offer waar Hebr. 9:12 en bv. Ef.5:2 ook over spreken.
quote:
Het heiligdom is een uitbeelding van het nieuwe verbond of van de hemel. In de praktijk van de Hebreeënbrief is het allebei hetzelfde, ingaan in het nieuwe verbond is ingaan in de hemel.
Wanneer de Hogepriester ingaat in het heiligdom, moet ook Deze iets hebben om te offeren ( Hebr. 8 vers 3).
Deze is Degene, die als is opgestaan uit de dood anders was Hij geen Hogepriest en hoefde Hij niets te hebben om te offeren.
Maar kennelijk doet Jezus nu nog steeds offers voor ons, maar dat is niet het hierboven genoemde eenmalige offer (wat Hij óók als Hogepriester deed). Nu verricht Hij nog steeds "de dienst in het heiligdom" (Hebr. 8:2-3).
Maar ik zie nergens staan dat de huidige hemelse Tempeldienst van Jezus als Hogepriester, impliceert dat Hij bij zijn kruisdood geen Hogepriester was. Sterker nog, zoals ik al liet zien, geeft Hebr. 7:27 al aan, dat Jezus ten tijde van de kruisiging als Hogepriester werd beschouwd, en dat zijn dood als Zijn offer werd beschouwd door de auteur van de Hebreeënbrief.
Niet het opstaan uit de dood heeft Hem hogepriester gemaakt (waar zie je dat staan? ik kan het niet vinden?!) maar de eed van de Vader: Hebr.7:21 "maar déze met een eed bij monde van Hem, die tot Hem sprak: De Here heeft gezworen en het zal Hem niet berouwen: Gij zijt priester in eeuwigheid" (een citaat uit psalm 110:1)
quote:
Het bloed dat de Heer op Golgotha stortte was het bloed van het oude verbond.
Het bloed van het nieuwe verbond is niet het leven dat Hij aflegde... dat was het leven van een oude schepping.
Maar het bloed van het nieuwe verbond is het Leven, want bloed is Leven wat Hij ontving bij de opstanding uit de dood.
Met dat Leven ging Hij het heiligdom binnen.,
Hebr 9 vers 14 zegt dat Christus Zichzelf offerde toen Hij het heiligom inging, Hij moest immers iets hebben om te offeren Hij moest ingaan met bloed namelijk Zijn eigen bloed vers 12 van hoofdstuk 9.
De hogepriester onder het oude verbond ging met vreemd bloed.
Hebr. 7:27 geeft je hierin helaas ongelijk. Jezus werd op het moment van het offeren van zichzelf al als hogepriester beschouwd, zoals ik hierboven al liet zien.
quote:
Christus de Voorloper en het Hoofd van een nieuwe mensheid heeft Zichzelf aan God opgeofferd volgens Hebr. 9 vers 14 en Hebr. 6 vers 20 dat heeft tot gevolg dat wij allemaal in die éénmalige handeling van Christus (Hebr. 10 vers 1) ook aan God geofferd zijn en daarom Zijn eigendom zijn, wij hebben immers deel aan Zijn Leven (..)
inderdaad
quote:
(..) , het leven dat Christus Zelf opgeofferd heeft en dat was niet aan het kruis maar bij Zijn opstanding.
nee, dit klopt niet met wat er in de bijbel staat, zoals ik heb laten zien. Het kruis-offer was hét eenmalige offer van Jezus.
quote:
De vaste bijbelse uitdrukking is "vlees en bloed" bijvoorbeeld in Matth. 16 vers 17 en Johannes 6 vers 54, 56.
De gedachte in Lukas 24 is juist dat dat bloed er niet is en dat dat bloed dus niet de hemel inging.
ik denk dat je hier inderdaad een punt hebt. Lukas wijst hier subtiel op het bloed (omdat hij het expres niet noemt in een (waarschijnlijk) standaard uitdrukking).
Maar het maakt niks uit voor de vraag of Jezus menselijk en/of goddelijk was. We hebben immers al gezien dat Hebr.7:27 aangeeft dat Zijn lijden en sterven hét offer was wat Jezus als hogepriester bracht, ter afsluiting van het OT-verbond.
quote:
Het schuldoffer in Jesaja is van een andere orde dan de offers in Hebreeën.
Offeren of offreren is apart zetten.
Zo overkwam dat Izak en de dochter van Jefta, maar beiden werden niet afgeslacht.
ik wilde dat meer mensen wisten wat er echt met Jefta's dochter gebeurde. De meesten denken dat ze afgeslacht werd namelijk

quote:
De Hebr. brief zet niet een op zich staande waarheid uiteen, maar deze brief baseert alles wat erin geleerd wordt op OT instellingen, waaronde wij niet leven en die niet meer gelden.
De waarheid van deze brief is niet dat Christus onze Hogepriester is, maar dat Christus de Vertegenwoordiger is van de hele nieuwe mensheid.
beide punten worden in Hebr. neergezet. Aan de ene kant gaat Hebr. over Jezus' kruisdood (welke als offer wordt neergezet) en aan de andere kant over Jezus' continue dienst als hogepriester en middelaar van het nieuwe verbond in de Hemelse Tempel.
quote:
God ziet die nieuwe mensheid in Christus. Via Chistus naderen wij tot God en in Hem zijn wij volmaakt. Dat staat in deze brief maar ook in de Kolossenznbrief.
inderdaad
quote:
Hoe leert de Hebr. brief dat dan?
Via de meest bekende OT instellingen.
De offers konden de zonden niet wegnemen. Waarom waren de offers er dan?
Zij waren een uitbeelding van het nieuwe verbond.
De hogeprieser Aäron was een type van Christus.
De Hebr., brief spreekt van hoger dingen.
Dus de Heer ging met Zijn eigen bloed het heilidom binnen. Hij bracht een beter offer. Hij was de Middelaar van een beter verbond.
Terugredenerend (en dat doet de Hebr. brief), zeggen we dat Christus nu onze Hogepriester is.
Jezus is - zou je kunnen zeggen - het "superoffer" waar alles naar vooruit wees. Maar Hebr. leert ons ook: " Want als (reeds) het bloed van bokken en stieren en de besprenging met de as der vaars hen, die verontreinigd zijn, heiligt, zodat zij naar het vlees gereinigd worden, 14 hoeveel te meer zal het bloed van Christus, die door de eeuwige Geest Zichzelf als een smetteloos offer aan God gebracht heeft, ons bewustzijn reinigen van dode werken, om de levende God te dienen?" (Hebr. 9:13-14). Dus óók het OT-offer reinigde. Wellicht reinigden de OT-offers juist omdat ze vooruitwezen naar het NT-offer, maar er staat wel dat ze reinigden.
Maar hoe zijn deze details relevant? Je hebt proberen aan te tonen dat Jezus pas bij de opstanding hogepriester werd, maar dat lijkt me ontkracht door Hebr.7:27 wat Jezus' kruisdood al als offer door een hogepriester aanmerkt.