quote:
HenkG schreef op 10 juni 2008 om 18:52:Eros = seksuele liefde, de lust.
Storge = familieliefde, zoals van ouder tot kind.
Philia = broederliefde, vriendschappelijke band.
Agape = goddelijke, opofferende liefde.
Liefde is een vorm van genegenheid, een band. De ene categorie die je noemt kan het gevolg zijn van de andere, bijvoorbeeld wanneer je uit ouderlijke liefde agapé bereid bent te bedrijven met een familielid. Of ze kunnen door elkaar lopen, zoals sex met iemand uit de vriendenkring. Of met familie. Als je de mens maar lang genoeg beziet dan wriemelt het allemaal zo door elkaar heen met zoveel uitzonderingen dat je op een gegeven moment vanzelf wel een keer tot de conclusie komt dat liefde iets is wat ongeacht wie, of hoe, met genegenheid te maken heeft.
Niks van het rijtje wordt los genoemd van een uitingsvorm ervan. Mensen lijken dus niet in staat liefde als een op zichzelf staand iets te kunnen beschouwen. Wat liefde op zich is, is hiermee dus niet beantwoord. Het antwoord ligt dieper, en is zonder enige twijfel iets metafysisch.
Agapè-vrije liefdeAgapè, het vierde uit het rijtje, zou horen bij het zich opofferen. Stel, je gaat uit liefde voor God theologie studeren. En je betaalt je studie, en je bent afgestudeerd. Klaar. Iets opgeofferd. De liefde voor God is er nog steeds. Maar er valt niks meer op te offeren. Spreek je dan nog langer van agapè? Agapè is toch verbonden met het zich opofferen? Dat is al klaar en toch is er nog steeds liefde. Hoe noem je die dan? Die zie ik niet in het rijtje terug.
Of noem je iets "agapè" naarmate je je juist des te meer hecht aan, of identificeert met, of bezitterig bent ten aanzien van hetgene wat je denkt op te offeren? Wordt het anders niet als zo'n aderlating beschouwd? Agapè lijkt vanuit een erg aards perspectief te worden beschouwd. En is er een hoop liefde voor nodig om een obstakel te nemen hoe meer je last hebt van agapè.
De volgende vraag is dan meteen: als je eenmaal weet waar die "agapè" goed voor was, denk je er een volgende keer nog net zo "agapè" over of zit er de volgende keer dan ook een minder sterke stoorzender van dergelijke bezorgdheden bij?
De liefde van God naar mensen toeNu we het toch over Goddelijke liefde hebben, ik ga ook nog de liefde van God aan de mens toevoegen aan het rijtje want ik geloof dat ook dat bestaat. Of het God nou wat kost of niet. Als het God nou moeite kost en God let daarop, dan valt het misschien onder agapè.
De liefde voor huisdierenBehoeft dit toelichting? Er zijn mensen die naar een huisdier toe stukken minder reserve hebben dan naar God of mensen. Als dit géén liefde zou zijn, dan zou er liefdeloosheid zijn naar God of mensen toe.
De liefde voor aardse zakenNou vraag ik me af of aardse zaken dat ook teruggeven, in elk geval hebben wij zelf nogal eens een liefde voor bijvoorbeeld de schoonheid van de natuur, de kleuren van de regenboog, of een bezigheid, als je ergens van houdt, dan is het heel verleidelijk om dat liefde te noemen.
Anonieme gift.
Hoort in geen enkel rijtje thuis van familie, vrienden of sex. Een anonieme gift kun je namelijk ook aan een onbekende doen. Het is geen agapè zogauw je bijvoorbeeld totaal niet om geld zou malen. Jezus vindt de anonimiteit van een aalmoes beter dan wanneer je er iets narcistisch of pleaserigs naar mensen van zou maken. Het hoort niet om een bepaald type aandacht van mensen te gaan, of die kan zelfs gerust gemist worden. God is inderdaad tot een veel accurater oordeel in staat dan mensen.
Je linkerhand niet laten weten wat je rechterhand doet.- Dit gaat zelfs vérder dan de anonieme gift waarbij je niet op een ander mens let. Hier gaat het ook om de indruk van jezelf in je eigen ogen! Hoor je jezelf niet met anderen te vergelijken om gunstig af te steken in je eigen ogen, of hoor je jezelf niet al te goed te vinden, omdat je je het dan zodanig opvalt dat het juist bijzonder lijkt (wat er op wijst dat het voor het overige juist nog niet zoveel voorstelt... en dus werk aan de winkel). Dit lijkt zo automatisch mogelijk te horen te gaan, of vanzelfsprekend. Hoe bewust hoor je je dan nog te zijn van wat je doet, qua oordelen of het goed is en hoe goed? Als het maar wérkt?
Bestaat individualiteit wel?.
Wat je voor de minste van mijn broeders hebt gedaan, dat heb je voor mij gedaan. Ik was het die om een aalmoes vroeg, ik was het die om onderdak vroeg. Ik weet niet waar ons onderbewuste een einde heeft, en al helemaal niet als het om het metafysische aspect hiervan gaat, maar als je een band met God aangaat door liefde, dan is liefde iets wat mensen zich minder alleen laat voelen, of meer verbonden, mogelijk tot aan het besef dat je ieder een deel bent van een groter geheel, zoiets als een blad aan een boom of zo.
Godsdienst = liefde.
De top van de piramide van godsdienst is liefde. De twee belangrijkste geboden zijn volgens Jezus richtingen die je aan je liefde hoort te geven, of dát je zoveel mogelijk
met je hele wezen in staat bent lief te hebben: aan God, en aan je naaste, als je dat met heel je hart, heel je ziel en heel je verstand hoort te praktiseren. Als je het wordt verondersteld te doen, bén je het dan ook des te meer? Gaat dit dan toe naar een zijnsheid die helemaal verweven is met liefde? Als dat hele wezen lief hoort te hebben als belangrijkste aspect?