In de nacht van gisteren op eergisteren was er een geweldig onweer. Dat heb ik hier in deze mate nog niet eerder meegemaakt. De ene inslag na de andere, en knetterende donderslagen op korte afstand. Als je bovenin een appartementencomplex woont, pal onder het dak, met een grote boom pal voor een groot raam (denk aan rondvliegend glas en stukken hout in geval van een inslag in die boom) dat zijn momenten waarop ik me niet helemaal veilig voel. Een soort Russische Roulette gevoel.
Het was snel komen aanzetten en ik zat nog achter mijn PC met stereo-apparatuur aan, op een gegeven moment hoorde ik alle apparatuur even knetteren! Tijd om een veiliger kamer op te zoeken.
Ik had even verder niks omhanden dan tijdens het ergste onweer te schuilen, dus was mijn aandacht in het bijzonder gericht op die onweersbui. Het riep associaties op met het bijbelverhaal over de storm op het Meer van Galilea. Jezus die een reuze storm kan gebieden. En in een van menselijk oogpunt uit bezien veel hachelijkere positie, kwetsbaar middenin een groot meer in een bootje. Ik zat in een veel veiliger positie in feite, maar toch niet zonder zorgen, hoe knetterhard het zou zijn als de bliksem hier in zou slaan, en wat voor soort schade. Op zo'n moment kost het me moeite om "out of the box" te denken, zoveel van mijn aandacht gaat dan uit naar het ontzag voor die kolossale onweersbui dat er verder verrekte weinig aandacht vrij blijkt voor Jezus die dáár weer boven staat. En toch is dat zo volgens de bijbel. Een voorstellingsvermogen schiet dan in feite tekort bij mij. En ook waar ik nou eigenlijk over praat.
Die onweersbui mag dan wel groot zijn, of nog groter, maar hoe groter die is, hoe meer ook zoiets een aanwijzing voor me is voor de goddelijke natuur van Jezus.