zal me er als starter van dit topic ook nog eens ff mee bemoeien

Voor ons gevoel 'rammelt' de hele situatie aan alle kanten. We mogen niet trouwen, want zijn beiden gescheiden. We mogen ook niet samenwonen; feitelijk is onze hele relatie al 'verboden' in de ogen van de kerk.
Maar omdat we natuurlijk wel met mensen te doen hebben, die toch om ons geven en ons binnen de gestelde regels tegemoet willen komen, mogen we dus wel zelf een samenkomst organiseren (geen kerkdienst dus).
Op het moment dat we daadwerkelijk getrouwd zijn, zal er niemand meer zijn die er iets over zegt, omdat het dan gewoon zo is... er is dan niets meer aan te doen; en het huwelijk wordt dan wel geaccepteerd..
en vervolgens mag mijn vriend dan ook lid worden.
Wij begrijpen ook wel dat we een 'grensgeval' zijn, en dat bij toestemming door de kr anderen ons als voorbeeld gaan gebruiken en ook over de grenzen heen willen gaan. We zijn over onze situatie heel open tegen de kr en ook tegenover de gemeente, en ook zeker bereid om uitleg te geven.
Zou het zo zijn dat het geval zich voordoet dat wij als (slecht) voorbeeld gebruikt worden.
Denk dat in ons geval ook gevoelsmatige argumenten meespelen. Ik kan sowiezo al nooit meer als maagd het huwelijk in. Ons huwelijk is bij voorbaat ook al niet geaccepteerd. En last but not least geldt voor ons de belofte aan elkaar en aan God zwaarder dan het briefje op het gemeentehuis en aansluitend feest(je). Ook hebben we te maken met kinderen die in een nieuwe situatie terecht komen en die we gewoon een goed en veilig thuis willen bieden. Ook daarom hebben we ervoor gekozen direct in 1 huis te gaan wonen en niet nog even apart tot het burgerlijk huwelijk gesloten wordt, wat nog weer extra verhuizing en bijbehorende stress zou opleveren.
heb nog wel nagedacht over het voorbeeld dat gegeven werd over een dief die geen lid zou mogen worden zolang hij volhardt in zijn zonde.
Ik blijf het vreemd vinden...maar ook dat is misschien gevoelsmatig.
Als ik in Handelingen lees dat op 1 dag drieduizend mensen tot bekering kwamen en gedoopt werden (dus: toegelaten tot de kerk en avondmaal mochten meevieren) geloof ik nooit dat die alle drieduizend zonder (openbare) zonde waren.