quote:
St. Ignatius schreef op 28 maart 2012 om 15:24:[...]
Nee, niemand is 100% verzekerd. Zelfs Paulus was dat niet (1 Kor 4:3-5). Het idee dat je een 100% verzekering hebt van je redding is van ruim ná de 16e eeuw en werd door het vroege christendom en door het huidige merendeel van het christendom absoluut niet geloofd. Als je in staat van genade sterft heb je grote kans dat je gered zult worden, anders kun je het wel vergeten.
Wat Pyro eigenlijk ook zegt: het is wellicht een prettige voorstelling en een fijn gevoel, maar God's wil is uiteindelijk bepalend.
Die opmerking is een heel 'bevindelijke' opmerking van je, Ignatius. Hij leeft sterk in Reformatorische kringen: de mens is in essentie "heilsonzeker"
tenzij... (Met de kanttekening daarbij dat jij ook dat "tenzij" lijkt weg te laten)...
Dan lees ik het betoog van Paulus in 1 Kor toch niet op dezelfde manier als jij, denk ik.
Daar lees ik:
quote:
1 Kor 3:1 Maar het was mij destijds niet mogelijk, broeders en zusters, tot u te spreken alsof u reeds geestelijk was en geen zondig leven meer leidde. In Christus was u nog zo onnozel! 2 Melk moest ik u geven, geen vast voedsel; dat kon u nog niet verdragen. Zelfs nu kunt u het niet, 3 want u leidt nog altijd een zondig leven. Of is het geen uiting van een zondig leven en van kleinmenselijk gedrag, dat er onder u jaloersheid en ruzies bestaan? 4 Als de een zegt: ‘Ik ben van Paulus’, en de ander: ‘Ik van Apollos’, bent u dan niet al te menselijk?
Het betoog is hier (via een aantal prikkelende opmerkingen en retorische vragen): "aan jullie gedrag meet ik af dat ik jullie nog
steeds moet aanspreken als ongeestelijke mensen - ook nu verdragen jullie het vaste voedsel nog niet. Jullie partijschap is een teken van kleinmenselijk, werelds, ongeestelijk gedrag".
En tegen
die leden van de Ecclesia zegt hij vervolgens:
quote:
9b ... Gods bouwwerk bent u (ἐστε 2e pers. meervoud!).
10 Naar de mij gegeven genade van God heb ik als een kundig bouwmeester het fundament gelegd waarop een ander voortbouwt. Maar laat iedereen uitkijken hoe hij daarop verder bouwt. 11 Want niemand kan een ander fundament leggen dan wat er reeds ligt, namelijk Jezus Christus. 12 Of men nu op deze grondslag verder gaat met goud, zilver, kostbare stenen, of met hout, hooi en stro, 13 ieders werk zal aan het licht komen. De oordeelsdag zal het aantonen, want die verschijnt met vuur, en het vuur zal uitwijzen wat ieders werk waard is. 14 Houdt het bouwwerk dat iemand optrok stand, dan zal hij loon ontvangen. 15 Verbrandt het, dan zal hij schade lijden; hijzelf zal gered worden, maar, om het zo te zeggen, door het vuur heen. 16 Weet u niet dat u Gods tempel bent en dat de Geest van God in u (ὑμῖν 2e ps. mv.) woont?
Paulus lijkt hier (in de vertaling) de gemeente als collectief aan te spreken, maar op verschillende plaatsen blijkt hij zich tot de individuele gemeenteleden richten. Er staat
jullie zijn een bouwwerk van God. Maar die bouwwerken van God gaan (in de beeldspraak van Paulus) vervolgens zelf
ook bouwen. Maar bouwen
waaraan? Aan de Gemeente als geheel? Of aan
zichzelf "als bouwwerk van God"??
Persoonlijk denk ik, dat Paulus hier niet primair spreekt over de
Gemeente, als bouwwerk van God (en deels ook van de individuele leden van die Gemeente), maar over
ieder mensenleven apart. Die LEDEN zijn bouwwerken van God, die leden bouwen aan hun leven en het is ieders
eigen bouwwerk dat op de oordeelsdag de vuurproef zal ondergaan.
En met betrekking tot die vuurproef zegt hij:
Het vuur zal uitwijzen wat ieders werk waard is. Houdt het bouwwerk dat iemand optrok stand, dan zal hij loon ontvangen. Verbrandt het, dan zal hij schade lijden; hijzelf zal gered worden, maar, om het zo te zeggen, door het vuur heen.Waarom gaat dat
bouwwerk van die persoon verloren, maar wordt het
individu gered, al is het door het vuur heen? Dan kan m.i. Paulus niets anders bedoeld hebben dan dat het fundament waarop de persoon staat de basis is van de redding van die persoon... Zijn
eigen bouwwerk was het niet. Dat fundament is door een
ander gelegd... Paulus zegt weliswaar dat hij degene is geweest die dat fundament in die gemeente te Korinte heeft gelegd, maar anderzijds zegt hij ook "dat fundament dat lag er
ook al" (
niemand kan een ander fundament leggen dan wat er reeds ligt, namelijk Jezus Christus); hij noemt die gemeente niet zijn eigen bouwwerk, maar Gods bouwwerk (vers 9). Hij heeft, als het ware, dat reeds bestaande fundament "als een kundig bouwmeester"
in de breedte verder uitgebouwd, in die zin, dat het nu
ook die gemeente te Korinte ondersteunt. Maar het gaat in werkelijkheid om een door
God reeds gebouwd fundament!
En op dat punt zullen we het eens zijn dat de redding van de mens 100% Gods werk is!
"God's wil is uiteindelijk bepalend"...Maar dat fundament
ligt er. Ook voor de "beunhazen onder de onderaannemers van het Koninkrijk"... Ook de "prutsbouwers" mogen staan op een onvergankelijk fundament. EN WORDEN DOOR HET VUUR HEEN GERED...
Ofwel: die mens kan zich alleen op God beroepen om gered te worden. Maar dan is hij ook
verzekerd van het heil...
En
vervolgens zegt Paulus in dat 4e hoofdstuk heel "bescheiden" dat niet
hij zal oordelen over zijn eigen bouwwerk, noch de omstanders op aarde, maar Christus
Zelf:
1 Kor 4:3 Mij is echter weinig gelegen aan uw oordeel, of dat van enige menselijke instantie. Ik oordeel niet eens over mijzelf. 4 Want al ben ik mij van niets bewust, daarom ga ik nog niet vrijuit. Hij die over mij oordeelt, is de Heer. 5 Oordeel dus niet voorbarig, voordat de Heer gekomen is. Hij zal wat in het duister verborgen is aan het licht brengen, en openbaar maken wat er in de harten omgaat. Dan zal ieder de lof die hem toekomt, ontvangen van God. En daar zit een "dubbelzinnigheid" in, want enerzijds spreekt hij hier over zijn 'bouwactiviteiten' ("
Men moet ons dus beschouwen als helpers van Christus") binnen de Gemeente (want
daar ging de discussie over in Korinte!! "Van wie ben
ik er een en van wie
jij??"), maar hij spreekt
ook in veel
algemenere zin over zijn eigen "bouwwerken" ("
Hij zal wat in het duister verborgen is aan het licht brengen, en openbaar maken wat er in de harten omgaat.") Hij betrekt zijn uitspraken heel nadrukkelijk ook op "wat er in de harten omgaat"; dat maakt
deel uit van "het bouwwerk" dat die vuurproef zal ondergaan, beoordeeld zal worden!!
Waarbij de kern van het betoog, volgens mij, is: via het fundament (Christus) zijn wij verzekerd van het heil, maar juich niet te vroeg, want intussen 'zou je je bij het oordeel wel eens rot kunnen schamen over het teleurstellende eindresultaat van je leven als je niet met de juiste materialen bouwt!!! NB: ook
ik durf niet op voorhand te zeggen dat ik op de goede weg ben met mijn bouwactiviteiten!!!'
Paulus heilsonzeker? Integendeel!! Realistisch bescheiden vanuit een "bewust onbekwaam zijn"? Absoluut!!! En zich vanuit dat besef aan Christus "vastklampend". Als aan "de twee plankjes van Tertullianus", maar dan aan die éne Persoon die ons redding brengt sinds ons "tot geloof komen" en na iedere "terugval sinds onze doop in Hem"!!
(plankje 1 = Christus en plankje 2 = Christus)