Auteur Topic: Mirt bespreekt een gedicht  (gelezen 15889 keer)

rkdiak

  • Berichten: 1995
    • Bekijk profiel
Mirt bespreekt een gedicht
« Gepost op: maart 08, 2009, 01:22:42 am »
Belofte: mirt in "Scheiding der werelden" wordt hier ingelost :)

Wekelijks door mij gekozen gedicht, Mirt bespreekt, commentaar welkom.

De eerste dan:

Herkenning

Nu weet ik, wie gij zijt,
de Jongen die ik eenzaam zag te Woudsend en daarna,
nog op dezelfde dag, in een kafee te Heeg.
Ik hoor mijn Moeders stem.
O Dood, die waarheid zijt: nader tot U.

(G.K. van het Reve)
So sue me!

gaitema

  • Berichten: 10169
  • Zeg maar gait
    • Bekijk profiel
Mirt bespreekt een gedicht
« Reactie #1 Gepost op: maart 08, 2009, 08:37:55 am »
Doet me denken aan het gesprek dat ik van de week had, met die jongen die voor Jezus koos, brak in de relatie met zijn vrienden die aan de drugs zijn en zijn vriendin die het christelijk geloof steeds bespotte. Een nieuwe vriedenclub is waar hij mee omgaat nu. Hij zei tegen me dat hij maar een christelijk meisje moest gaan zoeken. ''Als ze er nog zijn'', zei hij erachteraan. Hij kerkt in een vergrijsde kerk waar hij en zijn broer meestal als enige jongeren in de kerk zitten.

Bij nader navraag bij de vriend van mijn oudste zusje die naar de zelfde gemeente gaat blijkt het iets overdreven. Er zijn nog wel enkele jongeren die bijvoorbeeld de avonddienst bezoeken, maar een stuk minder als voorheen. Daarnaast gaan er nog 70 kinderen naar de kindernevendienst tijdens de tweede ochtenddienst die de gemeente heeft. Verhoudingsgewijs nog een redelijk goed draaiende kerk voor PKN-begrippen. De mensen die daar gaan gaan ook heel bewust, omdat ze willen en niet omdat ze van hun ouders moeten.
« Laatst bewerkt op: maart 08, 2009, 01:10:33 pm door gaitema »
Een nieuwe start is een nieuw begin

mirt

  • Moderator
  • Berichten: 1730
  • strijd de goede strijd
    • Bekijk profiel
Mirt bespreekt een gedicht
« Reactie #2 Gepost op: maart 08, 2009, 01:44:48 pm »

quote:

rkdiak schreef op 08 maart 2009 om 01:22:

Herkenning

Nu weet ik, wie gij zijt,
de Jongen die ik eenzaam zag te Woudsend en daarna,
nog op dezelfde dag, in een kafee te Heeg.
Ik hoor mijn Moeders stem.
O Dood, die waarheid zijt: nader tot U.

(G.K. van het Reve)


Ik schrijf eerst maar op wat ik kan bedenken (of niet kan bedenken) zonder dat ik er iets bijgezocht heb.

Ik heb alleen gekeken in een lijst van boeken van van het Reve, welk (enige) boek ik ook al weer verplicht heb moeten lezen op de middelbare school. Maar dat kon ik niet eens zo snel vinden. Wel zag ik dat hij in 1966 een boek geschreven heeft: Nader tot u.

Nu vraag ik me af of hij dit gedicht eerst geschreven heeft en later het boek. Dat lijkt me logischer dan andersom. Of zou het gedicht bij het boek horen. Maar het maakt allemaal voor mij niets uit, want ik ken dat boek niet eens. Tjonge, het is wel een vuurproef voor mij, een gedicht van van het Reve te bespreken...

(Maar ik mag blaten heb ik als voorwaarde opgenomen, dat scheelt weer...)


Het gedicht heet herkenning en dat is altijd een mooi iets. Eenzaam en dood niet. Mijn Moeders stem weer wel. Moeder is met een hoofdletter geschreven en jongen ook. Ik vroeg me af of hij met Moeder Maria bedoelt, want ik weet dan wel dat hij katholiek geworden is en dat zijn geloof in Maria heel bijzonder was. Maar het blijft allemaal puzzelen. Het zinnetje 'nader tot u', daarvan weet ik niet eens hoe ik het moet lezen. Is nader een werkwoord of een bijvoeglijk naamwoord (dichterbij)?

De aanleiding is waarschijnlijk echt een jongen geweest die hij eens zag. Woudsend en Heeg liggen niet zo ver van elkaar, dus dat kan makkelijk. Ik heb het zelf ook heel vaak dat je alleen maar als je iemand ziet op straat ofzo, dat je daar dan allerlei gedachten bij kunt hebben. Of meer, dat de indruk die iemand opwekt, een herinnering op lijkt te wekken die je eerst niet eens goed boven kunt krijgen. Ik heb alleen meestal daarbij niet van die diepe gedachten die van der Reve hier had.

(Even tussendoor, mijn dochterje was gisteren zo dichterlijk zonder het te weten. Het leek gisteren wel een beetje voorjaar. Ze zei: toen het winter was, herinnerde ik mij van alles van de winter daarvoor, als het voorjaar is dan ga ik mij weer dingen van het vorige voorjaar herinneren. Het is net of het voorjaar mij iets wil vertellen...)

Maar ondertussen kom ik niet veel verder. Dat dood en waarheid met elkaar verbonden worden is natuurlijk niet zo vreemd. Bij het zoeken naar waarheid (niet alleen de feiten) komen mensen nou eenmaal de dood tegen. En de dood tegenkomen betekent ook altijd: de waarheid onder ogen komen. Al zou je hetzelfde ook van 'het leven' kunnen zeggen. Maar dat hangt gewoon van je gezichtspunt af en daar is van het Reve als dichter vrij in natuurlijk. En op de een of andere manier trekt de dood dichters meer aan dan het leven lijkt het wel, of dat moet tijdgebonden zijn.

Het is een heftig gedicht dat het toevallig zien van een jongen verbindt met dood en waarheid (en dat geheimzinnige nader tot U waar je iets mee moet). Een enorme tegenstelling ook eigenlijk tussen de titel (en die zal wel met het slot te maken hebben) en 'het eenzaam zien' van die jongen. Dat zal natuurlijk heel veel met hemzelf te maken hebben.

Tot zover mijn geblaat, dan kom ik er nog op terug als ik iets meer over van het Reve gelezen heb.
ernstige mensen worden pas somber als ze niet ernstig mogen zijn

rkdiak

  • Berichten: 1995
    • Bekijk profiel
Mirt bespreekt een gedicht
« Reactie #3 Gepost op: maart 08, 2009, 08:18:24 pm »
Ik ben nu al enthousiast en benieuwd naar het vervolg!
So sue me!

mirt

  • Moderator
  • Berichten: 1730
  • strijd de goede strijd
    • Bekijk profiel
Mirt bespreekt een gedicht
« Reactie #4 Gepost op: maart 09, 2009, 12:09:31 pm »
Dan is hier het vervolg, ik reageer maar op mijn eigen verhaal (waarbij citaten voor het gemak zonder bron tussen aanhalingstekens staan):

quote:

Ik heb alleen gekeken in een lijst van boeken van van het Reve, welk (enige) boek ik ook al weer verplicht heb moeten lezen op de middelbare school. Maar dat kon ik niet eens zo snel vinden. Wel zag ik dat hij in 1966 een boek geschreven heeft: Nader tot u.

Nu vraag ik me af of hij dit gedicht eerst geschreven heeft en later het boek. Dat lijkt me logischer dan andersom. Of zou het gedicht bij het boek horen. Maar het maakt allemaal voor mij niets uit, want ik ken dat boek niet eens.


Het zit zo: Het gedicht was er eerst in 1965. Daarna is een bundel met 5 brieven een een aantal gedichten (geestelijke liederen) waaronder deze uitgekomen in 1966. Het boek heeft de titel van het laatste zinnetje van dit gedicht gekregen.
De bundel is een voortzetting van de bundel ‘reisverhalen’. Er zou wel een ontwikkeling zijn: van der Reve schrijft steeds meer vanuit zijn eigen wereld.  

“het beschreven gebeuren ligt veelal heel ver terug in de herinnering van de schrijver en binnen die koker van herinneringen blijft hij en moet hij blijven” in tegenstelling tot de eerste bundel waarin meer chronologisch wordt geschreven.

quote:

Het gedicht heet herkenning en dat is altijd een mooi iets. Eenzaam en dood niet. Mijn Moeders stem weer wel. Moeder is met een hoofdletter geschreven en jongen ook. Ik vroeg me af of hij met Moeder Maria bedoelt, want ik weet dan wel dat hij katholiek geworden is en dat zijn geloof in Maria heel bijzonder was. Maar het blijft allemaal puzzelen. Het zinnetje 'nader tot u', daarvan weet ik niet eens hoe ik het moet lezen. Is nader een werkwoord of een bijvoeglijk naamwoord (dichterbij)?

Ik kende dan wel het boek niet, ik wist er wel van, en associeerde het zinnetje meer met van der Reve dan met het gezang:
Nader tot U o Heer
Nader tot U o Heer, nader tot U,
drukt mij de zorg terneer, ik kom bij U.
In al mijn pijn en smart, wens ik met heel mijn hart,

Van de Reve doet dat veel vaker, teksten toepassen  “binnen een zelf-opgeroepen werkelijkheid”.

“In veel delen van Nader tot U wordt god, gevolg van het visionaire en mystieke karakter van de teksten, geconcretiseerd en binnen de aarde gebracht.”, las ik ergens

Zo wordt over

quote:

De aanleiding is waarschijnlijk echt een jongen geweest die hij eens zag. Woudsend en Heeg liggen niet zo ver van elkaar, dus dat kan makkelijk.
ergens het volgende geschreven:

"Een andere gedaante van Gods openbaring is de Meedogenloze Jongen, (...)  Visionair wordt de Meedogenloze Jongen het eerst gezien aan het slot van de ‘Brief door tranen uitgewist’. De auteur ziet hem in zijn verborgen leven. Aan het slot van de laatste brief uit Nader tot U wordt zijn openbaring in drie gedaanten beschreven. De passages doen denken aan de verrijzenisverhalen uit de evangeliën: de Meedogenloze Jongen blijkt in verschillende gestalten en kort na elkaar op verschillende plaatsen aanwezig, slechts te zien door de gelovige, de auteur"

quote:

Maar ondertussen kom ik niet veel verder. Dat dood en waarheid met elkaar verbonden worden is natuurlijk niet zo vreemd. Bij het zoeken naar waarheid (niet alleen de feiten) komen mensen nou eenmaal de dood tegen. En de dood tegenkomen betekent ook altijd: de waarheid onder ogen komen. Al zou je hetzelfde ook van 'het leven' kunnen zeggen. Maar dat hangt gewoon van je gezichtspunt af en daar is van het Reve als dichter vrij in natuurlijk. En op de een of andere manier trekt de dood dichters meer aan dan het leven lijkt het wel, of dat moet tijdgebonden zijn.
Het is een heftig gedicht dat het toevallig zien van een jongen verbindt met dood en waarheid (en dat geheimzinnige nader tot U waar je iets mee moet). Een enorme tegenstelling ook eigenlijk tussen de titel (en die zal wel met het slot te maken hebben) en 'het eenzaam zien' van die jongen. Dat zal natuurlijk heel veel met hemzelf te maken hebben.


Bij van der Reve denk je aan een mens in nood. Anders kom je niet tot zulk schrijven als hij doet, neem ik makkelijk aan. Over zijn nood heb ik het volgende gevonden:

- in één van zijn verhalen wordt de stem van een generatie, die verdoofd en zonder geloof uit de oorlog was gekomen herkent.

- de communistische leer heeft hem volgens zijn eigen zeggen voor het leven verminkt. Het kind Reve “wordt thuis ondergedompeld in de gesloten denkkaders van het historisch materialisme, met zijn ijzeren categorieën ‘goede’ en ‘slechte’ mensen, zijn afkeer van religie en iedere vorm van fantasie, zoals sprookjes en mythen.” En “hem ‘besmet met een preoccupatie met wreedheid, die alle andere gevoelens op de achtergrond drong”.

- hij schreef om niet gek te worden. Hij zag de kosmos als “een mysterieuze chaos, die niet rationeel kan worden doorgrond” Als essentieel verschil met andere ‘romantische ironici’ wordt echter genoemd “dat Reve die chaos verlangt te doorgronden”


Iets van een eigen mening:

Hij heeft iets tragisch in het geheel genomen. Zoals humor de lach in een traan is, is tragiek omgekeerd de smart om het verlangen naar een beter bestaan wat als mogelijk wordt verondersteld. Van der Reve trekt alleen alles in zijn eigen wereld. Daarom vind ik het een tragiek waarbij ik geen herkenning heb in de manier waarop hij er mee omgaat. De motieven waarom hij tot die tragiek komt, herken ik soms.
« Laatst bewerkt op: maart 09, 2009, 12:12:49 pm door mirt »
ernstige mensen worden pas somber als ze niet ernstig mogen zijn

Pooh

  • Administrator
  • Administrator
  • Hero Member
  • *****
  • Berichten: 5794
    • Bekijk profiel
Mirt bespreekt een gedicht
« Reactie #5 Gepost op: maart 09, 2009, 12:35:49 pm »
Wat ik mis in de analyse: het duidelijke verband met 'De tuinman en de dood' van van Eyck. :)

mirt

  • Moderator
  • Berichten: 1730
  • strijd de goede strijd
    • Bekijk profiel
Mirt bespreekt een gedicht
« Reactie #6 Gepost op: maart 09, 2009, 03:51:01 pm »
O, ik mis zelf nog een heleboel meer :) maar juist omdat er nog een heleboel meer bij te halen is, heb ik het maar gauw afgerond. Anders blijft dat erbij.

Maar, vertel... volgens mij wordt de dood bij van het Reve wat minder luchtig behandeld dan in dit gedicht. De dood wordt opgezocht en uitgedaagd en er wordt geklaagd dat de dood zijn hele leven achter hem aanloopt en ergens is de dood dan ook weer verlossing, maar de dood wordt niet luchtig behandeld op de manier waarop er in dit gedicht mee gespeeld wordt, dènk ik...
ernstige mensen worden pas somber als ze niet ernstig mogen zijn

Pooh

  • Administrator
  • Administrator
  • Hero Member
  • *****
  • Berichten: 5794
    • Bekijk profiel
Mirt bespreekt een gedicht
« Reactie #7 Gepost op: maart 09, 2009, 04:02:13 pm »

quote:

mirt schreef op 09 maart 2009 om 15:51:
O, ik mis zelf nog een heleboel meer :) maar juist omdat er nog een heleboel meer bij te halen is, heb ik het maar gauw afgerond. Anders blijft dat erbij.

Maar, vertel... volgens mij wordt de dood bij van het Reve wat minder luchtig behandeld dan in dit gedicht. De dood wordt opgezocht en uitgedaagd en er wordt geklaagd dat de dood zijn hele leven achter hem aanloopt en ergens is de dood dan ook weer verlossing, maar de dood wordt niet luchtig behandeld op de manier waarop er in dit gedicht mee gespeeld wordt, dènk ik...
Klopt natuurlijk. Vandaar ook mijn smiley. Ik denk alleen dat de echo van van Eyck (is plagiaat trouwens) die ik dacht te horen er niet zonder toeval inzit, daarvoor is Reve te goed, en 'de tuinman' te bekend.
« Laatst bewerkt op: maart 09, 2009, 04:13:44 pm door Pooh »

mirt

  • Moderator
  • Berichten: 1730
  • strijd de goede strijd
    • Bekijk profiel
Mirt bespreekt een gedicht
« Reactie #8 Gepost op: april 08, 2009, 10:29:45 pm »
Ik wilde al een tijdje nog iets meer over Reve schrijven en zal dat nu eens doen. Ik kende hem dus eigenlijk niet, wist alleen dat ik hem een beetje eng vond maar dat hij wel heel bijzonder schijnt te zijn.

Nadat ik de bovenstaande post schreef heb ik nog wel heel wat meer gelezen. Ik besefte ook wel dat ik mij er wat makkelijk van afmaakte, hoewel ik niet de opdracht had gekregen om Reve zelf te bespreken.

Ik heb ooit een scriptie gemaakt over de schilder Paul Cezanne en dan wel over de vraag hoe hij over het kunstenaarschap dacht. Omdat er namelijk allerlei uitspraken over hem gedaan zijn: hij zou de vader zijn van de moderne kunst bijvoorbeeld en zijn kunstenaarschap zou een soort mythe zijn. Ik wordt dan in zo'n geval nieuwsgierig naar wat zo'n man nou zelf over zijn kunstenaarschap heeft gedacht. Daar gaat het hier verder niet om. Ik weet wel dat ik mij er niet makkelijk vanaf maakte, maar wel wat teleurgesteld was toen ik mijn scriptie later liet lezen aan twee kunsthistorici die ik bewonder. De één zei dat ik een redenering had die zichzelf in de staart beet. De ander zei dat er nog veel vragen lagen te slapen in mijn verhaal.

Daarom ben ik een beetje bang geworden ergens te lang mee bezig te zijn zonder ergens een beetje uit te komen. En heb ik in dit geval Reve een klein beetje uitgepakt en daarna met een grote strik erom heen weer teruggegeven.

Daarna heb ik zelf nog wel wat nader kennis gemaakt met hem. En raakte ik op een bepaalde manier onder de indruk van wat kanten aan hem en zijn werk die misschien wel aardig zijn om gewoon te noemen. Zou iemand die zich eraan waagt om veel samenhangende ideeën over hem te schrijven zich sowieso niet al snel vertillen? Ik heb begrepen dat Antoine Bodar al jaren van plan is, (bezig is?) om een boek over hem te schrijven, maar volgens mij is dat nog niet uit. Ik ben daar best benieuwd naar, dus ik hoop dat het er nog wel komt.


Maar ik noem dan maar gewoon wat dingetjes, ze zijn nogal random dus. Het zijn voor mij die dingen die nu bij mij opkomen als het om de persoon Reve gaat, iemand waar je niet omheen kunt, maar iemand die ook altijd een raadsel zal blijven voor mij.

- In de avonden denkt Frits een keer als zijn moeder hem aanspreekt over iets in huis en een beetje paniekerig doet: de stem is te hard, waar is uitkomst… Dat is eigenlijk heel overdreven als je het zo leest, maar ik vond het zo bijzonder en bedacht mij later dat ik zulk soort dingen eigenlijk vroeger ook vaak gedacht moet hebben, ook al verwoordde ik ze niet.

- Bij zijn huldiging in 1996 werd hem gevraagd of hij wel eens terugverlangde naar zijn jeugd. Hij vertelde toen op zijn manier en volgens mij bloedserieus dat hij naar geen enkele tijd terugverlangde, dat hij het leven verschrikkelijk vond, waarna hij zegt: ja, ik heb vaak gedacht: je kunt jezelf ophangen, je kunt het niet doen, ik heb besloten het niet te doen, ik moet nog wat voort, ik heb nog wat werk te doen. Er werd gelachen alsof hij een goede grap gemaakt had en dat was zo’n contrast met wat hij zei…

- Hij zegt eens tegen een bewonderaar: Jij vindt alles wat ik geschreven heb, Gods woord, ik zie het ietwat kalmer

- Hij schrijft Simon Carmiggelt eens: Jij bent een groot talent, maar je leven wordt niet vergiftigd door mateloze ambietsie, zoals het mijne: wat ik mezelf opleg te schrijven, moet zo ongeveer het mensdom verlossen, op zijn minst.’’

- Hij zegt een keer in een interview: ik ben manisch depressief, denk ik, maar ik maak er muziek bij.

- Hij heeft echt geloofd in wat hij later linkse sprookjes noemde, meer dan z’n broer Karel.

- Als Bodar tot priester wordt gewijd publiceert Reve in Elseviers een brief aan hem waar Bodar niet blij mee is. In de brief zelf, die eigenlijk duidelijk als achtergrond lijkt te hebben dat Reve niet weet wat hij aanmoet met Bodar’s keuze voor het celibaat (alsof dat hem spiegelt met zijn eigen leven), vraagt hij zich letterlijk af wat Bodar van zijn actie zal vinden en stelt hij zichzelf gerust met stellen dat Bodar een heel trouw persoon is. Zij gingen namelijk vriendschappelijk met elkaar om.

- Na het voordragen van een racistisch gedicht dat bedoeld zou zijn als publiciteitstrekker voor de nacht van de poëzie in 1975, spreekt de Surinaamse advocaat André Haakmat hem in de kleedkamer daarop aan (er is een filmpje van ergens op internet). Hij valt daar niet uit z’n rol, het lijkt zelfs geen rol. En op een gegeven moment, hij lijkt moe te worden van de felheid van André die geloof ik ook bijval krijgt van anderen zegt hij ineens: maar ìk kan schrijven…

- Als hem later op de gang door een journalist wordt gevraagd: bent u gek? denkt hij daar even over na en zegt dan: misschien wel, maar dan zit er wel systeem in. Waarom zou hij dat zeggen?
ernstige mensen worden pas somber als ze niet ernstig mogen zijn

rkdiak

  • Berichten: 1995
    • Bekijk profiel
Mirt bespreekt een gedicht
« Reactie #9 Gepost op: april 08, 2009, 10:38:54 pm »
Oeps, dat doet me realiseren dat ik voor een wekelijks gedicht zou zorgen.

Nou ja, iets minder regelmatig dan maar, maar als het zoveel bespiegeling oplevert is wekelijks ook wel wat te intensief.

Een klassieker dit keer, van Keats:

La Belle Dame Sans Merci

Ballad


I.

O WHAT can ail thee, knight-at-arms,
Alone and palely loitering?
The sedge has wither’d from the lake,
And no birds sing.

II.

O what can ail thee, knight-at-arms!
So haggard and so woe-begone?
The squirrel’s granary is full,
And the harvest’s done.

III.

I see a lily on thy brow
With anguish moist and fever dew,
And on thy cheeks a fading rose
Fast withereth too.

IV.

I met a lady in the meads,
Full beautiful—a faery’s child,
Her hair was long, her foot was light,
And her eyes were wild.

V.

I made a garland for her head,
And bracelets too, and fragrant zone;
She look’d at me as she did love,
And made sweet moan.

VI.

I set her on my pacing steed,
And nothing else saw all day long,
For sidelong would she bend, and sing
A faery’s song.

VII.

She found me roots of relish sweet,
And honey wild, and manna dew,
And sure in language strange she said—
“I love thee true.”

VIII.

She took me to her elfin grot,
And there she wept, and sigh’d fill sore,
And there I shut her wild wild eyes
With kisses four.

IX.

And there she lulled me asleep,
And there I dream’d—Ah! woe betide!
The latest dream I ever dream’d
On the cold hill’s side.

X.

I saw pale kings and princes too,
Pale warriors, death-pale were they all;
They cried—“La Belle Dame sans Merci
Hath thee in thrall!”

XI.

I saw their starved lips in the gloam,
With horrid warning gaped wide,
And I awoke and found me here,
On the cold hill’s side.

XII.

And this is why I sojourn here,
Alone and palely loitering,
Though the sedge is wither’d from the lake,
And no birds sing.

(in vertaling:

"Geharnast ridder, ach, wat scheelt je,
Jij bleek en eenzaam zwerveling?
De biezen sterven af in 't meer en
Geen vogel zingt.

Geharnast ridder, ach, wat scheelt je,
zo weggeteerd en diep gekweld?
De eekhoorn heeft zijn schuren vol en
de oogst is van 't veld.

Je voorhoofd laat een lelie zien,
zo klam van angst, bedauwd door koorts,
En op je wangen staat een roos
Die snel verdort."

"In grazig land vond ik een vrouw,
Zo schoon was zij, een feeënkind,
Haar haar was lang, haar tred was licht,
Haar blik ontzind.

Ik vlocht van bloemen krans en band
Voor om haar hoofd, haar leest, haar pols;
Zij keek mij aan, met zoet gekreun,
Zo liefdevol.

Ik nam haar op mijn snelle ros,
Oog voor iets anders had ik niet,
Zij boog zich steeds opzij en zong
Een feeënlied.

Zij vond mijn wortels, fijn van smaak,
En honing wild en mannadauw,
En in een vreemde taal sprak zij:
'Ik hou van jou.'

Zij bracht mij naar haar elfengrot,
En staarde maar en zuchtte zwaar:
Haar ogen wild, met kussen vier
Sloot ik ze daar.

Haar zingen suste mij in slaap,
Daar droomde ik toen - wee mijn ziel!
De laatste droom door mij gedroomd
Op de heuvel kil.

'k Zag bleke vorsten, prinsen bleek,
Strijders zo bleek, zo doods als 't graf,
Hun kreet: 'La Belle Dame sans Merci
Maakte jou slaaf!'

Bij schemer zag 'k hun dorre mond,
Bar waarschuwend, geopend wijd,
Werd wakker, op de heuvel kil
Bevond ik mij.

Dat is waarom ik hier verblijf,
Een bleek en eenzaam zwerveling,
Al stierf de bies in 't meer, terwijl
Geen vogel zingt."

(vertaling: Peter Verstegen)
So sue me!

mirt

  • Moderator
  • Berichten: 1730
  • strijd de goede strijd
    • Bekijk profiel
Mirt bespreekt een gedicht
« Reactie #10 Gepost op: april 09, 2009, 04:11:56 pm »
Maakt niet uit hoor, jaarlijks mag ook.

Over dit gedicht. Ik kende het niet, erg he... We hebben het ook niet met engels gehad vroeger. Gelukkig heb je er een vertaling bij gedaan, zo goed is mijn engels niet... Ik kende wel de uitspraak: la belle dame sans merci, maar ik wist niet dat het van dit gedicht kwam.

Ik ben er vandaag een beetje triestig van, van dit gedicht. Het past niet bij de bloesem overal. Maar dat geeft niet, het voorjaar, gek is dat, daar wordt ik ook wel eens een beetje triest van: het is altijd zó mooi, maar zó kort en gaat het al weer naar de zomer toe, dat geeft vind ik een soort zwaarte aan de sfeer in het voorjaar.

Maar 'jouw gedicht', ik dacht eerst: zal ik er wat over kunnen zeggen? Iets van vinden kan ik wel, ook wel veel, maar dat is nog wat anders dan er iets over kunnen zeggen. Maar nu weet ik wel dat ik dat kan. Alleen, ik hou het nog even voor mezelf. Ik zal wat schrijven wat ik er over te zeggen heb, voordat ik er wat over ga lezen. Maar dan plaats ik dat gewoon deze week of aan het eind van het jaar

 ;) tegelijk.
« Laatst bewerkt op: april 09, 2009, 10:43:27 pm door mirt »
ernstige mensen worden pas somber als ze niet ernstig mogen zijn

mirt

  • Moderator
  • Berichten: 1730
  • strijd de goede strijd
    • Bekijk profiel
Mirt bespreekt een gedicht
« Reactie #11 Gepost op: april 20, 2009, 10:42:55 am »
De ridder vertelt waarom hij eenzaam en bleek verblijft in een kil landschap. Zijn antwoord is een verhaal over een liefde die hem overkwam en over een ontwaken in een kil landschap. Wat daartussen is gebeurd, vertelt hij eigenlijk niet over. Dat kun je nieuwsgierig naar zijn, maar het hoort niet bij zijn verhaal.

Het is een wonderlijke vrouw waar hij op verliefd wordt en zij op hem. Ze was schoon als een feeënkind, brengt hem naar een elfengrot en zingt een feeën lied. Ook spreekt ze in een vreemde taal: ik hou van jou. Maar hij vind haar gewoon als een vrouw in een grazig land. Het is niet zo dat hij zich zeg maar eerst zelf in een sprookjeswereld heeft begeven, aan de drugs is geweest of zo of gek geworden is.

Er gebeurt van alles nadat hij haar vindt. Van alles wat bij verliefd zijn hoort. Dat wordt mooi beschreven. Je kunt niet zeggen dat het hele gebeuren het meest van hem of het meest van haar uitgaat. Het is een samenspel.

En dan ineens is er zijn laatste droom, nadat hij door haar in slaap gezongen is. Dodelijk bleke vorsten en prinsen waarschuwen hem: hij is slaaf gemaakt. Het is wel een vreemde waarschuwing: want het is blijkbaar al gebeurt. Als hij wakker wordt bevindt hij zich op een kille heuvel. En uit die kilte is hij nog nooit weggekomen.

Waarom noemt hij dat eigenlijk zijn laatste droom? Ik stel mij voor dat er daarna geen dromen meer voor hem bestaan. Hij is totaal gedesillusioneerd. Als zo'n liefde zo kon eindigen, wat zou hij dan nog dromen over liefde? Er zingen misschien wel ergens in de wereld vogels, maar niet voor hem. Het leven gaat misschien wel door, de oogst schijnt van het veld afgehaald te zijn en de eekhoorntjes hebben ook al voor de winter gezorgd: de mensen zoeken nu elkaar en de warmte binnen. Tot het volgend voorjaar weer komt, zoals dat elk jaar gaat. Maar de eenzame ridder doet er niet aan mee.

Hij is niet altijd zo geweest. Je zou nog kunnen denken dat hij een persoonlijkheid had die problemen naar zich toe trekt ofzo of altijd melancholisch is en daar verhaaltjes bij bedenkt. Maar hij was een ridder die door de wereld reisde op zijn snelle roos. En hij had een lelie op zijn voorhoofd en een roos op zijn wang. Hij is nog steeds een ridder, dat wel, maar de lelie en de roos die hebben hun glans verloren en hij verblijft alleen nog maar in een kil landschap.

Er is geen genade voor hem. Want het is duidelijk: de genade die hij nodig heeft zou van die vrouw moeten komen en dat is juist het probleem. Je kunt hem niet troosten met: kom hiervandaan, kom mee naar de gezelligheid, er is vast nog wel ergens in de wereld gezelligheid. Dat is niet wat hij nodig heeft.

Wat er gebeurt is was te veel allesomvattend. Hij kan niet zeggen: het lag aan mij, wat stom van mij om er in te trappen. Want vorsten en prinsen was hetzelfde overkomen. Hij kan ook niet zeggen: wat een rotmens was dat, ik kies nu maar mooi voor mezelf. Dat kan blijkbaar niet. Dat laat dan wel zien wat een groot mysterie liefde kan zijn. En wat een contrast eigenlijk in benadering met de dag van vandaag. Vandaag wordt je eigenlijk gedwongen om je over zulk soort belevenissen heen te zetten. Jouw individuele wereld is maakbaar als je maar van jezelf als individu uitgaat en ervoor gaat. Maar hier blijkt de werkelijkheid eens niet maakbaar.

Het is een beklemmend en indrukwekkend gedicht, teveel om mooi te zijn. Ik ben nog wel benieuwd naar hoe dat gedicht te plaatsen is in de tijd waarin het geschreven is. Daar heb ik toch nog totaal niet naar gekeken. Ik heb onverwachts een vrije ochtend en wilde mijn gedachten erover eerst maar eens een keer opschrijven. Nu heb ik nog een uurtje om de courgetteplanten in de grond te zetten. Ik heb ze voorgekweekt, maar ze worden hier bij huis te groot. Wat een genade als het leven wel door kan gaan...
ernstige mensen worden pas somber als ze niet ernstig mogen zijn

Mellon

  • Berichten: 1045
    • Bekijk profiel
Mirt bespreekt een gedicht
« Reactie #12 Gepost op: april 20, 2009, 11:10:50 am »
Ik lees dit topic graag.

Beetje een brutale vraag misschien... maar mag het eens een keer iets van Donne zijn? Of doen jullie geen verzoekjes?  :)

Bumblebee

  • Berichten: 6100
  • Zzzzzoem
    • Bekijk profiel
Mirt bespreekt een gedicht
« Reactie #13 Gepost op: april 20, 2009, 11:32:52 am »
Ik vind het ook zeer beklemmend. De vertaling 'fee' voor faerie voelt daarom wat misplaatst (niet dat ik iets beters weet). Een fee is in mijn beleving nogal lieflijk terwijl een faerie iets heel 'wilds' en niet-menselijks in zich heeft. Maar dat kan ook aan mij liggen.
Bombus terrestris Reginae

rkdiak

  • Berichten: 1995
    • Bekijk profiel
Mirt bespreekt een gedicht
« Reactie #14 Gepost op: april 20, 2009, 11:36:17 am »

quote:

Mellon schreef op 20 april 2009 om 11:10:
Ik lees dit topic graag.

Beetje een brutale vraag misschien... maar mag het eens een keer iets van Donne zijn? Of doen jullie geen verzoekjes?  :)
OK, ik heb hem gevonden, ik zal er eens een uitzoeken. Maar ik vertaal ze niet!
« Laatst bewerkt op: april 20, 2009, 11:38:27 am door rkdiak »
So sue me!