Uit het artikel:
quote:
Paulus schreef ooit aan de christenen in Rome dat zij de Geest niet hadden ontvangen om opnieuw als slaven in angst te leven, maar om Gods kinderen te zijn en Hem te kunnen aanroepen met 'Abba, Vader'. En Jezus zei tegen zijn leerlingen: ,,Ik noem jullie geen slaven meer; vrienden noem ik jullie, omdat ik alles wat ik van de Vader heb gehoord, aan jullie bekendgemaakt heb.'' Er is dus in de band met Christus sprake van een onopgeefbare nabijheid en intimiteit.
Mee eens.
Maar dan kan ik niet helemaal volgen of de schrijver van dit artikel dit ook zelf beaamt. Want ik kan het niet rijmen met het laatste wat hij schrijft:
quote:
Des te opvallender is het dat Paulus zichzelf meermalen slaaf van Christus noemt en dat de meest kernachtige belijdenis van het christendom luidt: ,,Jezus is Heer.'' Door Jezus 'Heer' te noemen zegt het Nieuwe Testament - in aansluiting bij de Griekse vertaling van het Oude Testament - dat Hij dezelfde is als de God van Israël. Maar tegelijk draagt de term in de context van de eerste eeuw onmiskenbaar de associaties met zich mee van de verhouding tussen een slaaf en zijn meester. Er blijft dus bij alle intimiteit sprake van enige afstand. De Heer met wie ik vertrouwd ben, ken ik niet in zijn overwegingen over mijn leven. Daarom spreekt het woord dienen me zo aan. Met Psalm 123 sla ik mijn ogen naar Hem op. Zoals de ogen van een slaaf de hand van zijn heer volgen, zo volgen mijn ogen de wegen van mijn Heiland, tot Hij mij genadig is
.
Ik denk dat het alletwee waar is:
- Jezus is Heer; en dat houdt in dat het niet je 'vriendje' is maar dat er altijd eerbied en ontzag is.
- maar dit sluit toch het intieme
persoonlijke aspect niet uit: Hij wil
mijn Heer zijn.
En wat betreft dat de term 'Heer' aangeeft dat we met de God van het OT te doen hebben; deze God van het OT openbaart zich in het NT als
Vader en wij mogen Abba Vader zeggen. Zoals een kind een vertrouwelijke relatie met zijn aardse vader heeft, zo mogen wij dit ook hebben met God. En dan is er sprake van een verschil tussen vader en kind. Er is een gezagsverhouding. Maar toch juist anders dan in het OT.
Een Vader wil zeggen dat je als zijn kind hetzelfde leven hebt ontvangen. Dat bijzondere is
het kenmerk van een Christen. En datzelfde leven, het leven van Christus in ons, is de band die ons bindt met God de Vader. Wij hebben iets gemeenschappelijks: De Here Jezus.
En als je weet dat je als gelovige de Here Jezus in je hebt, dan is dat toch het intiemste wat je kunt bedenken. Zo dicht is Hij bij ons, in ons.
En het zijn twee verschillende beelden: slaaf/dienstknecht van Christus.
Of: Kind van God de Vader. Dus niet tegen elkaar uit te spelen.
Christus is niet je vader, maar door Christus IS God je Vader. En Christus dien je, je bent Hem gehoorzaam en wilt doen wat Hij van je vraagt als gelovige (als het goed is

) Dan is Hij je Heer, als je die zeggenschap over je leven accepteert. Maar ook is dat iets wat heel dichtbij komt, omdat Hij in je is en het door jou heen wil doen.
In het OT staat een mooie illustratie van een slaaf die mocht 'gaan' na 7 jaar, Hij kon dus de vrijheid krijgen. Maar als hij niet wilde vrij worden van zijn meester, dan werd hem het oor doorpriemd. Vrijwillig. Zo zijn wij slaaf van Christus. Uit vrije wil omdat we Hem liefhebben. Zoals die slaaf uit OT die niet vrij wilde worden.
Dus qua positie is er afstand: Jezus staat boven ons op een unieke plaats die God Hem heeft gegeven. Maar qua relatie (ik weet even geen ander woord) is Hij dichtbij en ik lees toch ook in de psalmen dat de Heer zijn wegen aan ons bekend wil maken. En dat we volgens het NT de Heilige Geest hebben ontvangen die weet wat er in God is, omdat het de Geest van God
is. En dat het de Geest van openbaring is om Hem recht te kennen. etc.
God wil ons meer duidelijk maken en leren over Hemzelf en over de Here Jezus dan wij misschien vaak denken.