Waar was ik gebleven? O ja, het bezoek van dinsdagavond. Mies was alleen, mevrouw Mies was moe. Kan gebeuren. Maar mannen onder elkaar weten zich altijd wel te vermaken, zo ook nu. Er viel een hoop bij te praten, want zo vaak zien we elkaar niet. Dat is eigenlijk jammer want met Mies is het altijd gezellig. Ik ken hem al sinds we samen op de zondagsschool zaten. Hij leerde nooit z'n versje, ik wel. Maar dat moest van m'n ouders. Mies heeft een hele spannende hobby: hij doet aan bergsport. Als ik zijn verhalen hoor krijg ik hetzelfde gevoel als wanneer je een spannend boek leest bij het knappende vuur van de open haard. Misschien moet ik ook maar aan bergsport gaan doen, dan valt er weer eens wat interessants te melden hier. Of niet, als ik in een gletsjerspleet stort.
Woensdag zat ik bij het adviesbureau. Het was druk en ik had ruzie met de printer. De tekst werd telkens scheef geprint, woedend verscheurde ik telkens het papier en smeet het in de prullenbak, onder het uitroepen van hele akelige woorden. Ik ben een keurig persoon, want ik scheld alleen als er niemand bij is. Toen ik wegging vergat ik het reclamebord binnen te zetten, ik vraag me af of het nu is gejat. Uit het werk ging ik weer naar Dordt. Voordat ik Y. weer in m'n armen sloot, bracht ik even een bezoek aan het Loket. "Wat zie je er goed uit" zeiden de dames, "beter dan toen je hier nog werkte." Uh tsja, het zal wel. Zal wel door mijn nieuwe hobby komen: bodybuilding.
Vandaag moest ik weer werken. Een lang dagje want er was avondspreekuur. Maar eerst was er 's middags nog een overleg op het Loket in Leiden, waar ik nog geen jaar geleden ook een tijdje heb gezeten. Het was een 'stadsoverleg', met allerlei instanties die zich bezighouden met de onderkant van de Leidse samenleving. Op zich was het wel interessant, maar ik kan niet tegen dat oeverloze geouwehoer altijd. Vergaderingen moeten kort en bondig zijn. Na het overleg ging ik met mijn twee collega's dineren in een knus restaurantje. Dat was heel leuk en ik mag het nog declareren ook.
Het spreekuur ging goed. Een cliënt kwam niet opdagen, zodat ik er maar twee had. De eerste was een Marokkaanse alleenstaande moeder die rond moet komen van een bedrag waar je nog geen hond mee in leven kan houden. Ze vroeg of ik voor haar een bezwaarschrift wil schrijven. De laatste cliënten waren ook Marokkaans: twee zusjes, ze kwamen voor hun moeder. De ene herkende ik, ze was vorige week ook al geweest bij een collega. Toen was haar moeder erbij, maar ze had helemaal geen papieren bij zich. Dat hadden de dochters nu wel. Ik mag het niet zeggen want ik ben een keurige jongen met een supervriendin, maar het waren twee hele leuke grietjes. Vooral het meisje dat tegenover me zat was mooi. Fijn gezichtje, donkere ogen, rode lipjes... Ik kopieerde per ongeluk 2x hetzelfde papier, dat vonden ze wel grappig geloof ik want toen ze de trap afliepen hoorde ik ze giechelen.
Ik moet er even aan wennen om een eigen kamer te hebben, maar dat ik spreekuur op m'n kamer heb vind ik wel leuk. En vandaag heb ik een poster van Berlijn opgehangen, de Potsdamer Platz. En dat is nog maar het begin.