Vier jaar geleden toen ik een scriptie moest kiezen voor mijn opleiding heb ik geinspireerd door William James gekozen voor een onderzoek naar het voorkomen van de religieuze ervaring. Deze ervaring zou je kunnen beschrijven als in contact komen met de trancendente werkelijkheid die de alledaagse ervaring oversteigd.
Ik heb in het kader daarvan een aantal interviews afgenomen bij verschillende mensen zoekende naar of ze die ervaring in het verleden hebben gehad. Vanwege methodologische problematiek ben ik overgestapt op een wat minder ambitieuze scriptie.
Maar persoonlijk ben ik er van overtuigd dat deze ervaring die als schaars en zeldzaam beschreven wordt veel vaker voorkomt dan we denken.
William James heeft 4 kenmerken aan de ervaring gegeven die voor hem een religieuze ervaring beschreven.
1. Je kunt de ervaring niet in woorden samenvatten. Het is onbeschrijvelijk.
2. Er ontstaat diep inzicht in de natuur van de realiteit die soms ook volhouden na de ervaring. Bijna profetische kennis waar geen basis voor is die geen oorzaak heeft. Waarvan de persoon toch overtuigd is.
3. Vergankelijkheid. Deze bewustzijns staat duurt niet lang, vaak minder dan een minuut. En nadat hij voorbij is is het moeilijk te beseffen wat je nou zag hoewel het tijdens de ervaring zo ontzettend duidelijk was.
4. De ervaring is niet op te roepen, hij overkomt je.
Het is mijn overtuiging dat vrijwel iedereen deze ervaring in meerdere of mindere mate heeft ervaren. Maar niemand vertelt er over. Je hoort er nooit mensen over. In mijn interviews had ik overigens wel 75% succes met het opgraven van zo'n ervaring.
Wat denken jullie? Heeft iemand zo'n ervaring gehad?
Ik persoonlijk wel. Mijn persoonlijk bewijs voor het bestaan van God is de directe ervaring van zijn liefde geweest. De tederheid ervan deed me in tranen uitbarsten. Zonder die ervaring had ik zeker atheist geweest.