Ik heb grote problemen met mensen die 'gadver' of iets anders gebruiken dat verwijst naar God (dus ook: jeeetje). Helemaal omdat het bij simpele zaken wordt gebruikt: g**, het regent; g**, wie heeft er remsporen achtergelaten?, g**, de melk is bedorven, j**, moet je die hoed eens zien, j** wat mooi!
Ik probeer alles in proportie te zien. Er zijn veel dingen 'naar' en vervelend. Noem ze dan ook zo, en overdrijf niet! (Ooit merkte ik dat ik 'shit' en erger als stopwoord ging gebruiken, waarbij ik niet meer nadacht. Ik vond dat dat de verkeerde kant opging, dus liet ik vaak op 'shit' volgen: 'Ik bedoel: he bah, wat vervelend nou.' Dat werkte best, en de omgeving vond het best grappig

.)
Maar God erbij slepen, op wat voor een verbasterde manier ook, vind ik onnadenkend! Wat heeft God ermee vandoen als je de melk over datum hebt laten gaan? Het horen van een gadver in mijn buurt lokt meestal direct (als reflex) een 'Nou zeg' van mij op: mensen -christenen!- willen daar nog wel eens gepikeerd op reageren. Ikke nie snappe...
Maar shit zeg ik tegenwoordig nog wel eens; zelfs ontsnapt me soms het woord fuck als iets heel erg in de soep loopt... Daarin kan ik mijzelf overigens niet erg waarderen.
Kortom: alle blasfemische uitingen bestrijd ik, en alle buiten proportionele reacties kan ik niet waarderen. (Iemand kan best een klootzak zijn, maar is dat niet als hij je laatste sigaret heeft opgerookt, bijv.)