quote:
Adinomis schreef op 27 februari 2006 om 20:38:Niettemin vraag ik me af wat er gebeurd zou zijn, als de Joden Jezus wel hadden aangenomen als hun Verlosser. Ook dan zou het offer op Golgotha nodig zijn geweest. Het is natuurlijk een theoretische vraag, die voortkomt uit mijn menselijke beoordeling.
Het is natuurlijk een hypothetische vraag maar ik denk idd dat dan het Vrederijk al was aangebroken.
Hierover lees je ook in Handelingen na de opstanding en de hemelvaart wordt de Heilige Geest uitgestort. En handelingen is eigenlijk nog een bijbelboek gericht op de Joden. Lees maar eens de toespraken van Petrus en Stefanus. Over de Joden en hun geschiedenis en waarom ze de Heer aan zouden moeten nemen. En zelfs dan wordt nog één keer dit heil hen aangeboden als laatste mogelijkheid:
quote:
Hand. 3
17 En nu, broeders, ik weet, dat gij uit onkunde hebt gehandeld, gelijk ook uw oversten; 18 maar zo heeft God in vervulling doen gaan wat Hij bij monde van alle profeten tevoren geboodschapt had, dat zijn Christus moest lijden. 19 Komt dan tot berouw en bekering, opdat uw zonden uitgedelgd worden, opdat er tijden van verademing mogen komen van het aangezicht des Heren, 20 en Hij de Christus, die voor u tevoren bestemd was, Jezus, zende; 21 Hem moest de hemel opnemen tot de tijden van de wederoprichting aller dingen, waarvan God gesproken heeft bij monde van zijn heilige profeten, van oudsher.
Petrus geeft aan dat God de profeten in vervulling heeft doen gaan, doordat zij Jezus hebben gedood.
Maar als ze Hem nu als Joods volk aannemen, (in Hand. 3)
dan zal de tijd van 'verademing' aanbreken en
wordt Jezus door weer door God naar de aarde gezonden, de Christus die voor u bestemd was...om koning te worden.
Dan was het Koninkrijk toen in handelingen 3 opgericht.
De tijd van verademing wordt het hier genoemd, een term uit het OT.
Het NT begint met het evangelie van Mattheus. Daar wordt Jezus aangekondigd als de Koning der Joden. Het koninkrijk is nabij. En Hij wordt ingehaald als de koning der Joden, en gekruisigd als de Koning der Joden.
Dat was de eerste missie. Anders had Jezus zich ook niet beperkt tot het land en de verloren schapen van Israel.
Johannes de Doper is niet voor niets de heraut van de koning die het koninkrijk aankondigt:
quote:
Matt 3
1 In die dagen trad Johannes de Doper op en hij predikte in de woestijn van Judea, 2 en zeide: Bekeert u, want het Koninkrijk der hemelen is nabijgekomen. 3 Hij toch is het, van wie door de profeet Jesaja gesproken werd, toen hij zeide:
De stem van een, die roept in de woestijn: Bereidt de weg des Heren, maakt recht zijn paden.
En nadat Johannes overgeleverd is, heeft Jezus dezelfde boodschap voor het volk Israel in hst. 4: 17.
In Matteüs 10 zendt Jezus de dicipelen uit om dit konkrijk te prediken en zegt dat zij niet alle steden van Israël rond zullen komen voordat hij terugkomt:
quote:
Matt 10
vers 5-8 Deze twaalf heeft Jezus uitgezonden en Hij gebood hun, zeggende: Wijkt niet af op een weg naar heidenen, gaat geen stad van Samaritanen binnen; begeeft u liever tot de verloren schapen van het huis Israëls. Gaat en predikt en zegt: Het Koninkrijk der hemelen is nabijgekomen. Geneest zieken, wekt doden op, reinigt melaatsen, drijft boze geesten uit. Om niet hebt gij het ontvangen, geeft het om niet.
[...]
vers 21-23
Een broeder zal zijn broeder overleveren ten dode en een vader zijn kind, en kinderen zullen opstaan tegen hun ouders en hen ter dood brengen. En gij zult door allen gehaat worden om mijns naams wil; maar wie volhardt tot het einde, die zal behouden worden. Wanneer men u vervolgt in deze stad, vlucht naar de andere; want voorwaar, Ik zeg u, gij zult niet alle steden van Israël zijn rondgekomen, voordat de Zoon des mensen komt.
Het alleen voor Israel gezonden zijn, zegt Jezus ook aan de Kananese vrouw in Matt 15.
Deze speciale boodschap voor de Joden, namelijk dat het aardse koninkrijk zou worden opgericht,
is opgeschort vanwege het niet aannemen door het volk van Israel.
En ging het evangelie in iets gewijzigde vorm naar de heidenen:
geen aards koninkrijk voor ons maar een hemelse roeping en bestemming voor de gelovigen uit de heidenen: de Gemeente (vergel. Efeze 3 waar Paulus dit
geheim uitlegt)
De Joden zullen echter als de Gemeente voltallig is, weer
Gods volk op aarde zijn, waar dan weer het evangelie van het Koninkrijk wordt verkondigd. En dat is dan weer de 70e jaarweek waar God met Israel bezig is.
Want: vers 23 Als de Zoon de mensen zal komen en het Koningschap aanvaardt, dan zal dit evangelie weer in de steden van Israël gebracht zijn.
Israël zal hun koning ook aannemen. (Dit Matt. 10: 21-23 is dus een gedeelte wat profetisch is)
Degenen die in die 70e jaarweek het koninkrijk zullen prediken, zijn ook Joden - zoals de 12 discipelen uitgezonden werden door Jezus, en zij zullen dezelfde boodschap hebben.
Dit lees je in Matt. 24 (parallel: citaat uit Matt. 10: 21-23)
quote:
Matt. 24
8 Doch dat alles is het begin der weeën. 9 Dan zullen zij u overleveren aan verdrukking en zij zullen u doden, en gij zult door alle volken gehaat worden om mijns naams wil. 10 En dan zullen velen ten val komen en zij zullen elkander overleveren en elkander haten. 11 En vele valse profeten zullen opstaan en velen zullen zij verleiden. 12 En omdat de wetsverachting toeneemt, zal de liefde van de meesten verkillen. 13 Maar wie volhardt tot het einde, die zal behouden worden. 14 En dit evangelie van het Koninkrijk zal in de gehele wereld gepredikt worden tot een getuigenis voor alle volken, en dan zal het einde gekomen zijn.
Het niet aannemen door de Joden als volk, daarover lees je ook in Mattheus. Het is dan duidelijk dat ze niet
willen horen. En dat is het moment waarop Jezus over het koninkrijk gaat spreken in gelijkenissen zodat ze het niet meer
kunnen verstaan.
In Matt 8 zie je bv dat Jezus aangeeft dat de hoofdman te Kapernaum een groot geloof heeft zoals Hij in heel Israel niet heeft gevonden.
En aansluitend:
quote:
Matt 8
11 Ik zeg u, dat er velen zullen komen van oost en west en zullen aanliggen met Abraham en Isaak en Jakob in het Koninkrijk der hemelen; 12 maar de kinderen van het Koninkrijk zullen uitgeworpen worden in de buitenste duisternis; daar zal het geween zijn en het tandengeknars.
De kinderen van het koninkrijk zijn de Joden die verhard zijn en 'een ongelovig en boos geslacht' worden genoemd. Hier komt al naar voren dat er niet veel geloof is in Israel.
Zij hadden meer met de tekenen en wonderen die ze wilden zien.
In hst 11 is het ook Johannes die twijfelt en vraagt of Jezus was die komen zou. Het antwoord van Jezus is het volgende: dat er vele zieken genezen, doden worden opgewekt etc. Die dingen waren namelijk ook voorspeld dat ze zouden volgen bij de oprichting van het koninkrijk en in die zin heeft dit te maken met het aardse koninkrijk wat opgericht zal worden. Ziekte en dood horen bij de vloek die de schepping heeft getroffen door de zondeval. En zoals we al zagen in Zach. is het zo dat als het Vrederijk er zal zijn, de vloek zal worden opgeheven en een kind kan spelen bij het hol van een adder. etc.
quote:
Adinomis schreef
Was deze gang van zaken nodig om duidelijk te maken wat er in Israël aan de hand was? Een soort “ontmaskering”?
Toch is het dankzij het vallen van de Joden, dat wij als heidenen aan de beurt kwamen....
Zie hiervoor Rom. 9-11. (bv: Hst 11: 28: 28 Zij zijn naar het evangelie vijanden om uwentwil, naar de verkiezing zijn zij geliefden om der vaderen wil.)
En Hand. 15 heeft het ook over de vervallen hut van David die weer zal worden opgericht.
God houdt Zijn volgorde aan: eerst de Jood en dan de Griek.
En het wordt wel duidelijk wat er in hun hart leeft (hiermee wil ik niet zeggen dat wij zo perfect zijn - als deze dingen zijn ook in mijn hart te vinden, ik ben niet beter) en hier lees je in Matt 11 :16 Doch waarmede zal Ik dit geslacht vergelijken? -de strafrede tegen de tijdgenoten dat ze niet hebben geloofd: Johannes is gekomen, niet etende en niet drinkende, en zij zeggen: Hij heeft een boze geest. De Zoon des mensen is gekomen, wèl etende en drinkende, en zij zeggen: een vraatzuchtig mens en een wijndrinker, een vriend van tollenaars en zondaars.
Dit is het punt waarop de omslag al enigszins plaats vindt naar het spreken in geheimenissen/gelijkenissen, vanwege hun ongeloof. Het is van nu aan niet meer voor het geheel maar de enkeling die wil kan horen....
quote:
Matt 11
25 Te dien tijde hief Jezus aan en zeide: Ik dank U, Vader, Heer des hemels en der aarde, dat Gij deze dingen voor wijzen en verstandigen verborgen hebt, doch aan kinderkens geopenbaard. 26 Ja, Vader, want zo is het een welbehagen geweest voor U.
Dan lees je ook in het volgende hoofdstuk dat Hij niet meer bekend wil hebben wat Hij heeft gedaan (Hst. 12 vers 16) en het oordeel over het boze geslacht dat een teken wil (vers 39)
En hoodstuk 13 begint in vers 1 met de volgende opmerking die een diepere zin heeft - Israel is ' het huis' -en komt de boodschap niet meer rechtstreeks maar in gelijkenissen:
quote:
Matt 13
1 Op die dag ging Jezus het huis uit en Hij zat bij de zee.
....
13 Daarom spreek Ik tot hen in gelijkenissen, omdat zij ziende niet zien en horende niet horen of begrijpen.
15 want het hart van dit volk is vet geworden, en hun oren zijn hardhorend geworden, en hun ogen hebben zij toegesloten, opdat zij niet zien met hun ogen, en met hun oren niet horen, en met hun hart niet verstaan en zich bekeren, en Ik hen zou genezen.
Hij zegt Israel als volk, als het ware vaarwel.
Over de oprichting van het rijk, dat ging toen niet door - maar de tijd zal komen dat het alsnog vervuld zal worden:
quote:
Matt 23:
36 Voorwaar, Ik zeg u: Al deze dingen zullen komen over dit geslacht.
37 Jeruzalem, Jeruzalem, dat de profeten doodt, en stenigt, wie tot u gezonden zijn, hoe dikwijls heb Ik uw kinderen willen vergaderen, gelijk een hen haar kuikens onder haar vleugels vergadert, en gij hebt niet gewild. 38 Zie, uw huis wordt aan u overgelaten. 39 Want Ik zeg u, gij zult Mij van nu aan niet meer zien, totdat gij zegt:
Gezegend Hij, die komt in de naam des Heren!
Een wetenswaardigheid i.v.m. de 'ontmaskering' van de Joden die Jezus niet wilden aannemen: Toen het voorhangsel scheurde bij het sterven van de Heer, was het duidelijk dat de weg open was naar God toe. Maar ook duidelijk was dat er in het Heilige der Heilige wat toen zichtbaar werd
niets stond - de ark stond er al niet meer; het Jodendom was een lege godsdienst geworden.
quote:
Adinomis schreef
Grappig, in één van de door jou aanbevolen bijbelgedeelten (Zach. 14) over het Vrederijk las ik:
21 Alle kookpotten in Jeruzalem en Juda zullen aan de HEER van de hemelse machten gewijd zijn; ieder die wil offeren, kan ze gebruiken om er zijn offer in te bereiden. Als die tijd aanbreekt, zullen er nooit meer handelaars zitten in de tempel van de HEER van de hemelse machten.
Mooi zeg.

Dat zijn dingen die ik nu ook leer als ik hiermee bezig ben.
Maar...... er vormt zich een rij van kinderen die nu ook eens op de computer willen. Dus een andere keer weer verder.