De evangelielezing in de mis vandaag is wel interessant m.b.t. dit topic (Marcus 5:21-43). Ff korte samenvatting: het gaat over Jezus die geroepen wordt door een synagogeleider wiens dochter van 12 op sterven ligt. In de menigte raakt vervolgens een vrouw die al 12 jaar aan bloedingen lijdt, Jezus' kleding aan en ze geneest prompt. Jezus merkt het, en vraagt wie het was. De vrouw geeft toe dat zij het was, ook al is ze bang. Jezus zegt, dat ze door haar geloof genezen is. En dan gaat Hij naar het dochtertje van eerdergenoemde man, dat inmiddels overleden is. Mensen vinden het waanzinnig, maar Hij zegt heel eenvoudig tegen haar vader: blijf geloven. Hij pakt de hand van het meisje, zegt 'Sta op' en ze komt weer tot leven.
Ik heb hier eens over zitten denken (vanochtend vroeg, lekker zittend onder een boom in het zonnetje met m'n bijbel ... niet verkeerd!

), en de tegenstelling en overeenkomsten tussen de vrouw en het meisje vielen me op. De overeenkomst tussen beiden was, dat ze volgens de joodse wet onrein waren en dat iedereen die hen zou aanraken, zelf ook onrein zou worden. Die vrouw moet 12 jaar zowat als paria geleefd hebben, het was echt niet 'alleen' maar een kwestie van steeds maandverband moeten dragen en bloedarmoede hebben. Maar door hun fysieke contact met de Heer wordt níet Híj onrein (zoals bij elke andere joodse man wel gebeurd zou zijn), maar zíj worden rein (levend, cq. niet meer bloedend)*. De tegenstelling was, dat de vrouw Hém aanraakte en dat Híj het meisje aanraakte. De vrouw raakte Jezus aan op en werd door haar geloof gered. Het meisje werd door Jezus aangeraakt en werd door het geloof van haar vader gered (anders was Hij waarschijnlijk niet eens meer naar haar toegegaan; haar vader had in dezen een vrije wil om daarover te beslissen).
Jezus laat Zich blijkbaar vinden als je Hem zoekt. Maar Hij kan ook Zelf het initiatief nemen en iemand die niks zelf kan (immers, die dood is), aanraken en rein maken. In beide gevallen is er geloof nodig, hetzij van de persoon in kwestie zelf, hetzij van derden. In de
Griekse grondtekst is dat πίστις (pistis) (vers 34) en het corresponderende werkwoord in vers 36 is πίστευε (pisteue, van pistein).
Hier wat uitleg over dat woord uit een Grieks NT-lexicon. Geloof en vertrouwen gaan hand in hand.
Dan nu de hamvraag ...... <trommelgeroffel> ...... Koerok, vertrouw jij erop, dat ALS God bestaat, Hij jou bij de hand zal nemen?
offtopic:* Wat zou dat dan over de eucharistie en de communie zeggen 