quote:
gaitema schreef op 24 januari 2009 om 13:54:Dank je voor je leerzame reactie. Lucas 10:19 is een bemoedigende vers. Je schreef tot zo ver, wat wil je er meer over vertellen? Het lijkt me heel leerzaam. Die opsomming aan het einde vindt ik ook boeiend. Heb ik het juist begrepen dat angst het grootste wapen is van satan?
Nee,
de leugen is zijn grootste wapen. Hij doet zich voor als een brullende leeuw, maar het is een leeuw met een kunstgebit.
De leugen houdt in "Satan heeft per definitie macht over mij" of "De Satan is machteloos"(dat is een verschil). Satan heeft alleen macht (lees - INVLOED) wanneer je je in woord en daad verwijderd van God. Hoe verder van God, hoe groter de invloedsfeer van het kwaad.
Ook het idee dat demonen in de zin van het OT alleen voor die tijd waren om de Christus te laten zien is zo'n valkuil. De satan vind het op prachtig wanneer wij dit willen geloven.
Deze waarheid is een onderdeel van het complete verhaal van God, de mens en het onzichtbare. Dit mag nooit hoofdzaak worden in de verkondiging, maar wel als geloofwaardig samen met al die andere geloofsvraagstukken.
In de behandeling van deze onderwerpen dient dan ook de overwinning in Jezus Christus centraal te staan en niet het menselijk ontzag dat er toch krachten zijn die werken en nooit gedacht toch zichtbaar kunnen worden.
Daarom staat ook de christen in de autoriteit om in de naam van Jezus mensen die dit nodig hebben te bevrijden. Toch is ook dit gegeven iets wat je moet ordenen in je gemeente. Bijvoorbeeld een aantal mensen die zich in dit onderwerp hebben verdiept en zich daartoe geroepen voelen.
Een bijzonder kerntekst:Kol 2 vers 13-15
13 U was dood door uw zonden en door uw onbesneden staat, maar God heeft u samen met Christus levend gemaakt toen hij ons al onze zonden kwijtschold. 14 Hij heeft het document met voorschriften waarin wij werden aangeklaagd, uitgewist en het vernietigd door het aan het kruis te nagelen. 15
Hij heeft zich ontdaan van de machten en krachten, hij heeft hen openlijk te schande gemaakt en in Christus over hen getriomfeerd.Nog twee vragen hierna:Kan een christen bezeten zijn?In het Nieuwe Testament lezen we twaalf keer dat mensen bezeten zijn. Het Griekse woord dat hiervoor gebruikt wordt is ‘daimonizomai’ (Strong 1139), wat betekent: ‘in de macht van een demon zijn.’ Het NBG heeft dit vertaald als bezeten zijn, hetgeen wij een ongelukkige vertaling vinden. Het begrip bezeten duidt namelijk op een totale controle door één of meer demonen. Een christen, die opnieuw geboren is, kan niet op deze wijze door demonen bezeten (d.w.z. volledig door demonen gecontroleerd) zijn.
Als iemand Jezus Christus als zijn Heer en Verlosser aanneemt:
·
wordt hij opnieuw geborenJohannes 3:3:
‘Jezus antwoordde en zeide tot hem: Voorwaar, voorwaar, Ik zeg u, tenzij iemand wederom geboren wordt, kan hij het Koninkrijk Gods niet zien.’
·
is hij gekocht en betaald door het bloed van de Here JezusOpenbaring 5:9:
‘Want Ubent zijt geslacht en Uhebt hen voor God gekocht met uw bloed, uit elke stam en taal en volk en natie.’
·
wordt hij overgeplaatst van het koninkrijk van de duisternis naar het Koninkrijk van het licht Kolossenzen 1:13:
‘Hij heeft ons verlost uit de macht der duisternis en overgebracht in het Koninkrijk van de Zoon zijner liefde, in wie wij de verlossing hebben, de vergeving der zonden.’
·
leeft hij niet meer voor zichzelfRomeinen 14:7-8:
‘Want niemand onzer leeft voor zichzelf, en niemand sterft voor zichzelf; want als wij leven, het is voor de Here, en als wij sterven, het is voor de Here. Hetzij wij dan leven, hetzij wij sterven, wij zijn des Heren.’
·
is hij niet meer van zichzelfGalaten 2:20:
’Met Christus ben ik gekruisigd, en toch leef ik, dat is, niet meer mijn ik, maar Christus leeft in mij. En voor zover ik nu nog in het vlees leef, leef ik door het geloof in de Zoon van God, die mij heeft liefgehad en Zich voor mij heeft overgegeven.’
·
is hij verlost uit de macht van de duisternis en het eigendom geworden van Jezus ChristusRomeinen 7:4:
‘Bijgevolg, mijn broeders, bent ook u dood voor de wet door het lichaam van Christus om het eigendom te worden van een ander, van Hem, die uit de doden opgewekt is, opdat wij Gode vrucht zouden dragen.’
·
mag zijn getuigenis zijn: Ik behoor tot u, ik ben Gods eigendom!1 Petrus 2:9:
‘een uitverkoren geslacht, een koninklijk priesterschap, een heilige natie, een volk Gode ten eigendom, om de grote daden te verkondigen van Hem, die u uit de duisternis geroepen heeft tot zijn wonderbaar licht.’
Een christen is ‘bezeten’ van Gods liefde, blijdschap, vrede, lankmoedigheid, vriendelijkheid, goedheid, trouw, zachtmoedigheid en zelfbeheersing ( Galaten 5:22).
Het begrip door demonen bezeten zijn is daarom een vertaling die eerder verwarring dan helderheid schept. Een nauwkeuriger vertaling zou zijn: gedemoniseerd of het hebben van een demon, hetgeen wil zeggen dat sommige gebieden van het leven onder de macht en invloed van een demon zijn. In dit geval gebruiken wij veelal de term gebonden zijn.
Kan een christen gebonden zijn?Vrijwel alle mensen die ‘gedemoniseerd’ waren en door Jezus werden bevrijd, blijken Joodse gelovigen te zijn. In Lucas 13:10-17 wordt een vrouw beschreven die achttien jaar gebonden was door Satan. Zij wordt door Jezus een dochter van Abraham genoemd! Hiermee bedoelde Hij niet alleen dat er Joods bloed door haar aderen stroomde, maar dat ze een diepe relatie met God had ontwikkeld. Ze was een gelovige! Dit is een belangrijke opmerking. Jezus is diep bewogen met deze gelovige vrouw, die desalniettemin gebonden is door Satan. Voor Hem is het geen vraag of gelovigen ook demonisch gebonden kunnen zijn. Hij bevrijdt deze dochter van Abraham van de geest van zwakheid en legt haar de handen op voor genezing, waarna zij direct herstelt van haar verkromming.
Als Filippus het Evangelie verkondigt in Samaria komt ook ‘Simon de tovenaar’ tot geloof en laat zich dopen (Handelingen 8:13). Hij blijft voortdurend in Filippus’ nabijheid en is verbijsterd door de tekenen en grote krachten, die hij ziet gebeuren. Ofschoon we lezen dat velen in de stad bevrijd worden van onreine geesten, is er geen enkele aanduiding dat Simon, als hij tot geloof komt, bevrijd wordt van de occulte machten waarmee hij zich verbonden had. Integendeel, alles wijst erop dat hij zich niet bekeerd heeft van zijn occulte verleden en nog steeds gebonden is, want hij denkt dat hij Gods kracht kan kopen met geld, waardoor zijn reputatie als tovenaar hersteld kan worden. Petrus bestraft hem en zegt:
‘Uw geld zij met u ten verderve, daar gij gemeend hebt de gave Gods voor geld te kunnen verwerven. Gij hebt part noch deel aan deze zaak, want uw hart is niet recht voor God. Bekeer u van deze uw boosheid en bid de Here, of deze toeleg van uw hart u moge vergeven worden; want ik zie, dat gij gekomen zijt tot een gal van bitterheid en een warnet van ongerechtigheid’ (vs. 20-23).
Petrus ziet dat de tot geloof gekomen Simon, verstrikt is geraakt in een warnet van ongerechtigheid. Het Griekse woord dat Petrus hier gebruikt is ‘sundesmon’ (Strong 4886), hetgeen ‘band’ of ‘binding’ betekent. Petrus ontleent dit aan Jesaja 58:6, waar staat dat de boeien van de goddeloosheid los worden gemaakt en de banden van het juk ontbonden zullen worden. Petrus ziet zo’n band van ongerechtigheid in het leven van Simon. Hij zal zich eerst moeten bekeren (‘uw hart is niet recht voor God’) voordat er bevrijding van deze gebondenheid plaats kan vinden. Het zou onverstandig zijn aan te nemen dat Simon geen bevrijding van demonen meer nodig had, ook al was hij tot geloof gekomen en gedoopt