quote:
elle schreef op 04 maart 2005 om 13:09:hmz.. ik kan er niet echt in meegaan, Oogje
M.i. is er nogal een verschil tussen een God die mensen hun gang laat gaan (daar dreigt Hij mee in Ezechiel en andere teksten die je aanhaalt) en een God die aanzet tot slechte dingen.
Het eerste is te rijmen met een rechtvaardig God die de mensen de consequenties van hun daden laat voelen. Het tweede suggereert toch echt een kwaadwillend God. Je verklaring dat God dat opzettelijk van zichzelf suggereert vind ik een onbegrijpelijke test, ik zie het nut er niet van in.
Daarnaast roept het de vraag op: welk verhaal in de bijbel is nou wel een test en wat niet? Het maakt de bijbel er niet betrouwbaarder op.
God laat in Ezechiel bijvoorbeeld het oordeel over het volk Israel wat nog
erger zondigde dan de volken om haar heen, voltrekken door een volk die dan idd allerlei gruwelijkheden bedrijft bij de verovering van het land. Maar God laat dat toe en geeft deze volken dan de vrije hand totdat Hij zegt dat het genoeg is.
quote:
Ik blijf liever bij mijn eigen verklaring: Israel heeft het aan zichzelf te danken dat ze het beloofde land moesten veroveren: God had dat al voorspeld. Tevens kent God de mensen en weet Hij dat ze zwak zijn. Tegelijk eist God dat ze niet zwak zijn en Hem volkomen gehoorzaam zijn. En dus is het logische gevolg dat ze alles dat zou kunnen verleiden moeten uitroeien. Dat logische gevolg is dus uiteindelijk de consequentie van de menselijke zwakheid, waar God rekening mee houdt. Dat maakt de wandaden (i.e. het uitroeien) van Israel er echter niet minder slecht om.
Toch klopt dit m.i. ook niet helemaal. Zie de tekst die jijzelf al aanhaalde waar het gaat om het in bezit nemen van het land Kanaan (Hiebij mocht niemand in leven blijven- bij andere oorlogen en verorveringen mochten ze vrouwen en kinderen sparen en meeroven)
Deut. 20
16 Maar
uit de steden van déze volken die de HERE, uw God, u ten erfdeel zal geven, zult gij niets wat adem heeft, in leven laten, 17 maar gij zult ze volledig met de ban slaan, de Hethieten, de Amorieten, de Kanaänieten, de Perizzieten, de Chiwwieten, en de Jebusieten,
zoals de HERE, uw God, u geboden heeft, 18 opdat zij u niet leren te doen naar al de gruwelen, die zij voor hun goden doen, zodat gij tegen de HERE, uw God, zoudt zondigen.
Het verleidt worden tot dezelfde zonden is een reden, maar OOK is een reden dat deze volken
vanwege hun gruwelijkheden uitgeroeid MOESTEN worden.
Gen 15
16 Het vierde geslacht echter zal hierheen wederkeren,
want eerder is de maat van de ongerechtigheid der Amorieten niet vol.17 Toen de zon was ondergegaan, en er dikke duisternis was, zie, een rokende oven met een vurige fakkel, welke tussen die stukken doorging. 18 Te dien dage sloot de HERE een verbond met Abram, zeggende: Aan uw nageslacht zal Ik dit land geven, van de rivier van Egypte tot de grote rivier, de rivier de Eufraat: 19
de Keniet, de Kenizziet, de Kadmoniet, 20 de Hethiet, de Perizziet, de Refaïeten, 21 de Amoriet, de Kanaäniet, de Girgasiet en de Jebusiet.En deze belofte kon pas in vervulling gaan nadat
de maat van hun zonden voor God vol was en het punt van oordeel was bereikt. Daarom moest Israel 4 geslachten wachten voordat ze weer terugkonden en ze
van Godswege gerechtigd waren deze volken uit te roeien.
Anders zouden ze ook altijd last blijven houden van deze volken als ze alleen verdreven zouden worden; Israel zou dan niet rustig kunnen wonen in Kanaan maar steeds last houden van al deze volken - tot hun zonden verleidt worden maar ook steeds invallen moeten verduren zoals bijvoorbeeld van de Filistijnen het geval was.
Een geestelijke betekenis van deze oorlogvoering zien we nu in de strijd in de hemelse gewesten. Daar is nu de duivel nog actief. (Ef. 6) Toch is dit het hemelse land waar wij als gelovigen al medegezet zijn met Christus. (Ef. 1, 2 en 3)
In de toekomst zal het moment aanbreken waarop de duivel uit de hemel geworpen wordt als wij ook
daadwerkelijk daar zullen zijn met Christus.