quote:
bert schreef op 29 mei 2004 om 12:09:[...]
In onze kerken zijn er enkele ongeschreven regels die wij met de paplepel hebben ingegoten gekregen.
1. Speciale gaven van de Geest waren opstartverschijnselen die in de eerste gemeenten nog functioneerden, maar die wij nu niet meer nodig hebben. Wordt vaak gekoppeld aan de term melk.
2. Wij hebben geen vrije wil. Onze keuzes worden niet door onszelf geinitieerd.
[...] Zelf beleef ik deze ongeschreven regels als collectieve bonden, als blokkades in het goed verstaan van Gods wil.
[...]
Hier dus twee van die oneigenlijke tegenstellingen:
1. Speciale gaven van de Geest worden uitgespeeld tegen de gewone gaven van de Geest
2. Gods genade wordt uitgespeeld tegen onze verantwoordelijkheid.
Ik denk dat je hier twee heel belangrijk zaken te pakken hebt die veel met de Jezus vs. Geest discussie te maken hebben. Een paar opmerkingen:
- In Christus door de Geest ontvangen we een volheid van gaven; het onderscheid 'gewoon' en 'bijzonder' is daarbij niet bijbels, maar door mensen bedacht; gaven van de Geest zijn (in welke vorm dan ook) altijd tegelijk ook gaven van Jezus; HIJ doopt ons namelijk met zijn Geest
- In Christus door de Geest wordt onze wil genezen en krachtig gemaakt om te doen wat God vraagt; we gaan leren willen wat God wil; in de toespraak heb ik daar dit over gezegd: "God zegt tegen jou: ‘Bekeer je, en dan ga ik jou vergeven en genezen en bevrijden.’ En als je je dan bekeert, dan zeg je: ‘Ik heb dat niet zelf gedaan maar het is me overkomen. Vooraf ziet het er altijd anders uit dan achteraf. Vooraf denk je: ‘Moet ik het dan zelf doen?’ En achteraf zie je: ‘God deed het zelf, door mij heen.’" In heel de paradoxale dilemmatiek tussen Gods soevereiniteit en onze verantwoordelijkheid komen we alleen verder als we erover nadenken vanuit het werk van de Geest van Jezus in ons.
Bert spreekt over 'collectieve bonden', een heel goed gevonden formulering. Ik geloof ook dat er deze collectieve bond bestaat: dat we Jezus en de Geest steeds tegen elkaar uitspelen. Maar we moeten leren om de Geest nooit van Jezus los te maken, en om Jezus nooit van de Geest los te maken. Het werk van de Geest vertoont altijd de karaktertrekken van Jezus Christus. Enerzijds Lam-achtige trekken: zacht, liefdevol, geduldig en in zwakheid. Anderzijds Leeuw-achtige trekken: krachtig en overwinnend. Zie hierbij: Johannes 1: 29-34 (Het Lam is de Doper met de Geest!) en Openbaring 5:5-6 (Zie: een Leeuw! En ik zag: een Lam!).