quote:
Ik val zo even in, in dit samengestelde topic en begin even van vooraan te lezen.....
Een afkeer van je zonden hebben, lijkt me logisch als je God wil volgen en Hem gehoorzaam wil zijn.
Wat ook door moet dringen bij een christen (of iemand die net tot geloof is gekomen): Ik
doe niet alleen zonden, het is veel erger met mij gesteld: Ik BEN een zondaar. D.w.z.: de zonde (als macht, iets wat automatisch in mijn vlees/lichaam werkt) woont in mij en ik KAN niet anders dan zondigen.
Ik denk dat
dat bedoelt wordt met: een afkeer van jezelf hebben.
Dat is denk ik wat er staat in:
Rom 7,18
Want ik
weet, dat in mij, dat wil zeggen in mijn vlees, geen goed woont. Immers, het wensen is wel bij mij aanwezig, maar het goede uitwerken, kan ik niet.
quote:
Allereerst dit: Romeinen 7:24 is het enige vers in heel Romeinen, waarin hij de koppeling maak tussen 'ellendig zijn' en 'zonden'. Let hierbij op dat in de volledige context het alleen maar gaat over zonden DOEN en niet over zondig ZIJN.
Ik denk toch dat het
wel gaat over de ZONDE in dit stukje:
Bijvoorbeeld:
Rom. 7
17 Doch dan bewerk ik het niet meer,
maar de zonde, die in mij woont. 18 Want ik weet, dat in mij, dat wil zeggen in mijn vlees, geen goed woont. Immers, het wensen is wel bij mij aanwezig, maar het goede uitwerken, kan ik niet. 19 Want niet wat ik wens, het goede, doe ik, maar wat ik niet wens, het kwade, dát doe ik. 20 Indien ik nu datgene doe, wat ik niet wens, dan bewerk ík het niet meer,
maar de zonde, die in mij woont. 21 Zo vind ik dan deze regel: als ik het goede wens te doen, is het kwade bij mij aanwezig; 22 want naar de inwendige mens verlustig ik mij in de wet Gods, 23 maar in mijn leden zie ik een andere wet, die strijd voert tegen de wet van mijn verstand en mij tot krijgsgevangene maakt van
de wet der zonde, die in mijn leden is. 24 Ik, ellendig mens! Wie zal mij verlossen uit het lichaam dezes doods?
Er is in ons dus een
wet der zonde...d.w.z. een wetmatigheid van zon
den doen omdat de zon
de in ons woont.
Wie verlost ons daarvan vraagt Paulus.
En dat is de tweede stap in het christen-leven: de eerste stap is: Ik ben dood in Christus, heb het nieuwe leven ontvangen. (Rom. 6)
Dan zou je denken alles is OK, maar je ontdekt dat je nog steeds zonden doet, omdat de zonde in je vlees woont en je dat vlees pas aflegt als jouw leven op aarde is geeindigd. (Rom. 7)
Is er dan geen hoop voor de Christen? Ja, als je leeft door de Geest, en zo de werkingen van 'het vlees' dood, gaat het goed. (Rom. 8 )
quote:
Er wordt zo wel heel veel nadruk gelegd op een uitroep in het vuur van zijn betoog. Een uitroep notabene die redelijk contrasteert met wat Paulus verder zegt. In Romeinen 8 stelt Paulus namelijk dat het NU, voor hen die in Christus zijn, anders is.
In Christus is het inderdaad anders, want als jij je in Christus laat zijn, doe je geen zonde omdat je op dat moment vanuit de Geest leeft.
Maar helaas, wij kunnen hier op aarde niet elk moment 'in Hem' zijn, en doen zonden op het moment dat we onze oude mens weer even z'n gang laten gaan.
quote:
Wanneer je de eerste acht hoofdstukken van Romeinen leest, dat is Paulus' antropologie, dan lees je voortdurend deze stelregel: Wij als christenen DOEN hetzelfde als niet-christenen (handeling), maar wij ZIJN anders in Christus (identiteit).
Ik zou een ander accent leggen. Wij zijn anders IN CHRISTUS. En als wij zondigen hebben we een voorspraak bij de Vader. Dus ik zie het niet
zo vanzelfsprekend als het bij jou lijkt te zijn dat wij netzo DOEN als ongelovigen.
Johannes zegt het heel duidelijk in zijn brieven:
1 Joh. 3
6 Een ieder,
die in Hem blijft, zondigt niet;
9 Een ieder, die uit God geboren is, doet geen zonde; want het zaad (Gods) blijft in hem en hij kan niet zondigen, want hij is uit God geboren.
Toch leven we nog vaak vanuit onze oude mens die in ons vlees woont en dat moeten we afleren stukje bij beetje, door
onze leden te doden die op de aarde zijn (Kol 3: 5) en door de Geest te wandelen (Gal. 5: 16)1 Joh. 2
1 Mijn kinderkens, dit schrijf ik u,
opdat gij niet tot zonde komt. En
als iemand gezondigd heeft, wij hebben een voorspraak bij de Vader, Jezus Christus, de rechtvaardige