quote:
Feit 1: Voor wat de betreft de Griekse manuscripten, zijn er alleen minuskels bekend, die het comma hebben en die dateren pas uit de middeleeuwen. Sommigen beweren, dat er wel oudere Griekse getuigen
moeten zijn, die het comma wel hebben, maar dat is louter speculatie, of zelfs "wishful thinking".
Feit 2: De enige vroegere manuscripten, die deze tekst bevatten, zijn in het Latijn.
Op basis hiervan is het toch het meest waarschijnlijk, dat het comma via Latijnse vertalingen in de Griekse tekst is geslopen, anders zou je er toch op z'n minst iets van in de oudere Griekse handschriften moeten terugvinden. Het lijkt me veelzeggend, dat noch de Byzantijnse, noch de Alexandrijnse tekststammen het comma bevatten (in de oude handschriften).
De Latijnse geschriften vindt ik te verdacht om als uitgangspunt te nemen, omdat ze onder auspiciën van de paus van Rome zijn gemaakt en de R.K. heeft er op meerdere schriftplaatsen blijk van gegeven, de tekst te vertalen op een manier die voordelig is voor de R.K. leer. En de Roomse kerk had alle belang bij het Comma Johanneum, ook al gaat het hier voor de verandering is om een dogma, dat wel klopt!
Ik geloof in de drieëenheid. Ook zonder Comma Johanneum. Als we dopen in de Naam van de Vader, de Zoon en de Heilige Geest, dan is het toch vreemd om te veronderstellen, dat dat in de naam van God en twee anderen zou zijn, die geen God zijn???
Er is voldoende bewijs, dat de christenen vanaf het begin in het God-zijn van de Zoon en de Heilige Geest geloofden. Het werd pas een "probleem", toen sommigen dat ter discussie stelden. Een goede referentie op dit punt is "The Spreading Flame", van wijlen prof. F. F. Bruce.
Degenen, die zeggen, dat het Comma Johanneum erbij hoort hebben de beschikbare bewijzen tegen zich. Verklaar maar eens, waarom er geen oude Griekse handschriften zijn, die het bevatten. Het overgrote deel van de kerk volgde de orthodoxe triniteitsleer en dat moet toch ook hebben gegolden voor de kopiïsten. Ze hadden er geen enkel belang bij zo'n belangrijke zinsnede weg te laten, juist niet toen er zo'n enorme discussie over was. Het vermeende verdwijnen van deze zinsnede is onverklaarbaar.
De argumenten vóór opname van deze zinsnede zijn zwak. Hiëronymus beschuldigt "onverantwoordelijke kopiïsten" ervan de tekst te hebben weggelaten. Nou en? Wat verstond hij onder onverantwoordelijk? Rome vindt iedereen onverantwoordelijk, die niet doet wat het Vaticaan wil. Het zegt niets. Het argument, dat de woordkeuze zo typerend voor Johannes is, omdat de Zoon wordt aanduid als "het Woord", kan ook betekenen, dat de invoeger goed vertrouwd was met de stijl van Johannes. Bovendien is 'logos' een dermate belangrijk begrip in het Nieuwe Testament en in het vroege christendom, dat het maar de vraag is, of het gebruik ervan zonder meer naar Johannes verwijst.
Vervolgens is de expliciete verwijzing naar de drieëenheid opmerkelijk, omdat we over het algemeen pas tegenkomen na de discussie over de triniteit. Dat zie je vaker: Als er discussie over een leerstuk is geweest, worden de formuleringen explicieter. Ook dit duidt op een latere toevoeging.
Ten slotte is de beschuldiging aan het adres, dat zij de tekst geschrapt hebben, onterecht. Als er al sprake zou zijn van schrappen, dat waren het niet de vertalers, maar de kopiïsten is de eerste 8 tot 10 eeuwen van het christendom, die het deden. De vertalers baseren zich gewoon op de Griekse schriftgetuigen en niet op vertalingen en zo hoort het ook. Daarbij zijn ze ook zo netjes, om de discussie niet te negeren, maar de betwiste zinsnede tussen haken (NBG51), of in een voetnoot (NBV), te vermelden. Zo kan iedereen kennis nemen van deze kwestie.
Waarom toch de zware kritiek op de vertalers als zouden ze de schrift vervalsen. Het is toch zonneklaar, dat er op z'n minst onduidelijkheid is over de herkomst van deze tekst? Het zonder meer opnemen ervan, zonder voetnoot, dat zou pas misleidend zijn, omdat je dan je eigen idee over de kwestie tot enige norm maakt.