quote:
nbo25 schreef op 22 september 2004 om 12:41:Ik zou daarom graag zien waarin het verschil zit tussen OT en NT, zodat men tot de conclusie moet komen dat er volwassendoop moet zijn. Ik vind het niet. Maar het staat er dan ook niet. Anders zou ik graag het bewijs hiervan zien.
Laten we vaststellen dat er tenminste 3 verbonden zijn:
1. Het verbond met Abraham;
2. Het verbond met Israel (het oude verbond);
3. Het nieuwe verbond in Christus' bloed.
Van het oude verbond (met Israel) weten we dat het verouderd is en niet ver van verdwijning:
Heb 8:13
Als Hij spreekt van een nieuw (verbond), heeft Hij daarmede het eerste voor verouderd verklaard. En wat veroudert en verjaart, is niet ver van verdwijning.
Dus die laten we even rusten.
Blijven over het verbond met Abraham en het nieuwe verbond. Beide zijn eeuwig:
Gen 17:7
7 Ik zal mijn verbond oprichten tussen Mij en u en uw nageslacht in hun geslachten, tot een
eeuwig verbond, om u en uw nageslacht tot een God te zijn.
Jer 31:31-34
31 Zie, de dagen komen, luidt het woord des HEREN, dat Ik met het huis van Israël en het huis van Juda een
nieuw verbond sluiten zal. 32 Niet zoals het verbond, dat Ik met hun vaderen gesloten heb ten dage dat Ik hen bij de hand nam, om hen uit het land Egypte te leiden: mijn verbond, dat zij verbroken hebben, hoewel Ik heer over hen ben, luidt het woord des HEREN. 33 Maar dít is het verbond, dat Ik met het huis van Israël sluiten zal na deze dagen, luidt het woord des HEREN: Ik zal mijn wet in hun binnenste leggen en die in hun hart schrijven, Ik zal hun tot een God zijn en zij zullen Mij tot een volk zijn. 34 Dan zullen zij niet meer een ieder zijn naaste en een ieder zijn broeder leren: Kent de HERE: want zij allen zullen Mij kennen, van de kleinste tot de grootste onder hen, luidt het woord des HEREN, want Ik zal hun ongerechtigheid vergeven en hun zonde niet meer gedenken.
Dit wordt ook aangehaald in Hebr 8.
In het volgende hoofdstuk van Jeremia lezen we dat dit nieuwe verbond eeuwig is:
Jer 32:38-40
38 zij zullen Mij tot een volk zijn en Ik zal hun tot een God zijn; 39 Ik zal hun één hart en één weg geven, zodat zij Mij vrezen al de dagen, hun en hun kinderen na hen ten goede; 40 ja, Ik zal een
eeuwig verbond met hen sluiten, dat Ik Mij niet van achter hen afwenden zal en dat Ik hun wèl zal doen, en mijn vrees zal Ik in hun hart leggen, zodat zij niet van Mij afwijken;
Nu is voor wat betreft het verbond met Abraham, Christus het zaad waarop de belofte sloeg:
Gal 3:16
Nu werden aan Abraham de beloften gedaan en aan zijn zaad. Hij zegt niet: en aan zijn zaden, in het meervoud, maar in het enkelvoud: en aan uw zaad, dat wil zeggen: aan Christus.
Gal 3:19
... totdat het zaad zou komen, waarop de belofte sloeg, ...
De belofte houdt in:
Gal 3:8
En de Schrift, die tevoren zag, dat God de heidenen uit geloof rechtvaardigt, heeft tevoren aan Abraham het evangelie verkondigd:
In u zullen alle volken gezegend worden.Gal 3:14
Zo is de zegen van Abraham tot de heidenen gekomen in Jezus Christus, opdat wij de belofte des Geestes ontvangen zouden door het geloof.
Het gaat dus om Christus! Hij is het doel van het verbond met Abraham, om door Hem alle volken te zegenen.
Van dit verbond is de besnijdenis het teken. Elke besnijdenis wees erop dat er eens het zaad zou komen waar alles om draait, Christus. Elke besnijdenis wees vooruit, naar Hem die de ware besnijdenis zou ondergaan: Zijn kruisdood.
Nu het nieuwe verbond. De kruisdood van Christus is de bekrachtiging van dit verbond. Bij een verbondssluiting moet namelijk bloed vloeien. Zie ook bijv de verbondssluiting met Israel. Dit verbond houdt in:
Hebr 8:10
Want dit is het verbond, waarmede Ik Mij verbinden zal aan het huis Israëls na die dagen, spreekt de Here:
Ik zal mijn wetten in hun verstand leggen,
en Ik zal die in hun harten schrijven,
en Ik zal hun tot een God zijn en zij zullen Mij tot een volk zijn.
Dit kan door de uitstorting van de Heilige Geest in ons hart. Hij schrijft Gods wetten in ons hart. Dat kan alleen als we zijn wedergeboren. D.w.z. geboren uit God. Dan zijn we kinderen (of zonen) van God. Maar:
Joh 1:12
12 Doch
allen, die Hem aangenomen hebben, hun heeft Hij macht (=recht) gegeven om kinderen Gods te worden, hun, die in zijn naam geloven; 13 die niet uit bloed, noch uit de wil des vlezes, noch uit de wil eens mans, doch uit God geboren zijn.
Dus zij die Hem aangenomen hebben. Daar gaat het om! Het gaat om geloof. Door het geloof maken we deel uit van het nieuwe verbond. En ontvangen we de Heilige Geest, als onderpand van betere beloften: een erfenis in de hemel.
Maar tegelijkertijd maken we deel uit van het verbond met Abraham, want:
Gal 3:29
Indien gij nu van Christus zijt, dan zijt gij zaad van Abraham, en naar de belofte erfgenamen.
Je kunt ook zeggen: we zijn één met Christus. We zijn immers het Lichaam van Christus? Hij is ons Hoofd. Daarom delen we in alle schatten die Hij heeft gekregen.
Wij hoeven niet meer (in ons vlees) besneden te worden. Omdat we besneden zijn van hart. Dat wil zeggen: Door het geloof in Jezus' kruisdood (zijn besnijdenis), weten we onszelf met hem gekruisigd en begraven.
En dat is nu precies wat de doop uitbeeldt.
Rom 6:4
Wij zijn dan met Hem begraven door de doop in de dood, opdat, gelijk Christus uit de doden opgewekt is door de majesteit des Vaders, zo ook wij in nieuwheid des levens zouden wandelen.