Ik zie dat ik in mijn vragenlijst de uitdrukking van Iris heb veranderd van 'uiterlijk leven' naar 'uiterlijke mens'. Misschien had ik onbewust de bijbeltekst uit 2 Korinthiërs al in mijn hoofd.
Want inderdaad Piet, volgens mij zijn er niet veel anderen bijbelteksten die de term innerlijke mens en uiterlijke mens/leven zo letterlijk gebruiken.
Er wordt wel over innerlijk in de bijbel gesproken. Je kunt innerlijk verdeeld zijn, innerlijk ontstemd, je kunt innerlijke ontferming, goedheid en nog meer goede innerlijke dingen (ik weet even niet hoe ik dit anders moet noemen: eigenschappen?) hebben. Ook over God wordt zo gesproken: dat Hij 'innerlijke' bewogenheid, ontferming en barmhartigheid heeft. Ik ben geen theoloog, nog ken ik de oude talen, dus kan ik hier niet over uitweiden.
Ik heb met google gezocht naar uitweidingen over de tekst 2 Korinthiërs 4 :16 (best leuke manier van bijbelstudie doen, een tekst uitkiezen en dan met google op die ene tekst zoeken...) Ik probeer even kort te noemen wat ik tegenkwam en wat volgens mij wel zo'n beetje laat zien hoe de 'orthodoxe' christenen met die tegenstelling innerlijke - uiterlijke mens omgaan.
De kantekeningen van de statenvertaling zeggen dat de uiterlijke mens 'de mens buiten' is, ons lichaam met onze lichamelijke sterkte, gezondheid en uitwendige welstand. De innerlijke mens is de mens binnen, dat is de ziel (er wordt dus hier geen onderscheid gemaakt tussen ziel en geest, maar alleen tussen lichaam en ziel), door Gods Geest vernieuwd zijnde, die dagelijks in het midden van 'deze zwarigheden' meer en meer vernieuwd en gesterkt wordt.
Er wordt niet echt gewezen op een overwinning van het een op het ander. Temidden van de dingen die bij de uiterlijke mens horen, wòrdt de innerlijke venieuwd.
Ik las ergens anders nog een mooie zin: "Je wordt als het ware jonger in je innerlijk als je ouder wordt met je lichaam".
Ik vond het ook mooi om ergens te lezen hoe er over het begrip 'vernieuwing' werd uitgeweid. Wij mensen hebben in tegenstelling tot de dieren een aangeboren verlangen naar vernieuwing. Dat is onder andere waarin we op God lijken. (Mooi! zo had ik het nog nooit bekeken.) Ook je lichaam kent vernieuwing (je cellen worden telkens vernieuwd) maar het uiteindelijke resultaat is toch de aftakeling. Je lichaam kent wel 'groei', maar die groei kent z'n grenzen. Verstandelijke, emotionele en vooral geestelijke delen (hier dus wel onderscheid tussen ziel en geest zoals ik tenminste van P&A geleerd heb) van ons wezen kennen die grenzen niet.
Die groei houdt dan in: meer kennis van de Heer, meer heiligheid, meer geestelijke weerbaarheid.
Als ik het probeer samen te vatten ziet de bijbel volgens de orthodoxe christenen het 'vervallen' van de uiterlijke mens als een 'gegeven'. Niet echt als een 'gegeven' zonder meer natuurlijk, de oorzaak ervan ligt in de zondeval. In wat ik heb gelezen wordt trouwens 'de uiterlijke mens' niet gelijkgesteld aan het zòndige in de mens, maar met het lichamelijke dat dòòr de zonde eindig is. De innerlijke mens wordt soms gewoon voor je 'innerlijk' (ik bedoel met gewoon, zoals het 'onder het volk' wordt gebruikt) gebruikt, soms voor je ziel, soms voor je ziel en geest.
Ik heb maar heel gebrekkig gezocht. Ik heb bij deze tekst bijvoorbeeld niet echt iets gevonden wat met overwinnen van het een op het ander te maken heeft. Maar dat zal wel weer uit andere teksten te halen zijn. Dus: ik sta heel erg open voor aanvullingen.
Ik wilde in ieder geval vast even beginnen om vanuit orthodoxe hoek aan te geven hoe tegen innerlijke en uiterlijke mens aangekeken en mee om gegaan wordt. En ik nodig ook de esotherische hoek uit om daarmee te beginnen.