Het verhaal waar ik het in de vorige post over had, had Pulpeet nog thuis liggen. Bedankt voor het overtikken en opsturen Pulpeet

(als je een vrouw was, zou ik je zoenen

)
Het onderstaande stuk is dus een inleiding voor de jeugdvereniging. Misschien vinden sommigen het leuk om te lezen.
De kruistochtenI. De tijd van de kruistochten
II. Oproep tot de eerste kruistocht
III. De eerste kruistocht
waarom waren de kruistochten zo gewelddadig?
IV. Wat er na de eerste kruistocht gebeurde.
de kinderkruistochten
Vanavond gaat het over de kruistochten. De kruistochten begonnen in 1096 en de periode van de kruistochten eindigde in 1291, toen de laatste christenen het Heilige Land werden uitgejaagd door de moslims.
De gevolgen van de kruistochten zijn tot aan de dag van vandaag merkbaar in de verhoudingen tussen christenen en moslims.
I. De tijd van de kruistochten
Alvorens te beginnen over de kruistochten zelf, is het misschien handig om iets te vertellen ver de tijd waarin ze ondernomen werden.
Sinds de val van het Romeinse Rijk was het met Europa bergafwaarts gegaan. De Romeinse beschaving was geleidelijk vernietigd door barbaren uit het oosten en uiteindelijk werd de maatschappij zelf ook barbaars.
Het was een tijd van hongersnoden, geweld en ziektes. De dood kon elk moment toeslaan en de meeste mensen werden niet oud. Op je dertigste was je in feite al bejaard.
Geografisch zag Europa er in de Middeleeuwen heel anders uit als nu. Er waren nog geen landen zoals wij die kennen, maar vele grondgebiedjes die door edelen verstuurd werden. De enige bezigheden die de edelen hadden, waren feesten en oorlog voeren met elkaar. Terwijl ze hier mee bezig waren, werd hun land bewerkt door arme boeren. In ruil hiervoor werden de boeren door de landheren beschermd tegen de gevaren van de tijd.
De adel was dus een belangrijke stand in de Middeleeuwen, maar naast de adel was er nog een tweede stand die veel invloed had: de kerk. De kerk had ook veel grond in bezit en oefende een geweldig geestelijk gezag uit. Dit gezag was onder andere zo groot omdat de geestelijken over het algemeen de enigen waren die konden lezen en schrijven.
In principe was de kerk niet blij met al het geweld. Dit was anders als het ging om de strijd tegen de mohammedanen in Spanje. Het afslachten van ongelovigen werd als een vroom tijdverdrijf ervaren.
Het kwam ook regelmatig voor dat bisschoppen en aartsbisschoppen meevochten in heilige oorlogen tegen de ongelovigen. Deze christenstrijders verkeerden in de geruststellende gedachte dat de paus hun vergiffenis en kwijtschelding van al hun zonden had toegezegd als beloning voor hun vrome vechtlust. Als ze de strijd niet mochten overleven, geloofden ze dat hun zielen rechtstreeks naar de hemel zouden gaan.
II Oproep tot de eerste kruistocht.
Het geloof speelde een grote rol in de middeleeuwse maatschappij. Overal waren plaatsen met, naar men aannam, resten van heiligen en mensen uit de Bijbel. Deze heilige plaatsen en heilige voorwerpen trokken duizenden pelgrims.
Om verschillende redenen was Jeruzalem één van de meest heilige plaatsen. De reis naar het Heilige Land was echter lang en gevaarlijk en steeds vaker bereikten de thuisblijvers berichten dat de pelgrims door de Turken werden beroofd, verkracht, vermoord of als slaven verkocht. Bovendien werden de christenen in het oosten, in het Byzantijnse Rijk, belaagd door de Turken. Steeds meer van hun grondgebied werd door de moslims veroverd. Ze smeekten de paus om hulp.
Deze paus was Urbanus II en op 27 november 1095 riep hij tijdens een bijeenkomst van hoge geestelijken (concilie) de westerse christenen op om het zwaard op te nemen en om het Heilige Land te bevrijden van de moslims. God wil het was de leus van de paus en deze reclamekreet had succes. Overal verschenen predikers die de adel en de gewonen mensen opriepen om op weg te gaan naar Jeruzalem.
Voor de ridders was de heilige oorlog ideaal. Ze konden zo het aangename met het nuttige verenigen. Me andere woorden, ze konden oden wat ze altijd deden: vechten, terwijl ze er bovendien kwijtschelding van hun zonden mee konden verdienen.
Dat zoveel mensen enthousiast waren voor de kruistocht had trouwens niet alleen te maken met godvruchtige motieven. Veel ridders wilden graag nieuwe gebieden veroveren en anderen zochten gewoon het avontuur. Er zat een hoop geteisem tussen de kruisvaarders. Het kruisvaardersleger bestond uit verschillende groepen en de belangrijkste aanvoerder was Godfried van Bouillon.
III De eerste kruistocht
In 1097 bereikte de eerste kruistocht Constantinopel. Dit was de hoofdstad van het Byzantijnse Rijk. In 1098 werd de eerste grote moslimstad belegerd en ingenomen. Deze stad was Antiochië en alle moslims in de stad werden afgeslacht. De straten waren zo bezaaid met lijken dat men op sommige plaatsen moeite had er niet over te struikelen. Het belangrijkste was echter dat Antiochië weer voor Christus gewonnen was.
Door allerlei oorzaken was het leger van de kruisvaarders in de loop der tijd behoorlijk uitgedund. De gevechten , hongersnood en ziektes werden veel pelgrims fataal. Toch werd na een beleg van meer dan zes maanden op 15 juli 1099 Jeruzalem veroverd. Wederom kenden de kruisvaarders geen genade en in een bloeddorstige moordpartij van enkele dagen werden de inwoners van Jeruzalem afgeslacht. Niet alleen de moslims, maar ook de Joden waren de sigaar. Mannen, vrouwen en kinderen, niemand werd gespaard.
De Al-Aksa moskee en de Rotskoepel lagen beide zo vol met doodgeslagen mohammedanen dat het bloed tot de knieën reikte.
Toen er niemand meer vermoord kon worden, gingen de kruisvaarders in optocht naar de Heilige Grafkerk om God te danken voor zijn vele en grote weldaden en de overwinning van het kruis die zij zojuist in Zijn naam behaald hadden.
-Waarom de kruistochten zo gewelddadig waren.
De vraag is nu hoe het mogelijk is dat de christenstrijders alle moslims afslachtten en dat ze daarbij nog dachten dat ze de wil van God uitvoerden ook.
Het zit ongeveer zo.
Aan het eind van de elfde eeuw dacht men dat het einde der tijden nabij was. Het laatste oordeel zou niet lang op zich laten wachten en volgens sommigen zou dit zich afspelen tussen Jeruzalem en de Olijfberg (Joël 4.) Daarna zou dan vanuit Jeruzalem het koninkrijk Gods een begin krijgen.
De moslims waren heidenen en zouden dus geen deel hebben aan het koninkrijk Gods. Ze behoorden in de ogen van de christenen tot het rijk van de duisternis en dienden ook als zodanig behandeld te worden.
Wie daarentegen in de Drieënige God geloofde en zich onderwierp aan het gezag van de paus, die als afgezant van God werd beschouwd, telde mee en mocht tot in eeuwigheid op bescherming van de Allerhoogste rekenen.
Samengevat kun je zeggen dat de heilige oorlog een gevecht was tussen de goeden (de christenen) en de slechten (de andersdenkenden). Strijd tegen de vijanden van God was volgens de middeleeuwse voorstelling altijd een goede zaak. De heilige oorlog werd spoedeisend toen de “vijanden van God” het Koninkrijk Gods bedreigden. Het was niet de bedoeling om de islamieten te bekeren en de kruistochten waren zeker niet bedoeld om het christelijk geloof te verspreiden.
IV Wat er na de eerste kruistocht gebeurde
Na de inname van Jeruzalem werden er in het oosten verscheidene kruisvaardersrijkjes gesticht. Die rijkjes hebben altijd moeite gehad om zich staande te houden tussen de omringende moslimvolken. Er was steeds een gebrek aan christenen, met name ridders om het land te verdedigen. Veel pelgrims gingen weer naar huis toen ze Jeruzalem eenmaal bezocht hadden. Wat de positie van de christenrijkjes ook niet echt sterker maakte, was dat de christenen voortdurend met elkaar overhoop lagen. Verschillende keren werd Jeruzalem door de moslims heroverd. Nieuwe kruistochten waren dan noodzakelijk om de stad weer in handen te krijgen. In totaal zijn er vier grote kruistochten geweest.
Tegen het einde van