small brother schreef op 20 februari 2012 om 13:16:[...]
Hoe beoordeel je dat?
In de katholieke kerk kun je zien en verdedigen dat God centraal staat. God als machtige heerser die in de schepping zijn koninkrijk biedt. Want ongeacht wat de mensen doen en willen, wordt er eer gebracht, en eer gevraagd, en eer verkondigd aan God de allerhoogste. Het altaar staat centraal en eerbied is vanzelfsprekend, en gemeenschap met (de heiligheid van) God het doel.
In de calvinistische kerken kun je zien en verdedigen dat God centraal staat. God als machtige heerser die in de schepping zijn Woord biedt. Want ongeacht wat de mensen doen en willen, wordt er eer gebracht, en eer gevraagd, en eer verkondigd aan God de allerhoogste. Het Woord staat centraal en eerbied is vanzelfsprekend, en gemeenschap met (het Woord van) God het doel.
In de evangelische kerken kun je zien en verdedigen dat God centraal staat. God als machtige heerser die in de schepping zijn geloof biedt. Want ongeacht wat de mensen doen en willen, wordt er eer gebracht, en eer gevraagd, en eer verkondigd aan God de allerhoogste. Het actieve geloof staat centraal en eerbied is vanzelfsprekend, en gemeenschap met (de Geest van) God het doel.
In de volkskerken kun je zien en verdedigen dat het volk van God zelf, en de eigen beleving centraal staat. De mens als vrije koning en priester van de machtige God, die in de schepping de vreugde en gemeenschap van God biedt. Want ongeacht wat God doet en gebiedt, wordt er eer gevraagd, en eer gebracht, en eer verkondigd aan de mens als beelddrager van God. De eigen beleving staat centraal, en eerbied onzin genoemd, en gemeenschap met (gelijkgezinden in) God het doel.
In een volkskerk, waan je je in een concertzaal. Vertier, vermaak, en kunst. Spotlights en podia voor zichzelf verhogende mensen. Geroezemoes en amateuristisch gekleuter en applaus voor zichzelf. En zelfs met een systeem om de opkomst te monitoren en zeker te stellen. Een godsdienst waarin de hoop is gevestigd op nieuw geloof bij de jonge kinderen. Maar God ziet niet naar het kind, maar naar de ouders, en het kind krijgt de zegen die de ouders verdienen.
Als de moderne vrijgemaakte kerk de macht van het Woord ingeruild zou hebben voor de macht van het volk; ja, dàn kun je beter katholiek zijn. Maar wie nog te beroerd is om zichzelf af te vragen wie hij is, die kan moeilijk lastiggevallen worden met de waarheid dat hij eigenlijk katholiek is. Behalve dan op die punten dat de katholieke kerk tegen God in opstand kwam. Of dat hij calvinistisch is, behalve op die punten waarin calvinistische kerken zich misgaan. Of dat Hij gereformeerd is, of vrijgemaakt.
Maar allen zijn wij christenen. En allen worden wij gevraagd op dagelijkse basis ons te bezinnen en te bekeren. Wat is het dan dat wij zo vasthouden aan onze reeds losgeslagen wegen?
Centraal staat God. Centraal staat Zijn Eer. Centraal staat heilige omgang met God. Centraal staat gezag van Zijn Woord. Maar wij zijn graag vooral blij. Blij met psalm 33. Ja; Psalm 33 èn onze vrijheid. De mens staat centraal. Wij als de rechtvaardigen onder God. Mooi is dat.
Maar het is grote nonsens om het daarover te hebben. Want geen enkel zichzelf respecterend mens zegt van zichzelf dat hij zichzelf centraal stelt. Daarom is dit onderwerp altijd een leeg onderwerp, behalve dáár waar het een tegenover heeft van Woord-verlating, of Geest-bedroeving, of trouweloosheid, of oneerbiedigheid, of zelfgerichtheid, of gewoon wereld- gezindheid.
En wie trouw blijft aan het woord dat de voorvaderen brachten, die rolt eruit. Op principiële gronden dan, vanzelfsprekend? Hah, helemaal niet: gewoon op moeiten met de liturgische vernieuwingen, staat dan in de kerkbode. Een volk dat leeft bouwt aan zijn eigen wonderbaarlijke toekomst.
Er is in onze kerk maar één principiële basis, waarin de kerk zich onderscheidt van andere kerken. En dat is de omgang met het Woord van God, in trouw en onderwerping aan God Zelf. En dat is waarom onze kerk een volstrekt inacceptable omstrengeling met een volkskerk-karakter niet kan volhouden. Dat wil zeggen; zonder zichzelf te verloochenen en te verliezen.
Maar wie zijn vader onderscheidt als niet-echte vader, die is verplicht zijn afkomst te onderzoeken en zich de vraag te stellen waar zijn echte vader is. Want wie de over hem gestelde vader verwerpt, en dan in eigenwilligheid eigen wegen kiest, die is niet alleen trouweloos aan de over hem gestelde vader, maar ook aan de roeping van de eigen natuurlijke oorsprong.
Daarom is verwerping van iets alleen gezond en toegestaan en opbouwend als het is in bekering tot God. Maar waar er afkering plaats vindt zonder richting-gevende bekering, daar is het niets anders dan trouweloosheid en verval. Alles is ons geoorloofd, staat er geschreven bij een specifiek onderwerp. Maar hier geldt: waar niet God de bekerende richting-gever is, daar is àlles ongeoorloofd. Hoe mooi het ook is in onze ogen. En hoe daadwerkelijk het ook geoorloofd en opbouwend is, in andere contexten.
De vorm is niet van belang, is het moderne adagium. Alles mag. Alles kan. Niets is onheilig. Maar de waarheid is dat de vorm niet helpt. Niet om God te behagen. Niet om een doel te bereiken. Niet om te bekeren. Niet om te groeien in geestelijkheid. Niet om te groeien in getal.
Niet om te groeien in getal. Dus als onze groei toeneemt door de vorm, dan zegt dat over het getal, dat dat minder onderscheidend is. Jezus vergaderde zoveel discipelen, Hij was echt een populaire TV-prediker. Maar Hij scheidde het kaf van het koren en bracht het evangelie in rauwe werkelijkheid. En toen bleven er nog maar een paar over. Maar de mens die God wel even wil helpen timmert liever een paar doorgewinterde oud-liners inelkaar en verwerpt ze minachtend, dan dat de begeerte van het eigen oog, en de behagende blik van de wereld, gemist moet worden. En oh, wat zijn we blij met de hernieuwde beleving in enthousiasme. Ik heb geen liefde voor de hardheid van de oud-liners. Maar juist daardoor groeit de mens in het-over-de-mensen-heenkijken en het gericht zijn op God alleen. En de mens heeft mij nog nooit uit onze kerk weggehouden. Maar dat wat er overal gebeurt, dat doet dat wel. Het is beter te verkeren onder gelovigen in oprechte beperktheid, en zoekendheid of eigenzinnigheid (kerk van ware pepermuntkauwers), dan onder een losgeslagen kudde van zichzelf zoekende wereldgelijker gevormden. Een zure vrucht is goed te verteren als de smaak erop afgestemd is. Een veel te zoete vrucht kan de zinnen beroeren. Een zout dropje kan de mond doen samentrekken, maar de tong strelen.
Maar het is de smakeloosheid en het zouteloze en het mengen van hetgeen niet gemengd kan worden, dat de ingewanden doet omkeren.
Voor iemand struikelt en valt over het zich volkomen niet herkennen in het voorgaande: Als er twee compleet verschillende gezindheden vertegenwoordigd zijn in één dienst, dan is onvermijdelijk dat gelijke zaken heel ongelijk worden beleefd, en dat gelijke punten heel verschillende dingen vertellen. De kleuring verandert per gezindheid. God's dienst gaat over de dienst van God. Niet over de dienst van de mens. En de mens leeft in relatieve geestelijke vrijheid heel zijn leven. En de mens kan heel de week zich helemaal uitleven in vele vormen van geestelijk vermaak. Maar wat er gebeurt is dat de mens het geestelijke vermaak allemaal in de eredienst wil proppen, om de rest van de week echt voor zichzelf te houden. En God's Ere-dienst wordt losgelaten. God's Woord wordt losgelaten. God's Ere-dienst wordt een middel van communicatie en beleving van de mens.