Vanmorgen belde er weer een meneer van een detacheringbureau. Hij zei over het (juridische) stuk dat bij m’n CV zit: ‘het ziet er goed uit en leest vlot weg. ‘ Dat vond de werkgever waar ik ’t destijds voor schreef ook. Jammer alleen dat ik mijn talenten moet verspillen met het schrijven van juridische notities. Een afspraak gemaakt voor volgende week woensdag in de bar van een hotel in Den Haag. Zo kom je nog eens ergens… Op een gegeven moment zei de man ‘u bent slecht verstaanbaar.’ Vind je het gek, ik was net wakker (maar dat zei ik niet hoor.)
Vorige week een boekje gelezen van een Duitse schrijver (Bernhard Schlink): ‘De Voorlezer.’ M’n zus (die van de blindedarm) had het als cadeau gehad van een hoogleraar. Ze vond ’t maar een raar boek en wilde mijn mening erover weten. Het verhaal gaat over een jongen van 15 die een op lust gebaseerde relatie begint met een vrouw van 36. Later blijkt die vrouw in de oorlog kampbewaakster te zijn geweest in Polen. Ze is mede verantwoordelijk voor de dood van een groep vrouwelijke gevangenen, wordt na de oorlog aangeklaagd en belandt voor jaren achter de tralies. De complexe houding en gevoelens van de jongen – die als rechtenstudent het hele proces volgt – ten opzichte van de vrouw en haar daden, staan in de roman centraal. Onderliggend thema is natuurlijk de verwerking van het Duitse oorlogsverleden.
Echt boeiend of schokkend vond ik ‘De Voorlezer’ niet. Een frase die me wel bij zal blijven is de volgende: ‘Ik bedacht dat als je het juiste tijdstip hebt gemist, als je je te lang iets hebt ontzegd, als iets je te lang is ontzegd, dat het dan te laat komt, zelfs als je er ten slotte met al je inzet aan bent begonnen en het met vreugde hebt aanvaard. Of bestaat ‘te laat’ niet, bestaat er alleen ‘laat’ en is ‘laat’ hoe dan ook beter dan ‘nooit’? Ik weet het niet.’
Begonnen in het boek over Nietzsche dat in de lijst van m’n zusje staat. Behoorlijk pittige kost voor een Pabo-girl. Mijn voorlopige indruk is dat Nietzsche, voordat hij zijn verstand verloor, zo gek nog niet was, maar ik zou ook gek worden als ik zo zou denken als hij. De analyse door Nietzsche van de ‘persoon Jezus’ en de vier evangeliën is op z’n minst interessant te noemen. In zekere zin heeft Nietzsche voor Jezus nog wel respect, hij ziet Jezus los van het christendom. Alles wat na Jezus is gekomen en waar het christendom op is gebaseerd, wordt door Nietzsche aan een kritisch onderzoek onderworpen, en uiteindelijk verworpen. Zo gek is dit niet, als je bedenkt dat de meeste nieuw-testamentische boeken nauwelijks historisch authentiek zijn, maar ontstaan door overlevering en ‘overschildering’ van de oorspronkelijke tekst. Van niet één uitspraak van Jezus kan bewezen worden dat die daadwerkelijk door hem gedaan is.