Laat ik me er ook maar eens tegenaan bemoeien. Ik ben blij dat een inhoudelijke discussie over de doop gevoerd wordt zonder dat voortdurend de focus ligt op wel of geen kinderdoop

Dat is leerzaam...
Wat betreft de continuiteit OT-NT (ofwel, besnijdenis-doop): dit is de centrale discussie in de brieven aan de Hebreeën en de Romeinen. Ik leer daaruit een heleboel, onder meer dit:
- tot op grote hoogte is er sprake van
vervanging. De schrijver van de Hebreeënbrief is niet te beroerd om alle hogepriesters te vervangen door één,
betere Hogepriester; een offerlam door één,
beter Lam; het voorhangsel van de tempel door een vrijmoedigheid tot de Vader door Jezus; de rust van het land Kanaän door een betere rust.
- de exclusiviteit voor het Joodse volk lag in een samenleven met YHWH in de weg van rechtvaardigheid van de
wet, waarbij de offerdienst de broodnodige verzoening was voor de onvermijdelijke overtredingen. In Christus is een compleet nieuwe weg geopenbaard, de rechtvaardigheid van het
geloof, voor Joden en heidenen; en dat is de enige weg die echt ergens toe leidt.
- deze meer universele en definitieve weg tot verzoening met God is de vervulling van de belofte aan Abraham: in jou zullen alle volken gezegend zijn.
- heeft Israël dan zijn bijzondere plaats verloren? Paulus bespreekt dit vooral in Romeinen 9. Zij zíjn inderdaad bevoorrecht! Maar: het ware Israël zijn niet alle natuurlijke afstammelingen, maar degenen die God kiest; geen Ismaël maar Izaak; geen Esau maar Jakob. Ook Israëlieten keerden zich voortdurend af van God, en het is puur door zijn genade dat Hij een kleine rest heeft overgelaten van "ware" Israëlieten.
- de ultieme zoon van Abraham, het "ware zaad", de volwaardige verbondspartner is alleen Jezus Christus, de trouwe Knecht; hij vervult alle beloften: Abrahams zaad tot zegen van de volken, de priester in de lijn van het verbond met Pinehas, de grote zoon van David, de profeet die zelfs Mozes overtreft, enz. enz. Hij is ook het enige échte Offer dat de gelovigen vóór en na Hem met God verzoend heeft.
- door het geloof worden we geen Israëlieten, maar iets veel intiemers: we zijn
in Christus. Hans B heeft hiervoor ongetwijfeld allerlei definities; ik houd het voorlopig op een relatie, waardoor wij deelhebben aan
alles wat van Christus is. Het doopsformulier spreekt over
inlijven, wat je maar heel letterlijk moet nemen.
- de doop is dan ook in essentie sterven met Christus en opstaan met Hem in een nieuw leven door de Geest. Het is niet zo vreemd dat de eerste eeuwen christendom de doop gelijkstelden met de wedergeboorte. In de Reformatie heeft men de naïviteit hiervan -- helaas noodgedwongen -- onderkend, maar nog altijd geloven we dat de doop een directe
verwijzing is naar die wonderlijke geestelijke eenwording met Christus.
- hoe dan ook, de Joden zullen slechts behouden worden door geloof in Jezus: er is geen andere naam gegeven aan de mensen tot behoud dan die van Hem! (Aldus Petrus en Johannes tot de Joodse leiders, Hand. 4). Rom 10 en 11 roepen heel wat vragen op in de discussie rond Israël; ik wil hier alleen wijzen op het (terug)verwijzende woordje
zo: "Zó zal heel Israël behouden worden". Dit is de afsluiting van een elf hoodstukken lange discussie over de enige haalbare weg tot rechtvaardigheid voor God, nl. via Jezus Christus.
Nog een paar opmerkingen:
- vooral in discussie met de Dopersen hebben we geleerd om verder te kijken dan het geloof of de doop van de individuele gelovige. God werkte in het Oude Testament via families, en doet dat nog steeds. De kennis van God, zijn beloften en zegeningen gaan van generatie tot generatie.
- hoewel ik het niet met Hans B eens ben, dat Christus het nieuwe verbond
is (m.i. te sterk metaforisch taalgebruik die onderscheidingen in bijbels taalgebruik nivelleert), wil ik benadrukken dat het verbond enkel en alleen in Hem bestaat: "dit is het nieuwe verbond in mijn bloed" -- "Hij heeft ... het nieuwe verbond van genade voor eeuwig rechtskracht verleend"
- de laatste 150 jaar gereformeerde theologie hebben nadruk gelegd op het thema "Verbond" dat als een rode draad door de bijbel loopt. De grote vraag is (nog steeds) of Gods verbond via de natuurlijke kinderen van gelovigen loopt, of alleen via de geestelijke kinderen. Hierin staan de vrijgemaakten tegenover de bevindelijken.
- God zegende Ismaël en zei: "maar met Izaak zal ik mijn verbond oprichten". Desnietemin werd ook Ismaël besneden. Waarom? Omdat de besnijdenis iets was van het gezinsverband, niet zozeer van de individu. Er is genoeg reden om aan te nemen dat dit in het NT ook opgaat voor de doop, bijvoorbeeld door het dopen van hele huishoudens. De vraag of alle aanwezige slaven ook geloofden, en of er ook kinderen bij waren, is niet eens zo belangrijk; belangrijk is vooral, dat de eenheid voor dopen een heel huishouden is.
- de doop wil zeggen dat je erbij hoort, niet dat je gered bent. Hierover zijn heel wat misverstanden. Kuyper is bekend vanwege zijn idee dat individuen die gedoopt waren en zich achteraf als ongelovigen lieten kennen,
eigenlijk onterecht gedoopt waren. In de PRC in de VS (waarvan ik momenteel lid ben) wordt gezegd dat de doop meer objectief bevestigt dat alle uitverkoren kinderen een belofte van God hebben (zelfs al zou dat niet gelden voor de dopeling op dat moment, als die niet verkoren is). Het best werkbaar vind ik daarom nog altijd het vrijgemaakte model, dat het
verbond bevestigd wordt door de doop, maar dat niet alle bondelingen gered worden.
- zie overigens ook de vrijzinniger theologie die de laatste 25 jaar is ontwikkeld door mensen als Norman Shepherd: zij zetten toch weer een gelijk-teken tussen verbond en redding, maar nu om alle gedoopte kinderen voor gered te verklaren (tenzij ze later afvallig worden). Hun favoriete passages zijn Heb 6 en Heb 10. Ik zou zeggen: inderdaad laten die zien wat het betekent om als gedoopt kind, in het verbond op te groeien: genieten van de hemelse gave, deel krijgen aan de Geest, het goede woord van God en de komende wereld proeven. De doop markeert je als iemand die in dat kader thuis hoort, die het volste recht heeft om zich al die zegeningen eigen te maken.